Zondag 21/07/2019

Herman Van Rompuy is 100 dagen premier

Erman de Eerste

'Erman', dus zonder aangeblazen 'h', zo spreken ze allemaal over premier Herman Van Rompuy (61): zijn broer Eric, Vlaams minister-president Kris Peeters, noem maar op. De genaamde 'Erman' en zijn regering-Van Rompuy I hebben er sinds 10 april hun eerste honderd dagen op zitten. Een reconstructie van hoe het was en hoe het zover kon komen. Het bilan van een premier die deze regering nooit wilde leiden.

door Walter Pauli en Filip Rogiers / Foto's Filip Claus

Een aparte Kerstmis

Kerstdag 2008 was even bevreemdend en wezenloos als het hele jaar 2008. Dat was begonnen met de regering-Verhofstadt III, die in maart de fakkel doorgaf aan Leterme I. Nog tijdens de zomer diende die haar ontslag in, waarna het kabinet toch verder sukkelde, tot de intussen welbekende Fortisaffaire zich afspeelde voor het oog van de camera's en Yves Leterme zijn eigen val veroorzaakte met zijn onhandige poging om zich vrij te pleiten. De impasse was totaal en werd nog versterkt doordat de koning op maandag 22 december ineens Wilfried Martens naar het paleis ontbood, als verkenner. Wilfried Martens! De Wetstraat verslikte zich bij het horen van het nieuws, commentatoren deden minnetjes en hekelden een doorzichtige poging om wat tijd te winnen.

Zo werd het Kerstmis. In twee bekende politieke families speelden zich parallel twee gelijkaardige discussies af.

Scène één: de familie Dehaene, waar Jean-Luc Dehaene zich geconfronteerd ziet met een besliste en zelfs eensgezinde oppositie van vrouw Célie en vier kinderen: ze raden hem af opnieuw eerste minister te worden. Achteraf gaf Dehaene in Het Nieuwsblad commentaar op die bijzondere kerstdag. Die woorden zijn niet zonder relevantie: ze verraden dat de ex-premier wel degelijk zin had in de job: "Er ontstond een gemeenschappelijk antifront. Dat zou me niet hebben tegengehouden, mochten mijn voorwaarden toen vervuld zijn. Hun advies was unaniem: afblijven, niet doen! Het was de eerste keer in veertig jaar dat ik last had met het thuisfront."

Scène twee: Zaventem, meer bepaald Sterrebeek, waar in de Armendijlaan, ten huize Eric Van Rompuy, ook de clan-Van Rompuy samenzit voor Kerstmis. En ook daar gaat het over het nakende premierschap. Maar hier praten broer Eric en zussen Anita en Tine met zijn drieën in op Herman. Het contrast met de Dehaenes is totaal. Herman wil niet, maar zal volgens de anderen móéten buigen. Maar Herman stribbelt tegen, net zoals hij een paar dagen vroeger met luide stem tegen andere CD&V'ers verkondigde: "Ik zweer het: ik doe het níét. Ik ben en blijf Kamervoorzitter."

Exact drie dagen later, op zondag 28 december, liet het paleis weten dat Herman Van Rompuy formateur werd. Op oudejaar, 31 december, legden de nieuwe premier en zijn regering de eed af. Op de valreep: de derde eerste minister van 2008. De oudste. De minst verwachte.

Bij de CVP lag de oplossing van de crisis in de handen van vier mensen: Dehaene, die in aanmerking kwam om premier te worden. Kamervoorzitter Van Rompuy, die dus verklaarde dat hij in geen geval premier wilde worden. Verder partijvoorzitter Marianne Thyssen en Vlaams-minister-president Kris Peeters.

Zondagavond 21 december werd Marianne Thyssen verwacht in Laken, met de bedoeling de naam te geven van de kandidaat-premier. De koning verwacht haar om zeven of acht uur, maar zij verschijnt pas om elf uur. Ze brengt de vorst een verontrustende boodschap. Namelijk: er is helemaal geen boodschap. CD&V heeft geen kandidaat-premier. Albert zoekt een uitweg en geeft (een beetje) uitstel: "Vermits je geen kandidaat voorstelt, kan ik nog aanvaarden dat je iemand voorstelt om de knoop te ontwarren, maar ge moet mij een naam geven tegen elf uur.'"

Maandagochtend zit de beperkte CD&V-top opnieuw bijeen. Weer niets. Dan spreekt Herman Van Rompuy beslissende woorden: "Zouden we het niet eens vragen aan Wilfried." Meer heeft Marianne Thyssen niet nodig. Sinds haar passage in het Europees Parlement heeft ze met Martens een uitstekende band. En ze is ten einde raad. In Disneyland Parijs hoort een verbaasde Martens de partijvoorzitter: "Ik heb niemand. Kunt ge ons niet helpen?" Zijn antwoord: "Ja, Marianne, ik zal dan maar komen, hein." Een kwartier later belt Van Ypersele, de kabinetschef van de koning - de ex-kabinetschef van Martens, trouwens. Van Ypersele wil dat Martens om halfdrie verschijnt, maar dat is totaal onmogelijk. Na "een dolle rit", waarbij twee ministers van staat zich geen snars aantrekken van wettelijke snelheidsbepalingen, wordt Laken bereikt. Niet veel later is Wilfried Martens op zijn beurt koninklijk verkenner.

Martens moest twee knopen ontwarren. Eén: waren de andere partijen akkoord om verder te gaan met een CD&V'er als premier? Twee: zo ja, welke?

De allereerste die Martens zag, toen hij dinsdagochtend 23 december aan zijn taak begon, was Jean-Luc Dehaene. Dehaene zei: "Ik doe het, maar slechts voor zes maanden, tot de gezamenlijke verkiezingen op 7 juni." Toen Van Rompuy dat hoorde, zei hij meteen: "Dat is waanzin. Als je dat doet, ga je de crisis nog intensifiëren. Dan ben je meteen vertrokken voor een kiescampagne en dat is onverantwoord." Kris Peeters vond dat ook. En zij vertolkten de mening van de CVP-volksvertegenwoordigers en senatoren, die het niet zagen zitten om wéér in de verkiezingskoorts terecht te komen. Er zijn er nogal wat die een persoonlijke lening hebben genomen om hun kiescampagne (mee) te financieren, soms met hun woning als onderpand. Die onuitgesproken afweging speelt mee in het halsstarrige verzet van de federale fracties tégen de optie van vervroegde verkiezingen.

Er was dus niet alleen een tegenstelling over wie wordt premier maar ook over de optie: wat doen we?

Wilfried Martens: "Samen met Jean-Luc heb ik uitvoerig alle opties besproken. Natuurlijk met hem, want bij het begin van mijn opdracht was hij een evidente eerste minister. Maar zijn opvatting botste ten gronde met de stelling die verdedigd werd door Herman Van Rompuy, Kris Peeters én Marianne Thyssen."

Op vraag van Elio Di Rupo brengt Wilfried Martens de partijvoorzitters van de coalitie samen. Het is niet alleen een ontmoeting met een andere generatie maar ook een cultuurschok. Martens vergadert namelijk efficiënt, methodisch, concludeert en boekt resultaat. Dat waren Bart Somers, Marianne Thyssen, Joëlle Milquet, Elio Di Rupo en Didier Reynders al maanden niet meer echt gewoon.

Ook bij die groep was de conclusie heel duidelijk: we gaan door met de coalitie, en wel tot het einde van de legislatuur. De toekomstige premier is een CD&V'er die iedereen moet kunnen aanvaarden. En daarbij nog een paar bepalingen over de onderzoekscommissie (beperkt mandaat, zodat het niet vermengd kan worden met de verkiezingsstrijd) en de communautaire dialoog (verder onderhandelen maar onmogelijk om voor 7 juni bepaalde hervormingen al te laten goedkeuren in het parlement) en B-H-V (voortzetten van het belangenconflict en na 7 juni echt onderhandelen). De vicepremiers lieten intussen verstaan dat ze hoopten op Jean-Luc Dehaene. Maar niet voor zes maanden. Alleen Open Vld vreesde een te sterke Dehaene (dat zou Guy Verhofstadt bij de Europese verkiezingen hinderen) en dramde ineens over "de travaillist" Dehaene.

De aanwezige CD&V'ers (Martens en Thyssen) rijden nog diezelfde vrijdagavond naar Brugge voor intern overleg. Er is geen resultaat. Er wordt een afspraak vastgelegd voor de volgende dag, in Hotel Méridien, recht tegenover het Centraal Station in Brussel. Zaterdag 27 december wordt haast de hele dag vergaderd, maar zonder resultaat. Het blijft blokkeren op de kandidaat-premier. Op Marianne Thyssen na hangt het zwaard boven álle aanwezigen. Boven Jean-Luc Dehaene in de eerste plaats, maar die bleef in oppositie staan tegen de meerderheid van zijn partij. En - het was intussen Kerstmis geweest, met de oppositie van de familie-Dehaene - ineens voelden de anderen héél goed dat de gedoodverfde kandidaat geen goesting had.

