Zaterdag 19/10/2019

Interview

Hans Rieder: "Dat matchfixingverhaal zal de geschiedenis ingaan als een pagina uit de Fabeltjeskrant”

Beeld Geert Van De Velde

Nadat Hans Rieder (62) in 2016 door ziekte werd geveld, was het een tijdje stil rond de strafpleiter. Maar dit jaar is hij helemaal terug van weggeweest. Met de verdediging van kunstenaar Jan Fabre en scheidsrechter Bart Vertenten speelt hij een hoofdrol in twee spraakmakende rechtszaken. “Ik wil niet in een maatschappij leven waar je elkaar gratuit en ongestraft mag beschuldigen.”

“Over de zaak-Fabre wil ik niet praten”, laat meester Rieder me in zijn kantoor aan de Gentse Recollettenlei meteen weten. Gelukkig is hij loslippiger over hét schandaal van het jaar, het gerechtelijk onderzoek naar witwassen en matchfixing in onze nationale voetbalcompetitie. Op 22 oktober haalde Rieder zich de woede van voetbalminnend Vlaanderen op de hals door onderzoeksrechter Joris Raskin te wraken. “Hans Rieder legt een bom onder Operatie Propere Handen”, kopten de kranten. Twee maanden later laat de topadvocaat voor het eerst in zijn kaarten kijken. Zijn cliënt is ondertussen vrijgelaten, maar de strijd is nog niet gestreden. Rieder wil het blazoen van Bart Vertenten volledig oppoetsen. Te beginnen met de oorspronkelijke aanhouding van zijn cliënt, die hij aanvecht.

U kreeg vorige week slecht nieuws: het cassatieberoep tegen de aanhouding van Bart Vertenten is verworpen. De door u gewraakte onderzoeksrechter Joris Raskin mocht de scheidsrechter dus tóch aanhouden?

Hans Rieder: (grijnst) “Volgens het Hof van Cassatie wel. Een wraakbare rechter mag dus een geldig aanhoudingsmandaat uitreiken, wat compleet in strijd is met de Europese regelgeving. Ik overweeg een klacht bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Want in een normale rechtsstaat is dit ongezien. Het is alsof je schoonvader je zou aanhouden voor een misdrijf. Met als argument: ‘Dat kan, zolang hij zich maar objectief opstelt.’ Je voelt zo dat dat onzin is.”

U hebt Raskin gewraakt omdat hij in de licentiecommissie van de Koninklijke Belgische Voetbalbond zetelde. Is dat dan zo’n groot probleem? Een pak rechters zijn bij de voetbalbond actief in één of andere commissie.

“Er lopen genoeg onderzoeksrechters rond die níét bij de voetbalbond actief zijn. In het gerechtelijk arrondissement Tongeren was er maar één dat wel, en dat was Raskin.” 

Maar zou u bij een andere onderzoeksrechter dan niet het gebrek aan expertise viseren? Ik hoor het u al zeggen: ‘Die onderzoeksrechter kent niks van voetbal, wat komt die in deze zaak zoeken?’

“Dat is een debiele redenering. Het is eigen aan het ambt van een onderzoeksrechter dat hij wordt aangesteld in zaken die hem onbekend zijn. Volgens uw redenering zouden strafpleiters van oplichtingszaken geen moordzaken mogen pleiten.”

U twijfelde aan Raskins onpartijdigheid. Hebt u daar aanwijzingen voor?

“Raskin werd benoemd door het uitvoerend comité van de KBVB. De vader van Sébastien Delferière is lid van dat uitvoerend comité. Delferière is niet aangehouden, Bart Vertenten wel. Voor mij is dat ruim voldoende om aan zijn onpartijdigheid te twijfelen.”

Bart Vertenten wordt wel van matchfixing verdacht en Sébastien Delferière niet.

“Dat is onjuist. Beiden worden beticht van passieve en actieve omkoping. Het enige verschil: mijn cliënt heeft géén geschenken of financiële giften ontvangen van meneer Dejan Veljkovic, Delferière wel. Dat is nochtans cruciaal in een omkopingszaak: het bod aanvaarden is voldoende. Je hoeft wat je beloofd hebt zelfs niet uit te voeren. Maar voor mijn cliënt volgt men een omgekeerde redenering: Bart Vertenten heeft niks ontvangen, maar wordt toch van corruptie beticht. Voor alle duidelijkheid: ik zeg niet dat Delferière omgekocht is. Ik ga uit van zijn onschuld. Maar ik aanvaard niet dat mijn cliënt voor identiek dezelfde feiten een maand in de gevangenis zat en Delferière na twee dagen thuis was.”

Beeld Belgaimage

Misschien speelden de bezwarende telefoongesprekken van Vertenten met Veljkovic in de aanloop naar de match Antwerp - Eupen daarbij een rol?

(formeel) “Er zijn geen bezwarende gesprekken gevoerd. Wat daarover in de kranten geschreven is, is in strijd met wat er op de bandopnames staat. Ze werden door de journalisten totaal verkeerd geïnterpreteerd.”

Zoals de ‘Ik weet het’ van Vertenten, wanneer Veljkovic zegt dat Antwerp de voorlaatste wedstrijd moet winnen?

“Precies. Elke voetballiefhebber zou hetzelfde geantwoord hebben, want Antwerp kon nog play-off 1 halen. Het is te belachelijk voor woorden.”

Toch vraagt iedereen zich af waarom een topscheidsrechter een week voor een belangrijke match zulke gesprekken met een makelaar voert.

“Daar is niks abnormaals aan. Meneer Veljkovic is nu eenmaal een autoriteit binnen de Belgische scheidsrechterswereld. Het lijkt me evident dat een beloftevolle ref die pijlsnel carrière maakt, af en toe een specialist in de materie raadpleegt.”

Het valt wel op dat enkel Delferière en Vertenten met Veljkovic contact hadden, de rest van het scheidsrechterskorps niet.

(droog) “De rest betekent ook niks. Ze staan niet op de FIFA-lijst. Wellicht deelde Veljkovic zijn expertise het liefst met de toppers. En ik wil nog iets héél belangrijks zeggen: het is de KBVB zelf die Veljkovic heeft gepromoveerd tot iemand met aanzien binnen de voetbalarbitrage.”

Verwijst u nu naar wat eerder in Humo is verschenen: de connectie van Veljkovic met de voormalige scheidsrechtersbaas Paul Allaerts?

“Dat is één element. Maar er is veel meer aan de hand dan dat. Dat zal binnenkort ook blijken. Meer kan ik voorlopig niet zeggen in het belang van het onderzoek.”

Waarom dook u met een supporterssjaal van de KBVB aan het gerechtshof op?

“Omdat ik het publiek iets duidelijk wilde maken: ‘Wat zou mijn cliënt ervan denken als ik reclame maak voor de KBVB, die hem net heeft ontslagen? Dan wil hij me toch meteen wraken?’ Een onderzoeksrechter die zoals Raskin deel uitmaakt van de KBVB, en wekelijks tussen de voetbalbobo's in de loges zit, kan toch geen onderzoek naar zijn collega's voeren?”

Het matchfixingverhaal draait rond een onterechte penalty in Antwerp - Eupen die Vertenten bewust zou hebben toegekend. De overtreding gebeurde buiten de rechthoek, maar Vertenten legde de bal op de stip. Volgens u heeft hij die beslissing niet zelf genomen en kan er dus geen sprake zijn van wedstrijdvervalsing.

“Inderdaad. En dat kun je ook zien op de televisiebeelden. Bij de bewuste spelfase zie je dat Vertenten in een fractie van een seconde zijn looprichting verandert. Hij loopt eerst naar de plaats van de overtreding, maar draait dan naar het penaltypunt. Dat komt omdat hij in zijn ooghoek gezien heeft dat de lijnrechter naar de cornervlag loopt, het afgesproken signaal voor een penalty. Na het protest van de Eupen-spelers zie je Vertenten met z'n lijnrechter overleggen. Het was dus geen individuele beslissing.”

