Woensdag 21/08/2019

Het belang van Limburg in Antwerpen

Er was vooraf op Tom Steels gewed, sinds zijn sprintzege zondag heette Erik Zabel superfavoriet en Lotto wil zich graag in iedere Belgische rit tonen. Maar op die lange boulevards van Linkeroever ging uiteindelijk alle aandacht naar een Belg in Nederlandse loondienst. Marc Wauters, al jaren een van de voorbeeldigste Belgische profs, realiseerde in Antwerpen waarvan ook een Jan Ullrich of Lance Armstrong dromen: tegelijk rit en gele trui winnen.

Antwerpen

Van onze verslaggevers

Walter Pauli en Kurt Boes

'Nou man, nou man, heb je 'm? Heb je die trui?" Op het Antwerpse Frederik Van Eedenplein viel Rabobank-kopman Michael Boogerd zijn ploeggenoot en nog nahijgende ritwinnaar Marc Wauters om de hals. Wauters wist het nog niet, maar de commentatoren van het tv-station France 2 wel. De hele finale lang hadden ze luid en lang gekwekt dat 'Oggreddi' (Stuart O'Grady) de gele trui zou pakken, en ineens moesten ze op een veel stiller toontje toegeven: "O la la, on n' a pas compté sur Voeters." Voeters kan evengoed Vaughters als Wauters zijn, maar ditmaal ging het wel degelijk om onze landgenoot. Waardoor de Antwerpse aankomst van de Ronde van Frankrijk een echt Belgisch feest werd, en dat alles met dank aan een Limburger die rijdt voor een Nederlandse ploeg.

Zelden was een Tour-rit zo gekleurd door het karakter van de streek waardoor de renners rijden als de tocht van Boulogne-sur-Mer naar Antwerpen, van de Noord-Franse havenstad naar de Vlaamse 'stad aan de stroom'. De langste rit van deze Ronde van Frankrijk - 220 kilometer - leidde dwars door West- en Oost-Vlaanderen, en dat heeft de Ronde van Frankrijk geweten. Maandag leek deze Tour de France op een Ronde van Vlaanderen: dezelfde massale publieke opkomst, dezelfde groepen fietstoeristen die zichzelf even Tour-renner voelden, dezelfde dorpsagenten die het allemaal wat aanzagen, zoveel spandoeken vol grappen en grollen, de ballonnetjes in zwart-geel-rood. Slechts één verschil: in het klassieke Vlaamse wielrennen valt de regen bij bakken uit de lucht; deze Vlaamse Tour-rit was warm en zonnig, en daarom leek het ook een kilometerslang lint met een soort van semi-Blankenbergse sfeer.

Het werkte blijkbaar ook aanstekelijk op de renners. Vooral omdat het een goede gewoonte is dat de 'régional de l'étape' even bij de familie mag langsgaan. Polleke Van Hyfte bijvoorbeeld, die van Lance Armstrong en Johan Museeuw de toestemming kreeg om in 'zijn' streek de dag van zijn leven mee te maken. Maar Polleke liep, ondanks zijn clownerieën, verder uit dan de bedoeling was - tot anderhalve minuut. Toen zijn voorsprong aan het teruglopen was, kreeg hij ineens drie andere vluchters op zijn nek: Jens Voigt, Servais Knaven en Matteo Frutti, alledrie vol ambitie. En dus kon Van Hyfte niet anders dan meegaan. Toen er in allerlei schuifjes nog eens renners hun wagentje kwamen aanhaken, bleek dat de uitloop van 'zot Polleke' ineens de prelude was geweest voor een ernstige vlucht van zestien renners. Daarbij twee Lotto's (Van Hyfte en Verbrugghe), twee Rabo's (Dekker en Wauters), drie Lampre's (Frutti, Verstrepen en Hunter), twee Domo's (Knaven en Milesi), een paar eenlingen (Pretot van Festina, Bramati van Mapei, Basso van Fassa Bortolo), en vooral, niet minder dan vier man van Crédit Agricole (Voigt, O'Grady, Julich en Morin). Dat kwartet probeerde een meesterplan uit te voeren: rijden wat ze konden, om met de snelle O'Grady, die al een goede proloog had laten optekenen, de gele trui te pakken en als het kan ook de ritwinst.

Dus werd er zowel in de kopgroep als daarachter stevig gereden. In die tweestrijd maakten vooral de Franse ploegen duidelijk dat ze wilden tonen dat ze hun Tour-selectie waard waren, ondanks de Italiaanse kritiek. Crédit Agricole deed er alles aan om vooruit te blijven, maar ze moesten opboksen tegen de renners van AG2R, die jaagden om Jan Kirsipuu aan een sprintzege te helpen. De sterke Kirsipuu zou de pelotonsprint trouwens winnen, alleen ging het om de strijd om de zeventiende plaats.

Op die eindeloze, kaarsrechte Beatrijslaan had zich seconden daarvoor trouwens een ontknoping voltrokken, zinderend van spanning. Net onder het doek van de laatste kilometer ging Marc Wauters aan de haal - hard en sterk, maar niet sterk genoeg voor Arnaud Pretot. De Fransman ging achter Wauters aan, slaagde daar als enige in, nam onmiddellijk over en ging onbesuisd door, in de mening dat Wauters hem toch niet kon bijbenen. Dat pakte anders uit. Met Pretot voor zich had Wauters een gedroomde springplank. Eerst aan zijn wiel raken - en dat was heus niet eenvoudig - en vervolgens kon een ervaren prof als Marc Wauters de klus wel klaren.

Het plezier kon niet op bij het Belgische publiek. Ook al hadden ze niet zelf gewonnen, ook de Lotto's waren best tevreden. Sportbestuurder Jef Braeckevelt zag het genoeglijk aan: Rik Verbrugghe die twintig seconden pakt en vandaag het geel wil overnemen in Seraing en de Lotto's die de hele dag prima reclame maakten voor de sponsor. Zo'n Tour-ritten mogen er meer zijn. Marc Wauters, zelf een oud-Lotto-renner, realiseerde niet alleen dat waarvan Braeckevelts jongens al weken dromen, maar ook de hele directie. De laatste Belg die dat Wauters voordeed, was trouwens Johan Bruyneel in 1995, ook al in België, op weg naar Luik. Bruyneel: ook al een ex-Lotto, maar ook pas helemaal doorgebroken bij een andere ploeg, Once. Bij de Nationale Loterij zullen ze intussen wel beseffen dat het gemakkelijker is de Keno te winnen dan een Tour-succes te bestellen.

Limburger van Nederlandse ploeg maakt van Antwerpse aankomst van Ronde van Frankrijk echt Belgisch feest

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden