Maandag 29/11/2021

'Het afscheid komt als een mokerslag'

Na een week tussen hangen en wurgen heeft Bob Pleysier (58) zekerheid. Hij is niet langer baas van Fedasil, het federale agentschap voor de opvang van asielzoekers dat hij zelf uit de grond heeft gestampt. De gewezen directeur van het Klein Kasteeltje wordt over de kop gesprongen door een protégé van PS-minister Christian Dupont. Een gesprek op de laatste werkdag, terwijl de strop om zijn hals wordt aangetrokken. Straks schrijft de Raad van State de epiloog van deze onverkwikkelijke benoemingsaffaire. Door Erik Raspoet

Donderdagmiddag. Het hoofdkwartier van Fedasil in de Brusselse Kartuizersstraat heeft al menig bezoeker met afgunst vervuld. Ambtenaren van aanverwante ministeries kunnen alleen maar dromen van de marmeren grandeur die deze omgebouwde parel uit de belle epoque biedt. "Zelf gevonden", zegt Bob Pleysier. "Overgenomen van een IT-bedrijf, met meubels en al. Het lijkt duur, maar in feite was het een koopje."

Het was 2002 toen Bob Pleysier hier zijn intrede maakte als algemeen directeur van Fedasil, een instantie die door toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Johan Vande Lanotte was opgericht om de opvang van asielzoekers te stroomlijnen. Pleysier, aangeworven na een vergelijkende selectieprocedure, had ervaring te koop. Voor zijn verhuizing naar de Kartuizersstraat was hij elf jaar lang directeur van het Klein Kasteeltje, het oudste en bekendste opvangcentrum van ons land. Foto's uit die pioniersjaren sieren de muur van zijn kantoor. Zal hij ze straks alvast van de haak halen en opruimen, samen met de rest van zijn persoonlijke spullen?

De kans is groot dat Pleysier zijn laatste werkdag bij Fedasil aan het kloppen is. Op de ministerraad van 27 april, de laatste voor de regering zich in het licht van de verkiezingen tot de zogenaamde lopende zaken zou beperken, is het verdict gevallen. Niet Bob Pleysier maar Isabelle Küntziger, huidig directeur algemene zaken, wordt de nieuwe nummer één van Fedasil. Pittig detail: Küntziger draagt hetzelfde PS-stempel als toeziend minister Christian Dupont, met wiens kabinet de partijloze Pleysier de voorbije vier jaar stroeve relaties onderhield.

Als hij de foto's vooralsnog ongemoeid heeft gelaten, dan komt dat door de verrassende wending die de hele opvolgingskwestie vorige week vrijdag nam. Uitgerekend de dag dat medewerkers en sympathisanten hem op een daverend afscheidsfeest trakteerden, raakte bekend dat een hele serie ultieme topbenoemingen op de helling komen te staan. Ook de promotie van Küntziger zou wegens procedurefouten vatbaar zijn voor nietigheid. En zo vertoeft Bob Pleysier al een hele week tussen hangen en wurgen. Vertrekt hij of blijft hij?

Het gonst van de geruchten, zowel in de Kartuizersstraat als in de opvangcentra. Officieel werd hem immers nog niets meegedeeld over de opvolging. Toch is hij al de hele tijd aan het onderhandelen over de voorwaarden van zijn ontslag. Het kabinet-Dupont biedt hem een functie aan als gedetacheerde deskundige bij de cel migratie en asiel van de Europese Commissie. "Maar ik teken pas als mijn opvolgster officieel benoemd is", zegt hij strijdlustig. "Zolang ik dat besluit niet met eigen ogen heb gezien, blijf ik zitten. Dan moeten ze maar een C4 sturen om mij weg te krijgen. Gisteren nog kwam mijn secretaresse raad vragen. Ze moest een brief aan de algemeen directeur richten en vroeg zich af welke naam ze erop moest zetten. Bob Pleysier natuurlijk, tot nader order ben ik hier de baas."

Het is een zichtbaar aangeslagen ambtenaar die voor mij zit. Het plan was terug te blikken op een schitterend parcours. Hoe hij met een enthousiast team het Klein Kasteeltje transformeerde van een vergaarbak voor mondiale ellende in een goed georganiseerd opvangcentrum waar naast wanhoop ook ruimte bleef voor menselijke warmte. De expertise van het Klein Kasteeltje werd uitgedragen. Naar Kapellen om maar één plek te noemen. De hele buurt kwam in opstand tegen het asielcentrum. Maar zie: intussen geven diezelfde buren fietsles aan Afrikaanse kinderen en is het asielcentrum de trots van Kapellen.

