Dinsdag 19/10/2021

Groeten uit Graubunden

De reisdagboeken uit mijn kindertijd zijn een beetje eentonig en saai. Salou-bad en Salou-dorp zijn de enige plaatsen die er in terug te vinden zijn. Elke grote vakantie reden we, samen met duizenden reislustige landgenoten naar Spanje. Autootje vol - mama, papa, broer, zus en ik. Ieder jaar hetzelfde huisje, dezelfde vrienden, hetzelfde strand...

De beste vakanties die een kind zich kan voorstellen, maar ik werd toch wat nieuwsgierig naar andere oorden. Ik mocht wel mee op Chiro-kampen en sportkampen, maar hoe ik ook zaagde en huilde, het buitenland zat er niet in. Mijn oudere zus en broer mochten dat wel. Toen ze op sneeuwklassen vertrokken, kreeg ik het moeilijk. Ze kwamen blakend van gezondheid terug, mooi gebruind en met een skidiploma op zak. Toen ze mij hun foto's met die sneeuw, die bergen, die gevaarlijke kabelliften en skipistes toonden, werd het me allemaal te veel. Ik sloot me dagenlang op in mijn kamertje. Jammerend en mijn ouders vervloekend. Dit scenario herhaalde zich nog een paar keer toen ook mijn neefjes en nichtjes de bergen gingen veroveren. Maar na een paar jaar eindeloos wachten, was het dan mijn beurt.

Ik zat in het zesde studiejaar, dus ik mocht mee! Skiën in Zwitserland! Op school werden grootse geldinzamelacties georganiseerd. Mijn klasgenootjes en ik werden op pad gestuurd met de opdracht zoveel mogelijk rijst- en appeltaarten kwijt te raken. Alle opa's en oma's, tantes en buren werden verplicht minimum drie taarten te kopen. Alle rommel van op onze zolder moesten we proberen op de prondelmarkt te slijten aan, opnieuw, de opa's en oma's, tantes en buren.

Ook onze lessen stonden volledig in het teken van de sneeuwreis. Bij geschiedenis leerden we de legendes van Wilhelm Tell. Natuurkunde ging uitsluitend nog over de berggeit en de edelweiss. En de lessen muziek werden nog rampzaliger toen we begonnen jodelen.

Persoonlijk vond ik de voorbereidingen op het vlak van onze uitrusting veel interessanter. Weken op voorhand bladerde ik de 3 Suisses-catalogus door. Elke zaterdagvoormiddag ging ik in de stad de nieuwste skipakken bewonderen. Uiteindelijk werd het een pastelgroen model en voor alle accessoires - handschoenen, botten en skibril - koos ik voor roze. Dé twee kleuren voor een modebewust meisje in de jaren '80. (Mijn twee jaar jongere nichtje Ellen had de pech al mijn kleren te moeten afdragen en dus ook mijn skipak. Toch kreeg zij er een paar jaar later nog complimentjes over en had ze er heel wat bekijks mee. Zelfs met de veiligheidsspeld die een bretel moest vervangen.) De muts en de sjaal vielen wat tegen. De school had namelijk een regel: alle leerlingen moesten dezelfde rood en blauw gestreepte muts dragen, én dezelfde rood en blauw gestreepte sjaal rond de hals. Daar ging mijn perfect uitgekiend ensemble! Wij hadden nog iets meer geluk dan onze aartsrivalen, de jongens van het college. Die kregen een fluo-oranje muts naar hun hoofd gesmeten, met pompon! Deze hoofddeksels mochten absoluut niet gekocht worden in de winkel. Dus zette de school ons aan het breien. Aangezien ik niet zo handig ben in deze discipline (ik kon en kan alleen rechts breien), vroeg ik mijn moeder om de klus te klaren. Zo'n muts zag ook zij niet zitten, dus die hebben we dan toch maar gekocht.

Ik was er helemaal klaar voor. Jodelahitiiieee... Op het perron liet ik mijn moeder met tranen in de ogen achter - omdat ik er zo gelukkig uitzag - en vertrokken we met de trein richting Disentis, een dorpje in het kanton Graubunden. Het station van Aalst was nog niet uit het zicht of daar begon het feestje al! Niks met seks, drugs en rock-'n-roll natuurlijk. Maar zet een groep luidruchtige en uitgelaten twaalfjarigen, zonder begeleiding van de ouders, op een trein en er komen gegarandeerd hilarische toestanden van. We amuseerden ons met allerlei wedstrijden. Om het meest chips eten. Pest de jongens van het college en hou ze klaarwakker. En dan was er de evergreen 'Een potteke zwam zwam zwam' wat tot in de vroege uurtjes luidkeels meegebruld werd. Een partytrein avant la lettre!

's Morgens kwamen we aan, uitgeput van onnozel te doen. Ik was te opgewonden om moe te zijn. De bergen waren er. Er lagen meters sneeuw, net zoals op de kaartjes van mijn zus en broer. We dropten onze valiezen in hotel Acla da Fontauna en vertrokken onmiddellijk op verkenningstocht door onze nieuwe heimat. We bezochten het typische kerkje, leerden in een kaasfabriekje alles over Zwitserse kaas. Ook ontmoetten we onze skileraar Markus. En zoals het alle jonge meisjes betaamt, werden mijn vriendin Eva en ik op slag verliefd. Geen typische bruingebakken, bloedmooie macho zoals in alle liefdesromannetjes, die Markus. Maar veeleer een sympathieke en simpele Zwitser. Met een snor. En ros haar. Echt niet de typische held dus. Maar ons had hij toch betoverd. Spijtig genoeg kregen we die eerste dag nog geen skiles maar een tocht door het Zwitserse landschap. Moe en uitgehongerd keerden we terug naar het hotel, waar we ons te goed gingen doen aan een uitgebreid diner. Dikke tegenvaller! Op het menu: Wurst und Sauerkraut. Scheisse! Ze hadden ons daar ook beter wat op voorbereid in de klas, dan hadden we onze voorzorgen kunnen nemen. Dan maar met een lege maag ons bed ingekropen, dromend over onze skilessen, de skileraar en frieten. En we smeedden het plan om met z'n allen de supermarkt te gaan leegroven om een voorraad Toblerone aan te leggen.

's Morgens stonden Eva en ik als eersten op, wachtend op Markus. Het ontbijt dat bestond uit zwart zuur brood hebben we vriendelijk geweigerd. We kregen eerst wat uitleg over de ski's en enkele nuttige tips, maar daar had geen van ons allen oren naar. We wilden de piste op en de eerste de beste berg afscheuren. Tweede tegenvaller: skiën is veel moeilijker dan het lijkt. Alleen al de skibotten aankrijgen was een hels karwei. Voortbewegen was er helemaal niet bij: iedereen sukkelde, zat in de knoop met zijn ski's, struikelde of viel. Maar Markus hield de moed erin en wij dus ook. Tegen het einde van de dag waren we zowaar aan het skiën. Allez, langlaufen.

Als après-ski stond er animatie, show en spektakel op het programma. We kregen een tennisracket in onze handen gestoken die als gitaar moest fungeren. Een grijs wc-rolletje moest voor micro doorgaan en dan maar playbacken. Rocken op Duran Duran en Europe voor de jongens, de meisjes gingen uit de bol op Sandra Kim en Madonna. Voor de koppeltjes was er Roxette. Ikzelf was één van de meiden van The Dolly Dots.

Een ander memorabel moment was toen Helga Und Die Drei Alpenjungern hun jodel- en accordeonkunstjes kwamen showen op een van die Zwitserse avonden. En wij maar huppelen en billenkletsen, zoals we geleerd hadden in de turnles.

Zo verliep onze vakantie nog tien dagen lang. Het langlaufen werd skiën, de wandelingen werden steeds langer en Markus maakte ons met de dag gekker. Alleen het eten bleef hetzelfde.

Terug thuis was het mijn beurt om te pronken met een skibrevet en veel stoere verhalen over de skileraar. In mijn versie had hij natuurlijk een oogje op mij! Deze vakantie was de eerste en de laatste die ik op ski's heb doorgebracht. Op mijn twintigste ben ik wel nog eens op schoolexcursie geweest naar Tirol, maar van skiën is daar niet veel van in huis gekomen. Dat is een ander verhaal.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234