Zondag 27/09/2020

‘Hamburg is altijd goed geweest voor mij, ik moest iets terugdoen’

Met Gegen die Wand en Auf der anderen Seite vestigde de Duitse regisseur Fatih Akin (37) zijn reputatie als ernstige filmmaker. En dus vond hij het hoog tijd voor wat lichtere kost. Dat werd Soul Kitchen, een vrolijke grootstadskomedie, die in Venetië bekroond werd met de Premio Speciale della Giuria.

Duits-Turkse regisseur Fatih Akin levert met ‘Soul Kitchen’ grootstedelijke film af

Het gaat Zinos (rol van Adam Bousdoukos), die in een buitenwijk van Hamburg het eerder groezelige eetcafé Soul Kitchen uitbaat, niet voor de wind. Zijn vriendin (rol van Pheline Roggan) vertrekt voor haar werk naar Shanghai, zijn klanten vinden de gastronomische finesse van zijn nieuwe chef (rol van Birol Ünel) maar niks, de belastingen én de voedselinspectie zitten hem op de huid, hij heeft veel last van rugpijn en op de koop toe komt zijn niet zo betrouwbare broer (rol van Moritz Bleibtreu) om een baantje bedelen zodat hij wat meer penitentiair verlof zou kunnen krijgen. Als dat maar goed afloopt.

Dit is een film met een Engelstalige titel, gedraaid door een regisseur met Turkse roots. Toch omschrijft u het resultaat als een heimatfilm.

Fatih Akin: “Heimatfilms zijn een genre uit de jaren vijftig. Toen de Duitsers de Tweede Wereldoorlog verloren hadden, waren ze ook hun identiteit kwijt. De natie had dus een nieuwe identiteit nodig en daarom maakten ze een soort films waarin absoluut geen sprake was van de oorlog, maar waarin vooral getoond werd hoe mooi de bergen, de wouden en de kusten van Duitsland waren. Om op die manier een nieuwe liefde voor het land op te bouwen.

“In mijn geval bestaat die heimat niet uit bossen of bergen, maar uit de grootstad. Ik ben een kind van de grootstad en voelde echt de behoefte om daar een film over te maken en daarvoor het heimatthema te kiezen. Heimat betekent thuis. In de film staat het restaurant uit de titel symbool voor thuis. En soms moet dat verdedigd worden. De grootstad wordt hier dus niet zomaar als achtergrond gebruikt. Het is de plaats waar ik mij thuis voel. Ik ben geboren in Hamburg, ik ben daar opgegroeid en die stad is altijd goed geweest voor mij. Ik had het gevoel dat ik iets moest terugdoen.

“Ik zeg dit niet uit chauvinisme en ik beweer ook niet dat het de beste of interessantste stad is, maar voor mij is Hamburg de mooiste stad van Duitsland. Hamburg ligt in het noorden, de bewoners zijn er gereserveerder. Ze laten je met rust. Ze lijken misschien koeler dan de inwoners van München of Berlijn, maar Berlijn is dan ook een hysterische plek. Echt hysterisch. Als Hamburg een kroeg is, dan is Berlijn een elektroclub.”

De film is duidelijk een liefdes- verklaring aan uw stad. Maar hij heeft ook iets van een afscheidsbrief. Een afscheid van de wilde, opwindende jeugdjaren.

“Het was in ieder geval een film die ik nu moest maken. Het scenario had ik al in 2003 geschreven.”

Dat was nog voor Gegen die Wand?

“Neen, ik ben aan dit scenario begonnen toen ik net klaar was met de montage van Gegen die Wand en ik even wat vakantie nam in Spanje. Soul Kitchen moest mijn volgende film worden, maar het winnen van de Gouden Beer heeft heel wat zaken veranderd. Toen ik bezig was met het scenario van Soul Kitchen was ik een jaar of 29. De wereld die ik daarin beschreef, leek heel sterk op mijn eigen leefwereld en die van mijn vrienden. Voor ik filmmaker werd, werkte ik als deejay, kelner of barman. Het is pas later dat ik de link zag tussen de gastronomische en de filmwereld: de kok is de regisseur, de eigenaar van het restaurant is de producer en de klanten zijn het publiek. Maar dat nachtleven, met drank en vrouwen en al die andere shit, kon natuurlijk niet blijven duren. (lacht) Dus moest ik deze film nu draaien of het hele project vergeten.