Jullie zijn toen ook op een blunder van onderzoeksrechter Raskin gestoten: de tv-beelden waarop te zien is dat lijnrechter Yves De Neve naar de cornervlag loopt, zijn gewist.

“Ik heb daar ernstige vragen bij. Op dat moment liepen de telefoontaps al maanden. Als Raskin vermoedde dat er matchfixing op til was, had hij zijn voorzorgen moeten nemen en het bewijsmateriaal, de beeldbanden, in beslag moeten nemen. Net als het matchverslag, waarin duidelijk staat dat lijnrechter Yves De Neve medeverantwoordelijk was voor die penaltyfase. Hij heeft ook nagelaten om lijnrechter en scheidsrechtersbaas Johan Verbist te verhoren. Dat kan maar op twee dingen wijzen: partijdigheid of onkunde. Hoe dan ook is mijn cliënt de klos. Want als dat allemaal wél was gebeurd, dan floot Vertenten nog.”

Waarom hebt u niet aangedrongen op een verhoor van de lijnrechter? De verdediging kan toch extra onderzoeksdaden vragen?

“Niet bij een onderzoeksrechter die je net hebt gewraakt.”

Collateral damage

De dag dat het wrakingsverzoek werd ingewilligd, was u de kop van Jut. In Extra Time werd u door Peter Vandenbempt als de doodgraver van het onderzoek gebrandmerkt. Wat doet die kritiek met u?

“Niks. De commentaar van onbekwamen glijdt van me af als water van een eend. Die knul weet niet waarover hij praat. Dat is net alsof ik met burgerlijk ingenieurs over kernenergie begin te discussiëren.”

‘Als advocaat Rieder alle onderzoeksdaden die gesteld zijn onder het gezag van Raskin nietig laat verklaren, dan kan het onderzoek de prullenmand in’, zei Vandenbempt. Heeft hij geen punt?

“Dat toont net aan dat hij er geen bal van snapt. Als ik erin slaag om een onderzoeksrechter te wraken, dan heb ik tegenover mijn cliënt de professionele plicht – ik herhaal: de plicht – om met hem te overleggen over de volgende stappen. Dat kan het nietig verklaren van onderzoeksdaden zijn, maar evengoed ook niet.”

Daar heeft de gewone voetbalfan geen boodschap aan. Als de telefoonopnames niet meer mogen worden gebruikt, blijft de perceptie dat er bewijsmateriaal vernietigd wordt.

“Maar dat moet mij niet verweten worden. Ik ben de chirurg die het leven van mijn patiënt probeert te redden, niet de dronken automobilist die het ongeval heeft veroorzaakt. Het is Raskin die het been van mijn patiënt eraf heeft gereden, ik probeer het er opnieuw aan te zetten. En als ik hem verkeerd opereer, zal iedereen zeggen dat ik een kalf ben. Wel, dat ga ik niet laten gebeuren. (Windt zich op) Als iemand een wraking verkrijgt, moeten de mensen dat net bejubelen. En schieten op degene die gewraakt werd.”

Maar door die wraking dreigt het hogere doel, een voetbalschandaal ophelderen, in het gedrang te komen.

“Het hogere doel is dat het voetbalschandaal onderzocht wordt door een objectieve onderzoeksrechter. Ik ben vragende partij, want Bart Vertenten heeft er alle belang bij dat elke steen in dit schandaal wordt omgekeerd. Maar ik kan niet dulden dat het onderzoek wordt gevoerd door iemand die wraakbaar is, want als hij fouten maakt, is mijn cliënt de pineut.”