Kris Peeters, eventueel? Peeters: "Eén momentje leek het die richting uit te gaan, maar ik heb dat beslist afgeblokt." Martens: "Dat was een logische reactie van Kris Peeters. Hij is minister-president en moet zo naar de kiezer." Marianne Thyssen is uitgesloten.

En zo is er, bij eliminatie, nog maar één kandidaat. Alle ogen rusten op Van Rompuy. Die blijft halsstarrig: "Ik kan ook weigeren als de koning het mij vraagt". Hij jent Martens met een retorische vraag: "En waarom doe jij het niet?" Een boutade, ironisch bedoeld, het zal wel, maar de verkenner blokt af: "De eerste minister moet een verkozen mandataris zijn. Eén van jullie dus."

Van Rompuy blijft obstinaat. Op een bepaald ogenblik roept Martens hem toe: "Maar wat gaat er om in u? Destijds hadden we bij CVP voor de post van premier vijf of tien kandidaten!" Soms hoort men de suggestie dat het ideale scenario voor Van Rompuy erin had bestaan dat Dehaene weer premier werd en hij zelf vicepremier. Zoals vroeger. Want hij weet goed wat hij mist: Herman Van Rompuy beschikt níét over een Herman Van Rompuy, zoals Dehaene had (of geen Dehaene, op wie Martens bouwde).

Hoe dan ook moet Wilfried Martens nog die zaterdagavond naar de koning. Hij heeft nog geen akkoord, maar hij belooft Albert: "Ik wil absoluut morgen afsluiten."

Zondagochtend 28 december volgt nog een telefoonronde tussen Martens, Dehaene en Van Rompuy. Allerlei formules worden besproken. Maar er is nog altijd geen intern akkoord. 's Namiddags maakt Martens aan de vorst zijn "intieme overtuiging" over: hij moet absoluut Van Rompuy roepen. "Dat was niet alleen de geschikte maar ook de enige mogelijke CD&V'er." Máár: Martens heeft een alternatief achter de hand. "Die naam krijg je nooit los", zal hij later zeggen. Behalve dat het een man is. En, getrouw aan zijn uitspraak in Le Méridien, een verkozen mandataris. De lijst mogelijke kandidaten is dan akelig kort. Het kan de facto moeilijk om iemand anders gaan dan Stefaan De Clerck, op dat ogenblik nog geen minister, of Pieter De Crem. Vandeurzen en Leterme zijn namelijk uitgesloten, de rest te jong, te junior of te oud - in de Senaat zitten Hugo Vandenberghe, Tony Van Parys en Luc Van den Brande. Maar zou men één van hen echt zien functioneren als premier?

De rest is geschiedenis. Koning Albert roept Herman Van Rompuy, en die komt. Hij aanvaardt. Het nieuws wordt verwelkomd bij de andere voorzitters, op wie hij al een solide indruk had gemaakt toen hij op zijn beurt in 2007 even koninklijk verkenner was. Ook bij de 'opzijgeschoven CD&V'ers' is de weerzin tegen Van Rompuy (nog) niet groot of werd die niet openlijk geuit. Leterme en Vandeurzen waren vooral wrevelig op Open Vld. Het enige wat verraste en op etterende onmin kon wijzen was het ontslag van Inge Vervotte.

Een minister: "Ik weet wel dat dit ontslag de wenkbrauwen deed fronsen, maar er is ook een heel logische reden voor. Als Vervotte in de regering was gebleven was zij logischerwijze de nieuwe vicepremier geworden. Wellicht wist ze van zichzelf dat ze te licht woog voor de kern en om de slagen voor CD&V te moeten binnenhalen, indien nodig tegen Van Rompuy in. Van Rompuy heeft ook zeer adequaat gereageerd door Steven Vanackere prompt tot vicepremier te promoveren. Vanackere heeft nog op zijn kabinet gewerkt, er is een blinde vertrouwensband tussen die twee."

Kort nadat Van Rompuy premier was geworden staan op een receptie Wilfried Martens, Van Rompuy zelf en Jean-Luc Dehaene met elkaar te praten. Eén meter verder staat Yves Leterme. Leterme wendt zich tot het trio: "Aha, le nouveau CVP est arrivé!" Toen viel nog niet echt uit te maken hoe bitter de ondertoon was.

Hoe Herman en Eric 'de Van Rompuys' werden

De commentaren voor deze oude christendemocraat zijn positief, ook in De Morgen. Nochtans was Van Rompuy - bij uitbreiding 'de Van Rompuys' - jarenlang de negatie voor alles waar deze krant voor stond.

'De Van Rompuys', het is meervoud en eenheid tegelijk. Twee broers maar meer dan dat. Na meer dan dertig jaar toppolitiek is het oordeel over het duo nog altijd hetzelfde: "Eerder een tweeling dan gewone broers. De ene zal de andere altijd verdedigen. Hun loyauteit is spreekwoordelijk, hun persoonlijke band onbreekbaar."

De Van Rompuys dus. Zeker de eerste tien tot twintig jaar van hun bestaan betekende 'Van Rompuy' dit: de boeman van al wat links, progressief of ethisch liberaal was. Ze wilden Vlaanderen voor eeuwig aan de kluisters van de katholiciteit ketenen. Zo was hun reputatie.

En de Van Rompuys zelf werkten er bijwijlen ijverig aan mee. Misschien dat Eric het nog pittiger uitdrukte dan Herman, maar dat hoorde bij de taakverdeling. Eric (°1949) was één en al sturm-und-drang, de enige CVP'er die consequent een leren jekker droeg, een christendemocratische variant van Marlon Brando in The Wild One. Op zijn manier een outlaw. Als jongerenvoorzitter en later als parlementslid was de jongste Van Rompuy geen keffer maar een bijtertje. De interviews die hij in Humo gaf, zijn legendarisch. Het was de provocatie als kunstvorm. Wie anders dan Eric Van Rompuy durfde zich in het blad van Guy Mortier openlijk te ergeren aan rockmuziek: "Dat straalt iets negatiefs, pessimistisch uit. Ik denk dat men niet geneigd is weer in het leven te geloven als men van Torhout-Werchter of Dranouter terugkomt." Of aan schrijvers als Tom Lanoye en Herman Brusselmans: "De schrijver als enfant terrible, als kwijlende bloedhond, als verbrijzelaar van traditionele waarden."

Oudere broer Herman (°1947) was de intellectueel. Hij was gepokt en gemazeld in de CVP-studiedienst. Frans Verleyen gaf hem een wekelijkse column in Knack, waarin hij in messcherpe analyses al wat hem niet zinde, fileerde. Dat was nogal wat en hij viseerde royaal 'zijn' CVP en het politieke boegbeeld van die tijd: Wilfried Martens.

In de vroege jaren tachtig waren de Vlaamse christendemocraten verwikkeld in een ware burgeroorlog tussen het kamp-Martens (de premier) en het kamp-Tindemans (de voorzitter, het stemmenkanon). In zijn memoires zegt Wilfried Martens dat niet hijzelf en Tindemans de echte aanstokers waren maar hun overijverige luitenants: Jean-Luc Dehaene voor Martens, Herman Van Rompuy voor Tindemans. Legendarisch is het Knack-dubbelinterview uit 1987 met de broers. Ze staan samen op de cover: 'Het geweten van Vlaanderen'. En, merkwaardig ook: ze hakken ongenadig in op de PVV van Guy Verhofstadt en diens liberale beleid. Dat is centrumrechts. De echte CVP is centrum-centrum.

Herman wordt in 1988 uiteindelijk partijvoorzitter. Zijn aversie voor de liberalen wordt er niet minder op als de CVP de legalisering van abortus moet slikken - de eerste keer in de naoorlogse politieke geschiedenis dat de grootste regeringspartij een zware nederlaag in een parlementaire stemming moet slikken, nota bene op haar corebusiness, het ethische. Eigenlijk neemt Herman Van Rompuy een middenstandpunt in. Eric: "Hij was niet principieel tegen abortus, zoals de katholieke hardliners. Hij wilde ook niet zoveel toegeven als Wilfried Martens en Jean-Luc Dehaene voorstelden. Herman vond abortus - of euthanasie - vooral een zaak van het persoonlijke geweten. Zoiets moest niet bij wet geregeld worden".

Niettemin had hij een reputatie als de vleeswording van het verkrampte, verzuurde Vlaanderen. Als hij in 1990 een boekje schrijft (Het christendom: een moderne gedachte) om uitte leggen hoe fris zijn ideologische kader is, draait dat averechts uit. "Heeft Hugo Claus de laatste seksuele taboes gesloopt in het Vlaanderen van vandaag, of zijn het alleen trieste verhalen, meesterlijk geschreven?", vroeg Herman Van Rompuy zich af. En in zijn geopolitieke beoordeling gebruikt hij metaforen die niet terug te vinden zijn bij Geert Mak: "De jonge Oost-Duitsers vluchtten niet omdat zij honger hadden, maar omdat zij dorsten naar vrijheid. Zij hebben de Muur van Berlijn doen barsten zoals destijds Jozua de muren van Jericho deed bezwijken onder zijn bazuingeschal."

Toch zal er in de jaren negentig een zekere revival optreden van Herman Van Rompuy. In het voorjaar van 1993 haalt Jean-Luc Dehaene hem in de regering om de falende begrotingminister Mieke Offeciers op te volgen. Zijn opvolger als partijvoorzitter wordt trouwens Johan Van Hecke, en daarover ontstaat een klein meningsverschil tussen 'de broers'. Eric: "Ik hoorde bij de zogenaamde Falstaffgroep, de generatie die zich toen opmaakte om de CVP te leiden: Van Hecke, Luc Willems, Karel Pinxten, John Tayler, ikzelf." Ik zag Van Hecke zitten, Herman niet: "Ik heb geen vertrouwen in die man." Er moet iets van aan zijn, want op Eric Van Rompuy na belandden al die Falstaffers bij VLD.

Als begrotingsminister geniet Van Rompuy van de positieve waardering die Jean-Luc Dehaene na verloop van tijd te beurt valt, want het hele land ziet dat de premier en zijn begrotingsminister een tandem vormen. Als Dehaene in Korfoe nipt géén voorzitter wordt van de Europese Commissie en Van Rompuy dus ook nipt géén premier, is het voor iedereen duidelijk dat hij een absoluut zwaargewicht is. In de regering en bij uitbreiding in de Wetstraat is zijn gezag gevestigd, het respect voor hem ook alom.

Zelfs bij politici die in theorie alles zouden hebben om Van Rompuy als een tegenstander te zien. Zoals de Waalse, socialistische en vrijzinnige vicepremier Elio Di Rupo, die tegen zijn meug geout wordt als homo. Terwijl het drama-Di Rupo zich afspeelt wanneer hij onterecht van pedofilie wordt beschuldigd en Patrick Dewael en Herman De Croo zich vanuit de oppositie van hun minst liberale kant tonen en Di Rupo blijven bestoken, is Herman Van Rompuy veel genadiger. Als Di Rupo hem en Dehaene bezweert "jamais avec des mineurs, en toujours consentant", is voor hem de kous af: "Elio, on te croit. On te défendra." De band die toen gesmeed werd, is er nog altijd.

Maar dat beeld van de 'moderne' Van Rompuy haalt de pers niet. Integendeel, als Johan Van Hecke in 1996 wegvlucht als CVP-voorzitter wanneer hij de indruk krijgt dat sommige partijgenoten zijn echtscheiding gebruiken om hem politiek onderuit te halen, legt hij in een berucht interview in De Morgen de schuld bij anonieme christendemocraten "die hem aanspoorden de kunst van de hypocrisie te beoefenen". Herman Van Rompuy werd zo bevestigd in zijn meest sinistere reputatie.

Jaren van asiel

Herfst 2000. Het kleine kantoortje van Herman Van Rompuy in het Huis der Parlementsleden. Knack-journalist Joël De Ceulaer houdt zijn vingers op tien centimeter, maximaal, van de neus van Herman Van Rompuy. Hij knipt met zijn vingers, luid en uitdagend. "Eén godsbewijs dat overtuigt, mijnheer Van Rompuy, ééntje! U hebt het niet!" Weer een knip. Van Rompuy, ijzig: "Mochten hier in dit kantoor gordijnen zijn, ik hing erin."

Zo verging het Kamerlid Herman Van Rompuy op zijn tocht door de woestijn in de eerste jaren van paars. Alle respect voor deze has been leek weg. Na de desastreuze dioxineverkiezing was Herman Van Rompuy nochtans de allereerste die de juiste conclusie trok: "CVP moet de oppositie in." In zijn dagboek noteert hij: "In plaats van een postelectorale depressie heb ik eerder een gevoel van vrijheid. Ik vraag niets. Ik heb niets meer nodig. Ik heb nog veel te schrijven en niet zoveel meer te zeggen. Mijn jeugdambities heb ik grotendeels kunnen realiseren. Vanaf nu voel ik me vrijer."

Toch zal het positieve gevoel niet overheersen. Herman Van Rompuy behoort nog wel tot het beperkte partijdirectoraat dat op het appartement van Dehaene in Zeebrugge Stefaan De Clerck aanstelt als nieuwe voorzitter. De Clerck is de Van Rompuys overigens liever kwijt dan rijk. Hij wil vernieuwen, en steunt aanvankelijk vooral op de groep rond Johan Van Hecke. Eric Van Rompuy: "De Van Rompuys waren passé. Zeker Herman was toen het symbool van de verleden tijd."

Maar Herman Van Rompuy overleeft. Omdat 'de oude' als een van de eerste politici het belang inziet van een eigen website. Die site staat hem toe politiek te overleven: journalisten blijven hem citeren. En leren hem appreciëren.

En dan krijgt hij een godsgeschenk. Bij vtm zoekt de redactie van het tv-programma Goedele naarstig naar 'wijzen': mensen met een gefundeerde mening, waarbij de luisteraar denkt: 'Dat is goed gezegd. Dat vind ik eigenlijk ook.' Hoofdredacteur Pol Van Den Driessche laat de naam Van Rompuy vallen. Van Den Driessche: "Ze verklaarden me zot. Van Rompuy toch niet! Zo'n conservatief! Zo'n zuur, verouderd type.'"

Maar Van Den Driessche hield voet bij stuk. "Ik volgde Herman al lang. Toen ik woordvoerder was van vicepremier Hugo Schiltz (1988-1991), attendeerde hij ons op Van Rompuy: "Hou die maar in de gaten. Die heeft meestal als eerste begrepen hoe de vork in de steel zit. En later als journalist leerde ik Van Rompuy persoonlijk kennen: niet alleen een knap politicus, maar ook een charmant en beminnelijk man."

Het is een win-winsituatie, zoals dat heet. Herman Van Rompuy blijkt het bijzonder goed te doen bij Goedele, en hijzelf laaft zich aan de nieuwe belangstelling. Hij leert ook een ander milieu kennen, en het andere milieu hem. Na de opnamen lopen de discussies tot in de late uurtjes door. Van Rompuy drinkt dan steevast zijn pintje - ook in het meervoud - en de discussies met Goedele Liekens, of medewijze Yves Desmet, lopen niet alleen tot in de late uurtjes uit, ze leiden ook tot wederzijds respect.

Van Den Driessche: "Van Rompuy luisterde dan aandachtig naar de andere meningen, zonder overigens die van hemzelf echt te veranderen."

De affiniteit bestaat voort tot op de dag van vandaag: nog als premier heeft Van Rompuy Goedele Liekens en een aantal van haar vroegere medewerkers in de Lambermont op een diner uitgenodigd.

Maar mettertijd wordt hij milder. Een state of mind waartoe ook gesprekken met zijn zoons Peter en Thomas hem gebracht hebben.

En ook politiek beginnen de knikkers weer juist te vallen. Door het 'gsm-incident' (als Van Hecke zijn gsm laat aanstaan, hoort De Clerck dat hij samen met De Gucht whisky zit te drinken, WP) kan De Clerck niet anders dan erkennen dat zijn inschatting van de oprechtheid van Van Hecke en co. verkeerd was. Eric Van Rompuy: "Kort voordien had De Morgen een ophefmakend stuk gemaakt: 'CVP, met de V van Verraad'. En die 'V' stond ook voor 'Van Rompuy'. Wij waren de intriganten, de doodgravers van de christendemocratie. Met de onmaskering van Van Hecke bleek de waarheid omgekeerd."

De comeback

Als paars in 2003 een landslide-overwinning haalt, is het lot van CD&V-voorzitter De Clerck bezegeld. Die verkiezingsavond spreken in een hoekje van een tv-studio Herman Van Rompuy en Wilfried Martens af om hun oude vete bij te leggen. Maar niet alleen met de senioren worden de banden aangehaald. De oude Herman Van Rompuy ligt ook beter bij de nieuwe generatie. Hij weegt intern op vergaderingen van de CD&V-Kamerfractie, die vanaf 2000 geleid wordt door de nieuwe rising star van de partij, Yves Leterme. Als in een besloten vergadering zijn opvolger moet worden aangeduid, is het wederom Herman Van Rompuy die de woorden uitspreekt: "Het wordt Yves Leterme, en niemand anders."

Niet dat alles koek en ei blijft. In de aanloop naar de verkiezingen van 2004 doet Leterme moeilijk over Eric Van Rompuy als lijsttrekker in Vlaams-Brabant, en later wil hij hem niet in de Vlaamse ministersploeg. Wie aan één Van Rompuy raakt, treft ook de andere. Herman steekt Eric een hart onder de riem met een open brief: 'Be free'. Maandenlang is er geen contact meer met Leterme. In de herfst van 2004 sterven vader en moeder Van Rompuy, kort na elkaar.

Maar als met Yves Leterme de notie 'goed bestuur' opgang maakt, is het type-Herman Van Rompuy ineens weer hip. Als in 2007 CD&V-N-VA helemaal back in town is, wordt Herman Van Rompuy opgenomen in de onderhandelingsdelegatie voor Hertoginnedal. Het wordt een persoonlijke afknapper. Onderhandelaars van andere partijen zien dat het niet klikt tussen Herman Van Rompuy en N-VA-voorzitter Bart De Wever. Van Rompuy zelf wordt kierewiet van het afbraakvoetbal, de georganiseerde lekken, de smerige persoonlijke oorlog ook tegen Yves Leterme, vooral vanuit Open Vld. Als hij gevraagd wordt voor het ambt van Kamervoorzitter, aarzelt hij dan ook geen ogenblik. Onder geen beding wil hij met dit zootje in een regering zitten.

En er was nog één ergernis. Yves Leterme had zijn zaak onvoldoende voorbereid. Hij had verzuimd de ins and outs van de vorige stappen in de staatshervorming grondig te bestuderen, had zich de dynamiek van het verleden niet eigen gemaakt, en kon dus ook geen goede koers uitzetten voor de toekomst. Het voor het kartel zo cruciale communautaire dossier was politiek braakland. De intelligentsten aan tafel hadden dat begrepen. Leterme niet.

Maar Herman Van Rompuy beleefde mooie maanden als Kamervoorzitter. Hij vond die functie een eer, en kon zijn stempel drukken. Tot dus, in volle Kamer, Yves Leterme zijn eigen graf groef. Achteraf is er veel om te doen geweest of Herman Van Rompuy de fatale brief van Cassatievoorzitter Londers wel had moeten voorlezen. Een kwaadwillige interpretatie luidt dat hij toen al stiekem ambities koesterde en Leterme daarom voor het blok zette.

Hoewel het nooit mogelijk is iemands diepste gedachten en ambities te lezen, strookt die piste, hoe prikkelend ook, niet helemaal met de feiten. Niet met wat zich nadien in Hotel Méridien afspeelde. Zeker niet met wat zich voordien afspeelde in een besloten en tot nu toe nog niet bekendgemaakte vergadering tussen Herman Van Rompuy, Yves Leterme en Jo Vandeurzen (op een bepaald ogenblik werd zelfs Dehaene er in alle discretie bij gehaald). Van Rompuy had zijn brief al ontvangen, maar nog niet wereldkundig gemaakt. Hij legt uit aan de aanwezigen - dus ook aan Leterme - wat de inhoud is en dat hij verplicht is het schrijven voor te lezen. Leterme heeft dan geen bezwaar. Pas later vond hij die publieke lectuur hoogst ongenaam, en gewaagde hij van "un mini-coup d'état contre moi".

Dan toch Premier

Maar intussen had Herman Van Rompuy een onwaarschijnlijke comeback gerealiseerd. Hoe terughoudend hij zich ook opstelde om het hoge ambt te aanvaarden, hij was zichtbaar fier toen hij eenmaal eerste minister wàs - broer Eric trouwens ook. Maar is hij nu ook een goede regeringsleider? Een minister: "Vergelijk de eerste honderd dagen van Van Rompuy eens met eerste honderd van Leterme. Toen was er voortdurend ambras. Nu niet. Leterme racete met een speedboot door hoge golven, en het kon hem niet deren dat iedereen nat werd: hijzelf, en het publiek dat vanaf de kant vol verwondering naar die dolle race keek. Herman Van Rompuy kalmeerde de stormen. Politiek varen we door rustig water." Is het té rustig? Als de cartoons van Erik Meynen in Het Laatste Nieuws een graadmeter zijn voor 'de man in de straat', dan ziet men dat Van Rompuy stilaan hetzelfde non-beleid wordt verweten als Yves Leterme.

Voor de ministers die 'paars' nog meemaakten, blijft het verschil met de methode-Verhofstadt groot. Verhofstadt was hyperactief. "Zoals hij Milquet inpakte bij de Lambermont-staatshervorming: Verhofstadt kreeg zelfs de oppositie mee om zijn zin te kunnen doordrijven. Leterme en Van Rompuy krijgen amper hun coalitie op één lijn." Leterme leidde zijn vergaderingen met wat meer humor. Van Rompuy gaat "methodisch en pragmatisch" te werk. Leterme was veel minder methodisch, en het pragmatisme (zeker in het communautaire) mankeerde.

