Donderdag 21/01/2021

Hercule Poirot op vier voeten

Sinds hij in 1989 Felidae publiceerde, heeft de Duitser Akif Pirinçci internationaal succes geoogst met zijn privé-detective in dierengedaante: de kater Francis. De Francis-romans zijn geen fabels in de strikte zin van het woord, omdat de wereld van de katten en honden duidelijk gesitueerd is in het moderne Europa. Mensen spelen nochtans maar een bescheiden rol in het verhaal. Het zijn ook geen loutere strand- en tuinthrillers. Niet alleen slaat de erudiete en aan Schopenhauer verslaafde kater iedereen met welgekozen citaten om de oren. Met thema's als het uitsterven van inheemse diersoorten en de oorzaken van oorlogsgeweld weet Pirinçci door de mond van zijn viervoetige personage ook maatschappelijke ontwikkelingen te signaleren en te plaatsen.

door Jeroen Kuypers en Piet de Moor

Francis II

Uit het Duits vertaald door Anders Pieterse Byblos, Amsterdam, 250 p., 798 frank.

De voormalige hoofdstad van de Bondsrepubliek ligt er tegenwoordig wat verlaten bij. Nu parlementariërs en ambtenaren en masse naar Berlijn zijn verhuisd, staan heel wat panden leeg en lijkt Bonn nog meer dan vroeger op het provinciestadje dat het eigenlijk al altijd is geweest. De 41-jarige Akif Pirinçci woont op de benedenverdieping van een kleine villa in de componistenbuurt. De tuin biedt een kale aanblik en wordt slechts opgesmukt door een reusachtige cyperse kat die ons vanaf de leuning van een verweerde teakhouten tuinbank nieuwsgierig opneemt. "Van de vijf katten die ik had, is Paula de laatst overgeblevene," aldus de schrijver. "Zij is echter naar wie ik Francis heb gemodelleerd. Dat was een kater die uitzonderlijk intelligent was. Ik had het gevoel dat hij telepathische talenten had. Hij wist in ieder geval altijd precies wat ik van plan was. Ik hoefde maar aan het avondeten te denken of hij liep al naar de keuken. Cujo heette het dier, genoemd naar de hond in de gelijknamige roman van Stephen King."

Ook Francis uit de thrillers is uitzonderlijk intelligent en vooral welbespraakt. De romans, die in de ikvorm zijn geschreven, lijken qua toon een mengeling van Oscar Wilde en Raymond Chandler aan te slaan. Wanneer de kater in een aquarium vol piranha's belandt, klaagt hij bijvoorbeeld dat het knagen van de roofzuchtige vissen hem concentratieproblemen bij het verdrinken bezorgt. Komt de stijl uit het personage voort, of andersom?

Pirinçci: "De stijl is die van een dandy. Ik heb die ontwikkeld nadat ik had besloten dat Francis een Sherlock Holmes-achtige detective moest worden, iemand die het van zijn slimheid en deductievermogen moest hebben om de misdaad op te lossen, en niet zozeer van zijn fysieke handigheid. Vandaar dat mijn thrillers een zekere gelijkenis vertonen met sommige romans van Agatha Christie. Francis is in zekere zin de dierlijke tegenhanger van Hercule Poirot, maar dan wel voorzien van turboaandrijving. Bovendien heeft hij een geschiedenis en is hij in elk boek weer een stuk ouder. Ik hou niet van die tijdloze helden die ogenschijnlijk eeuwig jong blijven. James Bond zou onderhand in de tachtig en allang impotent moeten zijn."

De romans ontlenen hun kracht voor een deel aan het consequent volgehouden kattenperspectief. Mensen heten 'blikopeners', honden worden door Francis en zijn kompanen aangeduid met de denigrerende termen 'maanaanbidders' of 'keffers', terwijl die honden op hun beurt de katten 'muizenkwellers' noemen.