Als bezieler en boegbeeld van Fedasil aarzelde Pleysier niet om op de publieke tribune te klimmen en er soms controversiële standpunten over asiel en migratie in te nemen. Recent nog pleitte hij voor een afbouw van de opvangcapaciteit. In de plaats moet er meer Europees geld komen voor preventie in vertreklanden en opvang in grenslanden. Pleysier durfde weldenkend Vlaanderen tegen de haren in te strijken. Tijdens de golf van hongerstakingen en kerkbezettingen door sans papiers brak hij een lans voor een consequent uitwijzingsbeleid. Van de kritiek die daarop losbarstte, lag hij niet wakker. "Ik heb in mijn carrière een vijftigtal hongerstakingen meegemaakt", zegt hij. "Nu ja, hongerstaking. Voor het in de krant stond, waren ze gewoonlijk al aan het eten. Soms hielden ze het een paar weken vol. Het blijft een diepe noodkreet van die mensen, maar tegelijk is hun verdoken vraag: die een toegift en red ons alsjeblief uit deze uitzichtloze actie."

Eigenlijk staat zijn hoofd niet naar terugblikken. De benoemingskwestie overschaduwt alles, ook al omdat de kabinetschef van Dupont voortdurend aan de lijn hangt. Er wordt gediscussieerd over bewoordingen en passages van zijn ontslagregeling, die nu werkelijk in de lucht hangt. Pleysier zucht, de strop om zijn hals wordt tergend langzaam dichtgetrokken. "Ze verwachten me vanmiddag op het kabinet", zegt hij. "Om wat te doen? Mijn ontslag tekenen zeker? Ik ben op alles voorbereid. Mijn afscheidsbrief aan de duizend medewerkers van Fedasil zit klaar in de computer. Ik schrijf dat de opvolging verzekerd is. Maar de naam van mijn opvolger heb ik niet vermeld, dat kreeg ik niet over mijn hart. Ik weet dat het pathetisch klinkt, maar Fedasil is mijn levenswerk. Nu gaat het al beter, maar het was een mokerslag toen ik een maand geleden vernam dat ze mij aan de kant zouden schuiven. Het totale gebrek aan respect en communicatie, dat steekt het hardst. Hoe zou jij je voelen als je vandaag te horen krijgt dat je morgen niet meer welkom bent op de krant?"

Laten we beginnen bij het begin. Waarom had Fedasil een nieuwe baas nodig?

Pleysier: "Ik ben in 2002 door Vande Lanotte op contractuele basis aangeworven. Een flexibel statuut, dat paste beter bij een fluctuerende materie zoals asielzoekers. Maar Dupont wilde een gemandateerde, benoemde directeur. Waarom? Noem het een cultuurverschil, of een PS-traditie. PS'ers vertrouwen alleen op hun eigen netwerk. Ze willen geen eigengereide mensen zoals ik, maar pionnen op wie ze blindelings kunnen vertrouwen. Vanaf het begin heeft Dupont geprobeerd mij te kortwieken. Ik kreeg een Franstalige adjunct-directeur die niet aan mij maar rechtstreeks aan het kabinet rapporteerde. Die man is intussen verdwenen, na een mislukte poging om hem naast mij als doublure te plaatsen.

"Dupont droomde van een structuur zoals bij het Centrum voor gelijkheid van kansen en racismebestrijding. Daar heb je twee topmannen, een Vlaming en een Franstalige, die alle beslissingen samen moeten ondertekenen. Daar heb ik een stokje voor gestoken. Ik heb misschien geen partijkaart, maar wel een netwerk. Ik schiet nog altijd goed op met Vande Lanotte, maar ook met Dewael kon ik goed samenwerken. Daarna heeft Dupont het over een andere boeg gegooid. Hij dreigde met een audit om aan te tonen dat Fedasil slecht wordt bestuurd.

"Toen ook dat mislukte heeft hij een BPR uit zijn mouw geschud, een Business Process Reengineering door Deloitte. Die mannen lopen hier nog altijd rond, dat kost de belastingbetaler een miljoen euro. Intussen heeft het kabinet zelf een hele nieuwe structuur voor Fedasil uitgetekend, zonder advies van Deloitte. Dan vraag ik me af: waar is die BPR voor nodig? Op deze manier is dat pure geldverspilling."

De aanwerving is via Selor gelopen, het selectiebureau van de federale overheid dat precies werd opgericht om benoemingen objectief te laten verlopen. Toch voelt u zich bekocht. Hoezo?

"Selor heeft een assessment gedaan. Küntziger en ikzelf kwamen er als besten uit, met evenveel punten. Ik wil Selor geen steen werpen, het quoteren van de proeven zal wel objectief gebeurd zijn. Maar wie stelt de jury's samen? Marc Van Hemelrijck, de topman van Selor, heeft onlangs in De Tijd zelf geklaagd dat jury's onder zware politieke druk staan. Eigenlijk was het al een mirakel dat ik voor dat assessment evenveel punten haalde als Küntziger. Als PS'er was ze de uitgesproken favoriet van minister Dupont. Tussen haakjes, Dupont oefent niet alleen de voogdij over Fedasil uit, maar ook over Selor."

Is Dupont de kwade genius in dit verhaal?

"Niet echt. Als ik Dupont zeg, bedoel ik zijn kabinet. De minister zelf is de hoffelijkheid in persoon. Wist je dat hij voortreffelijk Nederlands spreekt? Ik heb hem meermaals op buitenlandse studiereizen vergezeld. Voor buitenlanders was het verwarrend. Wie is nu de minister in de delegatie? Dupont is onzichtbaar, en niet alleen tijdens buitenlandse reizen. Ook op zijn kabinet komt hij nauwelijks uit de verf. En dan heb je de poppetjes aan het dansen. Als de minister de macht niet naar zich toetrekt, dan doen zijn medewerkers dat wel. In mijn geval was dat adjunct-kabinetschef Patrick Liebermann. Als er een kwade genius was, dan was hij het. Die man presteerde het om in vier jaar tijd niet één zin Nederlands te spreken."

Toch was u na het assessment optimistisch over uw kansen. Waarom is het alsnog misgelopen?

"Er volgde een tweede ronde. Alle geslaagde kandidaten moesten op gesprek bij de minister en zijn medewerkers. Intussen heb ik de evaluatie kunnen inkijken, een analyse van sterke en zwakke punten. Ik kom er heel goed uit, alleen mijn communicatie en organisatievermogen zouden beter kunnen. Bij mij werden de zwakheden echter in de verf gezet, bij Küntziger de sterke punten."

Was u als partijloze niet sowieso kansloos?

"Ik heb mijn relaties aangesproken. Toen ik de bui zag hangen, heb ik zowel Vande Lanotte als het kabinet-Dewael gewaarschuwd. Dat de machtsgreep van de PS nefast is voor Fedasil. Maar in de ministerraad was er uiteindelijk onvoldoende steun voor mij. Zie je, mijn benoeming is maar een stukje van een veel grotere puzzel van topbenoemingen. Die werd niet door Dupont gelegd, in zijn eentje had hij me nooit aan de kant kunnen schuiven. Nee, het zat veel hoger, bij Di Rupo en Onkelinx. Weet je wat ik zo triest vind in deze affaire? Bij Open Vld en sp.a beseften ze heus wel dat deze benoeming niet koosjer was. Maar ze hebben de andere kant opgekeken, want ook zij komen aan de beurt in het carrousel van topbenoemingen."

Hoe zwaar is de schade aan het ego?

"Het is pijnlijk. Ik had verwacht dat de media op deze zaak zouden springen, maar niet dus. Ook van het personeel had ik een reactie verwacht, maar iedereen kijkt de kat uit de boom. Natuurlijk, mensen willen hun carrière niet op het spel zetten, maar toch is het een ontnuchterende vaststelling. Misschien moet ik me daar vragen bij stellen. De wereld blijft draaien, het leven gaat door. Maar mijn zelfbeeld zit wel in een dip. Willen of niet, de indruk wordt gewekt dat ik niet voldeed. Dat is de ultieme horror voor iemand die is opgevoed met de boodschap dat je steeds je best moet doen."

Gooit u de handdoek in de ring?

"Nee, daarvoor is de beschadiging te groot. Ik stap naar de Raad van State. Niet dat ik daar persoonlijk voordeel uit haal, maar als ambtenaar moet ik opkomen tegen onrecht. Ze hebben mij en de mensen die mij lief zijn gekwetst. Ik word trouwens gesteund door de vakbonden, die ook vinden dat deze benoeming niet door de beugel kan."

Welk argument kunt u voor de Raad van State uitspelen?

"Fouten in de procedure. Het besluit dat door de koning werd ondertekend, is niet conform aan het besluit dat door de ministerraad werd goedgekeurd. Op weg van de 16 naar het paleis werd een passage over het taalkader geschrapt. Zie je, volgens de wet moest er eerst een taalkader komen vooraleer er een algemeen directeur kon worden benoemd, maar ze kregen dat niet tijdig rond. Dus is er maar een fictieve taaltelling ingediend bij de Vaste Taalcommissie. Alleen al op basis van die anomalie kan om het even wie de nietigheid van deze benoeming vorderen. Dupont beseft dat, maar omdat ook andere ministers het risico nemen, heeft hij zijn zin doorgedreven. Dat de benoeming later wordt vernietigd, het kan hem niet schelen. Après moi, le déluge, tegen dan is hij toch geen minister meer."

Hoe groot is nu de ontgoocheling in de ambtenarij?

"Geloof het of niet, maar ik ben nog altijd blij en trots dat ik ambtenaar ben geworden. Vanwege de vrijheid en de macht om de hakken in de grond te zetten tegen partijpolitiek gekonkel. Alleen al het feit dat ik hier met jou openlijk over kan en durf spreken. Dat zou je in de privésector eens moeten proberen."

In de late namiddag, lang na het interview, belt Bob Pleysier op. Hij werd zoals verwacht naar het kabinet gesommeerd. De benoeming van zijn opvolger is geregeld, Pleysier heeft zijn detachering getekend. De kogel is dus door de kerk? "Niet door de kerk", klinkt het aan de telefoon. "Deze kogel gaat recht door mijn hart."

Bob Pleysier:

PS'ers willen geen eigengereide mensen zoals ik, maar pionnen op wie ze blindelings kunnen vertrouwen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234