Dinsdag 29/11/2022

Gwen Merckx (32)

ls ik met mannen vergader, dan voel ik me erg vrouwelijk. Mannen denken strikt hi�rarchisch. Het is erg moeilijk om je daar als vrouw tussen te wringen. Maar in een vergadering met niks dan vrouwen voel ik me juist heel mannelijk. Ik krijg het soms op mijn heupen van hun oeverloze gepraat

Wijkcommissaris Mechelen Centrum

De plaats van afspraak is gesloten, commissaris Merckx staat ons onder een paraplu op te wachten. Ze is een rijzige verschijning, met donker haar en bruine ogen. Gwen Merckx, titularis van een commando B-brevet, is een vrouw uit één stuk. Waarheen? Het liefst niet naar de Markt, want dan wordt ze gegarandeerd aan haar mouw getrokken. Geen dienst en toch, ter wille van de fotograaf, in uniform, dat krijgt ze aan haar publiek niet uitgelegd.

Merckx is zonecommissaris van Mechelen Centrum, ze commandeert er een ploeg van zeventig agenten. Die hebben spannende weken achter de rug, want de rellen in de Franse banlieues hebben ook Mechelen niet onberoerd gelaten. 'Ik ben 's nachts mee op interventie geweest', zegt ze. 'Sommige jongeren begonnen ons te jennen. Wacht maar, riepen ze, straks ontploft het hier zoals in Frankrijk. Op zo'n moment moet je het hoofd koel houden. Niet ingaan op de provocaties, maar in dialoog treden. Waarom zouden jullie auto's in brand steken, vroeg ik hen. Mechelen valt toch niet te vergelijken met Parijs? Zie maar, hoe gezellig we hier samen staan te babbelen. Sommigen gaven me gelijk, anderen stonden met hun mond vol tanden. Praten, dat werkt meestal wel.'

We nestelen ons in een café bij het Vrijbroekpark, veilig buiten haar werkgebied. "Weet je", boomt ze over de actualiteit door, "we hebben het in België nog niet zo slecht gedaan. Er zijn wel een paar auto's in brand gevlogen, maar Franse toestanden zijn uitgebleven. De aanpak van de politie verklaart natuurlijk niet alles. Toch denk ik dat we een verschil hebben gemaakt met onze gemeenschapsgerichte benadering. De Franse politie heeft geen voeling met de banlieue, ze opereert louter reactief. In België pakken we het anders aan. Bij de start van de geïntegreerde politie vier jaar geleden hebben we voor een nieuw concept gekozen: de gemeenschapspolitie. Agenten moeten niet boven maar naast de burger staan. In Mechelen hebben we veel geïnvesteerd in sociale netwerken. Scholen, wijkcomités, organisaties van middenstanders, moskeeverenigingen, we hebben overal contacten. Zo houd je de vinger aan de pols, en als er wat gebeurt, weet je meteen wie je kunt aanspreken. Dat hele concept staat of valt natuurlijk met de samenstelling van het korps. Als dienstverlenend bedrijf moet de politie een afspiegeling van de maatschappij zijn. Daar horen dus ook minderheden bij. Vrouwen en allochtonen, maar ook gehandicapten."

Diversiteit in het korps, ziedaar het stokpaardje van de 32-jarige Gwen Merckx. Ze heeft er een boek over geschreven, ze geeft er lezingen over. Merckx, bezitter van diploma's in de criminologie en de politieke wetenschappen alsook een master in marketing en communicatie, komt beslagen op het ijs. Zo was ze vijf jaar lang chef rekrutering, eerst bij de rijkswacht, vervolgens bij de federale politie. Maar de belangstelling voor het thema diversiteit was al veel eerder gewekt. Merckx weet hoe het predikaat minderheid aanvoelt. Ze was amper vijftien toen ze vanuit Sint-Niklaas naar de Koninklijke Kadettenschool trok, haar eerste aanval op het geüniformeerde mannenbastion. "Eigenlijk wilde ik dokter worden", zegt ze. "Dat lag haast voor de hand, mijn familie telt heel wat dokters en verplegers. Maar na het derde middelbaar ben ik een andere weg ingeslagen. Een klasvriendje had zich ingeschreven voor de toelatingsproef van de cadettenschool. Ik dacht: waarom ook eens niet proberen? Mijn vriendje is uiteindelijk niet geslaagd, maar ik mocht wel beginnen. Ik denk met plezier terug aan die jaren op internaat in Laken. We moesten keihard studeren, wel veertig uren per week. De opleiding bleef trouwens niet beperkt tot wiskunde of talen. We deden veel sport, we kregen cursussen etiquette, we werden verplicht om musea te bezoeken en culturele manifestaties bij te wonen. Er waren ook overlevingstochten in de Ardennen, ideaal om de groepsgeest te bevorderen. Nog altijd zijn de meeste van mijn vrienden flikken of militairen, vooral mensen die ik op de cadettenschool of later op de Militaire School heb leren kennen."

