Woensdag 17/07/2019

Helden in de verf

'Het is een verslaving geweest waarvan ik nu nog de naschokken voel,' zegt Sam Dillemans. De voorbije drie jaar heeft hij onafgebroken portretten geschilderd van schrijvers en componisten. In het Kasteel van Gaasbeek hangen er meer dan driehonderd. Fascinerend, virtuoos, overrompelend. Eric Rinckhout

Sam Dillemans (48) heeft in het recente verleden naakten, vrijende paren en boksers geschilderd. Maar de voorbije drie jaar heeft hij zich vastgebeten in portretten: schrijvers, schilders, componisten, zangers, wetenschappers en filosofen. Af en toe duiken sportlui op zoals bokser Joe Frazier en wielrenner Eddy Merckx. Stuk voor stuk zijn het uitzonderlijke mensen die Dillemans bewondert.

"Ik heb de tentoonstelling Authors genoemd omdat het Engelse woord, meer dan het Nederlandse 'auteur', duidt op creatieve geesten", zegt Dillemans. "Maar het leeuwendeel van de geportretteerden zijn wel degelijk schrijvers." Van Tsjechov, Céline en Emily Dickinson over Flaubert, Dickens en Virgina Woolf tot Bukowski, W.F. Hermans en Raymond Carver.

"Er zitten zoveel schrijvers tussen omdat ik sinds mijn twaalfde onafgebroken lees", zegt Dillemans. "Lezen heeft mij getroost en ik heb altijd opgekeken naar schrijvers. De Russen heb ik verslonden. Schrijvers zijn voor mij soulmates: je hebt een vriend voor het leven en die vriendschap kost je soms maar acht euro, de prijs van een boek. Schrijvers zijn ook de beste psychiaters: neem nu zo'n personage als Raskolnikov in Misdaad en strafvan Dostojevski: een psychologisch kluwen is dat. Of een figuur als Oblomov van Gontsjarov: die man ligt 150 pagina's lang in bed. En dan nog twijfelt hij: kiezen voor de maatschappij of toch maar liever blijven liggen? Zoiets blijft je bij voor de rest van je leven." Ook Dillemans kiest graag voor zijn eigen cocon, zijn atelier waar hij de voorbije drie jaar in alle rust hard en onafgebroken heeft kunnen werken. "In de beste literatuur gebeurt er niet veel, net zoals in grote kunst. Ik ben niet tegen verhalen in de kunst, maar in de eerste plaats moet het goed geschilderd zijn."

Op de vraag waarom hij resoluut voor het portret heeft gekozen, antwoordt Dillemans: "Het is een cliché, maar het gezicht is wel degelijk de spiegel van de ziel. Hoewel een groot kunstenaar als Michelangelo zou zeggen dat je evengoed de persoonlijkheid van iemand kunt blootleggen door een knie of een vinger te tekenen. (lacht)"

Tegen Beuys in

De overdonderende reeks portretten - in totaal heeft Dillemans er meer dan vierhonderd geschilderd - is zonder vooropgezet plan tot stand gekomen. "Ik volg wat mij ingegeven wordt. Het klopt aan de deur en ik laat het binnen. Ik heb geen concept, anders is het naar de kloten. Het gaat puur om de beleving: ik amuseer mij met het honderdste neusgat. Mijn borstel wandelt, en ik volg."

Als toeschouwer ben je geneigd om te kijken naar het labeltje onder het portret of te gokken om wie het gaat. Hoe belangrijk is de gelijkenis? "In de eerste plaats moet het een goed schilderij zijn", reageert Dillemans. "Je mag als schilder niet het slachtoffer zijn van de gelijkenis. Er moet natuurlijk een zekere herkenbaarheid zijn." Typisch voor Dillemans is dat na verloop van tijd de portretten abstracter worden. Dat was ook het geval bij zijn series naakten en boksers.

