Dinsdag 12/11/2019

Hans Vandeweghe

Voor u verder leest, eerst even dit: aan de atletische prestatie van de heren (en dames) veldrijders mag niet worden getwijfeld. Een uur lang aan 90 procent van de maximale hartslag rijden, is behoorlijk zwaar. Het is wellicht ook behoorlijk gevaarlijk - daarover verder meer - maar niet alles wat zwaar en gevaarlijk is, mag je ook sport noemen.

Ten tweede kijkt Vlaanderen massaal naar veldrijden. Het format is subliem: in anderhalf uur - inclusief voor- en nabeschouwingen - ben je klaar. Maar kijkcijfers zijn geen argument. Er bestaat prachtige topsport waar veel naar wordt gekeken, er bestaat ook prachtige topsport waar geen hond naar kijkt.

Vervolgens zijn er alleen maar argumenten om veldrijden vooral niet als topsport te zien. De oorzaak van de populariteit van veldrijden is een klavertje van vier. Precies twintig jaar geleden geraakte de VRT, toen nog BRTN, het voetbalcontract kwijt. Het smeet zich daarop in het wielrennen en volstaan drie mannen die in fluopampers samen naar een witte streep rijden om een tv-ploeg te sturen.

Voor de winterse zondagen was veldrijden een mooie aanvulling. Zoals steeds met sport op televisie was de insteek niet journalistiek, maar commercieel: wij hebben de rechten op deze of gene sport, dus wij promoten deze of gene sport. Toen ook een organisatiebureau als Golazo brood zag in de cross en voor hun B-wedstrijden en afgeleide producten een deal sloot met de VRT, was het hek van de dam.

Tweede oorzaak: op het juiste moment ontstonden mooie duels. Eerst Mario De Clercq tegen Sven Nys, later Bart Wellens tegen Sven Nys, dan Sven Nys tegen Niels Albert en tussendoor kwam af en toe een stoorzender als Erwin Vervecken voor een verrassing zorgen.

Derde reden: de wielerbonden van de provincies tot de nationale bond in Brussel weten dat veldrijden kannibaliseert op het echte wielrennen - op de weg, op de wielerbaan en op een mountainbike - maar ze verdienen een aardige stuiver aan de organisatievergunningen. Ten slotte: wij zijn er vreselijk goed in want we winnen alles. Het WK zandbakrijden in 2012 in Koksijde, waar zeven Belgen de eerste zeven plaatsen bezetten, was een absoluut dieptepunt.

Soms kwamen buitenlandse stoorzenders onze dominantie ridiculiseren: Lars Boom en Zdenek Stybar bijvoorbeeld. Zij zagen al snel de beperking van het veldrijden en maakten met hun superieure motor graag een doorstart in het echte wielrennen op de weg. Stybar, die het dubbele had kunnen verdienen in het veld, kwam nog één keer terug en werd wereldkampioen veldrijden.

De finaliteit van wielrennen kan onmogelijk een parochianenkoers voor modderfietsers zijn, die altijd door dezelfde parochie wordt gewonnen. Een land dat dit al te ernstig neemt, heeft geen topsportcultuur. Die hebben wij ook niet, want wij zijn kampioenen in het winnen van sporten of disciplines die andere landen niet zo serieus nemen.

Het is ook niet te begrijpen waarom Topsport Vlaanderen deze compleet zelfbedruipende economische bubbel sponsort. Om de toppers 15.000 euro per cross te laten verdienen boven op hun half miljoen vast salaris? De economie van het veldrijden is een schoolvoorbeeld van economische rente of surpluswinst. Dat is een winst of een vergoeding die veel hoger is dan nodig om een product te produceren. In mensentaal: met een minimale inspanning word je veel te rijk. Met de helft of een kwart zou je precies hetzelfde product krijgen. Dat geldt voor de meeste topsport, maar het veldrijden staat helemaal bovenaan.

Als laatste nog dit: het parcours in Erpe-Mere wordt omschreven gaande van 'drassig' tot 'een zwembad'. Daar kunnen volwassen crossers wel tegen. Ik heb meer te doen met die nieuwelingen die zaterdagmiddag aan de slag moeten. Van jonge mensen, kinderen nog, is bekend dat het formidabele uithoudingsatleten zijn. Het is ook bekend dat het hart best niet te zwaar wordt belast of toch niet te lang. Ik heb ooit aspirantjes tijdens een kampioenschapscross ronde na ronde met een hoofd als een pompoen op hun fietsje uit een maïsveld zien zwijmelen en ik hoopte vurig dat er geen enkel hoofdje ontplofte, want dan had ik het kunnen gaan uitleggen. Een hart in de groei een halfuur lang maximaal belasten, kan nooit gezond zijn.

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234