Dinsdag 21/01/2020

Stiltezoekers

Herman Brusselmans: "Ik ben soms platweg eenzaam"

Herman Brusselmans. Beeld Franky Verdickt

In zijn nieuwste roman ploft Herman Brusselmans (58) zijn vermoeide ziel op tafel. Een ziel die snakt naar een nieuwe relatie. Want soms kan het ook té stil zijn. "Mocht ik een nieuwe vrouw vinden die eist dat ik mijn levensritme omkeer, dan zou ik het proberen."

In de retestrakke loft van Herman Brusselmans houdt Eddie meelijwekkend de kop scheef. Puppygeluiden. Driftig gekwispel. Zuchtend komt zijn baas overeind om in de doos met hondenkoekjes te grabbelen, voor de vijfde keer in evenveel minuten. De meest vuilgebekte schrijver der Lage Landen is een softie, en zijn kwispelende metgezel buit dat schaamteloos uit.

Maar het mag. Eddie is een levensgezel die hem tenminste trouw is gebleven, in tegenstelling tot Poppy, de vrouw van zijn leven, en zijn nieuwe liefde Manon, die niet eens meer in deze nieuwe roman wou verschijnen. Brusselmans doet geen moeite om het weg te steken: de eenzame wolk waarop schrijvers zich graag terugtrekken, is verworden tot een mistbank van eenzaamheid.

Herman Brusselmans: "Ik heb een haat-liefdeverhouding met stilte. Ik verdraag geen doodse stilte, maar zeker ook geen lawaai. Als ze vroeger Iron Maiden speelden, legde ik mijn hoofd tegen de boxen. Nu heb ik al een hekel aan luid gelach. Op café is er altijd wel iemand met een lach waar je de stuipen van krijgt.

"Maar doodse stilte vind ik haast even erg. Ik ben vaak alleen, omdat ik ervoor gekozen heb om 's nachts te functioneren. De nacht geeft me een drive om beter te schrijven. Toch heb ik graag het gevoel dat er leven is: het gezoem van mijnfrigo, de wind, stemmen van cafégangers. Complete stilte kan erg opvallen.

"Vroeger genoot ik ervan om te werken, terwijl Tania voor tv zat of een boek las. Als ze sliep, kwam Eddie vijf keer per nacht om koekjes smeken. Sinds een jaar of vijf zit ik alleen en dat begint me zuur op te breken. Ik ben soms platweg eenzaam. Mocht ik een nieuwe vrouw vinden die eist dat ik mijn levensritme omkeer, dan zou ik het proberen.

"Mijn relatie met Melissa had anders kunnen lopen als ik vaker met haar om elf uur 's avonds was gaan slapen. Dat was onbespreekbaar. Maar nu heb ik het gehad, de nachten duren me te lang. Mijn ambitie om alles opzij te zetten voor het schrijven is zwaar verminderd.

"Wat kan ik in Vlaanderen nog meer bereiken? Ik heb met pakweg vijftig boeken in de top tien gestaan, grote optredens gedaan, in tv-panels gezeten. Ik kan dat alleen nog maar bestendigen.

"Voor het geld hoeft het niet meer. Ik leef heel sober. Voor Tania en Melissa kocht ik weleens nieuwe schoenen, of een Porsche. Voor mezelf koop ik niks."

Stiltezoekers

In onze voorthollende ADHD-maatschappij snakken steeds meer mensen naar tijd voor zich alleen. Vijf prominente Vlamingen getuigen over de helende werking van solo-tijd. Of over de vloek ervan. Vandaag: de nachtraaf in Herman Brusselmans

Wacht even: zeg je nu dat je overweegt om te stoppen met schrijven?

Herman Brusselmans: "Dat niet. Maar de tijd dat alles ervoor moest wijken, is voorbij. Ik schrijf al veertig jaar lang elke dag en ik heb dat graag gedaan. Maar je moet het ook relativeren. Ik verkoop 15.000 à 20.000 exemplaren van een boek. Dat is niet slecht, maar ook niet wereldschokkend. Een boek uitgeven was vroeger mijn grootste ambitie. Nu is er niets meer dat ik nog écht wil, alleen een goede relatie."