Pirinçci: "Geen enkele maal gebruik ik het woord 'kat', om de doodeenvoudige reden dat de lezer bij dat woord vanuit zijn eigen perspectief direct het dier voor ogen heeft en de zorgvuldig opgebouwde betovering verbroken is. Mensen spelen hoe dan ook slechts een bijrol. Francis woont bij Gustav, een wat wereldvreemde egyptoloog met overgewicht en ook de overige mensachtigen in mijn romans zijn weinig spraakzame, solitaire figuren."

Dat neemt niet weg dat het thema van deze fabels in de eerste plaats de mensenwereld is. Zoals Reynaert de Vos en George Orwells Animal Farm persiflages zijn op de middeleeuwse standenmaatschappij en de sovjetsamenleving, zo kunnen de Francis-romans als studies in de menselijke vernietigingsdrang worden gelezen. In het zopas vertaalde Francis II dreigt een regelrechte oorlog uit te breken tussen de naast elkaar levende katten- en hondengemeenschap in de wijk waar Francis woont. Een onbekende killer heeft enkele katten en een aantal honden vermoord. De twee gemeenschappen verdenken elkaar ervan een oorlog te willen uitlokken. Ironisch genoeg blijkt juist dat wederzijds wantrouwen de belangrijkste brandstof voor het beginnend conflict.

Pirinçci: "Toen ik aan deze roman schreef, was juist het conflict in Kosovo in volle gang. Het viel me op hoe gemakkelijk zo'n burgeroorlog ontbrandt. Hoe welgekozen propaganda en eeuwenoude animositeit burenruzies kunnen doen ontaarden in een regelrechte burgeroorlog. Ik was nog meer gefascineerd door het archaïsche karakter van deze oorlog. Een dictator meende dat hij ongestraft een paar miljoen mensen kon verjagen en hun land in bezit nemen. 'Zo, de rest van de wereld mag "mijn" Albanezen hebben en op hun voormalige grondgebied plant ik een paar honderdduizend van "mijn" Serviërs,' moet Slobodan Milosevic gedacht hebben. In deze tijd, waarin het al minstens honderd jaar om de toegang tot grondstoffen, kapitaalstromen en markten gaat, redeneerde en handelde Milosevic als een middeleeuwse roofridder. Blijkbaar zitten de oude agressieve instincten die onze mensensoort in de oertijd zo succesvol hebben gemaakt, nog niet zo diep in ons onderbewustzijn opgeborgen.

"Tegelijkertijd raakte ik geboeid door de uitwerking van dit geweld op de overige Europeanen. Degenen die nu bejaard zijn, zijn de laatsten die nog een oorlog aan den lijve hebben meegemaakt, de rest kent oorlog en geweld in zijn algemeenheid slechts uit boeken en vooral uit films. Toch heeft ook dit pure weten ons aangetast. Slechts weinigen hebben de holocaust meegemaakt en overleefd. Toch heeft de kennis van de jodenvervolging iedereen die na de oorlog geboren is, veranderd. Ik ben ervan overtuigd dat zelfs de neonazi's, die soms hardop beweren dat er opnieuw joden moeten worden vergast, niet onbevangen over dit onderwerp kunnen denken. Enerzijds is het natuurlijk goed dat de kennis en de beelden van voorbije en huidige oorlogen massaal geconsumeerd worden, anderzijds vraag ik me af of ze ons op een onbewust niveau niet in negatieve zin beïnvloeden en een sluimerende agressie voeden.

"Ik heb dat zelf al eens aan den lijve ondervonden. Enkele jaren nam ik op de Seychellen vakantie. Op een dag vertrokken we onder leiding van een gids naar een van de kleinere eilandjes, waar we een berg zouden beklimmen. Het bleek dat we te weinig water bij ons hadden en in de tropische temperatuur die er heerste, had ik na enkele uren een verschrikkelijke dorst. Het woord 'dorst' maakt net als 'honger' deel uit van ons dagelijkse taalgebruik, maar op dat moment besefte ik dat ik tot dan toe nooit werkelijk dorst had gehad. Ik voelde dat ik moest drinken of anders gewoon zou uitdrogen. Vervolgens realiseerde ik me met angst en beven ook dat ik zonder aarzeling een moord zou plegen wanneer iemand een fles water bij zich zou hebben en die niet aan mij zou willen geven."

