Donderdag 22/08/2019

Goudkoorts in niemandsland

Wie een week geleden ooit van het Poolse stadje Walbrzych had gehoord, kwam met termen als verval en torenhoge werkloosheid. Nu is er opeens de ondergrondse nazitrein met 300 ton goud en gelukzoekers die vanuit de hele wereld neerstrijken. 'Er is altijd gezegd dat de vinder 10 procent zou krijgen. Dat is één fucking miljard euro!'

"Hier", wijst Slawek Smolen, als in de rol van 'padvinder' John Locke (weet u nog?) op het mysterieuze eiland in de eerste reeks van Lost. Hij graait wat onkruid weg. We staren in een oud vierkanten betonnen gat dat, tot zo ver het oog reiken kan, gevuld is met daklozenafval, lege bierblikjes en dito wodkaflessen. "Een ventilatiekoker", oppert Slawek. "Tussen hier en het kasteel van Ksiaz, een kilometer hier vandaan, zijn er zo nog een paar. Altijd dezelfde ventilatiekokers. Je kunt een rechte lijn trekken vanaf de spoorlijn tot aan het kasteel van Ksiaz."

De politie lijkt ervan overtuigd te zijn dat dit dé plek is. Vlak bij kilometerpaal 65 op de spoorlijn van Walbrzych naar Wroclaw. Op een open plek naast het spoor, enkel te bereiken na een behoorlijke wandeling, staat een mysterieus zwart bestelwagentje met mannen in zwarte gevechtsuitrusting. Ze hebben hoogtechnologische apparatuur naast de spoorlijn neergezet en vanaf het dak van de bestelwagen zoeven camera's in onze richting.

"We moeten hier weg", besluit Slawek. "Want nu weet ik het zeker. Dit is de plek. Twintig meter onder ons staat de goudtrein."

99 procent zeker

Sinds mensenheugenis hebben treinen de eigenschap om zich uitsluitend te verplaatsen op sporen. Het lijkt dan ook lastig te vatten hoe een konvooi met 300 ton goud in een berg zou kunnen verdwijnen zonder - letterlijk - een spoor achter te laten. Toch heeft het kennelijk meer dan 70 jaar moeten duren voor een oude Wehrmacht-officier op zijn sterfbed een brief dicteerde met de exacte locatie waar hij de goudtrein in de nacht van 29 op 30 januari 1945 via een spoorwissel en een tunnel in een holle berg zegt te hebben binnengereden. Waarna de ingang en alles daar omheen zou zijn gedynamiteerd.

Tot in 1947 behoorde het goed 120.000 inwoners tellende Walbrzych met de rest van Neder-Silezië tot het door de Sovjets op Duitsland buitgemaakte gebied. Een oudere man op een terras aan het station legt uit hoe de naoorlogse bevolking kwam, en de vooroorlogse bijna voltallig wegging. "De Duitsers zijn gevlucht, Polen zijn gekomen. Er is flink wat geplunderd, toen. Met reden ook, als je weet hoeveel bloed hier is vergoten."

De Polen doopten de stad Breslau om tot Wroclaw en Waldenburg tot Walbrzych. Neder-Silezië, 700 jaar lang onderdeel van het Duitse Rijk, met z'n steenkoolmijnen en z'n fabrieken, werd deel van het communistische blok. De vraag of er in 1945 dan werkelijk niemand is geweest om een beetje aandacht te hebben voor treinen vol goud of om op z'n minst de posities van spoorwissels en tunnelmonden te documenteren, lijkt daarmee beantwoord.

"We zijn 99 procent zeker", zo verbaasde de Poolse viceminister van Cultuur Piotr Zuchowski de wereld vorige week. "We hebben de ondergrond langs de spoorlijn doorzocht met een georadar. Ik heb de beelden zelf gezien. De trein is honderd meter lang en zwaar bepantserd. We weten nog niet wat er precies in zit."

Meer had de wereld niet nodig om te besluiten dat de goudschat van de nazi's eindelijk is gevonden. Zo'n 300 ton goud, dat voornamelijk is gestolen bij joden en de plundering van Sint-Petersburg. Bergen diamanten ook. En natuurlijk: het beroemde barnstenen interieur van de Amberzaal uit het Catharina-paleis nabij Sint-Petersburg. Ook al is er van bovenaf niets te zien, daar komt dan natuurlijk wel volk naar kijken. Nadat een nieuwsgierige vorige week net niet werd gegrepen door een trein bij het nemen van een selfie, riskeert al wie nu nog op het spoor wordt gezien, een boete van 500 zloty, zo'n 118 euro.

