Maandag 21/06/2021

Herman Brusselmans stelt zijn 50ste boek voor en plaveit zich een weg naar het noorden

'Zeg maar liever: een béétje succes in Nederland'

Vrijdag presenteert hij in de Gentse rosse buurt Mijn haar is lang. Zijn vijftigste boek ondertussen, al is dat volgens hemzelf 'een ruwe schatting'. De man die werk vond als bestsellerauteur, columnist en voetbalcommentator scoort bovendien steeds beter bij onze Noorderburen, meldt zijn uitgeverij, 'ondertussen bijna beter dan in Vlaanderen'. We volgen Herman Brusselmans naar een optreden in Rotterdam. Jeroen Versteele

'Hier in Nederland bereikt hij behoorlijk wat mensen uit de intellectuele bovenklasse", stelt Milou Brockhus (20), zelf een beginnend schrijfster. "Niet zozeer de lezers van pulp en thrillers, wel de echte literatuurliefhebbers." Milou staat aan te schuiven in de Rotterdamse bibliotheek, waar de Gentse schrijver straks optreedt als hoogtepunt van de opening van de Boekenweek. Het thema is 'dieren'. Aan de muren hangen carnavalsmaskers van zebra's en giraffen en de dj draait liedjes zoals 'King Kong Five' van Mano Negra. "Ik ben geboren en getogen in Rotterdam, ik hou erg van zijn directe, nuchtere stijl", legt Milou verder uit. "De laatste tijd is hij geregeld te gast in talkshows als De wereld draait door of Pauw & Witteman . Hij schudt zijn veren op, hij geniet duidelijk van de aandacht. Als je zo vlot oneliners kunt spuwen, krijg je Nederland wel op je hand. Het leuke is dat hij de zelfspot niet mijdt, in tegenstelling tot nogal wat Nederlandse meubelstukken van de literatuur. Die nemen zichzelf zo ernstig."

Cabaret op papier

"Toch heeft hij wel degelijk wat te zeggen. Hij observeert goed wat er tussen mensen speelt. Hij werpt bedenkingen op over Europa of hij verwijst naar filosofen. Geheel in zijn eigen stijl en vanuit zijn eigen onwrikbare perspectief. Ik hou ook van zijn brede vocabulaire. Het doet denken aan dat van Jules Deelder. Als Brusselmans vijf keer een verschillende uitdrukking kan geven voor één begrip, zal hij het niet laten. Hij schrijft bijvoorbeeld niet 'het Nederlands' maar 'de taal van Vondel'.

"Ik heb nu zo'n boek of vijf van Brusselmans gelezen, en ik krijg door al die associaties steeds het gevoel zijn hele hoofd te doorkruisen. Zijn verhalen gaan over hemzelf, meer dan over de Gentse binnenstad waar ze altijd gesitueerd zijn. Niet dat hij zichzelf gemakkelijk prijsgeeft. Het is alsof je in elk boek slechts een stukje van zijn persoonlijkheid te zien krijgt, omzwachteld met veel taalvirtuositeit, zwarte humor, veilige maskers ook. Wat is fictie, wat heeft hij echt meegemaakt? Die vraag houdt je scherp. Hij suggereert continu dat hij een geheim heeft, hij omfloerst zijn wereld in al zijn boeken. Ik hoop dat hij ooit zijn geheim onthult en dat hij ons een kijkje gunt in hoe hij zijn wereld creëert.

"Brusselmans is cabaret, maar dan op papier. Ik lees hem omdat ik ervan houd in zijn gedachtestroom te worden meegenomen, net als bij een goeie cabaretier. Mijn enige bedenking is dat hij het nog steeds zo leuk vindt om te choqueren. In zijn nieuwe boek zit hij met enkele andere klanten in een kapperszaak en meteen gaat het over poep en seks. Ah, hij heeft het verhaal in de jaren tachtig gesitueerd, dacht ik. Maar toen kwam er een opmerking over de kredietcrisis. (lacht) Dat maakt Brusselmans toch een schrijver van vijftigplus. Hij behoort tot een generatie kunstenaars die inmiddels al een naam heeft gekregen, en dat vind ik er jammer aan. Ik zou er zelf niet meer aan meedoen. Ik doe alleen maar mee met de naamlozen. (lacht) "

Een vergelijkbaar geluid bij een groepje dertigers wat verderop. Een van hen is Elvin Post, schrijver van goed verkopende literaire thrillers en sinds kort ook recensent voor deze krant. "Brusselmans heeft me een goeie tip gegeven", lacht Post. "Je hoeft maar één keer geneukt te hebben om een pornoverhaal te kunnen schrijven, zei hij eens. Daar ben ik nu mee bezig."

