Zondag 18/04/2021

cyclocross

Help, het peloton krimpt!

Een blik op het bijna voltallige peloton van de cross in Ronse afgelopen weekend. Beeld BELGA
Een blik op het bijna voltallige peloton van de cross in Ronse afgelopen weekend.Beeld BELGA

Wanneer wordt klein 'te klein'? Zondag stonden er in de DVV-cross in Ronse amper 23 renners aan de start. Noem je dat nog wel een peloton? Geen gezonde situatie, maar een oplossing ligt niet voor de hand. Zoals zo vaak draait het ook nu om geld.

Waarom zijn er zo weinig starters?

In de cross is het al decennialang de gewoonte dat renners betaald worden om deel te nemen. Hoe beter en hoe populairder de renner, hoe hoger zijn startgeld. Organisatoren willen nooit bedragen noemen, maar de prijzen zijn een publiek geheim. Wereldkampioen Wout van Aert is de duurste vogel met circa 8.000 euro voor een klassementscross. Mathieu van der Poel zit daar net onder met zo'n 7.000 euro. Het probleem is nu dat het systeem onder druk staat. "Een cross organiseren wordt steeds duurder", zegt Erwin Vervecken namens Golazo (dat de DVV-trofee organiseert). "De kosten voor vergunningen en veiligheid blijven stijgen, maar de inkomsten via sponsors en publiek stijgen niet mee. Renners vragen steeds meer, maar ons budget voor startgelden kan niet omhoog. Dat betekent dus een kleiner peloton."

Hoeveel kost een crosspeloton?

Bij wedstrijden van de DVV-Trofee ligt het budget voor startgelden tussen 50.000 en 60.000 euro. "Ongeveer 45.000 euro gaat naar de elite mannen, de rest gaat naar de dames", zegt Vervecken. "Bij de mannen hebben wij 24 renners met een 'koppelcontract' voor de acht wedstrijden die deel uitmaken van het DVV-klassement." Elke cross heeft ook nog een individueel organisatiecomité dat zelf nog extra renners kan betalen. Bij de Superprestige ligt het budget voor de startgelden bij de profs iets hoger en liggen er 27 renners onder contract.

Is dit het begin van een trend?

Moeilijk in te schatten. Voor de cross in Zonhoven zijn nu al 36 crossers ingeschreven. Dat komt mede omdat de Superprestige-crossen zich er in hun huisreglement toe engageren om minstens 35 renners aan de start te hebben. Ook de concurrentie van buitenlandse crossen is een factor. Als Belg mag je deelnemen aan Wereldbeker-wedstrijden als je in de top 50 van de wereld staat. Renners die uit die top 50 dreigen te vallen, gaan geregeld 'goedkoop' punten sprokkelen over de grenzen.

Zijn er alternatieven?

De Wereldbeker-wedstrijden doen het zonder startgelden, maar daar liggen de prijzengelden wel een stuk hoger. "Een combinatie tussen de twee, met mooie startgelden voor de toppers en hogere prijzengelden voor de mindere goden die het goed doen, zou een oplossing kunnen zijn", denkt Vervecken. "Maar zoiets kan alleen werken als we met de organisatoren op eenzelfde lijn zitten en de renners bij de gesprekken betrokken worden."

Waarom is een klein peloton een probleem?

Het woord is aan Sven Nys, jarenlang dé ambassadeur van het veldrijden. "Het veldrijden is een kleine sport en we moeten die niet nog kleiner maken", zegt hij. "Voor de uitstraling van de cross is het niet goed als je maar 23 starters hebt. Daar wordt snel lacherig over gedaan." Kris Wouters, ploegleider bij Telenet-Fidea Lions, denkt ook aan het publiek. "Een toegangsticket kost gemiddeld 12 euro. Je moet waar voor dat geld leveren. Met 40 crossers heb je na een paar ronden strijd over het hele parcours, met 23 renners is het vaak lang wachten op de volgende passage."

Zijn er 40 volwaardige crossers?

Eerlijk: neen. Met 25 ben je rond, wat daarna komt zijn semi-profs en veredelde amateurs. Geert Vanhoof van Pauwels Sauzen-Vastgoedservice vindt 23 starters geen probleem. Ook al is hij manager van een kleiner team, hij legt de lat hoog. "Van mij mag iedereen crossen, maar wel in zijn eigen categorie. Profs kunnen beter tegen profs koersen. Nu zie je dat profs na een slechte start worden opgehouden."

Liggen ze hiervan wakker bij de tv?

Voor de tv-kijkers, en dus ook voor de tv-makers, maakt de grootte van het peloton niet heel veel uit. Bij de start ziet het er wat vreemd uit als er amper twee rijen renners staan te wachten op groen licht, maar eens de cross op gang, draait de uitzending toch om de kop van de koers. Veel of weinig starters: 95 procent van de tv-tijd gaat naar de eerste zeven renners.

En wat zegt de UCI?

"We hebben gezien wat er in Ronse is gebeurd", zegt Christelle Reille, coördinatrice cyclocross bij de UCI. "Maar in essentie is er geen probleem voor ons. Er zijn geen regels over het minimum aantal deelnemers. Een cross met maar tien renners is toegelaten. Ik denk dat dit gewoon de economische realiteit is: in Vlaanderen zijn er heel veel crossen en de budgetten zijn niet oneindig. Wij zullen ons pas zorgen maken als dit zich zou voordoen in de wereldbekerwedstrijden, maar dat is absoluut het geval niet."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234