Joods massagraf

Aan de achterklep van haar autootje neemt Christel Focken (53) een royale slok van haar fles Cola, en laat een boer. Als goudzoekers in de Sierra Nevada geen tafelmanieren hadden, dan hoeft zij ook geen moeite te doen. Christel is al vijftien jaar aan het zoeken naar de goudschat van de nazi's. Ze werkt, piekert en slaapt nu al een week in haar autootje. De nacht voor Zuchowski's aankondiging kreeg ze in haar flat in Berlijn telefoon van een bron. Dat daar iets groots op til was, in Walbrzych. De slaapzak, het gasvuurtje en een paar nutteloos gebleken rubberlaarzen op haar achterbank getuigen van een impulsief vertrek.

"Ik heb onderweg nog wat mensen gebeld en zaterdag stonden we hier met een heel team. Met drilboren en graafmachines, alles wat we nodig hadden. Helaas: de politie liet niet toe dat we ons werk kwamen doen. Ze zeiden ons dat de nazi's vast landmijnen rondom de trein hebben gelegd. Nu, dat lijkt mij wel sterk. Landmijnen laat je niet achter in een tunnel waarvan je de buitenkant wilt gaan dynamiteren. Tenzij het de bedoeling was om in één keer alles op te blazen en te vernietigen. Dan zegt men: 'Misschien is er gifgas'. Ik zeg: in geen van de vele tunnels en ondergrondse ruimten die in deze regio de voorbije jaren zijn ontdekt, is iets van die strekking vastgesteld."

Ze heeft het niet zo begrepen op de politie. Volgens haar is kilometerpaal 65 ook manifest de foute locatie. Ze opent haar laptop, een model dat niet minder jaren op de teller lijkt te hebben dan haar zoektocht. Ze wijst een satellietbeeld aan van de spoorlijn, maar dan met de focus op paal 61,6. We zien, wis en waarachtig, een krater. "Dit is de enige duidelijk herkenbare ingreep in het landschap rondom de spoorlijn die wijst op een grote explosie", zegt Christel. "Als die man op zijn sterfbed de waarheid heeft verteld, is dit het soort van plek waar men moet gaan zoeken. Dus is de trein voor mij hiér de berg ingereden, niet dáár."

Als ze niet onderweg is, zit Christel Focken in Berlijn oude spoorwegarchieven uit te vlooien. Of in bejaardentehuizen in Neder-Silezië de oudst mogelijke gasten op de arm te tikken. Ze kan er eigenlijk niet goed bij, dat niemand vandaag aandacht heeft voor het boek dat ze over de kwestie schreef en haar website.

"De eerste Polen die hier na 1945 zijn komen wonen, hebben altijd gezegd dat er in dit bos een verschrikkelijke lijkengeur hing, die ook na maanden afwachten niet weg te krijgen was. Wat ik denk, is dat de nazi's op het eind al hun nog levende dwangarbeiders in de tunnel hebben gedreven en daarna de ingang hebben opgeblazen. Men spreekt van zo'n duizend mensen, vooral Hongaarse joden. Wat als we morgen in die berg tienduizend skeletten in restanten van wit-blauwe hemden vinden in plaats van het verhoopte goud? Of, delicater nog: naast dat goud? Ik denk dat dat niet goed gaat zijn voor de Duits-Poolse betrekkingen. Op z'n minst."

Project Riese

We dobberen op een bootje in een berg. Van de uitleg van de gids daaromtrent valt weinig te begrijpen. We varen door een door Hongaarse joden gehouwen gang in het ondergrondse complex Wlodarz, zo'n 7 kilometer buiten Walbrzych. Zodra de nazi's doorhadden hoe dat hier zat met het grondwater, hebben ze besloten om het zo te laten en een bootje te gaan halen, zo menen we ervan te begrijpen.

Zoals iedereen hier spreekt de gids uitsluitend Pools. Occasioneel vangen we het woord 'nazi' op, 'Adolf Hitler', 'Albert Speer'. We moeten ons, begrijpen we, de Führer verbeelden zoals we hem herinneren uit Der Untergang. Zich helemaal verliezend in driftbuien en onrealistische doelstellingen. Hij gaf in september 1943 opdracht tot Project Riese ('Project Reus'), maar over de exacte bedoeling verschillen historici tot vandaag van mening.

Zeker is dat Hitler gehaast was, bij herhaling de werfverantwoordelijken ontsloeg en niet onder ogen wilde zien dat een tyfusepidemie duizenden vanuit Auschwitz en andere kampen tot hier gebrachte uitgemergelde gevangenen sneller deed sterven dan dat ze een steen versleept kregen. De Führer liep tegen de muren op van woede, vloekend dat hij zich verraden voelde.

Nochtans mag het op amper anderhalf jaar gerealiseerde werk best wel spectaculair worden genoemd. Zeven ondergrondse tunnel- en verdedigingscomplexen, eindeloos veel kilometers lang. Ondergronds uit zandsteen gehouwen ruimten tot 6.000 kubieke meter groot. Ondergrondse zalen met 12 meter hoge plafonds, wapenopslagplaatsen, net niet gebruiksklare wapenfabrieken. Een kluwen van tunnels, met als centrale punt het eeuwenoude kasteel Ksiaz, even buiten Walbrzych.

Er wordt beweerd dat Adolf Hitler daar zijn nieuwe hoofdkwartier zou krijgen, want ook onder het kasteel hebben de nazi's als gekken in de ondergrond zitten woelen. De alternatieve these veronderstelt een tijdelijk ondergronds militair terugtrekken, in afwachting van de zogeheten nieuwe 'wonderwapens' die de oorlogskansen konden doen keren.

Je zou kunnen stellen dat deze vervallen complexen de mensheid net zoveel kunnen bijbrengen over het nazitijdperk als het concentratiekamp Mittelbau-Dora of de gaskamers van Sobibor. Maar de souvenirstand aan de uitgang geeft niet zo'n heel erg vertrouwenswekkend gevoel bij hoe de Polen met hun erfenis zijn omgesprongen. Een kind kan aan papa's hand kiezen tussen een setje verbleekte kleurstiften, een plastic handvuurwapen en een (echt) boksijzer. Er is ook een standje waar je voor een paar zloty's kunt staan schieten. "We willen het een beetje leuk houden", zegt een meisje met dreadlocks. "Binnenkort kun je je kind ook een ritje laten maken in zo'n oud mijnwagentje van de nazi's."

60 meter graven

Christel Focken was zes toen ze haar eerste impressies van Project Riese kreeg op de knie van haar opa. "Hij was een ingenieur die gevechtsschepen ontwierp voor het Duitse leger. Op het einde van de oorlog, vertelde hij me, moest hij kanonnen en machine-onderdelen per trein door tunnels ondergronds verstoppen. Duitsland had de oorlog in het luchtruim verloren. Het was Hitlers enige en laatste mogelijke troefkaart: ondergronds gaan."

Christel heeft de voorbije 15 jaar ongeveer alle ondergrondse tunnels en bunkers uitgekamd, gefotografeerd, en gedocumenteerd. "Volgens het staatsarchief in Berlijn zou aan het einde van de oorlog 165.000 kubieke meter aan ondergrondse ruimten afgewerkt zijn geweest", zegt ze. "Wat hier in Neder-Silezië tot nu toe is ontdekt, vertegenwoordigt niet eens 35 procent. Dan denk ik zo dat er holle bergen genoeg zijn geweest om een trein in te verstoppen."

Ze heeft weinig tijd. Zoveel bergen, zoveel tunnels, zoveel ventilatiekokers. En haar belkrediet is op, ook nog eens. "Ik heb mij jarenlang verdiept in de spooktrein, waarvan we dankzij ooggetuigen bij het vertrek in het station van Wroclaw weten dat die heel streng werd bewaakt. We weten bijvoorbeeld ook dat de laatste schriftelijke vermeldingen over de barnstenen panelen dateren van 12 januari 1945. Ze bevonden zich toen in Koningsbergen en er is documentatie die toelaat te stellen dat de Duitsers de panelen na luchtbombardementen hebben overgebracht naar een geheime plaats.

"12 januari 1945, dat is goed twee weken voor het vertrek van de spooktrein uit Wroclaw. Volgens wat ik van de brief van de man op het sterfbed heb begrepen, is de trein meerdere keren heen en weer gereden. In de berg zouden meerdere keren vrachten zijn uitgeladen."

Ze heeft zitten schetsen, zitten vergelijken met andere constructies van toen. "Ik schat dat ze toch wel een meter of zestig te graven zullen hebben." We vragen haar of ze dit doet voor haar opa, voor zichzelf of - toch - voor het goud? Voor het eerst sinds onze kennismaking is er iets dat lijkt op een lach. "Er is altijd gezegd dat de vinder 10 procent zou krijgen. Een trein met driehonderd ton goud, dat is één fucking miljard euro!"

Nazi-ufo's

Een affiche wil ons lokken naar een volgend relict van Operatie Riese: de ruïnes van de Duitse militaire basis Mölke SIII, hier niet zo ver vandaan. Dit is de plek waar Duitse wetenschappers tot in het voorjaar van 1945 aan het experimenteren zouden zijn geweest met Die Glocke, volgens een hardnekkige mythe een soort verticaal opstijgende vliegende schotel en ook andere Wunderwaffen. Het museum volgt de nogal wilde speculaties die de Poolse auteur Igor Witkowski in 2000 ontwikkelde in zijn boek Prawda o Wunderwaffe. Over hoe de nazi's op het punt zouden hebben gestaan de zwaartekracht te overwinnen en ruimtetuigen door het heelal te doen zoeven met een soort nucleaire benzine.

Het bewijs voor het bestaan van nazi-ufo's is een cirkelvormige betonnen constructie die op het eerste gezicht vooral doet denken aan het monument voor koning Albert I vlak bij de haven van Nieuwpoort. Witkowski zag er een lanceerplatform in voor nazi-ufo's; de meeste ingenieurs zullen je na een korte analyse van de foto's vertellen dat dit eerder alles wegheeft van de onderbouw van een onafgewerkte koeltoren. Een indruk die wordt versterkt door de aanwezigheid van een elektrische centrale daar, in de jaren 30.

Maar met zo'n verklaring lok je natuurlijk geen museumbezoekers.

Dus ga je je opeens afvragen hoe het komt dat als de Poolse regering zo geweldig zeker is dat hier 300 ton goud onder de grond zit, en aankondigt dat het leger al is opgetrommeld, er twee dagen later in en rond Walbrzych nog altijd geen enkele soldaat is waargenomen. Wel een hoop mensen die zich hebben verkleed als soldaat. Legerbroek, rugzak, bengelende aluminium drinkpul. Je ziet ze langs het spoor struinen, brede glimlach op het gezicht, halve liter bier in de hand.

Slawek Smolen, ook al in legerbroek, weet geen blijf met z'n opwinding. Het is niet dat hij hier een gouden muntstuk denkt te zullen vinden, hij vindt het geweldig dat er opeens iets overweldigends als dit over zijn stad is neergedaald: "De ouders van mijn schoonouders woonden hier in 1945. Zij en alle mensen die er toen waren, zeggen allemaal hetzelfde. Als je zelfs maar in de buurt kwam van de ondergrondse nazibouwwerken, werd je zonder pardon doodgeschoten. Bevel van Hitler zelf. Dus ja, veel directe getuigen waren er niet."

Op woensdag is er een Poolse minister die komt beweren dat hij navraag heeft gedaan bij de bevoegde instanties en niemand ooit iets als een trein op de georadar heeft gezien. Op donderdag wordt vanuit Warschau de ontkenning weer ontkend. De foto wordt niet vrijgegeven, heet het, om niet nog meer mensen rondom de spoorweg te hebben. Het gaat, blijkt nu, op z'n minst wel zes maanden duren voor een spade eventueel de grond ingaat.

Nog op donderdag bericht een krant in Wroclaw dat de toeristische dienst van de stad Walbrzych een driedaags verblijfsarrangement heeft uitgedokterd met rondleidingen op het kasteel, de oude steenkoolmijnen rondom de stad, de ondergrondse stad Osówka en de geheime tunnels onder de stad.

De Duitse krant Bild meldt dan weer dat in Walbrzych de eerste

T-shirts in omloop zijn met een tekening van de goudtrein, al zie je in het straatbeeld niets van die strekking. Je ziet Poolse mannen in werkmanspak met een halve liter in blik. Je ziet dames in de richting van de Aldi en de Lidl slenteren. Je ziet grauwe gevels, slecht onderhouden straten en onbevattelijk veel apothekers. Je kunt je vooral met geen mogelijkheid voorstellen dat iemand hier, zoals Bild beweert, 12 euro zou neertellen voor een T-shirt.

"Tot voor kort werd Walbrzych geassocieerd met hoge werkloosheid", zo wordt gemeentelijk woordvoerder Arkadiusz geciteerd in de krant. "Dankzij de goudtrein is dat nu voorbij. Hadden we een toeristische promotie-actie moeten ontwikkelen met een mondiale impact als deze, dan had ons dat tientallen miljoenen dollars gekost."

Maar de trein, die moet daar ergens zijn. Hij moet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden