Zaterdag 31/07/2021

Haal mij uit deze gouden kooi

Vier jaar geleden was het een complete verrassing dat Steve Stevaert afscheid nam van de Wetstraat en in Hasselt gouverneur van Limburg werd. Nu is het een even grote verrassing dat Stevaert ontslag neemt als gouverneur om ‘iets anders te doen’, buiten de politiek. Van Hasselt terug naar Brussel, of eventueel verder naar Parijs en zelfs Afrika.Door Walter Pauli

Er is iets vreemd met populaire socialisten. Sinds de oprichting van de SP waren er twee mannen die de Vlaamse socialisten optilden tot (bijna) de grootste politieke formatie van Vlaanderen. Karel Van Miert deed dat echt met de Europese verkiezingen van 1984, Steve Stevaert lukte daar ei zo na in bij de federale verkiezingen van 2003. Beiden hadden een landelijke afkomst: Van Miert uit het Kempense Oud-Turnhout, Stevaert uit het Haspengouwse Rijkhoven. Beiden zegden niet zo lang na hun triomf de politiek vaarwel. Beiden deden dat in twee schuifjes. Van Miert door al in 1989 voor het Europese Commissariaat te kiezen, Stevaert door al in 2005 gouverneur van Limburg te worden. En vervolgens koos Van Miert, na zijn commissariaat, niet voor een comeback naar de Wetstraat, en evenmin naar het Europees Parlement, maar richtte hij zich op het internationale bedrijfsleven, een aantal academische fora ook. Stevaert gaat na vier jaar gouverneurschap ook niet terug naar de Wetstraat. Maar de kans is groot dat het netwerk dat hij via verzekeraar Ethias opbouwde, hem nieuwe perspectieven geeft voor een vervolg aan zijn loopbaan. En die situeert zich niet noodzakelijk alleen in België.Hoe die grillige carrière vorm kreeg? Wel, Stevaerts dagen van politiek succes duurden al bij al ongeveer tien jaar. In januari 1995 werd hij officieel burgemeester van Hasselt, in de lente van 2005 gouverneur van Limburg. Vier jaar bleef hij daar tot hij, uitgerekend op verkiezingsdag, ontslag nam. Steve Stevaert heeft nooit tot het Wetstraat-gremium behoord. Hij was nooit een beroepspoliticus - de soort die al op jonge leeftijd moet lenen om in het parlement te raken, dan helemaal niet zo rijk is als het publiek denkt van een parlementslid (want hij moet die persoonlijke lening terugbetalen), en intussen wat moet sparen voor een volgende campagne, en toch weer moet bijlenen, etcetera. Er zijn er zo (veel) meer dan de kiezer vermoedt, de drama’s worden pas zichtbaar als een gevestigde partij sterk verliest, en vele ‘gegarandeerde’ zetels wegvallen.

Een echte elektricien

Stevaert heeft de Wetstraat nooit actief opgezocht. Hij werd ‘ontdekt’, of, ietwat bescheidener, ‘gevraagd’. Ironie van de geschiedenis: Steve Stevaert was een van de namen in het zogenaamde ‘Rosa’-team van toenmalig partijvoorzitter Frank Vandenbroucke. Stevaert was bekend, maar niet dé naam uit die Rosa-groep. Anne Van Lancker was slimmer, Patsy Sörensen kreeg meer aandacht, Philippe De Coene bespeelde de media met meer flair en Jan Peeters was al parlementslid en werd snel staatssecretaris.Toen was nieuwkomer Stevaert al een ancien. Hij was in 1982, na de gemeenteraadsverkiezingen, door Willy Claes de politiek binnengeloodst. Drie jaar later werd hij verkozen in de provincieraad. Politiek gezien is zo’n provincieraad een lift: naar beneden, of naar boven. Stevaert had geen zin om aan iets te beginnen waar hij niet meer kon bereiken dan hij voordien al deed. Hij was 31 in 1985, en zat vol ambitie.De man was toen cafébaas, en niet de minste. Een van zijn bekendste zaken, De Witte Non, moest niet onderdoen voor veel bekendere bruine kroegen in Gent, Antwerpen, Brussel of Leuven. Maar omdat Hasselt perifeer ligt, en Humo-journalisten daar hun pinten niet kwamen drinken, was het niet hip, niet wereldbekend in Vlaanderen. Maar Stevaert werkte naarstig. Hij deed niet voor het geld aan politiek. Zeggen dat hij ‘niet onbemiddeld’ is, is ietwat een understatement.Stevaert raakt gepokt en gemazeld door de Limburgse politiek. Hij zetelde er met veel goesting in Interelectra, de zuivere intercommunale voor energie (alleen maar gerund door gemeenten), en ontpopte zich in geen tijd tot een echte elektricien. Groene stroom, goedkope tarieven, hij kende de politieke logica erachter, ook de technische problemen van de dossiers. (Dat zou hem later geen windeieren leggen. Toen Steve Stevaert Vlaams minister van Energie was, had hij een ontmoeting met een topman van Electrabel. Stevaert liet hem alle hoeken van de kamer zien, forceerde belangrijke toegevingen. En, op het einde van het gesprek, één hand in de broekzak, klopte hij met de andere hand de Electrabelbons op de rug: ‘En volgend jaar kom ik terug voor een volgende ronde.’ Welja, in Limburg leeft een belangrijke Italiaanse gemeenschap, en ook die regelt haar zaken zo.En toen was er Rosa, en al snel volgde de vraag naar een nationaal mandaat voor Stevaert. Dat ging nog niet door in 1994, bij de Europese verkiezingen. Het jaar nadien, in 1995, raakte hij voor het eerst verkozen in het Vlaams Parlement. Intussen, in 1994, had hij ineens nationale faam gemaakt door in Hasselt de rooms-blauwe coalitie te breken van de zetelende burgemeester Louis Roppe jr. Die man, Stevaerts grote tegenstander van het eerste uur, is broer van Spirit-volksvertegenwoordiger Annemie Roppe, ook even genoemd als kandidaat-gouverneur, beiden kinderen van Louis Roppe sr., van 1950 tot 1978 gouverneur van Limburg.

‘Ik ben Glimburger’

Het nieuwe aan Stevaerts lijst was zijn bondgenootschap met Agalev. Het was het eerste succesvolle rood-groene verbond, en dat succes gaf Stevaert nationale street credibility ter linkerzijde.Maar toen Stevaert in 1995 de toppolitiek binnen rolde, was dat niet zijn wensdroom. Hij was dertien jaar lid van de SP, het zou een ongeluksgetal kunnen zijn, want voor zijn partij braken de vier zwarte jaren aan - het Agustaschandaal, met de pijnlijke val van Willy Claes.Maar in die Limburgse jaren had Stevaert álles geleerd wat nadien zo ‘vernieuwend’ heette. Ga maar na: zijn groene klemtonen. Zijn grote aandacht voor gezondheidszorg én voor mutualiteiten. Zijn partijopvatting. De zoektocht naar politieke oplossingen ‘naar de mensen’, als goedkope stroom, lage tarieven. De wetenschap dat je de sterkste politieke tegenstrevers klein krijgt in een kartel. Als middenstander, zijn aparte omgang met belastingen - zoals het ABVV met de Algemene Sociale Bijdrage kon ervaren. Zijn houding tegen de kerk - in Limburg bestaan er nauwelijks militante antikatholieken, zeker niet in Hasselt, waar de Virga Jesseprocessie zowat het belangrijkste event is. Hij weet dat Vlaams-nationalisme en een zekere mate van progressiviteit best samen kunnen gaan. Of, aanvankelijk minder duidelijk: zijn in wezen zeer Limburgse omgang met allochtonen, of met zogenaamde allochtonenproblemen als de hoofddoek. Limburgers zeuren daar niet over, op een of andere recalcitrante burgemeester na. Maar de meeste burgemeesters maken duidelijke afspraken, en laten ze naleven. En ten slotte misschien de bescheidenheid - de valse bescheidenheid, zullen critici zeggen, het ‘ik ben maar een gewone jongen’. Wie in Limburg zegt, ‘ik ben een hele meneer’, die dragen ze buiten. Echte meneren zeggen dat namelijk niet alleen, echte meneren dénken dat zelfs niet van zichzelf.Steve Stevaert werd minister van Ruimtelijke Ordening in opvolging van Eddy Baldewijns. Hij zette diens afbraakbeleid van de grofste gevallen van illegale woningbouw verder, en omdat hij een oneindig betere great communicator is dan zijn voorganger, kreeg het hele beleid zijn naam. Het was Stevaert die de bouwboeven een lesje leede. In die voor veel SP’ers zo ongenadige witte marsjaren tussen 1996 en 1999, gaf hem dat de aura van een politicus die ‘de rotte plekken’ durfde aan te pakken.Eigenlijk is Stevaert geen ongenadige ‘afbreker’. Eigenlijk is hij een vriendelijke jongen. Als cafébaas leer je vriendelijk te zijn, in Limburg was dat ooit zelfs een sociale conventie. In de jaren zeventig werd in heel Limburg een en dezelfde sticker verspreid, glanzend blauw, met in witte lijnen een glimlachend gezicht. Daaronder die historische slagzin: ‘Ik ben Glimburger.’ Je zag hem op iedere auto, elke boekentas, iedere fiets.Glimburger glimlachte zoals Steve Stevaert dat sinds jaar en dag doet: de lippen op elkaar, een héél brede glimlach van de ene kant naar de andere. Ontwapenend zijn, het is een van de voornaamste wapens van Stevaert in de politieke strijd. Hij gebruikt die techniek dag in dag uit. Vriendelijk zijn, een grapje: daar kan niemand tegenop. Zuurheid, zogezegd gepantserd beton, dikke rapporten, harde politieke aanvallen: Stevaert pareert die met de ogen dicht, met twee wapens: begrijpbaarheid en die ontwapenende glimlach.

Een intense train de vie

Maar achter de minzame man zat ook een tobbend mens. Al vanaf 2004, als ‘paars begint te tanen, krijgen Stevaerts naaste medewerkers de eerste hints dat hun baas niet eeuwig sp.a-voorzitter zal zijn. Al in 2004 speelde hij met het idee van 2003, het afscheid aan de politiek, de terugkeer naar Limburg. Stevaert had in snelvaarttempo echt alle mandaten uitgeoefend: provincieraadslid, bestendig afgevaardigde, volksvertegenwoordiger, minister, partijvoorzitter, gouverneur. Een roetsjbaan. Hij was de vedette der vedetten, maar werd op hetzelfde moment ook keihard verguisd. Niet alleen door rechts, ook door links. Men probeerde hem in de Visa-schandaalsfeer mee te slepen, door zijn (legale) afrekening van betaalde restaurantrekeningen op het internet te zwieren. Maar de lijst toonde ook een socialistische Bourgondiër, die het keiharde werk compenseerde met een intense train de vie. Het zou al een wonder zijn mocht dat ook privé geen enkel spoor hebben nagelaten - elke manager, iedere politicus maakt dat wel eens mee. En dan was er het overlijden van zijn moeder.En zo werd Stevaert in 2005 onverwacht gouverneur van Limburg. Hij leek rustiger, meer ontspannen, alsof hij terug thuis was gekomen. Aan de top van de sp.a werd hij opgevolgd door Johan Vande Lanotte. Officieel waren beiden brothers in arms, twee ex-Teletubbies. In de praktijk boterde het al snel niet tussen de nieuwe sp.a-top en Steve Stevaert. Vande Lanotte deed alles om de breuk met het Stevaert-tijdperk duidelijk te maken. Het gratisverhaal ging het berghok in, hij had amper nog contact met de sp.a’ers die de jaren voordien het oor van Stevaert hadden, voorop de kopstukken van de Socialistische Mutualiteit, voorzitter Mark Elchardus en algemeen secretaris Guy Peeters. Hij begroef het ideologische congres dat Stevaert in de steigers had gezet. Omgekeerd werd Vande Lanottes politieke koers in het gouvernementshuis in Limburg met stijgende verbazing, nadien met groeiende ergernis en zelfs enige woede gevolgd. Dat begon al toen de sp.a op ramkoers kwam met het ABVV rond het Generatiepact. Hoewel Stevaert op zijn laatste één mei ook aardig had geclasht met het ABVV (toen over de ‘Algemene Sociale Bijdrage’), vond hij de koers van zijn opvolger halvelings suïcidaal. Die verwijdering met Stevaert ging niet alleen van Vande Lanotte uit. Ook de relatie tussen Frank Vandenbroucke en Stevaert was intussen glaciaal geworden.En toen de lijstvorming van 2007 bekend werd, met ‘grote namen’ als Patrick Janssens en Frank Vandenbroucke die géén lijsttrekker wilden zijn, maar wél als electoraal boegbeeld werden uitgespeeld, was dat zeer tegen de zin van veel sterkhouders, veelal oud-kopstukken en nu nog burgemeesters, zoals Louis Tobback en Freddy Willockx. En - wellicht - ook een gouverneur. Wellicht, want hardop werd dat nooit gezegd. Als gouverneur - wettelijk een hoge ambtenaar - mocht Stevaert geen politieke standpunten innemen. Sinds Caroline Gennez de sp.a leidt, is Stevaert terug een vaste adviseur van de voorzitter. Maar zelfs zijn sympathie voor Gennez, en zijn kritiek op de koers die Frank Vandenbroucke intussen uitzette, kon hij als gouverneur niet publiek uiten.Hij mocht Limburg op de kaart zetten, en dat is het.

Een deugddoend intermezzo

Dat deed hij ook. Zonder de impuls van Stevaert was er geen Katarakt, en dus geen toeristisch Katarakt-effect. Of, structureel nog een stuk belangrijker, zonder Stevaert had de Leuvense rector Oosterlinck nooit het Limburgse luik van zijn raid in het universitair en hoger onderwijs kunnen redden. Het Limburgs Universitair Centrum werd de Universiteit Hasselt, en Belgisch-Limburg werd West-Limburg, en Nederlands-Limburg Oost-Limburg. Wat voor de buitenwereld provincialistische folklore was, had ook een doodernstige - want financiële - kant: ‘beide Limburgen’ dienden hun Europese (subsidie)dossiers samen in.Maar de vraag is maar of Stevaert met die positie genoegen zou nemen. Stevaert zei altijd dat hij stopte met nationale politiek “op doktersadvies”. Wellicht was dat een deel van de uitleg. De eerste jaren - of beter: zeker de eerste maanden - van zijn gouverneurschap deden hem zichtbaar deugd. Met veel goesting en gastvrijheid nodigde hij alle Brusselse contacten uit in zijn prachtige gouverneurswoning in Hasselt. De handen in de zakken, pantoffels aan de voet, de indruk wekkend dat er een paar kilo bij waren gekomen. Maar de tong nog altijd rad, de politieke commentaren helder, zij het in de beslotenheid van een tafel vol disgenoten. Dat intermezzo deed hem deugd. Maar vanaf het begin was het hem mentaal duidelijk dat Hasselt geen eindstation was. Waar zijn Antwerpse collega Cathy Berx meteen aanvaardde dat zij tot haar pensionering gouverneur zou blijven, klonk dat in Limburg even anders.En zo sprak Steve Stevaert, al in december 2005, op een nachtelijk uur en na een gevorderde maaltijd, pousse-cafés inbegrepen, tot de twee laatste drinkebroers die bleven plakken: “Binnen een paar jaar moeten jullie mij een manifest of zo helpen schrijven, met een mooi programma om iets te doen in de sociale economie. Help me hieruit. Haal me uit deze gouden kooi.” Veel externe hulp had Stevaert blijkbaar niet nodig in het nemen en/of verantwoorden van zijn beslissing. Limburg staat op de kaart, de gouverneur kan weer middenstander worden. Geen cafébaas, maar een sociaal bewogen zakenman. Een verzekeraar, een linkse bankier. Veel geld beheren, grote mechanismen controleren, als het even kan tot welzijn van de kleine man. En intussen een ander en ook wel beter leven leiden dan kon of kan in de Wetstraat of Brussel, en een avontuurlijker en internationaler dan in Hasselt, of West-Limburg.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234