Zaterdag 15/05/2021

Grand old man van links is niet meer

Onverzettelijke ABVV-vakbondsleider Georges Debunne is op negentigjarige leeftijd overleden

Met het overlijden van Georges Debunne (90) verloor het ABVV, maar ook de hele Vlaamse linkerzijde, haar 'grand old man'. Debunne was koppig, onafhankelijk, dominant, taai, en nooit aflatend. Een heilige was hij niet. Wel een bokser. Een specialist van 'the noble art of self-defence', ter bescherming van de kleine man. Door Walter Pauli

Zelden heeft een vakbondsleider zijn syndicaat zo gedomineerd als Georges Debunne dat deed. Al nam hij in 1982 afscheid van de dagelijkse vakbondsleiding, tot ver in de jaren negentig bleef hij een gezaghebbende progressieve stem.

Georges Debunne kreeg socialisme van huis uit mee. Zijn grootvader Auguste Debunne was een van die legendarische 'leiders van het eerste uur', voorman in het West-Vlaamse Menen. Georges studeerde voor onderwijzer, maar kwam al tijdens de Tweede Wereldoorlog (waar hij actief was bij het verzet) in het ABVV terecht: bij het ACOD, de centrale van de overheidsdiensten.

Georges Debunne was links, maar zelfs op jonge leeftijd was hij getraind in het 'weten hoe ver hij te ver mocht gaan'. Links zijn - radicaal links zelfs - dat betekende in de vroege jaren zestig méé de Eenheidsstaking organiseren tegen Gaston Eyskens - in die tijd maakte Debunne zelfs plannen om de electriciteitscentrales lam te leggen. Maar ondanks de retoriek van die tijd was Debunne geen blinde radicaal. In de late jaren veertig had hij het ABVV al uit de greep helpen houden van de Communistische Partij. Intuïtief begreep hij wat in een context van Koude Oorlog kon en wat niet.

Even later herkende Debunne feilloos de de nieuwe tijden. Toen 'mei 1968' in Leuven losbrak, en Paul Goossens en consoorten een Studenten Vakbond (SVB) oprichtte, bleven er twee groepen afzijdig: de socialisten, die geen hoge dunk hadden van die woelwaters uit de katholieke zuil - "niets mee te maken", en de ACV-bonzen, die een lage dunk hadden voor gauchistisch geteisem dat flirtte met het communisme. Als enige socialist, als uitzondering in de syndicale wereld, gaf Georges Debunne wél thuis. Ei zo na was SVB een volwaardige centrale van het ABVV.

In 1972 werd Georges Debunne, in opvolging van Louis Major, de nieuwe secretaris-generaal van het ABVV. Hij oversteeg dat ambt: Debunne werd de maarschalk van de vakbeweging. En dat in moeilijke tijden. Major was de vakbondsman van de golden sixties, de verdeling van steeds meer welvaart. Louis Major leidde het ABVV toen Gust Cool het ACV leidde: de eerste wilde samenwerking met 'de christelijken', de tweede met 'de socialisten'. Dat zat dus snor.

Debunne nam de fakkel over aan de vooravond van de oliecrisis, in een tijd toen Jef Houthuys het ACV leidde. Houthuys was een syndicalist pur sang, maar van de anti-socialistische tak. Met Debunne sloot hij wel allianties, en zelfs machtige - samen deden ze in 1977 de regering Tindemans I vallen met hun Vrijdagstakingen - maar echt klikken deed het nooit tussen die twee.

Maar de economische situatie werd uitzichtlozer, de staatsschuld galoppeerde naar ongekende hoogten, en de eerste rooms-rode regeringen onder Wilfried Martens, met Willy Claes als vice-premier, wilden en moesten saneren. Bijvoorbeeld door de index aan te pakken. Georges Debunne sprak zijn veto uit. Het leverde hem de bijnaam 'meneer Njet' op. Onlangs herinnerde Louis Tobback zich zijn jaren als 'jong fractieleider' als volgt: "Iedereen zag wel dat het niet kon blijven duren met elk jaar een begrotingstekort van 500 miljard frank. Maar bij om het even wat je op tafel legde als mogelijke maatregel ging de lange vinger van Debunne omhoog en zei hij: 'Dat is voor de vakbond on-aan-vaard-baar'. Onaanvaardbaar, dat was zijn programma, zijn alternatief. Je zag zo dat we ons te pletter aan het rijden waren. Zo stelde hij de partij voor de keuze: of we gaan in de clash met de vakbond, of we verklaren ons onmachtig en we laten de anderen hun zin doen. Het werd dat laatste." Zo kwam de rooms-blauwe regering van Wilfried Martens aan de macht, en verdwenen de socialisten een dik half decennium in de oppositie. Zo kreeg Debunne de naam van een hardliner, een extremist: Zijne Koppigheid die regeringen deed vallen.

Bij het Belgische patronaat, vertegenwoordigd door de top van het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO), had Debunne nochtans een uitstekende reputatie. In een historisch Humo-interview met VBO-boss Raymond Pulinckx, waardeerde die vooral zijn rechtlijnigheid en gezag: "Hij was een moeilijke klant, hij kende perfect zijn dossiers, beter dan alle anderen op het ABVV samen. Dat had ook voordelen: als Debunne zei 'misschien wel', dan wist je dat je een akkoord had. Bij Jef was dat minder." In Knack typeerde Johan Struye Debunne als een man die "onveranderlijk een soort beschaafde onverzoenlijkheid uitdraagt". Zo was hij. Hij lustte een goed glas wijn, maar was immuun voor het copain-copain-circuit van dure restaurants en rijk beloonde mandaten. André Leysen, de VBO-voorzitter van de jaren tachtig, kreeg geen vat op hem. Debunne gaf de fakkel door in 1982, het begin van een barre inleveringsperiode. Hij bleef nog actief in de Europese vakbeweging en bij de Senioren. Hij steunde haast elke progressieve strijd die hem juist leek, zoals de Objectief-petitite tegen het Vlaams Blok.

Debunne zetelde ook in de Stichting De Morgen, de 'morele autoriteit' die waakte over de lijn van de krant. Hoofdredacteur Paul Goossens hem had hem daartoe uitgenodigd, na het faillissement in 1986. Als een der laatste socialisten bleef Debunne pleiten voor vers geld voor De Morgen. Hij begreep de impact van media en gebruikte die.

Mettertijd werd de oude Debunne ook bejaard, met alle ongemakken vandien. Zijn lijf was op, zijn geest nog niet. Hij leidde een petitie tegen de Europese grondwet, vocht tegen het Generatiepact. Dat lag slecht bij de sp-a, maar dat deerde hem niet. Voor zijn strijd kreeg hij in 2005 de 'Prijs van de Democratie' op de Gentse Feesten. De verslaggever noteerde: "In een rolstoel werd hij naar de microfoon gebracht. Zelf kan hij niet meer recht, de man die regeringen deed vallen. Hij kan haast niet meer spreken. Georges duwt door, wringt de woorden uit zijn mond. Zijn moedige boodschap stoot hij het plein op, de wolken boven Sint-Jacobs in. Georges in zijn klein karretje tegen Europa on full strength. Wat denken Gentenaars dan? Nie pleuje, Georges. Nie pleuje."

Dat deed hij niet, tot het einde. Bij zijn dood gisteren was de waardering voor Debunne vrij algemeen. ABVV, PS, Agalev, Ecolo, ACW/ACV en zelfs cdH stuurden persmededelingen vol waardering aan een oude makker, een fellow traveller. De s.p.a had die decency niet. Kleine partij, weinig manieren.

Georges Debunne was een hardliner: Zijne Koppigheid die regeringen kon

doen vallen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234