Maar dat pragmatisme leidt niet altijd tot resultaat. Herman Van Rompuy beloofde een persoonlijk initiatief om uit de asieldiscussie te geraken, maar dat is hem (nog) niet gelukt. Wat wél indruk maakte, is dat hij het was die de regeringspartijen op één lijn kreeg rond de benoeming van de nieuwe stafchef van het leger. In de gegeven omstandigheden heet dat al een succes. En pas na 7 juni volgt de lakmoestest: de moeilijkste begroting van deze eeuw rondkrijgen. Als dat lukt, is hij premier tot 2011.

Maar welke premier kan nog flink beslissen? Vroeger was de hiërarchie duidelijk: de federale premier dicteerde, de Vlaamse minister-president volgde en hielp op commando, zij het soms al morrend. Gaston Geens was een secondant van Wilfried Martens, net zoals Luc Van den Brande dat was van Jean-Luc Dehaene, of Patrick Dewael en Bart Somers van Guy Verhofstadt.

Dat veranderde in 2004, toen Yves Leterme duidelijk maakte dat hij (en Vlaanderen) niét aan het handje liep van Verhofstadt (en België). Toen kwam dat alle CD&V'ers goed uit. Maar toen Leterme zélf premier werd, schrok hij van het mechanisme dat hij zelf in gang had gezet. Kris Peeters deed hetzelfde en bleef op zijn Vlaamse strepen staan.

Kris Peeters: "Zelfs indien Jean-Luc Dehaene opnieuw premier zou zijn geworden, dan zou hij niet meer dezelfde Dehaene geweest zijn van destijds. Omdat die vroegere tijd definitief voorbij is."

Wat niet wegneemt dat de relatie tussen de Van Rompuy en Peeters meer dan behoorlijk is. In het Opeldossier werd - tot dusver - goed samengewerkt. Peeters ziet ook wel dat onder een brief naar GM de handtekening van 'the prime minister of Belgium' minstens zo veel indruk maakt als die van 'the minister-president of Flanders'. Dus tekenen ze samen.

Of kijk naar de KBC-steun, waar uiteindelijk de Vlaamse regering tot een politieke oplossing komt, en niet de federale. Kris Peeters nam het beslissende initiatief. Hij hield Herman Van Rompuy telefonisch op de hoogte van de vorderingen, zelfs tot laat in de avond. Van Rompuy speelde het spel mee. Terwijl de pers zich verzamelde rond Wetstraat 16, waar de federale regering maar geen akkkoord bereikte, werd er al naarstig vergaderd op het Martelarenplein. Hij wist dat.

En Van Rompuy heeft ook zijn eigen kanalen. Hij werkte nog samen met KBC-voorzitter Jan Huygebaert op het kabinet van Leo Tindemans. Van Rompuy wist wel dat de KBC, de Vlaamse bank, de zaak liever op Vlaams niveau afhandelde.

Maar straks zal het toch beter moeten. Na de Vlaamse verkiezingen. Dan zal de coalitie weer daadkrachtig worden, zeggen optimisten. Zeker als Kris Peeters veel stemmen haalt, en CD&V het niet slecht doet. Als Yves Leterme en, eventueel, Jo Vandeurzen een eventueel schitterend resultaat niet gaan gebruiken om de eigen ambities boven het partijbelang te plaatsen. Of Inge Vervotte. Op het CD&V-partijbestuur herkennen ze haar niet meer: "Sinds 2004 is ze Vlaams en federaal minister geweest, en al die tijd was ze muisstil. We kenden zelfs het timbre van haar stem niet. Maar sinds ze minister-af is, voert ze ineens wél het hoge woord, zeker als er iets op te merken valt over de federale regering."

Dat is alleen CD&V. Wat als Open Vld of veel wint, of onverwacht zou verliezen? Zou die partij dan in staat zijn een zware begroting goed te keuren? Wat als in Wallonië de krachtsverhoudingen en/of de regionale coalitie wijzigen? Zal dat de PS, MR of cdH bereidwilliger maken om federaal een hechte ploeg te vormen?

Of trekt Herman Van Rompuy zich na zijn eerste honderd dagen al op aan zijn jongste haiku?

Ook na ons bestaan

wiegen er nog paaslelies.

Het eeuwig leven.

n De broers Herman en Eric Van Rompuy en de twee zonen van de eerste: Peter en Thomas.

n In de eerste jaren van 'paars' leek alle respect voor deze has been verloren.

Als de CD&V-top aandringt, blijft Van Rompuy koppig: 'Ik kan ook weigeren als de koning het mij vraagt'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden