Woensdag 07/12/2022

Helder Heineken, heerlijk ?

De directeurs van Maes, Stella en Heineken ontmoeten elkaar op een werkvergadering. Rond elven gaan ze samen een pint drinken. De baas van Maes bestelt een Maes en de man van Heineken uiteraard een Heineken. Ook de directeur van Stella bestelt een Heineken. De stomverbaasde blikken van zijn collega's beantwoordt hij met een droog 'Het is nog te vroeg om bier te drinken'. Het is maar één van de vele grapjes die in België de ronde doen over de Nederlandse pils, en dan blijven we nog vriendelijk, want het woord 'schotelwater' is niet gevallen.

De Belg houdt niet van Nederlands bier, overigens ook nauwelijks van Duits of Brits gerstenat. Voor één keer speelt een wat misplaatst chauvinisme mee: zeker Duitsland en de Britse eilanden koesteren vele pareltjes van brouwkunst, vele Nederlandse kleinbrouwerijen zoeken naarstig aansluiting bij België. Toch blijft Nederland tot nader order een pilsland waarbij één merk zowat de hele wereld rond verkrijgbaar is en onder marketingmensen al decennialang bekend staat als een ijzersterk merk. Het verhaal van Heineken komt overeen met dat van het Deense Carlsberg. Beide landen leefden grotendeels van de handel en onderhielden uitstekende contacten met Duitsland, beide brouwerijen profileren zich van meet af aan in het wetenschappelijk onderzoek rond bier en gisting. Zo weet Carlsberg in 1883 als eerste een cultuur van lage gisten te isoleren. Deze gistsoort heet sedertdien Saccharomyces Carlsbergensis. Hoge gisten zijn vergelijkbaar met broodgist en heten Saccharomyces Cerevisiae. Heineken slaagt er in 1886 als eerste in een reincultuur van de gewenste lage gisten (Heineken A-gist) blijvend in cultuur te houden. Als men weet dat Pasteur pas in 1857 de gistcel ontdekt en hij zelfs dan nog lang tegenwind krijgt van de Duitse chemicus Dr. Liebig (die van de bouillonblokjes - hij meende dat vergisting geen biochemisch maar een puur fysisch proces was) beseft men dat zowel in Kopenhagen als Amsterdam brouwgeschiedenis geschreven is.

De eerste pils werd geboren in 1842 in het gelijknamige Tsjechische stadje, en dus was er tot dan toe uiteraard ook in Nederland geen pils gebrouwd. Vele Zuid- maar ook Noord-Nederlandse steden als Delft en Haarlem hadden een grote brouwtraditie. Nederlandse bierkenners spreken nog altijd over de befaamde stadsbieren, helaas zijn die doorheen de achttiende en negentiende eeuw compleet verdwenen. Zelfs de recepten zijn schampavie. Mogelijke oorzaak is dat de rijkere stedelingen zich nieuwigheden als koffie, cacao of zelfs wijn konden permitteren en de plattelander zich tevreden bleef stellen met een glaasje karnemelk.

In deze droeve brouwtijden schrijft Gerard Adriaan Heineken in 1863 naar zijn moeder dat hij in Amsterdam de grote brouwerij De Hooiberg kan aankopen voor weinig geld. De legende vertelt verder dat Gerard aan zijn moeder beloofd had om gezond bier te gaan brouwen om zo de arbeiders te behoeden voor de gevolgen van overmatig jenevergebruik. Gerard Heineken pakt de zaken groots aan: hij bouwt een nieuwe brouwerij aan de Stadshouderskade (nog steeds het bezoekerscentrum) en schakelt vanaf 1870 over op bier van lage gisting, hierbij geïnspireerd door het succes dat de Weense brouwer Dreher (ook al een pionier) in 1869 oogst op in het Amsterdamse Paleis voor Volksvlijt.

De heldere pilseners van Heineken, maar ook van het in 1871 opgerichte Amstel, veroveren snel heel Nederland; de bieren van hoge gisting waren immers grotendeels verdwenen en wat restte werd vakkundig fijngemalen. Beide giganten blijven elkaar bekampen (en pesten) tot in 1968, wanneer ze fuseren. Ondertussen staat Alfred Heineken aan het roer. Hij verblijft kort na de Tweede Wereldoorlog lang in de VS, waar hij niet alleen bier maar ook een merk leert te verkopen. De naam 'Heineken' komt steeds prominenter op het etiket te staan, waarbij de letter 'e' een schuine middenstreep van onder links tot boven rechts laat zien, net een lachend gezichtje. Heineken wordt een internationaal gerespecteerd en gewaardeerd merk, de brouwerij garandeert een constante smaak en kwaliteit waar ook ter wereld.

Alleen lukt het niet overal. Ook Tsjechië, bakermat van de pils, moet niets hebben van Heineken (of Carlsberg). Het toenmalige Interbrew pakte de zaken veel slimmer aan door eerst bestaande brouwerijen op te kopen, ze te rationaliseren en de lokale bieren te blijven brouwen. Pas nadien introduceerden ze de Belgische speciaalbieren, niet als concurrent maar aanvullend bij de plaatselijke bieren. Interbrew heeft alvast deze slag gewonnen. n

We kopen in de supermarkt bewust een Heineken in blik wegens niet aangetast door licht (UV-licht kan op termijn bepaalde hopcomponenten omzetten in bv. geuren van kattenpis, vandaar). Heineken ruikt mooi naar droog graan maar ook naar moutzoet, er ontbreekt hop. De smaak is in eerst instantie vrij flets, na enkele seconden komt toch een eerlijke smaak van echte granen en dito aroma's vrij. Jammer genoeg is blijkbaar bespaard op de hopgift: in de afdronk gedraagt het bier zich mooi droog met een blijvende impressie van pure granen en als extraatje slechts een smal streepje bitterhop. Het droge karakter wordt geapprecieerd, de besparing op hop iets minder. Toch een mooi pilsje.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234