Dinsdag 13/04/2021

Grote schoonmaak in het parlement

De vaststelling verbluft: zowel in de Kamer als in het Vlaams Parlement is slechts de helft van de volksvertegenwoordigers zeker dat ze op dezelfde plaats blijven zitten na de verkiezingen. Ultiem bewijs dat de democratie stilaan doldraait, of werkt vernieuwing juist verfrissend?

Ook Etienne Schouppe (CD&V) gaat dus op 25 mei met politiek pensioen, zo bevestigde hij deze week. Schouppe, oud-CEO van de NMBS, voormalig staatssecretaris en vandaag gecoöpteerd senator, is de zoveelste prominente politicus die zijn afscheid aankondigt. Sommigen - Jean-Luc Dehaene (CD&V), Mieke Vogels (Groen) of Patrick Janssens (sp.a) bijvoorbeeld - zetten vrijwillig een stap opzij na een mooie carrière in de politiek. Bij anderen - Carl Devlies (CD&V), Bruno Tuybens (sp.a) of Jan Roegiers (sp.a) - is het min of meer van moetens.

De gehele verschuiving in 's lands volksvertegenwoordiging die er zit aan te komen, oogt ronduit indrukwekkend. De Morgen deed zelf de rekenoefening op basis van de (voorlopige) lijsten die de Vlaamse partijen al bekendmaakten. Van de huidige groep van 88 Nederlandstalige Kamerleden is precies de helft (44), behoudens onverwachte rampspoed, zeker dat ze na de stembusgang het werk kunnen voortzetten op dezelfde plek. In het Vlaams Parlement is de kaalslag nog groter: slechts 51 op 124 keert zeker terug.

Dat wil nog niet zeggen dat alle anderen daarom op pensioen moeten of een andere baan moeten zoeken. Een grote groep van de huidige parlementsleden moet dit keer genoegen nemen met een strijdplaats of een onzekere opvolgersplaats (13 in de Kamer, 26 in het Vlaams Parlement). En een ander deel (18 in de Kamer, 16 in het Vlaams Parlement) maakt de overstap naar een andere assemblee.

Dynastieke evenwichten

Dat die laatste groep groter is dan anders is een gevolg van het samenvallen van de verschillende verkiezingen op één dag. Behalve met een evenwicht tussen mannen en vrouwen gingen de nationale hoofdkwartieren zo ook aan het puzzelen met lokale en dynastieke evenwichten binnen de provincie.

"Mijn neef Peter trekt de Vlaamse lijst en twee Van Rompuys op één lijst, dat is te veel", legt Eric Van Rompuy uit. Hij vertrekt uit het Vlaams Parlement en moet kampen op een strijdplaats voor een zitje in de Kamer. "Sinds de provinciale kieskring is ingevoerd, stuurt de partijleiding veel meer de lijstvorming. Bij de oude arrondissementen deelde vaak lang de ene regionale sterkhouder de lakens uit. Het Vlaams Parlement was mijn biotoop, dat klopt. Maar ik loop niet chagrijnig rond. Ik bekijk het als een opportuniteit. Ik kijk er al naar uit om de degens te kruisen met Jan Jambon in de Kamer als ik verkozen ben."

Toch is het bredere plaatje wel degelijk een ernstig debat waard, meent Van Rompuy. De wettelijk verplichte vervrouwelijking van de lijst en de algehele zucht naar verjonging is te ver doorgeschoten, vindt hij. "Niets tegen vrouwen, maar zij verdringen heel wat capabele vijftigers. Voor een oudere man wordt het lastig om nog een plekje te bemachtigen. De rotatie is al langer aan de gang. Sinds 2004 is twee derde van het gehele Vlaams Parlement vervangen. Gemiddeld zetelt een Vlaams Parlementslid zeven jaar. Dat is net iets meer dan één legislatuur, terwijl je er minstens twee nodig hebt om er echt te staan."

Raid van de N-VA

De omlooptijd van een politieke loopbaan wordt te kort, vreest Van Rompuy. "Je hebt een legislatuur nodig om je in te werken in je specialisatie, contacten te leggen binnen en buiten de politiek en je plaatsje te vinden binnen de fractie. Pas in de tweede kun je aan je reputatie bouwen, de onafhankelijkheid om op te boksen tegen de kabinetten en de regering. Dat nu de helft vertrekt is erg jammer. Ik zeg niet dat iedereen tot zijn tachtigste in het parlement moet zitten, maar er gaat heel wat expertise verloren. Het collectieve geheugen vervaagt. Het is niet omdat je jong bent, dat je ook goed bent."

Behalve de samenvallende verkiezingen zijn er nog objectieve redenen waarom de schoonmaak in de diverse fracties ditmaal zo duchtig gehouden wordt. Door de afschaffing van het rechtstreeks verkozen deel van de Senaat vallen er in Vlaanderen 25 zetels weg. Dat maakt de plaatsjes duur.

Slechts 5 van die huidige 25 mogen gerust zijn dat ze naar een ander parlement kunnen (Wouter Beke (CD&V), Rik Daems en Martine Taelman (Open Vld), Elke Sleurs (N-VA) en Anke Van dermeersch (VB)). Anderen (moeten) stoppen, zoals Dalila Douifi (sp.a) of Dirk Claes (CD&V), en de rest dringt mee op onzekere strijdplaatsen. Dat is bijvoorbeeld ook het lot voor bekende namen als Sabine de Bethune (CD&V), Bert Anciaux (sp.a) of Freya Piryns (Groen).

Daarnaast is er ook de waarschijnlijke raid van N-VA op de zetels van andere partijen. Zeker in het Vlaams Parlement, waar zelfs een verdubbeling van de huidige achttien zetels op basis van het stembusresultaat van 2009 reëel is, leidt dat tot grote verschuivingen. Met name bij Vlaams Belang dreigt de N-VA-euforie voor een regelrechte ravage te zorgen. Slechts drie VB'ers zijn zeker van een verlengd verblijf in de Kamer, in het Vlaams Parlement zijn het er vier. Kopstuk Filip Dewinter ruilt het Vlaams Parlement voor de Kamer, Gerolf Annemans vlucht naar Europa, maar zelfs die ene zetel is niet absoluut gegarandeerd.

De casus van het Vlaams Belang, met zijn grote en kwalitatief betwistbare fracties die nu onder druk staan, toont aan dat de op handen zijnde verschuiving geen catastrofe voor de democratie hoeft te zijn. Zeker het Vlaams Parlement kan wel een injectie politiek en retorisch talent gebruiken. Dat er enige toppolitici uit de Kamer overkomen kan daartoe bijdragen. Met voorzitters Gwendolyn Rutten (Open Vld), Bruno Tobback (sp.a) en Wouter Van Besien (Groen) en ook overstappers uit de Kamer als Bart Somers (Open Vld), Ben Weyts (N-VA) en Renaat Landuyt (sp.a) oogt de toekomstige bezetting er alvast een stuk spannender.

Statler & Waldorf

"Ik erger me zelf ook wel eens aan het niveau van het debat in het Vlaams Parlement, maar dat geldt evengoed voor de federale Kamer", zegt Vlaams Parlementsvoorzitter Jan Peumans (N-VA, zeker van verlengd verblijf). "Er zijn een aantal parlementsleden die we gaan missen. Van Rompuy zeker, maar ook iemand als Lode Vereeck (LDD) en Jan Penris (Vlaams Belang) kunnen het debat kruiden. Van anderen die verdwijnen, weten heel wat mensen niet eens dat ze in het Vlaams Parlement zaten. Ook bij mijn partij zijn er in de Kamer in 2010 plots heel wat nieuwkomers gekomen. Van sommigen kun je inderdaad ook afvragen wat ze juist gedaan hebben."

Het is de reden waarom ook Peumans met een hard hoofd naar de grote personeelsverschuiving kijkt. "De nieuwe generatie is te veel bezig met de waan van de dag. Ze willen onmiddellijk scoren. Maar zo werkt het niet. Je moet ook leren debatteren, een plenaire vergadering toespreken, de boodschap weten over te brengen. En dat vergt tijd. Het is als parlementslid erg belangrijk dat je je toelegt op een specialisme. Generalisten komen er niet meer."

Van Rompuy die moppert over de teloorgang van de ervaring, Peumans die vreest voor een braindrain... Zijn dit toch niet de oude Muppets Statler & Waldorf in de versie van het Vlaams Parlement? "Met leeftijd heeft het weinig te maken", moppert Peumans. "Het is niet omdat je al 40 of 50 jaar bent, dat je niets meer kunt bijleren. Toen ik in 2004 in het Vlaams Parlement kwam, had ik één devies: horen, zien en zwijgen. Zeker het eerste jaar. Dat raad ik ook alle nieuwkomers aan."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234