Donderdag 01/10/2020

De tuin van Kobe

Helder De Schutter: "We hebben het niet verdiend rijker te zijn dan de andere"

Helder De Schutter: "Enige onsterfelijkheidsdrang is mij niet vreemd. Ik heb er moeite mee dat het ooit zal stoppen."Beeld Bob Van Mol

"De politiek filosoof vertelt welke richting mensen zouden moeten volgen. Hij toont wat de ideale staat is." De ideale staat, daar zijn we uiteraard zeer benieuwd naar. Helder De Schutter (37), wereldwijd bekend om zijn visie, mag het uitleggen. 

Op het einde van de avond zal hij zich excuseren. Omdat hij nog geen diepe kerven in het leven heeft gehad. Om ons tegemoet te komen, zal hij nog iets mompelen over een terugwijkende haarlijn. Toch tamelijk problematisch voor een filosoof die van zijn haar zijn handelsmerk heeft gemaakt, zegt hij.

De Schutter spreekt snel en in verbazend vlotte volzinnen. Niets lijkt daar een invloed op te hebben. Noch de bijzondere gerechten die toch enige aandacht vragen, noch de koude die de avond steeds meer in haar grip krijgt. Ondertussen lijken de talrijke krullen op zijn hoofd instemmend te knikken bij alles wat hij zegt.

Hij groeide op in Brugge, en zijn grootste droom was ooit om leraar te worden aan het college waar hij zelf naar school ging. Vandaag behoort De Schutter tot de internationale top van politiek filosofen. Ook de Vlaamse partijen kloppen weleens aan zijn deur voor een lezing. De socialisten, bijvoorbeeld, of wijlen Spirit. Maar vooral bij Open Vld is hij graag gezien, omdat zijn werk raakpunten heeft met het liberalisme.

N-VA heeft hem nog niet geraadpleegd. De Schutters theorieën over taalpolitiek zitten nochtans recht in hun winkel. 'Linguistic justice' is de kern van zijn werk. Niet verwonderlijk voor iemand die in België woont, en die het begrip rechtvaardigheid al van zijn geboorte heeft meegekregen.

Even had hij geaarzeld bij de vraag van De Morgen om een gast te zijn in deze reeks. "Hoor ik wel in dat rijtje thuis? Ik ben geen BV", had hij gezegd. Maar omdat hij vindt dat filosofen niet in hun ivoren toren moeten blijven zitten, en een wezenlijke bijdrage te leveren hebben aan het publieke debat, stemde hij toe.

Helder De Schutter: "De politiek filosoof tekent de morele bakens uit, schrijft voor wat de ideale staat is, vertelt welke richting mensen zouden moeten volgen. Hij vertrekt daarbij niet van wat er gebeurt, maar van wat zou moeten gebeuren. Veel mensen vinden dat arrogant. Ik niet. Politiek filosofen zijn gewone burgers die meer belezen zijn en meer tijd hebben dan andere burgers om over zulke zaken na te denken. Bovendien kan ik enkel hopen dat de mensen naar mij luisteren. Ik heb geen wapens of leger om mijn ideeën op te leggen. De democratie beslist. En zo hoort het ook."

Beslissen mensen soms fout? Zoals bij het referendum over de brexit?

"In politieke discussies wordt vaak gedacht dat alle opties even goed zijn, en dat we dus gewoon moeten kijken naar welke optie de meerderheid van de mensen wil. Dat klopt niet. Er zijn opties die beter zijn dan andere. Ik vind bijvoorbeeld dat een volwaardige Europese Unie de enige juiste richting is. Dus ja, we moeten soms kunnen zeggen dat de kiezer zich vergist heeft."

U ziet zichzelf als een moreel leider, iemand die mensen de juiste richting aanwijst. Dat klinkt ook wat religieus. Hoeveel christelijke inspiratie zit er in wat u doet?

"Mijn werk heeft in se niks met godsdienst te maken. Morele vraagstukken stellen zich ook in een atheïstische samenleving. De grondvesten van een pluralistische maatschappij kunnen bovendien niet gestoeld zijn op één visie, zoals de christelijke."

"Maar in mijn persoonlijke motivatie zit wel een messianistische drang. Ik ben in een christelijke omgeving opgegroeid. Als kind heb ik diep geloofd. Dat heb ik zelfs vrij lang volgehouden, tot mijn 20ste ongeveer. Maar toen ben ik het voor een groot deel verloren. Ik geloof niet meer in leven na de dood, of in een transcendente, interveniërende figuur als God. Daar ben ik van genezen. Ik denk nu over het letterlijke bestaan van zo'n God na als geloven in Sinterklaas. Er is een kans dat hij bestaat, maar die kans is ongelooflijk klein."

Helder De Schutter.Beeld Bob Van Mol

"Ik beschouw mezelf wel als een cultureel katholiek. Ik vind rituelen van belang, en ik lees de Bijbel met mijn kinderen. Ik wil dat ze bekend zijn met de wortels van onze samenleving."

Was het niet gemakkelijker toen u nog geloofde?

"Toen ik besefte dat er niks meer is als ik sterf, had ik het daar moeilijk mee, ja. Een grote geruststelling viel weg. Je kunt wel kinderen hebben, en wat dingen op papier zetten, maar dat is dan ook het enige wat je kunt doen om een beetje verder te leven. Enige onsterfelijkheidsdrang is mij niet vreemd. Ik heb er moeite mee dat het ooit zal stoppen."

De Schutter komt uit een heel religieus nest, vertelt hij. Hij heeft een oom die priester is, zijn ouders hingen de linkse kerk aan. Zij hebben hem overigens genoemd naar een linkse bisschop uit Brazilië, Dom Hélder Camâra. Die stond voor de progressieve kerk die zijn ouders bewonderden, en daar ook in geëngageerd waren.

"Engagement is iets wat mijn ouders erin gestampt hebben. Nadat mijn broer en ik geboren waren, kregen we er nog een adoptiezus en een pleegzus bij. Tijdens de zomers kwamen er altijd kinderen uit problematische gebieden bij ons logeren, zoals Roemenië, Oekraïne of Noord-Ierland. In de paasvakantie gingen we met het gezin ook vaak naar het Oostblok, om daar in de weeshuizen te gaan helpen."

"Ik vond het geweldig om als puber die andere wereld te zien. En de armoede had een gunstig effect op mij. Ik voelde mij herbrond toen ik terugkwam. Eerstewereldproblemen leken even niet meer belangrijk. Tegelijk is het een onbehaaglijk gevoel, want zo lijkt het alsof de armen een instrument zijn om jezelf beter te voelen. Maar geven is wel een efficiënte manier om je gelukkig te voelen, zeggen geluksfilosofen. Altruïstisch zijn is in je eigen voordeel."

Helder De Schutter.Beeld Bob Van Mol

Rechtvaardigheid is de rode draad geworden in het filosofisch werk van Helder De Schutter, en de basis is dus in zijn jeugd gelegd. "Ik zie rechtvaardigheid als het moreel meest wenselijke dat moet gebeuren. Het uitgangspunt van mijn filosofie is dat alle mensen evenveel waard zijn. En dat we aan natiegenoten evenveel verschuldigd zijn als aan andere mensen. Het is dus niet voldoende om na te denken over wat goed is voor Belgen of Europeanen. We moeten nadenken over rechtvaardigheid op wereldvlak."

Maar wat ís rechtvaardigheid? Iemand kan het onrechtvaardig vinden dat vluchtelingen niet toegelaten worden tot een land, maar iemand anders kan het onrechtvaardig vinden dat hij financieel moet opdraaien voor die vluchtelingen.

"Morele rechtvaardigheid gaat om je eigenbelang overstijgen. Wat bovendien cruciaal is, is dat je geboorteplaats volstrekt arbitrair en toevallig is. Net zoals je ras, huidskleur of geslacht, overigens. Een individu heeft er zelf geen enkele verdienste aan of hij geboren is in Vlaanderen of Sierra Leone. Dat je per definitie minder kansen hebt als je leven start in Sierra Leone, is moreel onrechtvaardig, en moet dus gecompenseerd worden, zodat er gelijke kansen zijn voor iedereen. Dat is een morele intuïtie die veel mensen vandaag delen."

U gaat ervan uit dat iedereen rechtvaardigheid wil. Is dat wel zo?

"Ik ga daar niet van uit. Racisten of egoïsten vertrekken niet vanuit rechtvaardigheid, en zij kunnen alles verwerpen wat ik zeg. De vraag is of zij moeten meetellen. In het construeren van mijn morele theorie kan ik geen rekening houden met hen."

Rechtvaardigheid betekent voor u ook dat de solidariteit op Belgisch niveau overeind moet blijven. Legt u dat eens uit.

"De solidariteit die de naties de voorbije eeuw hebben opgebouwd, betekent dat we allemaal geld steken in een pot waar anonieme anderen van kunnen genieten. Het zijn mensen die je niet kent, van wie je niet houdt, die radicaal andere ideeën kunnen hebben, van wie je zelfs een afkeer kunt hebben. Dat is een fantastische ontwikkeling. Een die we nu in geringe mate ook op Europees vlak aan het doortrekken zijn. Vlaamse onafhankelijkheid of het splitsen van de sociale zekerheid gaat precies in de omgekeerde richting."

"Maar het gaat ook over identiteit. De Spanjaard Luis Moreno Fernández introduceerde in 1986 de zogenoemde Moreno-vraag, waarbij aan mensen wordt gevraagd wat hun nationale identiteit is. In landen met een multinationale structuur, zoals België, Spanje of Canada, komt ongeveer dezelfde driedeling naar voren. In Vlaanderen voelt 30 procent van de inwoners zich vooral of alleen Vlaams. Eenzelfde percentage voelt zich vooral of alleen Belgisch. En de overige 40 procent voelt zich verwant met beide identiteiten."

"Als je dan nadenkt over wat rechtvaardig is voor Vlamingen, dan zou een unitaire Belgische staat enkel gebaseerd zijn op hoe 30 procent van de mensen zich voelt. Hetzelfde geldt voor een onafhankelijke Vlaamse staat. Vanuit de identiteitsgevoelens van de Vlamingen vind ik federalisme in België dus beter voor iedereen. Omdat het een faire weerspiegeling is van het identiteitspluralisme dat in ons land bestaat."

Toch staat solidariteit met het zuiden zwaar onder druk. Ongeveer een op de drie Vlamingen stemt voor een partij die een onafhankelijk Vlaanderen voor ogen heeft.

"De vraag is of mensen uitsluitend op die partijen stemmen omdat ze van Wallonië af willen. Maar zelfs als alle Vlamingen morgen geen solidariteit meer willen met het zuiden, en ook zo gaan stemmen, dan moet dat democratisch gerespecteerd worden, en zal het Belgische niveau verdampen. Dan zal ik het wel nog steeds fout vinden. Trouwens, historisch gezien zijn nationaliteiten artificieel gecreëerd, onder andere om solidariteit tot stand te brengen."

Als Bart De Wever zegt dat België een constructie is, dan heeft hij dus gelijk?

"Zeker. Nationalisme wordt vandaag vaak ingevuld als solidariteitsbeperkend. Maar vroeger - en Bart De Wever weet dat heel goed - is nationalisme vaak net solidariteitsmakend geweest. Frankrijk is bijvoorbeeld ook een constructie. Ten tijde van de Franse Revolutie sprak de meerderheid van de bevolking geen Frans. Men begreep de taal van Parijs niet. De dialecten stonden heel sterk, en er waren ook veel vreemde talen op het Franse grondgebied, zoals het Vlaams. Wat heeft men gedaan? Die dialecten en het Vlaams vernietigd. Omdat men iedereen de taal van de revolutie wilde doen snappen."

Helder De Schutter.Beeld Bob Van Mol

U gelooft ook heel sterk in Europese solidariteit. Heeft dat geloof geen flinke klappen gekregen de laatste tijd? Er was niet alleen de brexit, er was ook Griekenland. De bereidheid om een land in nood te helpen was ver te zoeken, zowel bij politici als bij de burgers.

"Griekenland is een complexe kwestie. Op dit moment hebben we geen voldragen Europese welvaartsstaat, zodat elk land nog bevoegd is voor herverdeling. Maar er bestaat wel degelijk solidariteit op Europees vlak. Er is een Cohesiefonds en een Sociaal Fonds, er zijn landen die netto contribuerende landen zijn - zoals België en tot voor kort Groot-Brittannië - die meer bijdragen aan de EU dan ze ontvangen, en er zijn andere landen, zoals Polen of Hongarije, die meer ontvangen dan ze investeren."

"Europa is dus al een kleine solidariteitsmachine. Wat in de kwestie-Griekenland gevraagd werd, was dat boven op dat kader leningen toegekend zouden worden aan Griekenland. Dat is alsof de staat Nederland gevraagd zou worden om de staat België leningen toe te kennen.

"Voor alle duidelijkheid: ik vind dat de structuren moeten veranderen. We moeten op Europees vlak veel meer met elkaar gaan delen, in de eerste plaats de socio-economische herverdeling. Maar vooraleer dat gebeurd is, lijkt het me niet per definitie evident dat we aan staten of aan de EU gaan vragen om problemen op te lossen die in een andere staat ontstaan zijn."

Terug naar onze eigen natie, nu ze nog bestaat. En dan vooral naar Brussel, dat in de filosofie van De Schutter de meest rechtvaardige taalpolitiek voert. "Moreel gezien is het afkeurenswaardig dat taalminderheden geen erkenning krijgen."

En dus is het voor De Schutter logisch dat de tweetaligheidspolitiek van Brussel ook naar de Brusselse randgemeenten wordt doorgetrokken. "Ik vind dat Vlaamse taalrechten cruciaal zijn, maar sommigen menen dat die taalrechten pas gerealiseerd kunnen zijn als de andere taalgemeenschap géén rechten krijgt. Dat begrijp ik niet. In de randgemeenten leeft nu eenmaal een grote groep Franstaligen; het is niet rechtvaardig dat zij niet dezelfde taalrechten hebben als de Nederlandstaligen."

Wat met nieuwe taalminderheden? Moet het Arabisch in Brussel dan ook niet als officiële taal erkend worden?

"Dat is een moeilijke kwestie. Ik vind niet dat een territorium voor eens en voor altijd aan eenzelfde taal moet toebehoren, in dit geval dus aan Frans of Nederlands. Het is niet omdat die talen historisch gezien toevallig de eerste waren, dat het moreel juist is om dat als eeuwige maatstaf te hanteren. Dat je al je hele leven rijk bent, is ook geen reden om tegen een vermogenswinstbelasting te zijn."

"Overigens worstelt elk land met deze vraag. Het is niet omdat we tweetaligheid in Brussel hebben, dat we meer dan bijvoorbeeld Nederland geneigd moeten zijn om Arabisch te erkennen.

"Een mogelijk antwoord op uw vraag komt van Will Kymlicka, een Canadees politiek filosoof. Hij zegt dat immigranten ervoor gekozen hebben om naar een ander land te emigreren en dat met die keuze het recht op gelijke taalerkenning vervalt."

Helder De Schutter.Beeld Bob Van Mol

"Ik vind dat geen goed argument. Kymlicka gebruikt het voorbeeld van een Amerikaan die naar Zweden verhuist, en daar nooit Engelse taalrechten zal kunnen claimen. De meeste mensen zullen dat als correct aanvoelen. Alleen is de socio-economische status van de meeste immigranten niet vergelijkbaar met die van de Amerikaan die naar Zweden verhuist. Bovendien hebben de kinderen van immigranten die nu geboren worden er niet voor gekozen om naar het land te gaan waar hun ouders naartoe gegaan zijn."

"In wezen is er dus geen goed argument om autochtone talen meer rechten toe te kennen dan de allochtone. (lacht) Een filosoof die dat argument wél vindt, gaat trouwens wereldberoemd worden. Maar als er geen goede reden is, moet gelijke behandeling de basis zijn. En dan kunnen Arabisch sprekende mensen hun rechten opeisen. Alleen doen ze dat niet. Universeel is het blijkbaar een soort van wet dat iedereen aanvaardt dat allochtone talen minder erkenning krijgen dan autochtone talen."

En krijgt het Nederlands wel genoeg erkenning in Brussel? De tweetalige hoofdstad is de facto vooral eentalig. De kans dat je in een van de Brusselse gemeentehuizen in het Nederlands wordt geholpen, is niet zo groot.

"Het is niet omdat ik het Brusselse model het beste vind, dat het ook perfect werkt. Er zijn inderdaad te veel schendingen van de rechten van de Nederlandstaligen. En voor een hoogopgeleide rechter in Brussel-Halle-Vilvoorde kan het echt niet moeilijk zijn om Nederlands te leren."

"Ik pleit dus voor een strikte naleving van de taalwetten, en extra bescherming van taalminderheden, maar binnen die kaders is elke taalevolutie correct."

Als het Nederlands in Brussel over enkele decennia is opgepeuzeld door het Arabisch of het Frans, is dat dus een realiteit die we moeten accepteren?

"Exact. Talen komen en gaan, dat zijn evoluties die nu eenmaal gebeuren. Op dit moment zijn er zo'n 7.000 talen in de wereld, en sommige sociolinguïsten voorspellen dat daar over honderd jaar nog maar 10 procent van overblijft."

Taal zit niet alleen in het hoofd, taal zit ook in het hart. De internationale richting filosofie aan de KU Leuven heeft het Engels als voertaal. Een Indiase of Amerikaanse student kan Derrida in het Engels lezen, de Nederlandstalige studenten moeten hem in zijn oorspronkelijke taal lezen, het Frans dus. Daar had de preses van de studierichting onlangs tegen geprotesteerd. De Schutter gaat nog eens met zijn handen door zijn haren, en glimlacht. "Gelukkig is men er niet al te diep op ingegaan."

Toch is het niet rechtvaardig als je het vanuit het standpunt van de Belgische student bekijkt.

"Dat klopt, maar Nederlandstaligen kunnen zich ook voor het internationale programma inschrijven, en bovendien is die taalkennis wel een geweldige rijkdom. De kennis van het Frans gaat overal omlaag, en ik vind dat wij moeten proberen om die fantastische meertaligheid in stand te houden."

Misschien is er nog een ander argument. Een student uit een lagere sociale klasse, die slim genoeg is om zich op te werken maar geen meertalige achtergrond heeft gehad, zal moeilijker bij jullie kunnen beginnen te studeren wegens die taalvereisten.

"Kansengelijkheid moet je creëren door al in het lager onderwijs zo veel mogelijk op te vangen, en door aan de universiteit extra voorzieningen aan te bieden. Dat iemand met een universitair diploma betere kansen krijgt dan iemand die toevallig minder hersencellen heeft, is onrechtvaardig. Dat moet via sociale correcties opgelost worden, door de lonen aan te passen, bijvoorbeeld."

"Maar de academische lat moet even hoog blijven liggen. Democratisering van het onderwijs betekent dat iedereen van gelijk welke achtergrond een diploma moet kunnen halen die daarvoor het talent en de werklust heeft. Het betekent niet dat je het niveau moet verlagen. Dat is een fout die helaas soms wel gemaakt wordt."