"Maar het gezicht van George Orwell moet Orwell blijven. De tekening is de basis van elk portret. Daarom blijf ik het essentieel vinden dat aan de academies tekenen wordt aangeleerd. Tijdens mijn opleiding, de tijd waarin Joseph Beuys in zwang was, ging ik tegen de stroom in. 'Wees creatief', zei men mij. 'Wees jezelf.' Maar wat heb je op je achttiende meegemaakt? Eerst moet je leren tekenen, je hebt de rest van je leven nog om creatief te zijn. Degas heeft eerst zowat de helft van het Louvre gekopieerd, Bach ging vierhonderd kilometer te voet om Buxtehude te zien en horen. Zelfs iemand als Stravinsky, toch een avantgardist, zei dat de vernieuwing in de traditie is geworteld. Je moet een voet kunnen tekenen voor je hem kapot kunt maken."

Voor de portretten maakt Dillemans geen voorafgaande tekening meer. "Ik teken, maar meteen met verf." Dillemans heeft een uitstekende kennis van de menselijke anatomie. "Ik zie zo de schedel en de nekwervels. Ik weet hoe ik een kaakbeen en een oogkas moet tekenen. Ik ga als een beeldhouwer tewerk, ook als ik schilder."

Als ondergrond voor zijn portretten heeft Dillemans lang niet altijd een wit doek of een blanco vel papier gebruikt, maar zowat alle materialen waarop hij de hand kon leggen: de cover van magazines als Playboyof Photo, een stuk karton, hout of hardboard en zelfs, in het geval van Raymond Carver, een tapijtje dat hij gebruikte om zijn borstel schoon te wrijven. De ruwe ondergrond levert soms de poriën van een gezicht op. Dillemans schuimt ook kringwinkels af op zoek naar landschapjes en stillevens van zondagsschilders. "Die schilderijtjes bieden een fantastische ondergrond. Ik draai ze een kwartslag of hang ze ondersteboven en begin te werken. Dat gaat allemaal heel intuïtief." Zo heeft hij de Noorse schrijver Knut Hamsun over een stilleven heen geschilderd: de kan, fles en kruik gebruikt hij respectievelijk als oogkas, juk- en kaakbeen. Bij het portret van Miroslav Krleza gebruikt hij een 'bambi' om de wang en de mond vorm te geven.

Grootse Billie Holiday

Na bijna drie jaar portretschilderen en een gestage evolutie naar steeds abstractere gezichten, begon Dillemans alleen nog zwarte verf te gebruiken op een witte ondergrond. "Dat kon ik pas met al mijn ervaring. Dit zijn uitgepuurde portretten, ze moeten meteen juist zijn. Retoucheren kan eigenlijk niet of je ziet het. Het is als schilderen met Oost-Indische inkt."

Zo eindigt de tentoonstelling: met een ware apotheose van 171 zwart-witschilderijen, samengebracht in één groot tableau. Alsof eeuwen geschiedenis in portretvorm naar de toeschouwer kijken. Indrukwekkend en overdonderend. "Ik heb al mijn liefde in deze portretten gestoken."

In het Kasteel van Gaasbeek valt veel te genieten. Een eenzame Jack Kerouac in een prachtig vergulde lijst. Een monumentale Paul Verlaine op een wild geschilderde sokkel. Een grootse Billie Holiday: een schreeuw in enkele zwarte verfstreken. Zoveel verschillende portretten, eenzaam of in groep, in zoveel verschillende zalen en klimaten. Soms is het portret een vuurwerk van verf en een doolhof van strepen, dan weer heeft Dillemans genoeg aan enkele, bijna minimale penseelstreken.

Jaren heeft Sam Dillemans als een bezetene in zijn atelier gewerkt. De portretten zijn zijn hoogstpersoonlijke Mont Sainte-Victoire, de berg bij Aix-en Provence, die Cézanne 87 keren heeft geschilderd. Deze tentoonstelling is een unieke tour de forcevan een virtuoos kunstenaar die leeft voor verf, verf en nog eens verf.

Authors. Paintings2010-2012, van 19 april tot 16 juni in Kasteel van Gaasbeek. www.kasteelvangaasbeek.be

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden