Vrijdag 05/03/2021

Beroepsgeheim

Het beroepsgeheim? Niet altijd heilig

Mocht kinderpsychiater Peter Adriaenssens het beroepsgeheim met zijn open brief doorbreken? Experten reageren kritisch. Beeld BELGA
Mocht kinderpsychiater Peter Adriaenssens het beroepsgeheim met zijn open brief doorbreken? Experten reageren kritisch.Beeld BELGA

Hij wil de integriteit van een overleden patiënt beschermen. Maar met zijn open brief doorbrak kinderpsychiater Peter Adriaenssens ook het beroepsgeheim. "Het is niet aan een arts om hierover te spreken, anders is het hek van de dam."

Zwijgen is goud. Voor artsen geldt het nog meer dan voor andere professionals. Zij zijn immers, zo stelt de overheid, nog het meest gebonden door het beroepsgeheim. Maar Adriaenssens kon naar eigen zeggen niet langer toezien hoe “onzin en leugens” werden verspreid naar aanleiding van het verdachte overlijden van de veertienjarige dochter van een Leuvense neurochirurg, die zelf is aangehouden (DM 31/07). Hij hekelt de pers, waar te lezen viel hoe het meisje zou lijden aan psychische problemen en een hersentumor, en geeft, zonder hem bij te naam noemen, meester Jef Vermassen, advocaat van de moeder, een veeg uit de pan.

De brief van Adriaenssens kreeg al snel bijzonder veel bijval, ook in politieke hoek. Geheel onlogisch lijkt dat niet. Een bekende arts neemt het op emotionele wijze op voor de goede naam van een overleden meisje. Het schenden van het beroepsgeheim, wat de kinderpsychiater zelf toegeeft, krijgt daardoor veel minder aandacht. En dat is, zo stelt moraalfilosoof Jan Verplaetse (UGent), toch wel opmerkelijk. “Het is uiterst controversieel als een behandelend arts bepaalde zaken uit het medisch dossier licht.”

Voor de duidelijkheid: het beroepsgeheim blijft ook na het overlijden van de patiënt overeind. Er bestaan ook slechts enkele situaties waarin het juridisch geoorloofd is om als arts het stilzwijgen te doorbreken en justitie of politie in te lichten. Denk bijvoorbeeld aan acuut gevaar voor mensenlevens en gevallen van kindermishandeling of -misbruik, maar ook aan overdraagbare ziektes. Verder kan een patiënt zelf toestemming geven om vertrouwelijke informatie vrij te geven.

Demarche

“Als geneesheer is Adriaenssens tot zwijgen gebonden”, zegt Verplaetse. “Hij beroept zich op het beschermen van de integriteit van het meisje, maar ik betwijfel of dat voldoende belang heeft. Er worden haast elke dag feitelijke onjuistheden verteld. Louter de waarheid willen vertellen, lijkt mij daarom geen justificatie. Wat mij betreft, verdient dit geen navolging.”

In zijn brief haalt Adriaenssens verschillende details aan. Zo stelt hij dat het meisje acht weken in een groep verbleef waar hij en andere artsen jonge tieners helpen. Ook vertelt hij dat haar ouders “verstandige mensen” zijn, die “op een correcte manier uit elkaar gingen”. Berichten over een recente kankerdiagnose noemt hij “onterende leugens”. “De waarheid is dat je 6 was toen je succesvol behandeld werd, niet voor een hersentumor, en nu ben je 14. En al die tijd was je gezond.” Over deze zaken zwijgen, zou volgens de kinderpsychiater bovendien “schuldig verzuim” betekenen.

“Ik begrijp zijn demarche vanuit een ethisch rechtvaardigheidsgevoel, maar zich beroepen op schuldig verzuim is juridisch helemaal verkeerd”, zegt Thierry Vansweevelt, professor medisch recht aan de UAntwerpen en verbonden aan het advocatenkantoor Dewallens & Partners. “Dat gaat alleen op als er dringend, acuut gevaar bestaat voor leven of gezondheid.”

Emoties

Had Adriaenssens, die verder geen commentaar wil leveren, dan moeten zwijgen? Herman Nys, professor medisch recht aan de KU Leuven, meent van niet. “Objectief gezien heeft hij het beroepsgeheim geschonden. Maar dat bestaat ook om de vertrouwensrelatie van patiënten met artsen mogelijk te maken. Bestaat hier het gevaar dat het vertrouwen van patiënten in artsen is geschaad? Ik denk het niet. Het zal hierdoor eerder worden versterkt. Ik betwijfel dan ook of er een klacht zal komen. Ik hoor dat de Orde van Artsen geen initiatief zal nemen. Het parket kan op eigen initiatief optreden, maar zo’n schending wordt bijna nooit vervolgd.”

Andere experten gaan met die uitleg niet akkoord. “We weten toch niet wat de overleden patiënt wou?”, zegt Vansweevelt. “Nu wordt nog meer ruchtbaarheid gegeven aan privacygevoelige gegevens. De waarheid zou juist door het strafonderzoek en het uiteindelijke vonnis, dat openbaar is, naar voren komen. Het is niet aan de arts om daarover te spreken. Anders is het hek van de dam en kan elke arts gaan citeren uit het medisch dossier.” Ook Verplaetse heeft er moeite mee. “Ik begrijp dat mensen die hartstochtelijke verontwaardiging waarderen. Maar emoties zijn niet voldoende grond om het beroepsgeheim te schenden.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234