Via Francis laat Pirinçci echter ook wat anders zien dat het resultaat kan zijn van een levensbedreigende situatie. In Francis I wordt de kater in het riool achtervolgd door een menigte hongerige ratten. Terwijl hij naar de uitgang sprint, denkt hij: 'Terug naar de zondagse depressies, de regenachtige middagen, kortom: de heerlijke sleur van het dagelijks bestaan.' Een dier, zelfs een huisdier, maakt in zijn leven veel meer levensbedreigende situaties mee dan de gemiddelde inwoner van een welvaartsstaat. Het gaat echter niet zozeer om kwesties van dood of leven, maar om de intensiteit waarmee iemand leeft.

Pirinçci: "In vergelijking met een kat zijn wij nogal afgestompt. In mijn romans overdrijf ik natuurlijk, maar iemand als Archie, de bovenbuurman van Gustav en dus van Francis, een getatoeëerde dikzak die zich elk weekend helemaal klem zuipt, kan moeilijk een fijnbesnaarde levensgenieter worden genoemd. Zoals hij zijn er velen. Er zijn vanzelfsprekend belangrijke verschillen in de belevingswereld van katten en mensen. Francis is een onbesneden kater, maar zijn liefdesavonturen zijn kort, to the point en volledig verstoken van de ingewikkelde erotiek zoals wij die kennen. Toch leeft een kat veel intenser dan een mens. Het dier geniet meer van het moment en van simpele dingen als eten, spelen en slapen. Dat vanzelfsprekende plezier in ogenschijnlijk banale zaken probeer ik de lezer voor ogen te houden. Katten mogen al duizenden jaren gedomesticeerd zijn, de afstand tot de natuur blijft gering. Ik pleit er niet voor ons wekelijks in een levensgevaarlijke situatie te begeven, maar het zou wel beter zijn als wij ons dagelijks realiseerden dat we een dier als alle andere zijn, onderhevig aan dezelfde gevaren als ziekte, aftakeling en dood. Twee jaar geleden verkeerde ik in een zware persoonlijke crisis. Om me op te beuren vertelde mijn moeder me dat ik als kind twee keer zwaar ziek was geweest en in het nog van veel moderne medicijnen verstoken Turkije ternauwernood aan de dood was ontsnapt. Daar kikkerde ik enorm van op. 'Akif,' sprak ik mezelf toe, 'je bent al bijna veertig en je hebt niet alleen enkele infectieziekten overleefd, maar ook een jarenlang rantsoen van twee pakjes sigaretten per dag."

Hoezeer de avonturen en commentaren van Francis ook betrekking hebben op de wereld der 'blikopeners', zijn schepper heeft hem niet uitsluitend als mens in dierengedaante bedoeld. Tussen de regels door refereert hij ook aan de miljoenen paarden, honden en duiven die in oorlogen zijn gesneuveld, aan de vele huisdieren die door hun bezitters achteloos op straat worden gegooid als ze naar het zuiden rijden en de eenzaamheid van hun 'wilde' neven en nichten.

Pirinçci: "Sommige recensenten en lezers zijn geschrokken van het geweld in mijn romans, maar fabels kunnen nu eenmaal, net als sprookjes, erg grimmig zijn. Misschien zijn ze echter wel het meest geschrokken van het feit dat ik voortdurend laat zien hoe wreed de mens tegenover zijn eigen soortgenoten én tegen alle andere levensvormen kan zijn. Wreedheden als foltering en verkrachting kwalificeren we meestal als 'beestachtig', maar geen enkel dier bezit zulke kwaadaardige eigenschappen. Dat is een begripsverwarring die we dringend zouden moeten uitbannen. We hebben geen enkele reden om het 'dierlijke' in de mens te vrezen, maar daarentegen alle reden bang te zijn voor het specifiek 'menselijke' in zijn karakter."

'Sommige recensenten en lezers zijn geschrokken van het geweld in mijn romans, maar fabels kunnen nu eenmaal,

net als sprookjes, erg grimmig zijn.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234