Toch vraag ik me af of die wraking wel zo’n goed idee was. Als de onderzoeksdaden vernietigd worden, kan Vertenten nooit meer op een voetbalveld verschijnen. Dan blijft hij voor eeuwig verdacht.

“Nog eens: ik móést Raskin wraken. Ik ben juridisch verplicht om dat eerste obstakel uit de weg te ruimen. En zelfs bij een nietigverklaring zijn er genoeg juridische middelen om het onderzoek terug leven in te blazen. Je kunt een advocaat of zijn cliënt nooit sabotage verwijten.”

Opvallend was de snoeiharde uithaal van clubeigenaar Roland Duchâtelet in De afspraak op Canvas. Die noemde u ‘verachtelijk voor het voetbal’ omdat u volgens hem een zeer bekwame onderzoeksrechter had gewraakt.

“Kijk, dat meneer Duchâtelet niet veel van voetbal kent, weten we al een tijdje: er stonden meer supporters van Standard en Sint-Truiden in zijn tuin te klagen dan dat er in zijn tribunes zaten. Maar hij is ook een slechte leugenaar. Je hoorde hem duidelijk aarzelen toen Bart Schols (presentator van De afspraak, red.) hem vroeg of hij Raskin kende. De onderzoeksrechter is STVV-supporter in hart en nieren, de ploeg waar Duchâtelet jaren de plak heeft gezwaaid. Ga je me nu vertellen dat die twee elkaar niet kenden?”

Hoe moet het nu verder? Zal het ooit tot een proces komen?

“Dat zal blijken uit wat de spijtoptant nog te vertellen heeft. Van één ding ben ik zeker: dat matchfixingverhaal rond Vertenten zal de geschiedenis ingaan als een pagina uit de Fabeltjeskrant. Het is bijzonder frustrerend dat ik nu niet kan pleiten, want met de tv-beelden en de telefoonopnames kan ik aantonen dat er werkelijk niks aan de hand is. Vertenten heeft ook geen enkel motief. Hij stond op het punt als scheidsrechter op het hoogste niveau internationaal door te breken. Dat was zijn grote droom, en elke foute beslissing op het veld stond die in de weg. Waarom zou je dan een onterechte penalty fluiten?”

In tegenstelling tot de andere advocaten in dit dossier blijft u heel sereen bij de aanduiding van Veljkovic als spijtoptant. Nochtans zei u in de krant dat de Servische makelaar een praatjesmaker is. Bent u niet bang dat zijn fantasie op hol slaat en hij Vertenten aan de galg praat?

(glimlacht) “Neen. En ik blijf altijd in alle omstandigheden sereen. Ik heb er alle vertrouwen in dat de waarheid aan het licht komt. Ik denk dat Veljkovic inderdaad zal toegeven dat hij praatjes heeft verkocht, namelijk over de rol van Vertenten in het matchfixingverhaal.”

Is dat uw conclusie? Dat Veljkovic bij het bestuur van KV Mechelen is gaan opscheppen dat hij van alles kon fixen met de scheidsrechter en de tegenstrever, maar dat het gewoon bluf was?

“Ik denk dat het zo is gegaan. Net zoals sommige advocaten tegen hun cliënt zeggen: 'Het komt in orde, ik ken de rechter.' Terwijl ze die man van haar noch pluimen kennen.”

Maar wie of wat zit er dan achter de aanhouding van Vertenten?

“Pure pech. Wat ze in oorlogstermen collateral damage noemen. Er is een bom ontploft en Bart Vertenten liep toevallig op dat moment op de verkeerde plaats, waardoor hij een scherf in zijn kop kreeg. Je weet toch dat Vertenten die match normaal niet zou fluiten, hè? Hij verving Sébastien Delferière. Als die zich niet een week eerder had geblesseerd, zaten we nu niet met elkaar te praten.”

Trial by media

U hebt zich het voorbije jaar opgewonden over hoe de media over misdrijven berichten. Vooral het opvoeren van anonieme getuigen stoort u.

“Ja. Als je iemand beschuldigt, moet je dat met naam en toenaam doen. Als dan blijkt dat je hebt gelogen, kun je veroordeeld worden tot een schadevergoeding. Maar iemand anoniem betichten is gewoon laf. Je moet je verantwoordelijkheid nemen en voor je mening uitkomen. Ik wil niet in een maatschappij leven waar men elkaar gratuit en ongestraft mag beschuldigen. Dan kan artikel 1.382 uit het burgerlijk wetboek, waardoor iemand die schade veroorzaakt verplicht wordt die te vergoeden, ook de vuilnisbak in. De volgende stap is dat ik morgen ongestraft jouw huis in brand mag steken.”

Je kunt anonieme getuigen ook als klokkenluiders zien. En die moeten volgens de wet beschermd worden. Wat de VRT bijvoorbeeld doet met de anonieme getuigen in de zaak-Bart De Pauw.

“Ik ben het daarmee oneens. Het is het recht van de verdachte om te weten wie hem beschuldigt. De klager moet identificeerbaar zijn. Wie aangevallen wordt, moet wederwoord krijgen. Een anonieme klacht ontneemt de beschuldigde zijn tegenspraak. Als iemand beweert dat je hem op café hebt geslagen of in een hotel hebt verkracht, en je weet niet wie, hoe ga je je dan verdedigen? Dan krijg je toestanden als tijdens de repressie, toen iedereen elkaar zomaar de bak kon indraaien. Het volstond dat iemand anoniem beweerde dat je het lief was van een Duitser en je werd op een mestkar kaalgeschoren. Dat heeft voor diepmenselijke ellende gezorgd.”

Beeld Geert Van De Velde

U nam dit jaar een paar keer het begrip trial by media in de mond.

“Inderdaad. Ik heb het er bijzonder moeilijk mee dat kranten zaken uit het onderzoek publiceren vóór de betrokkene bij de onderzoeksrechter is voorgeleid. Bart Vertenten, bijvoorbeeld, is eigenlijk al veroordeeld. Door de media, die niet bevoegd zijn om recht te spreken. Dat journalisten berichten dat er tegen iemand een gerechtelijk onderzoek loopt, daar kan ik mee leven. Maar dat ze op basis van lekken uit het onderzoek interpretaties over verdachten uitspreken, dat is verwerpelijk. En dat patroon komt steeds vaker terug. Mensen worden door journalisten afgemaakt op basis van halve waarheden.”

Maar wat mogen journalisten dan wél nog schrijven? Hadden we ook moeten verzwijgen dat Veljkovic een autokorting voor Delferière heeft geregeld?

“Ja. Ik ben misschien conservatief, maar je moet het geheim van het onderzoek respecteren. Dergelijke details zorgen ervoor dat mensen een oordeel vellen op basis van onvolledige informatie. Die details gaan een eigen leven leiden en brengen de zaak van de beschuldigde onherstelbare schade toe. Vooral omdat de strafprocedures in België zeer lang duren. De mensen hebben jaren de tijd gehad om zich een mening over de verdachte te vormen. Dat kun je in een rechtbank nooit meer rechttrekken.”

U wilt dat journalisten rigoureus het vermoeden van onschuld volgen, maar volgens Dirk Voorhoof, emeritus hoogleraar mediarecht, is dat niet verenigbaar met het principe van de persvrijheid. 'Dan hadden de media pas over de zaak-Dutroux kunnen berichten nadat hij in 2004 was veroordeeld,' zegt hij.

“Het hangt ervan af hóé je als journalist over de zaak-Dutroux bericht. Je mag gerust zakelijk meedelen dat er twee lijken zijn opgegraven in Jumet, maar begin niet te reconstrueren wat er met die kinderen in de kelder van Dutroux is gebeurd. Dat is een brug te ver. Omdat het enorm veel schade toebrengt aan de nabestaanden, maar óók aan degene die beschuldigd wordt. Als je iemand wilt veroordelen, moet je alle feiten kennen. En dat kan pas wanneer het onderzoek volledig is uitgevoerd.”

Dan kunnen we meteen de onderzoeksjournalistiek afschaffen.

“Momentje, ik juich onderzoeksjournalistiek net toe omdat de verantwoordelijkheid volledig bij de journalist ligt. Als hij zaken schrijft die achteraf onjuist blijken, is hij aansprakelijk. Een ander verhaal is de gerechtsjournalist die selectief lekt uit het onderzoek en zich verbergt achter de anonieme getuigen die hij opvoert. Dat die anonieme bron er weleens belang bij zou kunnen hebben dat maar een deel van de waarheid wordt verteld, komt niet bij hem op. We zien dat nu in het voetbalschandaal: er wordt door de onderzoekers bewust onvolledige informatie naar journalisten gelekt. Ze voelen dat de grote vis niet aan de hengel hangt, maar willen niet afgaan bij het grote publiek. Dus proberen ze dat publiek via de pers met halve waarheden te beïnvloeden. Er zijn gelukkig twee soorten journalisten: degenen die in bed liggen met de procureur en klakkeloos neerschrijven wat hij uitkraamt, en degenen die alle informatie dubbelchecken.

“Begrijp me niet verkeerd, ik vind de persvrijheid een onaantastbaar principe. Maar als een journalist iemand ten onrechte beschuldigt, moeten daar zware sancties tegenover staan. Tot honderdduizenden euro's per inbreuk. Want als je ze maar 1 euro boete geeft, lachen ze je twee keer uit: in het artikel en met hun straf. Waarom gaan Hollywood-sterren op vakantie naar de Côte d'Azur? Omdat er in Frankrijk een zeer strenge wetgeving is op de inbreuk van de privacy. Als Angelina Jolie in monokini op haar jacht in Saint-Tropez door paparazzi wordt gefotografeerd, kan ze een astronomische schadevergoeding eisen. Dát is als maatschappij je verantwoordelijkheid nemen, maar in België evolueren we steeds meer richting Far West. Neem nu de recente politieke crisis: iedereen schiet op elkaar, maar heeft iemand eigenlijk dat migratiepact gelezen? Ik denk het niet, want dan zou het nooit zover gekomen zijn.”

Beeld Geert Van De Velde

Waardeloze jurist

U bedoelt dat de argumenten van de N-VA geen steek hielden?

“Absoluut. Alles waarover ruzie werd gemaakt, wordt door dat pact expliciet tegengesproken. Zo staat er letterlijk in dat de soevereiniteit van de staten inzake uitwijzing behouden blijft. Net zoals er zwart-op-wit staat dat het pact niet juridisch bindend is.”

De N-VA betwist dat niet, maar vreest dat het pact zal worden aangewend door activistische rechters als die bijvoorbeeld een uitwijzing van een familie willen verhinderen.

“Denk je nu werkelijk dat een activistische rechter daarvoor dat pact nodig heeft? Zelfs ik kan met de bestaande arresten zo'n vonnis schrijven. Dat migratiepact wordt belachelijk zwaar overschat, en het pijnlijke is dat de journalisten dat niet of te laat aangetoond hebben. Ze vonden het interessanter om tot in den treure over de val van de regering te speculeren. Die opgeklopte cinema genereert natuurlijk meer kijkcijfers dan een paar droogstoppels die over wetsartikels discussiëren. Ik ben er zeker van dat als de bevolking correct was geïnformeerd, het nooit tot een val was gekomen.”

Maar wat is correct? De N-VA vond met Fernand Keuleneer een juridisch expert die het migratiepact wél als juridisch bindend verkocht. Wie moet je op den duur nog geloven?

“Je kunt over een woordgebruik of nuance discussiëren, maar niet de inhoud van een artikel ontkennen als je het zwart op wit op papier ziet staan. Een jurist die dat doet, is waardeloos. Ook wat het grote plaatje betreft, is er geen discussie: premier Michel móést dat pact ondertekenen. Als je in een internationale conferentie rond de tafel gaat zitten en meewerkt aan het ontwerp, kun je niet aan het einde van de rit zeggen: 'Het staat me toch niet aan, ik stap op.' Dat is tegen de basisregels van het internationaal recht. We moeten écht af van die perceptieoorlogen, want die zijn bijzonder schadelijk voor onze democratie. Zeker als ze op onwaarheden gestoeld zijn.”

Iets helemaal anders. Twee jaar geleden werd er bij u prostaatkanker vastgesteld. U trok zich een jaar terug in Zwitserland en nam een sabbatical. Hoe gaat het nu met u?

“Ik voel me goed, maar van kanker ben je nooit genezen. Dat blijft altijd ergens in het lichaam zitten. Mij zou het niet verwonderen als mijn stresserende job aan de basis ligt van mijn ziekte.”

Overweegt u dan niet om ermee te stoppen?

(haalt zijn schouders op) “Dat is een levensvraag. Maar ik ben nu eenmaal beperkt in mijn talenten. Ik kan niks anders dan deze job. En ik word ook verleid door andere advocaten die zaken binnenbrengen. Dat getuigt van enorm veel respect en vertrouwen. Die collega's wil je niet ontgoochelen. (Zucht) Het is bijna een gewetenskwestie geworden.”

In een interview zei u dat de ziekte u als mens milder heeft gemaakt. U windt zich niet meer zo snel op.

“Pfff, dat is ondertussen wel achterhaald. Als je eenmaal opnieuw meedraait, word je weer met je oude demonen geconfronteerd en kun je niet anders dan daartegenin gaan. Zo raak je opnieuw van de regen in de drop.”

Wat zijn die oude demonen dan?

“Waar we hier al een uur over spreken: de onzin die de pers over juridische kwesties uitkraamt, de veroordeling van mensen zonder dat hun schuld vaststaat, het misbruik van gerechtelijke macht om onderzoeksfouten toe te dekken, het onbegrip van de publieke opinie voor gerechtelijke beslissingen. Dat blijft bestaan, het wordt zelfs steeds erger. Zonder cynisme zou ik in deze job niet overleven. Ik trek me bepaalde zaken bijzonder hard aan. De woede die ik voel bij het onrecht dat Bart Vertenten wordt aangedaan, houdt me 's nachts wakker. Ik kan niet begrijpen dat een onschuldig iemand een maand in de cel doorbrengt. Ik worstel daarmee, het enige wat me dan redt, is mijn cynisme. Dan denk ik: 'Whatever, Vertenten moet niet klagen. In Syrië had hij wellicht al onder de grond gezeten.'”

Men zou denken dat u op uw leeftijd hebt geleerd om afstand te nemen van uw werk.

“Een goede strafpleiter laat zijn zaak nooit los. Hij is persoonlijk betrokken. Een strafpleiter die zegt dat hij thuis de knop kan omdraaien, zal het volgens mij ook niet ver brengen. Hetzelfde geldt voor chirurgen. Mij ga je niet vertellen dat ze een overlijden op hun operatietafel niet mee naar huis nemen. Ergens getuigt dat ook van een zekere passie voor je beroep.”

Uw passie is alom bekend. 'Ik sta hier voor de mensen die vermorzeld worden door de gerechtelijke machine. Een machine die mensen een moord laat bekennen die ze niet begaan hebben. Tegen dat soort onrecht zal ik mijn hele leven vechten,' riep u in 2009 tijdens uw pleidooi op het assisenproces van de moord op boer Roger Van Rie. Besluipt dat gevoel u wel vaker?

“Absoluut. Toen verdedigde ik een man met beperkte intellectuele mogelijkheden, maar de zaak-Vertenten toont aan dat ook een radioloog (het beroep dat Vertenten combineert met het scheidsrechterschap, red.) niet tegen het geweld van het gerechtsapparaat is opgewassen. En dat komt omdat dit apparaat altijd zijn gelijk wil halen. Wat ik trouwens niet begrijp. Waarom is het zo moeilijk om iemand vrij te spreken als hij onschuldig blijkt te zijn? Dat is de vraag die ik me al mijn hele carrière stel.”

Omdat een onderzoeksrechter niet wil falen?

“Maar we falen allemaal, daar leren we net uit. Akkoord, als je 's morgens met 184 agenten uitrijdt om de grootste boevenbende ooit te strikken en je pakt slechts twee kruimeldieven op, dan is dat niet plezierig. Dat je dan met alle mogelijke middelen wilt aantonen dat de twee garnalen eigenlijk dertig kilo kabeljauw zijn, is begrijpelijk, maar bijzonder onfair tegenover die twee garnalen. Daarom ben ik advocaat geworden: om de garnalen te helpen die niet weten waarom ze in dat net hangen.”

U lijkt een idealist die het goed voorheeft met onze maatschappij, maar toch hebt u de publieke opinie tegen en krijgt u massa's kritiek. Hoe komt dat?

“Omdat ik niet altijd de tijd krijg om mijn drijfveren uit te leggen. En het zit ook in onze Vlaamse cultuur. In Scandinavische landen respecteert men advocaten veel meer omdat ze daar nuchterder en rationeler zijn. Wij hebben een zuiders temperament, waardoor we nogal snel uit onze nek kletsen. En we zijn als volk ook altijd bezet, wat ons wat wantrouwig maakt tegenover alles wat gezag of macht uitstraalt. De advocatuur maakt daar deel van uit.”

Maar wekt u dat wantrouwen niet in de hand door rechters te wraken? Zo krijgt Jan met de pet de indruk dat geen enkele rechter nog deugt.

“Niet overdrijven, de verzameling door mij gewraakte rechters is een pak kleiner dan degenen die ik niet heb gewraakt (lacht). De ongeschikte rechters zijn de uitzonderingen, maar het zijn wel zij die het blazoen van justitie besmeuren.”

Moet een eerlijke rechtspraak ook niet losstaan van de kwaliteiten van de advocaten? Als ik een passiemoord pleeg, maak ik met Jef Vermassen meer kans om vrij te komen dan met een beginnende advocaat.

“Dat is in de geneeskunde net hetzelfde. Met een betere chirurg maak je ook meer kans om te overleven. Helaas, maar het is zo. De advocaat is altijd partijdig, we zijn de spreekbuis van de cliënt. Onze taak is om met onze mondigheid uit te leggen wat de verdachte te vertellen heeft. En dat wordt ofwel geloofd, ofwel niet.”

Maar net door die mondigheid kun je voor een volksjury een moordenaar vrij krijgen.

“Er is nog nooit een advocaat in geslaagd een moordenaar vrij te pleiten. Je kunt wel juridische argumenten inbrengen waardoor een moord hem niet wordt aangerekend. Iemand die zijn echtgenote met een mes doodsteekt en door artikel 71 – de onweerstaanbare drang – wordt vrijgepleit, is geen moordenaar meer.”

Het valt op dat u graag de onverdedigbaren verdedigt. Een lijstje: Jeroen Piqueur, vetmester Alex Vercauteren, Silvio Aquino, Pierre Serry, Jean-Pierre Van Rossem. Vormt de moeilijkheidsgraad een extra uitdaging voor u?

“Nee. De enige vraag die ik me stel, is: 'Is het een verdedigbare zaak en kan de cliënt mijn hulp gebruiken?' Maar inderdaad, de cliënten die me raadplegen, zitten vaak in een zeer penibele situatie. Die denken dat ze niks meer te vertellen hebben in de maatschappij. Tot ik me ermee ga bemoeien (glimlacht).

©Humo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234