Dinsdag 06/12/2022

Greenpeace had gewoon gelijk

In het pasverschenen boek Darwin Meets Einstein brengt Frans W. Saris niet alleen de grote wetenschappers in gesprek rond de vraag ‘Waartoe wetenschap?’, de Nederlandse fysicus kiest ook kant voor de bekende Greenpeace-activist Jaap Rodenburg, voor windenergie ook en tégen kernenergie. Volgens Saris is Nederland in 2001 ontsnapt aan een nucleaire ramp. Hierna leest u een (licht herwerkt) fragment uit het boek.

De laatste keer dat ik Jaap Rodenburg zag, was tijdens een receptie in 1997. We stonden in een rij om de nieuwe professor windenergie te feliciteren aan de Technische Universiteit Delft. In het gastenboek schreef Jaap ‘Greenpeace’ onder zijn naam, en dus schreef ik ‘Energieonderzoekcentrum Nederland (ECN)’. Ik vond het fijn ons twee zo broederlijk naast elkaar te zien staan op één pagina.Op energieontmoetingen in de wereld gaan Jaap en ik altijd over hetzelfde onderwerp in discussie met elkaar. Jaap wilde altijd gelijk hebben, ik ook uiteraard, en ik kreeg het liefst gelijk van hem. Dat is al zo sinds de hoorzitting in het parlement over het opwerken van nucleaire brandstof uit Nederland. Daar verdedigde ik destijds de stelling dat opwerken het beste was, maar Jaap stal de show. Hij sprak niet in persoonlijke naam maar namens mensen die naast het Franse La Hague, het Engelse Sellafield en het Schotse Dounreay wonen, mensen die verschrikkelijke verhalen vertelden over de gevolgen van lekken en contaminaties die worden veroorzaakt door zulke opwerkingssites.

Medische toepassing

Vooral Dounreay kreeg de schuld, en ik vatte dat persoonlijk op omdat het ECN een opwerkingscontract heeft voor de productie van Molybdenum 99, een radioactieve isotoop waarmee elk jaar ten minste 5 miljoen patiënten worden gediagnosticeerd in Europese ziekenhuizen. Mo99 is een splitsingsproduct dat wordt aangemaakt in een kernreactor in Petten in Nederland. Het wordt gescheiden van andere splitsingsproducten door een chemische behandeling, waarna het bestraalde uranium naar Dounreay gestuurd wordt om opgewerkt te worden. Een mooi voorbeeld van recyclage en een belangrijke medische toepassing, wat kan Greenpeace daar nu tegen hebben?

Puinhoop

De kritiek van Jaap Rodenburg was zwaar en goed gebracht, met veel gevoel voor drama. Eén burger van Dounreay kwam ons vertellen dat de opwerkingsfabriek een ouderwetse puinhoop was. Er was een groot tekort aan opgeleid personeel, de veiligheidsvoorschriften werden niet nageleefd, op sommige plaatsen was zoveel radioactief afval geloosd dat het ontplofte, en een kasteel in de buurt, ooit een toeristische trekpleister, is nu zo zwaar gecontamineerd dat het gesloten is voor het publiek.

Audit

“Hoe kun je nu zaken doen met zo’n bedrijf?”, vroeg een parlementslid me. Ik antwoordde dat Dounreay lid was van de United Kingdom Atomic Energy Authority (UKAEA) en onder de internationale controle stond van het Internationaal Atoomenergie Agentschap (IAEA) in Wenen en dat ik zolang Dounreay een vergunning heeft geen reden heb om te twijfelen aan de kwaliteit van zijn opwerkingsfabriek, en dat de recyclage van radioactief splitsingsmateriaal beter is voor het milieu dan telkens nieuw uranium te gebruiken. Bovendien zou het einde van die radio-isotopen ernstige gevolgen hebben voor op zijn minst al 5 miljoen patiënten in Europa.De minister leek overtuigd. Maar Jaap Rodenburg niet, en dat begreep ik niet. Tot het nieuws kwam in 1997: de UKAEA had een audit van Dounreay bevolen. De officiële bevindingen waren dat ze de veiligheidsvoorschriften niet naleven en dat ze hun licentie niet waar kunnen maken, die dan ook werd ingetrokken.Jaap had gelijk, maar dat kan ik hem niet vertellen, want Jaap is niet meer. In het gastenboek van de professor in Delft staat mijn naam geschreven onder die van Jaap Rodenburg, Greenpeace.

In de zomer van 2001 stelde ik vast dat onze nucleaire onderzoeks- en consultancygroep in Petten in het geheim begonnen was met de bouw van een eigen opwerkingsfabriek, omdat de hoogverrijkte uraniumrestanten van de Mo99-productie niet meer naar Dounreay gestuurd konden worden. Overwegingen aangaande de milieugevolgen en het non-proliferatieverdrag werden weggewuifd met een verwijzing naar de medische toepassingen. Ik kon die ontwikkeling op tijd blokkeren, maar alleen door de steun te vragen van de raad van toezicht van het ECN.In een winternacht in december 2001 was er een stroompanne in Noord-Holland, waar Petten zich bevindt. De kernreactor is een onderzoeksreactor, geen krachtcentrale; er is elektriciteit nodig om hem te doen werken, bijvoorbeeld om koelwater te pompen. De reactor beschikt over een noodkoelingssysteem om te vermijden dat de reactorkern gaat smelten bij een stroompanne. Maar die avond trad het noodkoelingssysteem niet in werking en de operatoren wisten niet wat te doen. Er is een extra veiligheidssysteem met convectiekoeling, waarvoor de operatoren een ventiel moesten openzetten, maar de controleruimte was donker. Toen ze een zaklamp wilden nemen die daar moest hangen, vonden ze de lamp niet; een collega had ze meegenomen om aan zijn auto te werken. Op goed geluk zetten de operatoren het ventiel van de convectiekoeling in wat ze namen voor de ‘open’ positie. Maar toen gingen de lichten weer aan en stelden de operatoren vast dat ze het noodconvectiekoelingssysteem afgezet hadden. Als de stroomonderbreking langer geduurd had, dan was de reactor gaan smelten en had een ernstige ramp plaatsgevonden. Toen ik dat enkele maanden later hoorde - ze dachten dat ze het geheim konden houden - vond ik dat ik de verantwoordelijkheid niet langer kon dragen en nam ik ontslag bij het ECN.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234