Woensdag 15/07/2020

InterviewLuc Sels en Rik Van de Walle

‘Hadden wij de kritiek gekregen die Wilmès kreeg, we hadden het nooit gered’: rectoren pleiten voor mildheid

KU Leuven-rector Luc Sels (l.) en UGent-rector Rik Van de Walle (r.).Beeld Bas Bogaerts

Een pleidooi voor mildheid en begrip. KU Leuven-rector Luc Sels en UGent-rector Rik Van de Walle vragen niet alleen begrip voor de moeilijke omstandigheden waarin studenten zich nu door de examens ploeteren. ‘Ik zou zelfs wat clementie willen vragen voor premier Wilmès.’

Het waren de afgelopen maanden hectische tijden voor rectoren. Aan de universiteit moesten ze zich ontpoppen tot crisismanagers. En plots zaten ze mee in de cockpit van het politieke beleid. Want het waren ‘hun’ experten die de politici tijdens de coronacrisis bijstonden.

“Ik denk niet dat er iemand van ons rector is geworden met het idee dat er ooit een dag zou komen dat we zoiets zouden doen.” Van de Walle verwijst naar donderdag 12 maart. De vijf Vlaamse rectoren ondertekenden toen een brief van alle Belgische virologen en epidemiologen om de overheid tot actie aan te manen. “We stoorden ons aan de overheid die warm en koud blies. Na onze brief is men wel tot actie overgegaan. Plots besefte ik welke verantwoordelijkheid wij droegen.”

Waarom kwam die brief er?

Luc Sels: “Ik weet nog dat ik Erika Vlieghe (die enkele weken later voorzitter werd van expertengroep GEES, red.) vroeg: ‘Hoeveel tijd hebben we om maatregelen in te voeren voor de epidemie ons tot een volledige lockdown dwingt?’ Haar antwoord: ‘Vijf dagen.’  Dan voel je de druk toenemen. De brief was een belangrijk moment. Maar weet u wat ik het moeilijkste moment vond in de crisis? Toen we als universiteit het niet-essentiële onderzoek moesten stopzetten. Toen wist ik: ‘Nu snijd ik in het wezen van de universiteit.’”

Rik Van de Walle: “Weinig mensen beseffen bijvoorbeeld dat veel van de onlinelessen ingevuld werden door mensen die zelf nog een onderzoek hebben lopen, dat vaak vasthangt aan strikte financierings- en tijdskaders. Van zodra de examens gedaan zijn, zullen ook zij weer meer aandacht moeten krijgen.”

Hoe verlopen die examens?

Van de Walle: “De examens op locatie verlopen uitstekend. Bij de online-examens is niet alles van een leien dakje gelopen, al is het aantal incidenten zeer beperkt gebleven. We kregen te maken met een hack waarbij er grensoverschrijdende beelden getoond zijn (studenten kregen in een onlinewachtruimte voor het examen porno te zien, red.). En uitgerekend in mijn oude faculteit hebben tientallen studenten informatie gedeeld op een ongeoorloofde manier. Die resultaten zijn nietig verklaard. Evident zijn studenten daar niet gelukkig mee, maar ze zien ook wel in dat we moesten ingrijpen.”

Sels: “Voorlopig verlopen de examens bij ons zonder noemenswaardige incidenten. De examenzittijd is heel professioneel voorbereid en georganiseerd, extreem veilig en het loopt goed. Gelukkig, want over het veilig organiseren van examens heb ik wel enkele slapeloze nachten gehad. Dat alles goed loopt, blijft een klein mirakel.”

Hebben jullie er al zicht op of corona invloed heeft op de examenresultaten?

Van de Walle: “Ik verwacht eerlijk gezegd dat de examenresultaten al bij al zullen meevallen. Misschien zijn ze wel eerder aan de positieve kant, net omdat de lesgevers en studenten zoveel moeite hebben gestoken in de voorbereiding. Daarnaast heb ik al van in het begin van de coronacrisis publiekelijk opgeroepen tot mildheid, wat zeer ongebruikelijk is. Ik heb alle lesgevers gevraagd na te denken over de evaluatie en daarbij het onderscheid te maken tussen hoofd- en bijzaken.”

UGent-rector Rik Van de Walle (l.) en KU Leuven-rector Luc Sels (r.).Beeld Bas Bogaerts

Examenresultaten zullen aan uw universiteit, de UGent, een zogeheten ‘coronacheck’ moeten doorstaan: als de resultaten slechter zijn dan vorige jaren, worden ze bijgesteld. Staat dat niet gelijk aan de lat lager leggen?

Van de Walle: “Je kan mij met niet veel zaken kwaad krijgen, maar daarmee wel. Neen, het staat niet gelijk aan de lat lager leggen. Ik ga uit van één simpele hypothese: studenten die nu geëvalueerd worden, zijn niet minder begaafd en hebben zéker niet minder gewerkt dan hun voorgangers. Dan vind ik dat zij op dezelfde manier beloond mogen worden als hun voorgangers. Voor vakken waarbij we kunnen vergelijken met het verleden, gaan we na of de puntenverdeling in dezelfde lijn ligt als de voorgaande jaren. Is dat niet het geval, dan suggereren we lesgevers om de punten aan te passen. Dat doen we na een gevalideerde, wetenschappelijke analyse, niet vanuit het buikgevoel.”

Hoe zit dat aan de KU Leuven?

Sels: “Eigenlijk is ons beleid niet zo verschillend van dat van Gent. Al denk ik niet dat we die maatregelen nodig zullen hebben. De eerste verbeterde examens tonen dat de resultaten absoluut niet slecht zijn. Maar liever zulke maatregelen achter de hand houden dan op voorhand extreme mildheid vragen – wat Rik voor alle duidelijkheid niet gedaan heeft. We willen de leerdoelstellingen testen op een correcte manier en achteraf zien of er aanpassingen nodig zijn. Er is een verschil met de hogescholen, waar men, wellicht om goede redenen, de studievoortgangsmaatregelen al op voorhand heeft aangepast. Maar dat doe ik liever niet, omdat je studenten zo op voorhand dreigt te suggereren: ‘Wij denken dat je gaat mislukken.’”

Jullie gaven al aan dat het volgende academiejaar zo normaal mogelijk moet verlopen. Geldt dat ook voor eerstejaarsstudenten?

Van de Walle: “Aan hen willen we speciaal aandacht besteden. Zo willen we de eerste paar weken van het academiejaar flexibel invullen, met opfrismomenten of echte remediëring. De grootste uitdaging is hen in een context brengen waar ze vrienden kunnen maken. Vandaar onze inspanningen om zoveel mogelijk op de campus te laten doorgaan.”

Sels: “Uiteraard gaat de aandacht prioritair naar eerstejaarsstudenten, maar we kijken ook met veel aandacht naar studenten die nieuw zijn in het Vlaamse hoger onderwijs, zoals internationale studenten. Hoe je dat doet, verschilt sterk van opleiding tot opleiding. Extra aandacht voor goede begeleiding, contactonderwijs,  enzovoort. Dat zijn evidente prioriteiten. Al willen we ook niet dat andere studentengroepen daar de prijs voor betalen.”

Sommigen zullen, als ze aan de universiteit beginnen, sinds maart wel niet meer hebben gestudeerd.

Van de Walle: “Daar maak ik me toch ook wel wat zorgen over. Er zal een verschil zijn in voorkennis. De mate waarin men leerlingen aan de slag heeft gehouden, verschilt van school tot school. Vandaar dat we die eerste twee, drie weken gaan gebruiken om die verschillen weg te werken.”

Sels: “Natuurlijk maak ik me ook zorgen over de variatie binnen het middelbaar onderwijs. Maar er zitten ook opportuniteiten verscholen in de covidperiode. Studenten hebben de kracht van de wetenschap bijvoorbeeld van dichtbij in werking gezien in het publieke domein, wat denk ik een motiverende factor is. Ik wil niet overdreven optimistisch klinken, maar ik put toch ook wel energie uit wat we als maatschappij in enkele maanden neergezet hebben, ook als universiteit of als individuele student.”

Van de Walle: “Maar we moeten ook erkennen dat we sommige studenten zijn kwijtgeraakt. Er zijn studenten die afhaken en die we niet meer zullen terugzien als we ze niet actief zoeken.”

Sels: “Absoluut. Maar het punt dat ik wil maken, is dat bijna enkel het negatieve beklemtoond is. Ik zou heel graag ook die andere kant aan het woord zien, de opportuniteiten die zich aangediend hebben en de kracht die we getoond hebben. Ik heb in al mijn communicatie binnen de universiteit de nodige empathie proberen te tonen, en ben tegelijk heel ver weggebleven van doemdenken. We winnen daar niets mee.”

Van de Walle: “Ik denk dat geen enkel universiteitsbestuur aan doemdenken heeft gedaan.”

Sels: “De universiteitsbesturen niet.”

Wie dan wel? De media?

Sels: “Ja, absoluut.”

Hoe dan?

Van de Walle: “Door doemdenkers niet in vraag te stellen. Het gemak waarmee negatieve boodschappen in de krant terechtkomen, heeft mij erg gestoord. Ik begrijp niet dat je als journalist geen vragen stelt bij die berichten.”

Sels: “Mag ik een voorbeeld geven over de UGent? Ik heb me enorm geërgerd aan het feit dat één examen dat fout loopt alle kranten haalt, maar alle andere examens die onder complexe omstandigheden schitterend verlopen, geen aandacht krijgen. Uiteraard mogen negatieve zaken een plaats krijgen, maar dan graag met vermelding van wat goed loopt ook.”

Geldt dat ook voor coronaberichtgeving in het algemeen?

Sels: “Ja. Ik zou zelfs wat clementie willen vragen voor Sophie Wilmès (MR), die in moeilijke omstandigheden premier is geworden en voor wie ik in alle eerlijkheid bewondering heb gekregen. Want ze staat er toch maar, in een regering die aan elkaar gelijmd is in de kortst mogelijke termijn, in een politieke arena waar niemand bereid is om een compromis te sluiten. Kijk, hoed af. Dat mag ook wel eens gezegd worden.”

KU Leuven-rector Luc Sels (l.) en UGent-rector Rik Van de Walle (r.).Beeld Bas Bogaerts

Wat hadden wij dan beter kunnen doen?

Van de Walle: “Die fameuze powerpoints op vrijdagavond waar men mee gelachen heeft, ook in De Morgen. Ik vond dat erg. Ik heb die powerpoints op zaterdagmorgen nog eens in alle rust bekeken: welnu, ze waren uiterst helder. Of de fameuze regel van vier: die was doodsimpel. Maar je kunt hem willen uitleggen, en je kunt hem ook in het belachelijke willen trekken. Men heeft voor het tweede gekozen.”

Sels: “Als ik even mag toevoegen: ik vind de berichtgeving over de coronacrisis in de kwaliteitskranten erg goed. Wat we hier zeggen is geen oordeel over dé pers, maar wel een pleidooi om de mildheid, die van ons gevraagd wordt, ook te tonen voor degenen die verantwoordelijkheid gedragen hebben. Ik heb toch wel bewondering gekregen voor iemand als minister Philippe De Backer (Open Vld). Die had zijn politieke afscheid al aangekondigd, plooide zich toch nog eens dubbel en is dan een paar keer keihard aangepakt in de pers. Oké, inhoudelijk zijn er fouten gemaakt, maar die man rechtte wel telkens de rug.”

Van de Walle: “Stel je voor dat wij bij elke beslissing te maken hadden gehad met de berichtgeving waarmee Wilmès en De Backer te maken hadden. We hadden het nooit gered. Nooit. Je mag de gigantische macht van de pers niet onderschatten. En ik vind eerlijk gezegd dat die vierde macht daarom heel wat kritischer voor zichzelf zou moeten zijn. Dat is een maatschappelijk probleem. De bijna-camaraderie tussen leidinggevende journalisten, opiniemakers en politici is totaal misplaatst. Ik stoor me geweldig aan journalisten die selfies met geïnterviewden op sociale media zwieren. Ik kan daar niet bij. Hou afstand, wees sereen en becommentarieer.” 

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234