In je roman heb je het over de zoutloosheid van het leven. 'Als je voor je huis in Gent op de stoep zit, beleef je weinig. Als je een huis in Gent bezit, beleef je weinig. Als je leeft, beleef je weinig. De dagen waarop er werkelijk geen reet voorvalt, die krijg ik al lang niet meer geteld.' Zijn er zaken die je wél graag alleen doet?

(denkt lang na) "Met de motor rijden. Vroeger deed ik dat met een groep vrienden. Dat lag me niet. Zet drie man samen op een motor en er ontstaat een gevaarlijke competitiedrang. Ik ben zo een paar keer aan een accident ontsnapt.

"Tijdens een zwoele zomernacht ga ik ook weleens in mijn eentje buiten wandelen. Dan kies ik een bankje uit waar niemand passeert en denk ik na. De wetenschap dat de stad slaapt, geeft me rust. Voor elk uur dat ik schrijf, denk ik drie uur na. Over hoe het verder moet in mijn roman, over de toestand in de wereld, over de liefde. Tijdens dat nadenken word ik niet graag gestoord. Het kan een vervolg op een roman opleveren. Maar na twee uur kan het besluit ook zijn dat niemand me graag ziet en dat ik een oude, lelijke loser ben."

Wat doe je als je zo'n bui hebt?

"Afzien. Vooral in het diepst van de nacht, tussen twee en vijf. De periode tussen het laatste nachtlawaai en de eerste vuilniskar. Als ik dan een bui heb, kan de nacht eindeloos lijken. Schrijven helpt, maar soms heb ik daar geen zin in. Dan ijsbeer ik door de kamer, kilometers lang, en loop ik de muren op.

"Soms slaag ik erin om alles te relativeren en krijg ik een idee voor een romanpassage. Muziek beluisteren helpt ook. Dat kan me zo opladen dat ik in mijn eentje zou gaan dansen, mocht ik een danser zijn. Ik kan me ook optrekken aan het idee dat er nog een pot yoghurt in defrigozit die ik een halfuur later ga opeten. Ik ben met weinig content. Een Lion en een kop koffie: perfect.

"Als je je niet meer kunt verheugen op die kleinmenselijke dingen, moet je oppassen. Wie leeg is, moet opgeladen worden. Anders krijg je last van depressies en burn-outs. Zo ver zal het bij mij niet komen. Ik ben een zwartgalligaard, maar ik heb me er altijd kunnen over zetten. Een depressie of zelfmoordneigingen, da's niks voor mij. Ik ben geen man van extremen. Door mijn relativeringsvermogen kap ik de hoeken van mijn emoties af."

Wanneer vind je het nog lastig om alleen te zijn?

"Als ik na een optreden in een leeg huis kom. Je hebt voor een volle zaal gestaan, schouderklopjes gekregen, applaus, en dan strand je in een kot zonder leven. Soms denk ik: allee, de grote vedette komt thuis en er is niemand.

"Vroeger ging Tania mee. En als ze thuis bleef, lag ze altijd op de zetel te slapen, zodat ik haar kon wakker maken om mijn verhaal te vertellen. Nu blijf ik daarmee zitten. Die trieste sfeer na het feest, dat vind ik moeilijk.

"Als ik na het schrijven enthousiast was over mijn werk, mocht ik Tania wekken om dat te vertellen. Die betrokkenheid zoek ik bij een nieuwe partner. Ik weet dat ik Tania nog altijd om vier uur 's nachts kan bellen, maar dat doe ik niet. Ze is ziek geweest en heeft haar rust nodig. Weten dat het kán, is al veel. Omgekeerd geldt dat ook. Ze werkt in een brillenwinkel. Ik vraag haar ook hoeveel brillen ze die dag heeft verkocht. Die wederzijdse betrokkenheid is fijn. Als je je verhaal niet meer aan iemand kunt doen, voel je een gemis."

In je verlangen naar een nieuwe partner schuilt ook een stuk ontgoocheling. Je schrijft dat vrouwen niet meer van mannen houden. 'Ze verkiezen nepschoenen van Louboutin boven de tong van een vent in hun kruis.'

"Vrouwen stellen zich niet meer ten dienste van hun man. Neem dat niet te letterlijk, want anders ben ik weer een seksist. Partners moeten zich ten dienste stellen van elkaar. Het is fiftyfifty. Een vrouw hoeft niet door de knieën te gaan voor mijn boeken. Ze moet wel eens vragen waarmee ik bezig ben. En of ze het eens mag lezen. De jonge meisjes waar ik op val, hebben dat zorgende karakter niet meer. Ze willen twee dingen: een fulltimerelatie en totale vrijheid. Dat gaat niet. In een relatie geef je automatisch een stuk van je vrijheid op.

Dat pikken die jonge meisjes niet meer, ze knappen erop af. Ik ben altijd verzorgd geweest. Door mijn moeder, mijn eerste vrouw Gerda en later door Tania. Melissa was de eerste die dat niet had. Ik zie haar nog dolgraag, maar ze is geen partner voor mij. Pas op, ze mag een carrière hebben, hè. Als zij 's avonds een interview had, deed ik ook dingen voor haar. Maar het moet van twee kanten komen. En van die jonge meisjes komt het niet."

Wat staat er nog meer op je verlanglijst?

"Mijn vrouw moet koken, een rijbewijs hebben - want ik rijd niet met de auto - en liefst ook roken. Als er van dat praktische lijstje niets klopt, loopt het toch mis. Een gezin, zelfs zonder kinderen, is een klein bedrijf. Je mag elkaar doodgraag zien en een hele dag seks hebben, maar als niemand van de twee de vuilzakken wil buitenzetten, zit je met een probleem.

"Ik ben een romanticus, maar je kunt tegenwoordig beter een pipomet gel in het haar zijn."

Beeld Franky Verdickt
Herman Brusselmans. Beeld Franky Verdickt

Ook daaruit spreekt ontgoocheling in vrouwen.

"Die gladde gastjes met hun netjes gecoiffeerde haren hebben meer succes bij de vrouwen dan ik. Waarom heeftVijftig tinten grijszo veel succes? Omdat al die wijven dromen van een dominante gast met een privéjet of een Porsche die hen eens goed tegen de muur plakt. Ik ben een softie, een romantische ziel. Ik zal honderd keer vragen of ze zich goed voelt en of ze me nog graag ziet. Maar als er een bassist met een slobbertrui, een hip baardje en gel in zijn haar passeert, zijn ze verkocht."

Word je zelf snel verliefd?

"Ik word snel gecharmeerd, ja. Onlangs nog ontmoette ik een stagiaire bij de opname van een programma. Het was een schoontje en ze gloeide van energie. Ik heb haar nummer gevraagd en voorgesteld om samen eens iets te gaan eten.

's Avonds sms'ten we al en werd er geflirt. Dat meisje is twintig! Dat wordt dus niks. Een meisje van twintig met een gast van 58, dat is niet naturel. Zij kan zeggen: over tien jaar wil ik een kind. Maar dan ben ik 68. Ik zal al blij mogen zijn als ik dat haal. Flirten met zulke meisjes is leuk, maar het lost mijn probleem niet op."

Overtuigde einzelgängers vinden dat je je geluk niet mag laten
afhangen van een relatie.

"Ik vind van wel. Dat maakt of kraakt mijn geluk. Alles zelf moeten beslissen is vermoeiend. Het drukt. Wat is het beste? Dat je je leven volledig zelf in de hand hebt? Of dat je het kunt delen met iemand die soms beslissingen voor jou neemt? Ik verkies overduidelijk het tweede. Tania bepaalt nog altijd dingen voor mij. Soms sleurt ze me mee de stad in, omdat ze vindt dat ik een nieuwe jeansbroek nodig heb. Zoiets moet voor mij beslist worden."

Volgens socioloog Roman Krznaric van de Londense School of Life is de moderne maatschappij te eenzijdig gefocust op die ene persoon die al onze verwachtingen moet inlossen. De Grieken kenden veel meer verschillende vormen van liefde: voor de ouders, de kinderen, vrienden, de medemens ...

"Die andere vormen zijn toch nog aanwezig in onze samenleving? Kijk naar al die mensen die eind december met hun familie aan de feesttafel kropen. Of ga naar gelijk welke voetbalmatch. Ik zie ook veel uitgebluste relaties. Huwelijken als compromissen, die alleen nog standhouden voor de kinderen en de hypotheek. Koppels die bij elkaar blijven op voorwaarde dat hij donderdag mag gaan zaalvoetballen en zij in het weekend met vriendinnen naar de cinema mag.

"Zo'n relatie wil ik niet. Ik geloof in Cupido. Ik zou álles met mijn lief doen. Ze mag overal bij zijn. Ik ben met Tania naar de Champions League-match van Gent tegen Zenit gaan kijken. Drie dagen later was ze nog altijd hees van het roepen. Dat zij daar zo veel plezier aan beleefde, deed mij deugd. We hebben geen seks meer, maar er is wel een fantastische vriendschap uit voortgevloeid. Zo'n uitstap zegt me meer dan het typische jongens-onder-elkaar-gevoel waar veel mannen op kicken. De vrouwen thuis en zuipen maar: vroeger vond ik dat tof, maar sinds ik niet meer drink, is de lol eraf."

Seksuoloog Kaat Bollen roept dat latrelaties de relatievorm van de toekomst zijn. Geloof je daarin?

"Als je een huis van 400 vierkante meter hebt, kun je een latrelatie hebben in je eigen kot. Hier gaat dat niet. Deze ruimte heeft een rol gespeeld in het vertrek van Tania. Ze had geen eigen kamer. We hebben overwogen om een groter huis te kopen, met ieder zijn eigen verdieping, maar dat was onbetaalbaar. Op een bepaald moment stond de ruimte hierboven te koop. Tania zag dat wel zitten. Maar als beneden de bel gaat en je hoort iemand de trap opgaan, vraag je je af: wie zit er nu weer bij haar? Daar zou ik gek van worden. Nu woont ze 700 meter van hier. Ideaal.

"In een latrelatie zou ik niet op mijn gemak zijn. Als je samenwoont, zit je vrouw naast je in de zetel. Zit ze in een ander appartement, dan kun je vrezen dat ze drie negers aan het pijpen is. Die seksuologen zoals Kaat Bollen zien het altijd op de meest moderne manier. Ze richten zich vooral op jonge mensen. En die willen een latrelatie, omdat ze niet meer accepteren dat een relatie verplichtingen met zich meebrengt. Zij willen allemaal de vrijheid hebben om drie negers te pijpen. Ik gun mijn lief veel vrijheden, maar dat niet. Apart wonen, ontvangen wie je wilt, gaan slapen wanneer je wilt, dat kun je geen relatie noemen."

Je hebt dus zelf geen enkel probleem met monogamie?

"Nee. Het gras ís niet groener aan de overkant. Op de Gentse Feesten verhuizen de meeste mensen constant van plein naar plein. Als ze op Sint-Baafs zijn, denken ze dat het op de Graslei toffer is. Daarna moeten ze weer naar de Korenmarkt. En aan het eind van de dag besluiten ze dat ze beter naar Barcelona waren gegaan, want daar was het ook feest.

"Zo blijf je bezig. Ik kies één plein en daar blijf ik. Je moet geloven dat jouw keuze sowieso de beste is. Mijn lief is altijd een tien op tien, Kate Moss is maar een negen. Als je vindt dat je lief maar acht op tien is, en er komt een negen voorbij, ben je nooit meer gerust. Je kunt niet elke week een nieuw lief of een nieuwe auto hebben. Rondpoepen is niks voor mij.

"Af en toe belt er wel eens een meisje aan. 'Hallo, ik ben Valerie, 20 jaar en ik heb dikke tieten, mag ik naar boven komen?' Sommigen hopen dat ik over hen zal schrijven in mijn columns of boeken. Melissa was anders. Die gruwde daarvan. Ze wou zelfs niet meer in dit boek vermeld worden. Ik heb mijn best gedaan om haar eruit te laten, maar dat was moeilijk, aangezien ze in de titel stond. Ik begrijp dat ook niet. Ik schrijf dat ze de mooiste, meest fantastische vrouw ter wereld is en zij kan dat niet hebben. Het heeft onze relatie op de helling gezet. En toch zie ik haar nog altijd graag."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234