Zondag 29/11/2020

Islamitische Staat

Handvol IS-jongeren palmen Filipijnse stad Marawi in. Hoe kan dat?

Rookwolken boven Marawi na bombardementen van het Filipijnse leger.Beeld REUTERS

Niemand kon ooit de Filipijnse stad Marawi veroveren. Dus hoe kan het dat een handjevol IS-jongeren dat wel is gelukt? Al weken leveren zij bittere strijd met het leger.

Zelfs een Filipino heeft een tolk nodig om met de inwoners van Marawi te kunnen praten. Om ze daadwerkelijk te begrijpen, is heel wat meer nodig. Het is een eigengereid volk, dat er prat op gaat dat de stad in de honderden jaren van haar bestaan nooit is veroverd. Zelfs de Spaanse conquistadores brandden er hun vingers niet aan. Dat nu een handjevol IS-getrouwe jongelui uitgerekend deze stad heeft veroverd, en er nu al drie weken bittere veldslagen voert met het Filipijnse leger, snappen zelfs de Maranaos, zoals de inwoners van de stad zich noemen, niet.

Hoe heeft dit kunnen gebeuren?

Kogels die rondvliegen in Marawi, dat is niets nieuws, daar kijkt geen Maranao nog van op. Het is zo gewoon dat zelfs de Filipijnse overheid zich daar niet eens mee bemoeit. "De overheid is zo soepel", zegt Zahria Mutimapandi, een prominente stadgenote, bijna met iets van dankbaarheid in haar stem. "Als er iemand wordt vermoord, komt daar nooit een rechtszaak van. Meestal is het ook een kwestie van eerwraak, en de overheid laat het liever aan de mensen zelf over om dat op te lossen." Omgekeerd vertellen de mensen de overheid nooit iets. Zo'n stad is het.

Het verschijnen van een groep mannen met geweren is in Marawi dan ook zoiets als een zware donderbui. Je gaat naar binnen, doet de deur op slot en wacht tot het over is. Maar dit keer, op 23 mei, liep alles anders, en gebeurde er iets wat niemand had verwacht.

Heel jong

"Al een maand ging er een gerucht dat een gewapende groep Marawi wilde aanvallen", zegt Zahria Mutimapandi. "Omdat dat nooit eerder was gebeurd, dacht iedereen: dat is alleen maar bluf. En toen het echt gebeurde waren de mensen overrompeld. Dit hadden ze niet verwacht. Toen ze die gewapende jongens zagen, dacht iedereen: wat kunnen die jonge knullen hier nou doen? Want jong waren ze. Heel jong. Dat zeggen alle ooggetuigen. De mensen dachten alleen maar: hoelang zal dit gaan duren? Een uur? Twee uur? Dat het zo zou escaleren kon echt niemand zich voorstellen."

De jongens bleken goed voorbereid en goed getraind. In de stad lagen voorraden munitie en voedsel, en het leger vond in een veroverd IS-huis zelfs een stapel geld ter waarde van meer dan een miljoen euro. De strijders verspreidden zich over de stad en namen posities in bij cruciale bruggen en toegangswegen. Hun sluipschutters bestrijken sindsdien grote delen van de stad, waar zij hun zwarte IS-vlaggen plantten, en enkele honderden burgers gijzelden.

"De eerste nacht, toen het leger er nog niet was, verbrandden ze scholen, waaronder mijn eigen alma mater, de gevangenis en een kapel", zegt Mutimapandi. "De volgende dag kwam het leger, en zagen de mensen dat dit niet in een paar uur afgelopen zou zijn. De meeste bewoners vertrokken toen, behalve de mannen die op hun eigendommen wilden passen, en oude mensen die niet weg konden. En mensen die dachten dat hun huis geen gevaar liep."

Akelig verlaten

Marawi is sindsdien een volwassen oorlogszone. Een groot deel van de stad is hermetisch afgesloten en de rest is akelig verlaten. Kogelgaten getuigen van voorbije vuurgevechten. Ramen waarachter sluipschutters zaten zijn met kogels besprenkeld. Over de stad hangt een stilte waarin elk geluid duizendvoudig wordt versterkt. Golfplaten van de daken ratelen in de wind en verder wordt de stilte alleen doorbroken door de oorlog, die af en toe door de stoffige straten voorbij giert in vrachtwagens met kaarsrechte soldaten achterop, pantserwagens met houten balken aan de zijkant om granaatscherven op te vangen, en een enkel wit bestelwagentje met achterin sluipschutters en explosievenmannen van de politie.