"Het is een beetje taboe om het zo te zeggen, en het is misschien vervelend voor sommigen, maar niet iedereen kan een universitair niveau aan. De universiteit moet een club blijven voor mensen die intellectueel hoogstaand werk doen."

Zelf hebt u aan Oxford en Princeton gestudeerd, erg prestigieuze universiteiten. Hoe anders was het daar dan in Leuven?

"Je hebt er voortdurend het idee dat je in de voorhoede staat van nieuw, cruciaal onderzoek. De besten van elk veld zitten er samen, en bovendien staat er een schijnwerper op je gericht, zodat je werk internationaal veel meer wordt opgepikt. Als je in Princeton werkt, weet je dat je deel uitmaakt van de mondiale intellectuele elite. Dat is een fantastisch gevoel."

Werd u in Princeton intellectueel meer uitgedaagd dan in Leuven?

"Ik probeer uit te blinken in mijn onderwerp, en het is dan ook belangrijk voor mij dat ik niet op Vlaams niveau blijf hangen, maar ook op wereldniveau kan spreken. Het zal misschien weer wat arrogant klinken, maar het is altijd mijn ambitie geweest om bij de tien à twintig internationale toppers te horen die over mijn thema's publiceren. En dat is gelukt."

U bent voor open grenzen, wereldwijd. Is het niet gemakkelijk om een kosmopoliet te zijn als je hoog op de intellectuele en socio-economische ladder staat?

"Iemands persoonlijke, huidige situatie maakt zijn ideeën daarom niet minder geloofwaardig. Maar daarnaast is het een feit dat hoe meer je de grenzen openmaakt, hoe beter dat is voor de armen. Men heeft lang gedacht dat er met open grenzen ook een gigantische braindrain gepaard zou gaan uit de arme landen. Er zijn natuurlijk mensen vertrokken, maar hun vertrek wordt in veel gevallen gecompenseerd door de zogenoemde remittance: het geld dat de migranten hier terugsturen naar hun land van herkomst. Dat blijkt veel geld te zijn, een budget dat twee tot drie keer groter is dan de globale ontwikkelingshulp."

Dat neemt niet weg dat de Belgische man of vrouw met een minimumloon denkt dat zijn centen bedreigd zijn door de open grenzen. De Polen komen ons werk afpakken, is de redenering.

"Europa zit op een berg goud. Economen vertellen mij dat die gouden berg niet kleiner gaat worden door migratie. En zelfs als hij kleiner wordt, en het goud dus meer verdeeld wordt, is dat moreel alleen maar toe te juichen. Want nog eens: wij hebben het niet verdiend om rijker te zijn dan de andere. Ik snap dat er angst is, maar angst verliest haar gewicht als de situatie moreel wenselijk is, namelijk dat meer mensen een menswaardig leven kunnen leiden.

"Ik ben daar trouwens nogal optimistisch in. Ooit gaan we begrijpen dat een staatsgrens geen morele grens is. We zetten daar ook steeds meer stappen in vooruit, ook al lijkt dat vandaag misschien anders door iets als de brexit. De grenzen worden poreuzer en we krijgen meer en meer migratie."

Tegelijk pleit u ook voor verplicht staatsburgerschap. Waarom?

"De mensen die de afgelopen jaren hebben verkondigd dat de multiculturele maatschappij mislukt is - Merkel, Cameron, Sarkozy, Geert Bourgeois - hebben dat vaak gekoppeld aan nog strengere burgerschapsvoorwaarden. Ik vind dat raar. Het idee dat het moeilijker wordt om een Belg te worden, leidt niet tot minder migranten in België, maar leidt tot meer niet-Belgen in België."

"Ieder mens die hier komt wonen moet het etiket Belg krijgen, zonder daarom zijn oorspronkelijke nationaliteit te verliezen. De dubbele nationaliteit kan bestaan, maar je moet wel bereid zijn om ook op het Belgische niveau mee te denken. Als je de nationaliteit niet hebt, zul je ook niet de neiging hebben om je in te spannen voor het land waar je woont.

"Rechts zegt doorgaans: we maken Belg worden moeilijker door testen en integratietrajecten als voorwaarde voor burgerschap te nemen. Links zegt: we bieden het aan, en als je het niet wilt, is dat ook goed. Beide pistes zijn nefast."

"Overigens vind ik ook dat nieuwe inwoners van Vlaanderen verplicht Nederlands moeten leren. Maar of je daar fundamentele rechten aan moet koppelen, zoals het krijgen van een sociale woning, daar ben ik minder van overtuigd. Ik denk dat het beter is om die verplichting positief te belonen, met fiscale voordelen bijvoorbeeld."

De Schutter zet nog een interessante theorie uiteen over hoe we onze wereld territoriaal hebben ingedeeld, maar er allerlei andere systemen te bedenken zijn. Binnen eenzelfde rijk zouden er niet-territoriale parlementen kunnen komen. Als de Kiribati-eilanden verdwijnen, bijvoorbeeld, omdat ze overspoeld worden door de zee, zouden de bewoners in een ander land Kiribati-burgers kunnen blijven, met een Kiribati-parlement. Zoals Brussel, dus, waar twee taalgemeenschappen op niet-territoriale basis een eigen parlement hebben.

Helder De Schutter.Beeld Bob Van Mol

Heel prikkelend om over na te denken, vindt De Schutter. Noodzakelijk ook, omdat we door de toenemende migratie stilaan vaarwel zullen moeten zeggen tegen eenduidige, historisch verworven situaties.

Maar de geschiedenis zelf kan nooit verdwijnen. Zeker hier niet, in de Westhoek. Dat we dit gesprek voeren op een plek die bepalend is geweest voor de Vlaamse taalstrijd, vindt De Schutter een fascinerende gedachte.

Terwijl het dessert wordt geserveerd in In De Wulf, zeggen we hem dat hij een zondagskind lijkt. Dat beaamt hij. "Ik heb op alle niveaus geluk. Ik ben fysiek gezond, ik ben intelligent, ik heb geen zorgbehoevend kind. Er is werkelijk niets waarvan ik kan zeggen dat het fundamenteel beter moet. Sorry, dat moet vervelend zijn voor jullie."

Excuses zijn uiteraard niet nodig, verzekeren we hem, maar het is wel zeldzaam dat een Tuin-gast geen kerf of schram of grote tegenslag gekend heeft. Hij zwijgt even. "Ik zou kunnen vertellen over..." Hij aarzelt. "Kijk, ik was niet populair toen ik klein was. Pas op de middelbare school ben ik kunnen ontluiken. Ik zou daar bij kunnen stilstaan, maar die kerf is niet groot genoeg om als een last te blijven meedragen."

Of hij ermee bezig is, dat de grote tegenslag misschien nog komt? "Ik had het daarstraks over de drang om onsterfelijk te zijn. Ik ben wel bang voor de dood, ja. En voor de aftakeling. Tot nu toe merk ik daar nog niet veel van. Behalve dat ik knokig word als ik een paar dagen niet sport. En dat mijn haarlijn een klein beetje begint terug te wijken. Maar dat zie je gelukkig nog niet. Ik ben wel haarproducten aan het kopen. Allerlei onwetenschappelijke zalfjes dan nog. Maar mijn haar is belangrijk. Als dat ooit gaat verdwijnen, ga ik toch een beetje ongelukkig zijn."

We besluiten dat ook filosofen zich wel eens moeten bezighouden met de eerder luchtige kant van dit bestaan. En we schenken de glazen wijn nog één keer vol.

Helder De Schutter.Beeld Bob Van Mol
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234