“Ik wilde dit verhaal niet vertellen als een oude man die terugblikt op zijn vroegere leven. Ik wou dezelfde leeftijd hebben als mijn personages. Net zoals Clint Eastwood dat doet. Toen hij zeventig jaar werd, waren zijn personages ook zeventigers. Ik wil geen oude regisseur worden die films draait over jonge meisjes. Ik zeg dat nu wel, maar ik weet natuurlijk niet wat de toekomst zal brengen. (lacht) In die zin is Soul Kitchen inderdaad, zoals je zegt, het einde van een bepaalde levensstijl. Maar ik heb dat einde ook gewild. Ik heb het wel gehad. Ik heb het zodanig gehad dat er een prijs voor moest worden betaald. Nu wil ik andere dingen doen. Ik wil naar de radio luisteren, musea bezoeken en meer lezen.”

Hoe belangrijk is eten voor u?

“Ik wilde van Soul Kitchen alleszins een foodiemoviemaken. Ik heb maar één jaar filmschool gevolgd en daarna heb ik meteen voor de praktijk gekozen, maar tijdens dat jaar heb ik een semester lang de cursus van Helke Sander gevolgd over eten in films, met voorbeelden als Das große Fressen(‘La grande bouffe’ van Marco Ferreri, JT) of scènes uit The Godfather. Zeer interessant. Het andere semester heb ik de cursus over seks in films gevolgd. Ik heb tijdens dat jaar dus veel geleerd. (lacht) En dat heb ik in deze film goed kunnen gebruiken.

“Eetscènes filmen is zeer moeilijk, want het moet er altijd warm en lekker uitzien. Net als bij seksscènes moet je soms allerlei onappetijtelijke trucjes gebruiken om het er toch appetijtelijk te laten uitzien. Maar eetscènes zijn ook zeer visueel. In plaats van gewoon twee mensen te tonen die aan het praten zijn, kun je ook laten zien wat en hoe ze eten. En voedsel is sowieso essentieel. Als we niet eten, sterven we. Zo eenvoudig is het. En de natuur wil niet dat we sterven. Daarom komen er in onze hersenen allerlei aangename, chemische reacties los als we eten. Bij deze film heb ik ook veel bijgeleerd over koken. Er waren zoveel experts op de set en er werd elke dag wel iets anders klaargemaakt. Dat is ook een voordeel van films maken: je leert nog eens iets van een ander (lacht).”

Soul Kitchen is ook een verhaal over gentrification. Over oude stadswijken die gerenoveerd en dus opgewaardeerd worden, maar waarbij de oorspronkelijke bevolking als het ware weggejaagd wordt.

“Ik ben geboren in de wijk Hamburg-Altona. Dat was een arbeidersbuurt, want mijn ouders waren arbeiders. Toen ik daar opgroeide, woonden er ook veel buitenlanders, punkers en studenten. Maar op het einde van de jaren tachtig werden de fabrieken, die als het ware in de achtertuinen lagen, gesloten. Ze gingen gewoon dicht of verhuisden naar terreinen buiten de stad. Omdat die oude fabrieksgebouwen zo goedkoop waren, kwamen kunstenaars, schilders en filmmakers zich daar vestigen. Ze maakten er lofts van. Je zag meer groen en had koffieshops, trendy boetieks en biowinkels. De buurt werd hip. De place to be. Maar de huurprijzen werden ook steeds hoger. Veel mensen die er al woonden, moesten dus wel verhuizen. Je had er destijds ook veel Turkse kruidenierswinkels, maar dat zijn nu sushi- en caffe-lattebars geworden.

“Ik woon er nog steeds omdat ik het mij godzijdank kan veroorloven, maar toch mis ik de tijd van toen. Ik kon de film dus niet in Hamburg-Altona draaien, omdat de gezichten daar zo veranderd zijn. Het is een andere sociale klasse. En als de mensen veranderen, veranderen ook de samenleving en de stad. We hebben nu onder meer in de wijk Wilhelmsburg gedraaid, maar ook van die buurt wordt nu al gezegd dat ze de volgende hotspot zal worden. Veel van de locaties waar wij voor Soul Kitchen hebben gedraaid, zijn nu al ingrijpend veranderd. Als ik nu opnieuw naar Der amerikanische Freund (1977) kijk, die Wim Wenders in Hamburg heeft gedraaid, dan doe ik dat niet zozeer uit nostalgie. Het is meer een soort reis in de tijd. Dat is ook een van de dingen die films kunnen doen: door de tijd reizen. Wie over vijf of tien jaar nog eens naar Soul Kitchen kijkt, zal tegen dan ook het verschil merken met het echte Hamburg.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234