De lucht bromt aanhoudend van de OV-10 Bronco-bommenwerpers. De vliegtuigen met hun opvallende dubbele staart draaien een rondje, en nog een, om dan gierend naar beneden te duiken, met de neus naar voren een bom los te laten, en dan tevreden brommend weg te vliegen. Achter hen klinkt een zware dreun, en hangt er alweer een rookwolk boven de gewonde stad. Als de Bronco's weg zijn komen de gevechtshelikopters die hun boordkanonnen leeg schieten op doelwitten die te ver weg zijn om ze met het blote oog te kunnen zien.

Bombardement

Misschien is het frustratie, omdat het maar niet lukt de jongelui uit te schakelen, misschien is het minachting, maar op vrijdag, precies op het tijdstip dat het islamitische vrijdaggebed begint, begint ook het bombardement van die dag. De Filipijnen zijn niet altijd even fijngevoelig als het over moslims gaat. Toen het Filipijnse leger ooit het hoofdkwartier van het Moro Islam Liberation Front (MILF) veroverde, richtte toenmalig president Joseph Estrada daar een feestmaal aan met als hoofdgerecht varkensvlees. Een Filipino in Marawi's overwegend christelijke buurstad Iligan bekent dat mensen uit Iligan nooit omgaan met moslims en dat niemand ooit naar Marawi gaat, ook al ligt dat maar 40 kilometer verderop.

Het leger probeert een cruciale brug naar de bezette binnenstad in te nemen. Het is de bloedigste slag sinds het begin van de strijd. De IS-strijders vechten daar in hun versie van de Duitse oorlogsfilm Die Brücke: jongens van 13, 14 jaar die met doodsverachting hun brug verdedigen. In de veertien uur dat de veldslag duurt richten zij een bloedbad aan onder de soldaten. Legertrucks met gewonden denderen die middag de berg af naar het ziekenhuis in Iligan. Mannen hangen in de laadbakken, bijgestaan door hun niet gewonde collega's.

Graag wordt erop gewezen dat de leiders van de terroristen, de gebroeders Maute, zelf uit Marawi komen, alsof dat iets betekent. Marawi is een stad waar iedereen familie is van iedereen, zegt Zahria. Zij is er geboren, is er naar school gegaan en weet hoe belangrijk familierelaties zijn. "Wij zijn trots op onze familiecultuur. Als twee mensen elkaar ontmoeten gaan zij eerst uitpluizen tot in welke graad zij aan elkaar verwant zijn. Maar dat betekent niet dat wij daarom deze jongens zouden beschermen of helpen, zoals de media graag melden. Dat is heel iets anders."

Zaterdag is Marawi veranderd. Je komt er niet meer in. Plaatsen die vrijdag nog toegankelijk waren zijn dat niet meer. Waar het vrijdag veilig was, slaan zaterdag kogels in. Verdwaald, zeggen ze, maar misschien ook niet. Soldaten die vrijdag bij hun checkpoints zaten te keuvelen zeggen geen woord meer. Ook niet over dat bloedbad.

Luitenant-kolonel Herrera zei vrijdag nog: "Iedereen vraagt altijd naar het aantal slachtoffers, niemand vraagt ooit hoe het met ons gaat." Het gaat duidelijk niet goed: dertien soldaten zijn vrijdag gedood en meer dan veertig zijn er gewond.

Zondag rijdt een nieuw konvooi legervrachtwagens de stad uit. Achterin liggen de kisten die naar Manila zullen worden gevlogen. Zij worden op het asfalt van het vliegveld uitgestald voordat zij in een transportvliegtuig worden geladen. Het zijn er vijftien, geen dertien. President Duterte is overgevlogen om de gewonden een onderscheiding op te spelden. Hij had ook beloofd dat hij maandag, op de Filipijnse bevrijdingsdag, hoogstpersoonlijk de Filipijnse vlag in Marawi zou gaan planten. Maar daar hoor je hem niet meer over.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234