Ondanks haar prille leeftijd heeft Merckx al veel zien veranderen in het Belgische politielandschap. Toen ze aan haar loopbaan begon, was de rijkswacht nog net niet gedemilitariseerd. "Stel je voor", zegt ze, "tijdens de opleiding leerden we zelfs granaten werpen. De rijkswacht was toen nog een gesloten gemeenschap. Discipline tot en met, maar ook perfect georganiseerd. En ja, het was een mannenwereld. Toen ik binnentrad, waren er zestig vrouwen in een korps van 18.000. Ik was pas de tweede vrouwelijke officier ooit bij de rijkswacht. Sommige mannen hadden het moeilijk met een vrouw in een leidinggevende positie. Ze maakten minachtende opmerkingen. Wat gaat ge als vrouw doen als ge een ruig café moet binnenstappen? Het publiek reageerde net andersom. Chauffeurs staken hun duim omhoog als ik het verkeer stond door te zwaaien."

Thuis heeft ze nog een relict uit die beginjaren staan. Paradeschoenen met hoge hakken, ze kan er zelf niet mee lopen. "Naar het schijnt uitgekozen door een man", zegt ze, "om de kuiten van de vrouwelijke rijkswachters beter te doen uitkomen. Ach, die uniformen zijn fel geëvolueerd. Ik herinner me nog dat we als jonge rijkswachters voor de keuze werden geplaatst. Een kepie of een hoedje? We kozen voor een kepie, omdat ook de mannen een kepie droegen. Niet opvallen als vrouwen, dat was toen de boodschap. We zijn daarvan teruggekomen. De nieuwe politie-uniformen ogen best modieus. Waarom moeten we onze vrouwelijkheid ook verdoezelen? Ik draag graag een rok als ik binnendienst heb." Het groeiende zelfbewustzijn heeft een statistisch fundament: het aandeel vrouwen bij de Belgische politie is gestaag gegroeid tot zowat 15 procent. In sommige korpsen, zoals dat van Mechelen, ligt het zelfs boven de 20 procent. Weinig, als je vergelijkt met voortrekkers als Nederland, Groot-Brittannië of de Scandinavische landen. Veel, als je de blik naar het zuiden van Europa richt. De Italiaanse carabinieri bijvoorbeeld laten vrouwen pas sinds twee jaar toe.

Merckx is voorzitter van de Vereniging van Belgische Politievrouwen, die al tien jaar lobbyt voor een vrouwvriendelijk arbeidsklimaat. In de beginjaren spitste die campagne zich toe op praktische verbeteringen, zoals gescheiden kleedkamers en toiletten. "Maar we hebben ook geijverd voor een gezinsvriendelijker statuut. Sinds de politiehervorming kunnen mannen en vrouwen deeltijds loopbaanonderbreking of ouderschapsverlof nemen. Ik heb zelf geen kinderen, maar ik weet van collega's hoe moeilijk het is om een gezinsleven met een carrière als politieambtenaar te combineren." Een van de strijdpunten van de VBP was de afschaffing van de minimumlengte. Merckx: "Vroeger moest je minstens een 1,68 meter zijn om bij de politie of rijkswacht te gaan, hetzij zo'n 3 centimeter groter dan de gemiddelde Belgische vrouw. Gemeenten hadden bovendien het recht om de lat nog hoger te leggen. Als ze geen vrouwen in hun korps wilden, dan kwamen er ook geen vrouwen in. Ik heb heel wat vrouwen over die minimumlengte weten struikelen. Vrouwen, maar ook kleine mannen, lieten zich bij de kinesist rekken om toch maar door de test te geraken. Daar bestaan oefeningen voor. Als jij 's morgens uit je bed komt, dan ben je ook iets groter dan wanneer je 's avonds gaat slapen." De gehate minimumlengte werd al lang afgeschaft. Toch hoeft de Vereniging van Belgische Politievrouwen niet meteen aan haar bestaansreden te twijfelen. "We hebben nog een lange weg te gaan", zucht Merckx. "Vrouwen zijn goed voor 30 procent van de instroom van nieuwe politieambtenaren. Dat is mooi, maar als we naar de topfuncties kijken, springen de wanverhouding in het oog. Van de 196 korpschefs bij lokale politie zijn er vier vrouwen. Bij de federale politie is het nog erger: niet één van de tachtig topfuncties wordt door een vrouw bekleed." Discriminerende wetten wijzigen is één zaak. Veel moeilijker is het om stereotiepen te veranderen. "Het blijft een feit", zegt Merckx, "als vrouw moet je je nog altijd dubbel bewijzen. Begaat een vrouw een flater, dan wordt die meteen veralgemeend tot al haar seksegenoten. Zie je wel, hoor je sommige mannen dan zeggen. In mijn eigen korps is er geen probleem, daar word ik gerespecteerd zoals iedere officier. Maar in bovenlokale vergaderingen bots ik nog vaak op sceptische collega's."

"Weet je wat me opvalt? Als ik met mannen vergader, dan voel ik me erg vrouwelijk. Mannen denken strikt hiërarchisch. Er is een pikorde, iedereen kent zijn plaats. Het is erg moeilijk om je daar als vrouw tussen te wringen. Maar in een vergadering met alleen maar vrouwen voel ik me juist heel mannelijk. Vrouwen nemen niet snel een beslissing, ze streven naar een consensus. Ik krijg het wel eens op de zenuwen van hun oeverloze gepraat. Bij mij moet het vooruitgaan, er moeten knopen worden doorgehakt."

Wat te doen om vrouwen en ander minderheden in het uniform te hijsen? Positieve discriminatie, het opleggen van quota, Merckx is er geen voorstander van. "Ik heb bij alle stappen van mijn carrière krek dezelfde proeven als de mannen afgelegd", zegt ze. "En daar ben ik heel trots op. Positieve discriminatie werkt niet, ook niet voor andere minderheidsgroepen zoals allochtonen. We moeten zowel vrouwen als allochtonen sensibiliseren, hen op alle mogelijke manieren uitleggen dat ook zij welkom zijn bij de politie. Maar we moeten vooral de lat niet lager gaan leggen, want dan krijgen ze geen respect van hun collega's. En bovendien, selectieproeven hebben hun nut. Wat moet je met een agent die niet aan het functieprofiel voldoet en die geen fatsoenlijk pv kan opstellen?"

Gwen Merckx heeft een welomlijnd doel voor ogen: ze wil korpschef worden. "Daarom ben ik drie jaar geleden van de federale naar de lokale politie overgestapt", zegt ze. "Ik wilde operationele ervaring opdoen. Die heb je nodig, want de plaatsen als korpschef zijn schaars en worden fel bevochten." Gegadigden kunnen alvast dit onthouden: politiecommissaris is geen nine-to-five job. "Je staat ermee op en je gaat ermee slapen", zegt Merckx. "Alleen als ik met vakantie ben, kan in het werk echt van me afzetten."

Het zal wel beroepsmisvorming zijn. Aspe en Geeraerts behoren tot haar favoriete schrijvers. En jawel, zondag zit ze geheid voor de buis om de eerste aflevering van nieuwe Flikken-reeks te zien. "De meeste flikken die ik ken zijn dol op politieseries", zegt ze. "Ik vind Flikken vooral een nuttig voorbeeldprogramma. Er spelen sterke vrouwen in, vrouwen in leidinggevende functies. Dat helpt om het imago van de politie als vrouwonvriendelijk bedrijf te corrigeren. Natuurlijk biedt Flikken geen echt realistisch beeld van de politie. Het saaie papierwerk krijgen we bijvoorbeeld niet te zien. En helaas worden lang niet alle misdrijven opgelost, zoals op de televisie wel het geval is. Toch verkies ik Flikken boven een serie als Het leven zoals het is. Want ook dat is fictie, maar dan met echte mensen die ongewild als acteurs worden gebruikt."

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234