Woensdag 16/10/2019

Het ABC van stijl

Precies een eeuw geleden werden de eerste lijnen van De Stijl uitgezet. Het was een maandblad alvorens het een kunststroming werd, met Piet Mondriaan als bekendste naam. Maar zo eenvoudig als de klinkende naam zat het Hollandse groepje niet in elkaar: 'Hun karakters waren de vijand van hun eigen succes.' Een ABC.

Abstractie

Bij De Stijl draait het om een asymmetrisch spel van lijnen en rechthoeken in zwart, rood, geel en blauw. Abstractie is een van de hoofdlijnen die Theo van Doesburg, die het magazine De Stijl opstartte, vastlegde: figuratieve vormen moesten plaatsmaken voor universelere vormen. "Het was een manier om je af te zetten tegen de vroegere kunsttradities", vertelt Lieke Wijnia. Zij bestudeert De Stijl voor het Gemeentemuseum in Den Haag, dat een van de grootste archieven heeft. "Tijdens de Eerste Wereldoorlog, waarbij Nederland neutraal was, was er een momentum waarin die vernieuwingsdrang kon uitgroeien."

In De Stijl wordt alleen gewerkt met de primaire kleuren, zwart, wit en grijs. Van Doesburg zelf kleurde wel eens buiten de lijntjes met okergeel. Maar wanneer anderen voorstelden om secundaire kleuren te mengen, braken vaak zware discussies los.

Bart van der Leck

Een inspiratiebron voor veel leden van De Stijl was kunstschilder Bart van der Leck. Hij maakte abstracte werken waarin je toch nog gedaantes kon herkennen, wat zijn kunst iets toegankelijker maakte. Nog tot 21 mei loopt een expo over (o.a.) Van der Lecks werk in het Gemeentemuseum in Den Haag.

Jazz

Hij had de reputatie een koele kikker te zijn - moet wel als je zulke serieuze lijnenwerken maakt, dachten de mensen - maar schilder Mondriaan had ook een vrolijke kant. Marjory Degen, Mondriaanhuis Amersfoort: "Zelfs toen hij in New York woonde en al bejaard was, ging hij nog dansen in jazzclubs. In 1940, hij was toen 68, vluchtte hij erheen en de stad zou een grote impact hebben op zijn werk. Mondriaan ontdekte er dat hij geen zwart meer nodig had, ging composities uit kleurvlakken maken." Het laatste werk, nog onvoltooid toen hij in 1944 stierf, is daar het ultieme voorbeeld van: het vrolijke Victory Boogie Woogie, dat ontdaan is van alle zwart.

Netwerk

Veel stromingen ontstonden dankzij ontmoetingen. Niet zo bij De Stijl, vertelt Lieke Wijnia. "Veel leden zagen elkaar nooit. Bijvoorbeeld Rietveld en Mondriaan, gek toch? Ze woonden in verschillende steden, en niemand in Amsterdam, dat meestal het kunstzwaartepunt was." Het blad De Stijl was, naast brieven, hun voornaamste communicatiemiddel."

Functionaliteit

Om tot de hierboven beschreven essentie te komen, moesten alle ontwerpen zo functioneel mogelijk zijn. Lieke Wijnia legt het uit aan de hand van Gerrit Rietvelds architectuur: "Alles in huis had een functie, was doordacht en hield verband. Opsmuk was uit den boze." Diana Franssen, curator Van Abbemuseum: "Uit idealisme vergaten ze vaak de gebruiker, deden ze dingen waar de mensen niet aan toe waren. Er bestaan hilarische beelden van hoe die De Stijl-huizen er binnen werkelijk uitzagen, volgepropt met oud Nederlands meubilair. Die clash krijg je als je ontwerpt zonder inspraak."

Vilmos Huszár

Een vergeten figuur binnen de beweging is de Hongaarse vormgever Vilmos Huszár. Misschien was hij wel het meest extreme lid. Hij vond dat Mondriaan 'altijd hetzelfde' was, dat kunst louter diende om musea te vullen, dus legde hij zich toe op kleurontwerp en interieur. Het Nederlandse meubelbedrijf Pastoe maakte onlangs een reeks ter ere van de honderdste verjaardag waarbij systeemkast 'Vilmos' een ode aan Huszár is. "Ik probeerde de verhouding, net als in de schilderijen, te doen kloppen", zegt Pastoe-ontwerper Joost van der Vecht, "net als bij De Stijl."

Gesamtkunst

Het idee was dat schilders, architecten, meubelontwerpers, interieurarchitecten en beeldhouwers samen zouden werken, zodat gesamtkunstwerken zouden ontstaan. In een gebouw van J.J.P. Oud voorzag Van Doesburg bijvoorbeeld het kleurenpatroon.

Piet Mondriaan

"Iedereen denkt meteen aan zijn bijna autistische trekjes, aan hoe hij een kluizenaar kon zijn", vertelt Marjory Degen (Mondriaanhuis). Maar er is ook een andere Piet Mondriaan: "Hij was gek van Disney. Toen Sneeuwwitje in 1937 uitkwam, was dat de eerste animatiefilm die hij in de bioscoop kon gaan zien. Hij ging wel vijfmaal kijken, omdat het verhaal en de techniek hem zo fascineerden. Zijn broer en hij noemden elkaar zelfs Sleepy en Sneezy (naar de dwergen, NH). Mondriaan was toen al over de zestig!"

Clinch

"Hun karakters stonden de verdere ontwikkeling van de stroming in de weg", zegt Wijnia. In principe ondertekende iedereen de filosofie van de beweging, maar de voortdurende discussies over wat dat inhield, werkten hen tegen. Constante bij alle twisten was Theo van Doesburg zelf. Piet Mondriaan vertrok na disputen over de filosofie achter de kunst. En architect J.J.P. Oud verdroeg niet meer dat Van Doesburg het dominante kleurgebruik over zijn gebouwen gooide. Van Doesburg, die eigenlijk les wou geven aan de Bauhaus-school in Weimar, is daar nooit in geslaagd omdat directeur Walter Gropius zo'n koppig kemphaantje niet wou dulden.

Theo van Doesburg

Lange tijd stond de Utrechtse Theo van Doesburg in de schaduw van Piet Mondriaan. De flamboyante schilder, typograaf, (interieur)architect en poëet is nochtans de grondlegger en het belangrijkste lid van de beweging. Van Doesburg leerde de abstracte kunst kennen die in buurlanden opborrelde, en ging op zoek naar een manier om zijn eigen ideeën vorm te geven. Gelijkgestemden waren Bart van der Leck en J.J.P. Oud, en ook schilder Piet Mondriaan. Daarop bracht de club het magazine De Stijl uit, waarin kunstenaars die zijn principe onderschreven werken konden publiceren. De Stijl zou bestaan tot aan Van Doesburgs overlijden in 1931.

Leuk detail: het lettertype van dit alfabet werd door Van Doesburg ontworpen.

Essentie

Voor de leden van De Stijl draaide alles om de essentie. Om daartoe te komen, moest het beeld ontdaan worden van alle opsmuk. Alleen wat echt nodig was - hoeken, lijnen en primaire kleuren - bleef over.

Invloed

Hoewel ze streefden naar een universele beeldtaal, staat De Stijl geboekstaafd als typisch Nederlands. Het internationale gewicht van bijvoorbeeld de art nouveau viel hen niet te beurt, maar niettemin was de stroming bepalend voor de latere Europese abstracte kunst. Buitenlanders die er duidelijk inspiratie in vonden, waren Charles & Ray Eames. Het Case Study House No. 8, dat het designerkoppel in 1949 in Los Angeles bouwde, lijkt een tot leven gekomen schilderwerk van Mondriaan of Van Doesburg.

BELG

Toen Georges Vantongerloo gewond raakte in de Eerste Wereldoorlog, trok hij naar het neutrale Nederland waar hij als vluchteling kon blijven. Zo kwam de jonge Belgische beeldhouwer in contact met Theo van Doesburg, en ging hij schrijven voor De Stijl. Vantongerloo is zo de enige Belg die officieel deel uitmaakte van de beweging. Toen hij ovalen en cirkels in zijn beeldhouwwerk ging gebruiken, zorgde dat voor ophef en verliet hij, zoals vele anderen, de groep.

Optimisme

"In theorie wilde Van Doesburg gewoon samenwerken", zegt Diane Franssen (Van Abbemuseum). "Om orde te scheppen in de chaotische wereld. Dat is het positieve idee dat ze onderschreven. Alleen had Van Doesburg niet zo'n makkelijk karakter, wat keer op keer voor ruzie zorgde." (lacht)

Schröderhuis

De villa van de rijke Utrechtse weduwe Truus Schröder, uit 1923, is nog altijd een trekpleister voor architectuur- en designliefhebbers. Rietveld maakte namelijk niet alleen de plannen, hij ruilde uiteindelijk ook zijn huwelijk in voor een relatie met Schröder, die ook interieurontwerpster was. Zij leefden nog lang en gelukkig, de kinderen iets minder. "Die waren niet altijd even te spreken over de villa", lacht Wijnia. "Mevrouw Schröder wou zo min mogelijk muren, waarop Rietveld een open ruimte ontwierp. Lekker gezellig voor haar, maar de kinderen wilden, zoals alle tieners, wat ruimte voor zichzelf. Met muren!"

Quote

Van Doesburg: "Entweder so, oder gar nicht." Ofte "Op mijn manier of helemaal niet." Het is zijn antwoord in 1921 wanneer Oud hem meldt dat zijn kleurcompositie te extreem is voor een bouwproject (meer hierover bij de letter W).

Protest

Het heeft lang geduurd voor het grote publiek mee was. Van Doesburg kreeg de opdracht om een kleurenpalet te ontwikkelen voor de ramen en deuren van een wijk in Drachten, Noord-Nederland. "Een kakofonie, vonden velen", vertelt Diana Franssen (Van Abbemuseum). "De mensen wilden gewone, groene deuren." Van Doesburg schilderde ze natuurlijk geel, blauw en rood.

En ook J.J.P. Ouds architecturale werk, heel licht, heel ruim en vandaag zeer gesmaakt, voelde voor de bewoners eerder aan als een straf omdat het zo ongezellig was. "Ze wilden gezellig aan de kachel op hun Perzisch tapijtje."

Zelfs toen de aandacht voor abstracte kunst toenam in de jaren 50, liet De Stijl het volk niet onberoerd, weet Franssen. "Toen ons museum een Mondriaan-werk kocht, kwam de kunstacademie van Den Bosch protesteren: voor een paar streepjes moest je toch niet zoveel geld neertellen?! Dat idee van makkelijk-kan-ik-ook heerste toen nog."

Woonhuis Spangen

Architect J.J.P. Oud - een van de eerste leden van De Stijl - bouwde heel wat woonhuizen in Rotterdam, zoals in de arbeiderswijk Spangen in 1920. Hij had Van Doesburg al gevraagd om de nogal saaie bakstenen van het eerste luik met een kleurontwerp op te leuken, maar wanneer die voor het tweede luik een nogal extreem voorstel doet waar het stadsbestuur nog niet klaar voor is - "destructief" werd het genoemd - ontstaat wrevel. Waarop Oud de groep verlaat na de memorabele woorden van Van Doesburg (zie Q).

De Unie

Het kleurrijke Rotterdamse café De Unie wordt nu gezien als een schoolvoorbeeld van De Stijl: asymmetrische geometrie, witte pleister en harde primaire kleurvlakken. Alleen had architect J.J.P. Oud tegen de tijd dat hij het bouwde alweer bedankt voor zijn lidmaatschap, en had hij al twee jaar ruzie met Van Doesburg. Die laatste gooide nog olie op het vuur door het café in een publicatie als "louter decoratieve gevelarchitectuur" weg te zetten. Vandaag is het café - hou je vast - een gay nightclub met 'dansers in douchecabines'.

Rond 1924 ging van Doesburg spelen met diagonale lijnen, waardoor X-vormen in zijn werk optraden. Een mooi voorbeeld is bioscoop Aubette in Straatsburg. De diagonalen waren tegen Mondriaans zin en een van de redenen waarom ze uit elkaar dreven.

Textiel

Schilder Bart van der Leck maakte ook tapijten volgens de regels van de kunst. Hieronder een werk van hem uit 1920.

Rood-Blauwe Stoel

Gerrit Rietveld maakte - aanvankelijk zonder kleur - ruimtelijke meubels uit houten latten. Zijn ontwerpen waren experimenteel en in het begin heel speels, want bedoeld voor zijn zes kinderen. Opvallend: hoewel Rietveld zijn bekende stoel in 1917-1918 maakte, voegde hij de typische kleuren pas veel later toe aan het ontwerp dat nu bekendstaat als de Rood-blauwe stoel.

Vandaag

Na de Tweede Wereldoorlog kende De Stijl een korte opflakkering, vertelt Diana Franssen. Niet toevallig, weer een oorlog en een desillusie later, was de maatschappij weer op zoek naar de abstractie. Realistische kunst, als favoriete stroming van de nazi's, had ook een duister kantje gekregen. "Nu is er minder van die algemene filosofie", vindt ze. "Binnen de designwereld zie je wel citaten naar de vormentaal van die periode, maar het filosofische luik blijft uit."

ZigZag

De Z-vormige stoel, hieronder, werd in 1932 door Gerrit Rietveld ontworpen voor het Rietveld-Schröderhuis. De houten stoel met hoge rugsteun en zonder armleuningen zit in elkaar met zwaluwstaartverbindingen, waardoor er geen spijker aan te pas komt. Vandaag wordt de Zigzag (net zoals de Rood-blauwe stoel) uitgebracht bij Cassina.

Yves Saint Laurent

In 1965 maakt de Parijse couturier en kunstliefhebber Yves Saint Laurent een collectie die hij inspireerde op moderne kunstenaars. De mouwloze, wollen A-lijnjurken in rood, geel en blauw waren een enorm succes. De reeks, nu vaste kost in de moderne kostuumgeschiedenis, staat bekend als de Mondriaan-collectie.

In dit jubileumjaar zijn er in heel Nederland expo's over De Stijl: van grote musea zoals het Gemeentemuseum (Den Haag) en het Van Abbemuseum (Eindhoven), tot kleinere musea als het Mondriaanhuis (Amersfoort). Een overzicht en meer info over alle tentoonstellingen vind je op mondriaantotdutchdesign.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234