Zondag 17/01/2021

ReportageMaatschappij

Grensoverschrijdend gedrag in rusthuizen blijft vaak ongemoeid: ‘Men besteedt er liever geen aandacht aan’

Beeld AFP

Zorgverleners die te innig knuffelen of rusthuisbewoners die naar de billen grijpen: het wetgevend kader om zulk grensoverschrijdend gedrag ten gronde aan te pakken, laat op zich wachten. Dat kaart gerontologe Els Messelis (Odisee) aan in een nieuw boek. ‘De huidige aanpak is te vrijblijvend.’

Een bewoner die een tik op haar billen geeft of tussen haar benen grijpt, iemand die aandringt om eens samen in bed te liggen of verzoekt om een intiem lichaamsdeel extra te wassen. Ergotherapeute Liesbeth Delbeke werkt al tien jaar in woon-zorgcentra en kan met gemak voorbeelden geven van seksueel grensoverschrijdende situaties. Delbeke stelt dan duidelijke grenzen en probeert een en ander bespreekbaar te maken. “Ik schrik soms, natuurlijk. Maar ik zie het ook wel ergens als part of the job. Bij mij ging het meestal om mensen die dementerend zijn. Ze zijn zich niet bewust van wat ze doen.”

Er zijn evengoed verhalen over wilsbekwame bewoners die over de schreef gaan. En het zou ook best kunnen dat een collega zo’n gedrag stelt naar een oudere toe. “Om daar goed mee om te gaan en om ongepast gedrag te voorkomen, heb ik een paar jaar geleden een opleiding als intimiteitscoach gevolgd.” En dat maakt in woon-zorgcentrum De Oever in Staden, waar Delbeke nu werkt, een verschil. Bij bewoners neemt ze vragenlijsten af over hoe ze hun seksualiteit beleven. En ze vormde een werkgroep om met het personeel probleemcasussen te bespreken. “We komen van een situatie waarin we écht dachten dat ouderen niet met seks bezig zouden zijn. Hoogstens spraken we er eens met hen over bij Valentijn.”

De ervaringen van Liesbeth Delbeke hadden in Buiten de lijnen kleuren kunnen staan, een nieuw boek dat een ‘remedie’ wil zijn tegen grensoverschrijdend gedrag. Dat gedrag zien de auteurs breed: het gaat over geweld, discriminatie en pesterijen, maar dus ook om ongewenste seksuele opmerkingen of handelingen. 

Lees ook het standpunt

Je schaamte overstijgen, een personeelslid vragen om een sekswerker, en dan alleen een afkeurende blik krijgen. Met tegenzin de kamer van een bewoner in gaan, omdat je weet dat er een oneerbaar voorstel zal volgen. Je hoeft niet lang rond te bellen om te horen hoe verkrampt er in woon-zorgcentra wordt omgesprongen met seksualiteit en grensoverschrijdend gedrag. Het is dan ook een lastig onderwerp, schrijft Femke Van Garderen in het standpunt, maar we mogen niet zwijgen.

Els Messelis, gerontoloog aan de Odisee Hogeschool, en Jan van Velthoven, directeur van verschillende woon-zorgcentra, analyseerden 24 casussen. Vaak ook gaan die over bewoners die slachtoffer zijn. Bijvoorbeeld door een zorgkundige die te innig knuffelt. Maar ook wordt een masturberende persoon met dementie weleens gefixeerd of krijgt iemand zonder toestemming medicatie om seksuele driften te onderdrukken. “Het probleem is dat al dit soort verhalen te veel onder de radar blijven.”

Messelis wijst naar het aantal meldingen over grensoverschrijdend seksueel gedrag bij het Agentschap Zorg en Gezondheid. In de afgelopen drie jaar zijn er respectievelijk twee, twaalf en zeven meldingen gedaan. “Een lachertje. We betwijfelen sterk of dit overeenkomt met de dagelijkse realiteit. Wij konden in een mum van tijd een veelvoud aan verhalen verzamelen.” In woon-zorgcentra worden ze vaak onder de mat geveegd. “Niet alleen door die bewoners en zorgverstrekkers. Ook op managementniveau besteden ze er liever geen aandacht aan.” Vaak heeft het te maken met angst. “Angst om zoiets bespreekbaar te maken, maar ook angst voor het negatieve imago van hun centrum.”

Tijd voor verplichtingen

In 2015 kwam toenmalig Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V) met een specifiek beleid rond seksueel grensoverschrijdend gedrag in de zorg. Dat stelt dat elke voorziening onder meer een procedure moet uitwerken voor de preventie en detectie hiervan. Volgens de auteurs maakt het weinig verschil. “Het is veel te vrijblijvend. Nu krijg je situaties waarin woon-zorgcentra een visietekst over seksueel grensoverschrijdend gedrag kunnen voorleggen. Maar als je doorvraagt merkt je dat er in de praktijk amper iets gedaan wordt om de kans op grensoverschrijdend gedrag te verkleinen.” 

De gerontologe is nogal misnoegd over het feit dat opvolger Wouter Beke een wetswijziging op de lange baan schuift. “Wij pleiten er al vijf jaar voor om een aantal verplichtingen door te voeren. Zo zou elke voorziening een vertrouwens- of referentiepersoon grensoverschrijdend gedrag moet hebben.” En ze denkt aan een verplichte set aan gedragscodes en huisregels. Zoals: een verbod op een intieme relatie met een personeelslid of de afspraak om een bewoner, bij een andere hulpvraag, niet plots naakt achter te laten. “Daarbovenop heb je een doorgedreven controle nodig en sancties voor de centra die zulke maatregelen niet volgen.” 

“Er is nog veel werk aan de winkel in de ouderenzorg”, ziet ook Erika Frans, expert seksueel grensoverschrijdend gedrag bij Sensoa. “In de gehandicaptenzorg, waarvoor hetzelfde Vlaamse beleid geldt, staan ze een pak verder. Daar wordt veel meer ingezet op vormingen en zie je ook dat iets als seksuele dienstverlening beter gekend is.” 

Ook voor Erika Frans mag de druk vanuit de overheid verder opgevoerd worden. “Een betere ondersteuning mét de verplichting om een aantal interventies in praktijk te brengen zou een goede zaak zijn. Want nu rekenen woon-zorgcentra vooral op de inspiratie en motivatie van die werknemers die affiniteit hebben met dit onderwerp.” Dat zorgt voor te grote verschillen tussen voorzieningen. “Een mentaliteitsverandering is nodig in de zorg voor ouderen, en dit vergt meer inspanningen dan er nu gebeuren.”

Minister Beke is niet van plan om nieuwe acties te ondernemen. In een reactie verwijst hij naar het woonzorgdecreet “dat eind dit jaar na een intensief traject met de sector geactualiseerd is.” Het decreet stelt dat elk woon-zorgcentrum een procedure moet hebben dat verder reikt dan seksueel grensoverschrijdend gedrag. “De sector heeft nog tijd tot 2023 om aan die bepaling te voldoen.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234