Zondag 16/06/2019

Grote vragen: Hoeveel schijn kan een samenleving hebben?

Wat is de grote vraag van deze tijd? Filosofen uit België en Nederland denken en delen wat hen wakker houdt. Vandaag: Coen Simon, schrijver en filosoof. Van hem verscheen onlangs de bloemlezing 'Een stok om mee te denken. De techniek van filosofen' (Nieuw Amsterdam Uitgevers).


"Duitse aanvaller weigert penalty na schwalbe", lees ik op een ochtend als ik door het nieuwsoverzicht van mijn facebookapp scroll. Het bericht is vele malen gedeeld. Ik denk even dat het afkomstig is van de satirische nieuwssite De Speld, die de media becommentarieert met korte fakeberichten en koppen zoals 'Kamer wil democratische toetsing van gerechtelijke uitspraken', of 'Chelsea-supporters op huurbasis naar Vitesse'. De headline over de voetballer die een penalty weigert na een schwalbe zou naadloos in dit rijtje passen. Met een glimlach tik ik op de link en plaats deze op mijn timeline met de woorden: "Dit is zo eerlijk dat het vals lijkt." Een opmerking waarmee ik altijd wegkom, hoax of geen hoax.

De technische ontwikkelingen die nieuwe media en Photoshop hebben voortgebracht, brengen manipulatie eenvoudig binnen handbereik voor iedereen. Zodoende gaan in de sociale media dagelijks vele nepberichten en getrukeerde foto's viraal. Van de meeste is de valsheid evident en de opzet onschuldig, maar bij steeds meer berichten zijn de authenticiteit en de bedoeling ervan schimmig. Zeker bij foto's moet geregeld een deskundige uitsluitsel geven over de waarheidsgetrouwheid van het beeld.

Valsspel, doping en matchfixing in de sport, valse beelden en fake berichten op internet en in de krant, en zelfs verzonnen onderzoeksresultaten in de wetenschap: de hoax is overal. En dat komt niet alleen doordat manipuleren gemakkelijker is geworden met de nieuwe digitale middelen, de digitale systemen zelf brengen ook een nieuwe onoverzichtelijkheid met zich mee, waardoor het onderscheid tussen echt en vals diffuus wordt. Terwijl we juist door het gemak van digitale opslag en digitaal dataverkeer verwachten dat onze wereld aan transparantie wint, blijkt vooralsnog vooral het tegendeel. Om een voorbeeld te noemen: vorig jaar luidde de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA) de noodklok ronddom de jaarrekeningen van de Nederlandse Ziekenhuizen. Zowel voor de ziekenhuizen zelf als voor de boekhouders was het declaratiesysteem volstrekt ondoorzichtig. Iedere medische behandeling wordt via een codering digitaal aangemeld bij de zogeheten Grouper, een supercomputer die zich op een geheime locatie ergens in Nederland bevindt. Deze Grouper bepaalt via complexe rekenmodellen de eindprijs voor een behandeling, of verklaart zonder uitleg een declaratie als ongeldig. De artsen moeten voor hun eigen facturen worden bijgestaan door een geoutsourcete helpdesk met 'beleidsmedewerkers'. De NBA vond deze praktijk waar maar liefst 23 miljard publiek geld mee is gemoeid niet langer verantwoord, en weigerde een handtekening te zetten onder de aangifte.

Het is een van de vele voorbeelden waarbij het gemak van de techniek in zijn eigen staart bijt. En iedereen die weleens een helpdesk aan de telefoon heeft gehad, kent het machteloze gevoel dat er mee gepaard gaat.

Ondanks het feit dat dit de bijwerkingen zijn van nieuwe technolgie is dit probleem zo oud als de mens. Want tussen mens en werkelijkheid staan technische apparaten. Dat is altijd zo geweest. Plato (ca. 427-347) wijst al op de onmogelijkheid van "een directe werkelijkheid" in zijn beroemde allegorie van de grot - een beeld dat haast het prototype van onze bioscoop lijkt. De geketende mensen in de grot kennen niets anders dan de schaduwen op de muren van de grot en zien deze beelden aan voor de werkelijkheid. In werkelijkheid zijn de schaduwen afkomstig van voorwerpen "en beelden van mensen en dieren, gemaakt van steen en van hout en van allerlei ander materiaal", die achter de geketende mensen langs boven een muurtje worden gedragen en worden verlicht door "een vuur dat hoog en ver boven hen brandt". En door de echo's "van die tegenoverliggende wand" zijn de kijkers in de veronderstelling "dat het geluid werd gemaakt door de passerende schaduw" - een perfecte hoax. En een fact-checker, meent Plato, is niet welkom: ze zouden hem "doden als ze hem op een of andere manier in handen konden krijgen".

De rol van de filosoof van onze tijd is de rol die hij altijd al heeft. Hij moet niet dé waarheid aan het licht brengen, maar wel, zoals Plato al deed, laten zien op welke wijze onze waarheden tot stand komen. En dat betekent midden in deze digitale revolutie een hoop werk voor de filosofie.

Grote Vragen is een achtdelige reeks naar aanleiding van de maand van de filosofie. Morgen deel 2: 'Zijn wij de laatste mensen?'

Beeld Coen Simon
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden