Woensdag 22/01/2020

Het belang van Ernest, pionier van het kapitalisme

Ernest de Bavière?

Nooit van gehoord! Ten onrechte, zo blijkt. Ernest was een tijdgenoot van de Britse koningin Elizabeth I en bestierde het prinsbisdom Luik van 1581 tot aan zijn dood in 1612. Ernest was een paradoxale persoonlijkheid en stootte Luik op in de vaart der industriële volken. In Le Grand Curtius loopt een expo over de man en zijn tijd.

Hoe paradoxaal Ernest de Bavière (1554-1612) - of 'Ernst van Beieren' - wel was, blijkt uit het volgende. Enerzijds was hij als bisschop een hevige voorstander van het Concilie van Trente, dat een rooms-katholiek reveil voorstond en de contrareformatie tegen het oprukkende protestantisme aanzwengelde. Daardoor was hij een fervente voorstander van de jacht op heksen en protestantse ketters. Maar anderzijds omringde hij zich met geleerden als de humanisten Justus Lipsius en Dominicus Lampsonius. Zo was Ernest vertrouwd met de nieuwste inzichten over ons zonnestelsel en de kosmos, beschikte hij over een goed uitgerust observatorium en verwierf hij twee telescopen van de Italiaanse astronoom Galileo Galilei, weliswaar voordat de Italiaanse wetenschapper wegens zijn 'ketterse' inzichten (onder andere dat de zon en niet de aarde het middelpunt van ons zonnestelsel is) in de ban van de kerk werd geslagen. Tijdens een verblijf in Praag in 1610 leende Ernest een telescoop uit aan de Duitse astronoom Johannes Kepler, die hij aanmoedigde om zijn lenzen te verfijnen en wiens publicatie van de studie Dioptrique hij financieel steunde.

Ernest de Bavière staat dus met het ene been nog in de middeleeuwen en met het andere al in de moderne tijd: hij is én aanhanger van geloof, bijgeloof en alchemie én voorstander van de jongste wetenschappelijke inzichten. Pittig is bovendien dat hij als priester in het geheim getrouwd was, er heel wat minnaressen op nahield en zijn 'onechte' kinderen allemaal erkende.

Ernest de Bavière kwam in 1581 aan het hoofd van het prinsbisdom Luik, dat versnipperd lag van het Franstalige Couvin tot het Nederlandstalige Maaseik in het al even ingewikkelde politieke mozaïek van het toenmalige Europa. Ernest was tegelijkertijd prins-bisschop van Luik, hertog van Bouillon, markies van Franchimont, aartsbisschop van Keulen, prins-abt van Stavelo en bisschop van Münster, Freising en Hildesheim. Hij was uiteraard afkomstig uit een adellijke familie: langs vaderszijde was hij een Wittelsbach (de tak waartoe ook de Belgische koningin Elisabeth behoorde) en langs moederszijde een Habsburger (zoals Karel V en Filips II).

Het Museum Le Grand Curtius belicht vooral de epoque van Ernest met schilderijen, documenten, manuscripten en prachtige wetenschappelijke instrumenten, zoals astrolabia. Ernest had wiskunde en ingenieurswetenschap gestudeerd in Rome en ijverde voor het invoeren van eengemaakte maateenheden in Europa. Vanzelfsprekend wilde hij concurreren met de grote Europese vorstenhoven en omgaf zich in Luik met schilders (onder anderen Otto van Veen, de leermeester van Rubens), beeldhouwers, filosofen, letterkundigen, muzikanten én uitstekende koks. Zo is in de tentoonstelling een kookboek te zien van Lancelot de Casteau, meesterkok van Ernest, met recepten waarin pas ingevoerde ingrediënten uit de Nieuwe Wereld, zoals de patat, worden gebruikt.

Gratis geneeskunde

Ernest de Bavière hield zich ook met geneeskunde bezig: hij was een voorstander van het gebruik van chemische middelen en mineralen en een aanhanger van de nieuwe geneeskunde van Paracelsus. Ernest financierde trouwens de volledige editie van de werken van de Zwitserse arts. De prins-bisschop propageerde de stellingen van Paracelsus en was in navolging van de arts een voorstander van gratis geneeskunde. In 1603 richtte hij in Outre-Meuse een Huis van Barmhartigheid op, waar zieken gratis verzorgd werden.

Maar de grootste interesse van Ernest de Bavière ging uit naar de mijnbouw. Luik is altijd rijk geweest aan grondstoffen zoals steenkool, ijzererts, zinkerts, koper en lood. In 1582 verleende de prins-bisschop aan iedereen die een mijn drooglegde het recht om die ook te exploiteren. Die beslissing leidde tot grote concurrentie en diverse zoektochten naar nieuwe technologieën. Zelf liet hij pompen ontwikkelen om water uit ondergelopen mijnschachten te halen. Door de onderlinge concurrentie aan te moedigen, de gildenstructuur af te schaffen, vennootschappen te laten oprichten en de mechanisering van de arbeid aan te moedigen was Ernest de Bavière een pionier van kapitalisme en industrialisatie.

Luik was neutraal en kon handel voeren met iedereen. Het voerde vooral spijkers en buskruit uit, tot in Zweden. De basis voor de zware industrie en de wapenindustrie - het latere FN Herstal - werd door Ernest de Bavière gelegd. De tentoonstelling had ook plaats kunnen vinden in 'zijn' nog steeds bestaande prins-bisschoppelijk paleis, maar het huis van zijn tijdgenoot Jean Curtius, alias Jan De Corte, is symbolisch: Curtius bouwde zijn fortuin op met de steenkoolmijn en buskruitfabriek die hij in Chaudfontaine bezat. Curtius leverde buskruit aan iedereen in Europa en richtte later een artilleriefabriek op in Spanje.

Luik is de bakermat van de moderne industrie. De tentoonstelling opende uitgerekend op het moment dat staalreus ArcelorMittal besliste zijn fabriek in Luik te sluiten. De geschiedenis kan ironisch zijn, de cirkel is rond.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234