De deuren naar het zaaltje 'Bibliotheek Theater' gaan open, de eerste mensen druppelen binnen. Een toeloop is het niet, maar de sfeer is uitgelaten. Ondertussen schalt 'Carnaval des animaux' door de luidsprekers en bestelt het drietal nog snel een biertje. "Om in de stemming te komen. Ja, we komen speciaal naar deze opening om een goeie Brusselmans te zien", zegt Michiel Houdijk. "Vroeger vond ik hem als schrijver dezelfde kwaliteit hebben als Charles Bukowski, maar daar ben ik een beetje van afgestapt. Als je echt harde verhalen wilt lezen over alcoholisme, vrouwen en volkscafés moet je toch maar eens Het postkantoor ter hand nemen. Ik hou wel van jullie Gentenaar, maar dan als schrijver van niemendalletjes waarvan je precies weet wat je ervan kunt verwachten en wat niet."

De poes van Máxima

"Ik ben onvoorwaardelijk fan", onderbreekt Tony Rusinovic. "Niemand kan je zo meenemen in een doldraaiende fantasie. Neem nu Toos , zijn laatste roman over Muggepuut. Daarin neemt het hoofdpersonage sollicitatiegesprekken af van kandidaat-minivoetbalspelers. Elk gesprek mondt uit in een totaal geschifte biografie; het levert tientallen pagina's op waarover ik helemaal lyrisch kan worden. Brusselmans is onvermoeibaar. In Een kus in de nacht , een klepper van 700 pagina's, schrijft hij voortdurend dat dit zijn dikste roman ooit moet worden en dat hij dat daarom nog enkele keren zal herhalen. Totaal absurd! Hij neemt je in de maling en dat laat je als lezer graag toe. Af en toe moet je je met de glimlach laten nemen. (lacht) "

De lezing begint. Het zaaltje zit driekwart vol. Brusselmans zit klaar, het gezicht strak op de microfoon gericht. "Ze hebben me gevraagd of ik iets rond het thema van het jaar kon doen", zegt hij. "Maar ik heb geen dierenverhalen. Ik ben er wel een aan het schrijven dat ik volgend jaar zal komen voorlezen: De poes van Máxima ." Er klinkt gelach. Naast me zit een ouder vrouwtje, ze vertrekt geen spier.

"Vijfentwintig boeken verkocht", zegt Brusselmans die nacht in het minibusje, op weg naar Gent. Hij heeft twintig minuten druk gesigneerd. "Niet veel, zou je zeggen. Maar dat is toch bijna één op vier toeschouwers die vanavond een boek koopt, en dat is heel behoorlijk. Als Nederlanders je goed vinden, kopen ze meteen een boek. Ze zijn gretig. Ze kennen bovendien de traditie van de literaire lezing, ze zijn het gewend om naar schrijvers te gaan luisteren. Er komen veel meer serieuze uitnodigingen dan uit Vlaanderen. In Vlaamse culturele centra is Kristien Hemmerechts al eens gekomen en werd Tom Lanoye ooit gepolst, maar er is geen regelmaat. De literaire tournees van Behoud de Begeerte in de schouwburgen draaien goed, ja. Maar in Nederland krijgen ze ook elk cafézaaltje in Duiven of in Drachten gevuld, en niet alleen maar met de familie en vrienden van de organisator. Dat doet me plezier."

Is uw succes in Nederland gebaseerd op tournees langs zulke kleine zaaltjes?

"Spreek maar over 'een beetje succes in Nederland'. Ze liggen daar echt niet wakker van mij, of van andere Vlaamse schrijvers. De top tien is er bijna uitsluitend gevuld met Nederlanders. Als ik een nieuw boek uitgeef, sta ik er enkele weken in. Of Dimitri Verhulst, of Erwin Mortier. Dat is alles. Omgekeerd geraken bestsellers van Saskia Noort ook niet in de Vlaamse hitlijsten. Kluun, die het gigantische aantal van 800.000 exemplaren van Komt een vrouw bij de dokter verkocht, vertelde me dat daarvan precies 205 in Vlaanderen over de toonbank zijn gegaan. Tweehonderdenvijf! Hoe komt dat? Hij is hier totaal afwezig. 'Kust mijn kloten', zegt hij tegen onze tv-programma's en theaters, en ik begrijp hem. Hij heeft Vlaanderen niet nodig."

Vindt u het nodig om 30, 40 keer per jaar honderden kilometers naar het noorden te rijden om een uurtje voor te lezen?

"Ik zie dat als een deel van mijn schrijverschap. Ik doe het ook niet voor niets, het is een leuke bijverdienste. Dankzij Nederlandse subsidiënten kunnen organisatoren je tien keer meer betalen dan in Vlaanderen. Ik maak er dan ook mijn werk van. De teksten die ik voorlees, zijn gericht op het Hollandse publiek. Ik praat over Piet Keizer van Ajax, over het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen en over Yolanthe Cabau van Kasbergen. Dat is de Lien Van de Kelder van Nederland. Een vergelijkbaar fenomeen, een lekker wijf met dikke tetten dat in soaps meespeelt. Je kunt die naam gerust gebruiken, iedereen kent ze.

"Als ik ondertussen iets heb bereikt in Nederland, is dat het resultaat van hard werken, van veel zaaltjes afreizen. Ik zit inderdaad in goed bekeken Nederlandse talkshows, maar je mag het effect daarvan niet overdrijven. De week nadat ik in De wereld draait door te gast ben, stijgt de verkoop van mijn boeken een beetje. Maar het is niet omdat een televisiekijker je ziet, dat die je boek koopt. Ook niet bij ons. In Vlaanderen kent iedereen mij, en ik verkoop maar 20.000 exemplaren per boek. Genoeg om een seller genoemd te worden, maar procentueel gezien is dat erg weinig. Mensen lezen niet. Ik ontmoet mensen die me in maart vertellen dat ze begonnen zijn in een boek van mij, en in september zeggen ze dat het bijna uit is. Ondertussen heb ik er drie andere geschreven. Ik heb mij daar allang bij neergelegd."

In Mijn haar is lang , uw boek dat vrijdag verschijnt, maakt u zich bij de kapper druk omdat andere klanten zo weinig weten over Joe Biden en de drummer van Uriah Heep. Ergert de onwetendheid u?

"Ik heb gisteren naar Blokken gekeken en een van de vragen was: hoeveel dagen telt de eerste maand van het jaar? Dat is blijkbaar het niveau van de doorsneekandidaat. Ben Crabbé moet zich zot ergeren. Ik kan er ook niet tegen dat mensen zich niet interesseren voor het nieuws, kunst en politiek."

Wat kun je daaraan doen?

"Je kunt daar niks aan doen. Ik strooi af en toe wat kennis rond in mijn boeken, als steentjes in een vijver. Ik schep daar plezier in. Met één voet sta ik in het platte, commerciële amusement. Met de andere in een wereld waarmee de meeste mensen me niet associëren. Ik heb gestudeerd, ik lees twee kranten per dag en ik volg de internationale literatuur. Ik zou een essay kunnen schrijven over Keith Waterhouse, een van mijn favoriete schrijvers in het Engeland van de jaren vijftig, maar ik heb geen zin om mijn kennis op die manier te etaleren. Ik koester die liever voor mezelf, en soms gooi ik een steentje in het water en probeer ik interesse uit te lokken."

Hebt u zelf altijd weetjes opgezogen?

"Ik kom uit de veehandel, bij ons thuis kwam er geen boek binnen. Toen ik op de universiteit van Gent kwam, ben ik intellectueel opengebloeid. Ik weet nog hoe ik de bibliotheek binnenstapte en dacht, hier vind ik alles wat er in de hele wereld geschreven is. Ik ben mijn kennis met ongelooflijke lepels beginnen binnen te scheppen. Dat is nooit gestopt. Die hang naar lezen en begrijpen, die heb je of die heb je niet. Daarom geloof ik niet dat er beterschap op komst is, ook al hebben mensen tegenwoordig alle tijd en mogelijkheden om kennis op te doen.

"Kennis maakt je verdraagzamer. Dingen die je niet kent, jagen je angst aan."

'Ik ben bang in het buitenland, alleen in Nederland valt het mee', schrijft u in uw nieuwe boek.

"Ja, omdat ik de taal kan spreken en omdat ik 12 uur na mijn vertrek opnieuw thuis kan zijn. Ik heb een grote honger naar kennis, maar niet naar reizen. Ik ben verbaal ingesteld. Als ik de mensen rondom mij niet begrijp, erger ik me aan mezelf. En ik ben sowieso geen reiziger. Momenteel heb ik het voornemen om met Tania De Metsenaere voor het eerst in mijn leven op reis te gaan. Niet met het vliegtuig, want dat is me eens slecht bevallen. Nee, met de trein naar Saint-Tropez. Ik heb me laten vertellen dat er nog een zweem hangt van de zuiderse jaren vijftig. Ik wil flaneren langs de jachten en hopen dat Brigitte Bardot of Alain Delon langskomt. Mijn laptop neem ik wel mee, want ik moet columns schrijven voor Humo en Het Laatste Nieuws."

Ik heb lang haar eindigt met de beslissing om even te stoppen met denken. Lukt u dat goed?

"Tania zegt dat ik een knop op mijn hoofd zou moeten hebben om mijn gedachten stop te zetten. Zo moeilijk vind ik het. Ik droom elke nacht vier aparte, volledige dromen. Soms moet Tania me wakker maken omdat ik lig te gillen. Mijn dromen zijn ook altijd negatief. Nu droom ik vaak over mijn pa, die recent gestorven is. Ik moet ook vaak vluchten, of er zit een geliefde gevangen. Nooit heb ik ontspannende dromen. Ik word elke dag doodmoe wakker. Ook overdag denk ik natuurlijk voortdurend. Het is een stuk van mijn vak, je moet denken om te schrijven."

Wat ontspant u dan?

"Bij Tania zijn, met de hond wandelen, met de moto rijden of naar motorsites surfen, koffie drinken in Aba Jour en over voetbal zeiken. Maar dat mag niet te lang duren. Geen drie uur. Terwijl ik gemakkelijk drie uur lang over boeken zou kunnen babbelen. Maar de gelegenheden zijn daarvoor ongelooflijk schaars. Met Christophe Vekeman zit ik weleens in Aba Jour en dan spreken we louter over literatuur, urenlang. Tania leest ook veel. Maar in mijn kennissenkring zijn er verder weinig mensen met wie ik een boom kan opzetten over pakweg Het diner van Herman Koch. Ik zou er boekenprogramma's op Canvas mee kunnen vullen, met gelul over literatuur. Maar dat zouden ze niet willen. En als ze het vragen, doe ik het toch niet. Want dan ben ik weer aan het werken. Als ik praat over andermans boeken, moet het zijn ter ontspanning."

Prometheus, 181 p., 17,95 euro.

Herman Brusselmans

Mijn haar is lang

Ik ontmoet mensen die me in maart vertellen dat ze begonnen zijn in een boek van mij, en in september zeggen ze dat het bijna uit is. Ondertussen heb ik er drie andere geschreven. Ik heb mij daar allang bij neergelegd

Ik zou er boekenprogramma's op Canvas mee kunnen vullen, met gelul over literatuur. Maar dat zouden ze niet willen. En als ze het vragen, doe ik het toch niet

Ik strooi af en toe wat kennis rond in mijn boeken, als steentjes in een vijver. Ik schep daar plezier in

Als Nederlanders je goed vinden, kopen ze meteen een boek. Ze zijn gretig

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234