Woensdag 08/12/2021

Guy Mees

Het laatste zachte gebaar van

Brussel

Van onze medewerker

Luk Lambrecht

Zaterdagnacht overleed kunstenaar Guy Mees (1935). Daarmee verliest de Belgische kunstwereld een spilfiguur die de grenzen van de beeldende kunst tot het abrupte einde van zijn leven met een zacht gebaar ter discussie bleef stellen. Het was alsof het werk van Guy Mees de laatste jaren volop werd herontdekt. Vorig jaar vond een belangrijke overzichtstentoonstelling plaats in het MuHKA in Antwerpen, er werd een uiterst mooi overzichtsboek gepubliceerd en er waren opvallende interventies op tentoonstellingen zoals in het Nicc in Antwerpen en in het kader van de tentoonstelling Henry! in Leuven.

Over het Mees-retrospectief in het MuHKA schreef Bernard Dewulf in De Morgen (14/9/02): "Op zijn fragielst, en mooist, is Mees wanneer hij, in de jaren tachtig, met pastel op zijdepapier gaat werken. Vrij grote vellen zijn goeddeels leeg, her en der zijn kleine kleurvlakjes of stipjes of streepjes aangebracht. (...) Ze zijn van een doelbewuste fragiliteit die je zelfs doet kijken naar de speldjes waarmee ze in de muur geprikt zijn. Ook de speldenknopjes zijn hier van belang, en de speldjes zelf: ze zijn de zijden draadjes waaraan die zijden vellen ternauwernood tegen de muur hangen. Zo ternauwernood als de werken zelf zijn; soms lijken die haast zichzelf op te heffen, maar enkele stippen, vegen, strepen houden ze in stand. In een tussenstand."

Guy Mees bleef als kunstenaar de jonge kunstwereld met engagement en kinderlijke nieuwsgierigheid op de voet volgen. Met zijn decennialange visuele ervaring en zijn kennis van het (internationale) kunstwereldje wist hij relativerend en kunsthistorisch-corrigerend te reageren en zelfs heel veel kunstenaars te inspireren.

In de tentoonstelling Onder anderen, die Bart De Baere in 1995 samenstelde op de site San Francesco della Vigna in Venetië, bleek toen heel duidelijk de invloed van Guy Mees, die, met verknipte stukken gekleurd papier rechtstreeks gepind op de muur, inspeelde op het werk van een aankomende generatie kunstenaars zoals Suchan Kinoshita, Honoré d'Ô, Job Koelewijn en Christophe Fink, kunstenaars die volop op zoek waren om ervaringen, handelingen en kleine gedachten om te zetten in tijdelijke en broze kunstingrepen.

Guy Mees had, althans op vormelijk vlak, een grote invloed op het werk van jongere kunstenaars als Joëlle Tuerlinckx en Maria Gabriëlle, die probeerden met beperkte middelen ruimte en geest open te breken. Guy Mees keek dan ook reikhalzend uit naar een gezamenlijk project met Valerie Mannaerts, die dit jaar voor ons land geselecteerd is voor de Biënnale van Venetië, dat gepland was in het najaar in Athene. Weinig kunstenaars van zijn generatie, waartoe ook Jef Geys, Philippe Van Snick en Bernd Lohaus behoren, wisten zo de vinger aan de pols te houden van het hedendaagse kunstgebeuren. Die openheid drukte zich uit in recent werk dat duidelijk aan sensualiteit won.

Onmiddellijk na zijn academietijd maakte Guy Mees doorwrochte abstracte, diepzwarte materieschilderijen waarin verbrand hout, dennennaalden en sporen van rode of blauwe verf voorkwamen. Op het einde van de jaren vijftig ondernam hij met Jef Verheyen reizen naar Italië en Duitsland, waar de kunst met figuren als Lucio Fontana, Piero Manzoni en Günther Uecker zich schrap zette tegen de machtige en al te lyrische kunst uit Amerika.

Van belang is dat Mees in 1960 het manifest ondertekende bij de oprichting van de Nieuwe Vlaamse School: hij wilde weg van de provincialistische kortzichtigheid en koos volop voor het intelligent inspelen op het internationaal modernisme. Guy Mees deed dat in het begin van de jaren zestig met bravoure door kunstwerken te maken met witte kant. Kant is een typisch Belgisch product dat niet meteen wordt gelinkt aan de avant-garde. Maar Mees gebruikte industriële kant met verwijzingen naar de volkse smaak als een decoratief materiaal met repetitieve patronen die helemaal niet verwezen naar metaforen of symboliek. Hij overtrok rechthoeken en cirkels met kant en monteerde er soms een rode of blauwe neon achter, zodat het werk oplichtte als een magisch icoon. Op een subtiele manier overtrok hij kleurige stropdassen met kant, waardoor kunst ook echt kon worden gedragen en de grens tussen een kunstwerk en een sier- of nutsvoorwerp wegviel.

Die betrokkenheid met de wereld kreeg op het einde van de rebelse jaren zestig uitdrukking in een aantal (visionaire) ecologische acties. In 1970 dropte Guy Mees recipiënten met zuiver en helder water in het sterk vervuilde kanaal Gent-Terneuzen. De actie en de documentatie werden op video gezet en daarna in de Antwerpse galerie X-One getoond. Video was toen als middel een openbaring voor kunstenaars die ineens bij machte bleken hun ideeën op direct en goedkoop manier te registreren.

Vanaf de jaren zeventig begon Mees' avontuur met kleur in de ruimte. Op semi-transparant kalkpapier ontstonden indrukwekkende reeksen met gekleurde streepjes en stipjes die zich, als ze opgehangen worden, gedragen als een ruimtelijke partituur. Daaruit ontstonden later de reeksen 'Verloren ruimte', waarin hij op een uiterst vrije manier gekleurd papier uitknipte en als grillige schildersgebaren met spelden tegen de muur pinde. In talloze variaties van minimale en sobere presentaties tot soms bijna barokke constellaties met gelaagde vellen papier drukte hij zijn nauwe band met de schilderkunst uit. Henri Matisse was nooit ver weg, maar Guy Mees hield zich wel ver van het Amerikaans minimalisme.

In het MuHKA werd vorig jaar duidelijk dat het Guy Mees niet te doen was om strategisch en goed overdacht uit de hoek te komen. Zijn laatste grote tentoonstelling werd een hommage aan de kunst door in een tedere dialoog te treden met kleuren en ruimten die een wonderbaarlijke plastische en poëtische wereld opriepen.

Dewulf omschreef het zo: "Het werk van Mees is niet gemakkelijk voor wie zijn cerebrale kant wil doorgronden, het kan in al zijn zwijgzaamheid aanleiding geven tot schier eindeloos commentaar op de kunst en de kunstgeschiedenis. Voor wie dat allemaal geen donder kan schelen, kan het soms gewoon aanleiding zijn tot kijkplezier; niet alleen wegens het werk zelf, maar ook door wat het probeert te doen met de ruimte en het licht om zich heen."

Spilfiguur Belgische kunstwereld bleef grenzen van beeldende kunst tot einde ter discussie stellen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234