Woensdag 28/07/2021

Gouden zaken

Voor de zesde keer is het veilinghuis Bonham's naar het bergdorp Gstaad gekomen. Te koop: onder meer 35 rijklare Ferrari'sDe stelregel van het Gstaad Palace luidt 'Elke klant is een koning en elke koning is slechts een klant'

in Gstaad

Er hangt elektriciteit in de lucht. Enkel geregistreerde kopers die een nummer hebben, mogen de Baccarat-zaal van het Palace Hotel in. Pottenkijkers hoeft men er niet. Er wordt geboden op glimmende auto's van twintig, dertig jaar oud. De veilingmeester slaat af op 330.000 Zwitserse franken, zo'n 212.000 euro. "Your motorcar, sir."

Door Agnes Goyvaerts

Gstaad Palace, Zwitserland, vrijdagnamiddag. Een man in een geruit sporthemd staat zichtbaar geëmotioneerd recht. Hij heeft zonet een vuurrode Ferrari 40 Berlinetta verworven uit 1989, met slechts 3.078 kilometer op de teller. Alvorens de zaal te verlaten kijkt hij even om en zegt: "Ik was een vriend van Michel Lepeltier." Even kun je een speld horen vallen. Dan hervat de veilingmeester zijn briljant theater: "Lot 259, een elegante wagen uit 1967, zilverkleurig met zwart lederen zetels. Ik heb 50.000 francs hier vooraan..."

Op 19 december wordt in het Gstaad Palace Hotel, een sprookjeskasteel à la Disney en winterse hotspot voor de internationale jetset, het seizoen ingezet met een grote veiling. Horloges, automobilia (affiches, manchetknopen, catalogi, foto's, schaalmodellen, koffers,...) en liefst 35 rijklare Ferrari's gaan die namiddag onder de hamer. Pascal Rey, de marketingdirecteur van het hotel, steekt de ene sigaret na de andere op. Geen beweging ontgaat hem, maar hij geniet. Vijf- à achthonderd mensen komen er vandaag over de vloer. Rijk volk, dat ofwel actief aan de veiling deelneemt, ofwel in de lobby van het hotel aan een gereserveerde tafel de vorderingen van de verkoop volgt op een groot scherm, onderwijl een glaasje champagne of een kop afternoon tea nuttigend. Voordien hebben ze in de overdekte garage de zeldzame vierwielers kunnen bewonderen. Op de vloer is voor de gelegenheid smetteloos lichtbeige tapijt gelegd. Jonge mannen in pullover, heren van leeftijd met een sjaaltje in hun hemd geknoopt, families met peuters; ze wandelen er allemaal tussendoor. Een man in discrete ruitjesjas buigt zich over een dashboard, een andere kijkt onder een motorkap, een derde streelt tersluiks de bil van de gouden Berlinetta 275 GTB.

Voor de zesde keer is het veilinghuis Bonham's met zijn verzameling naar het bergdorp Gstaad gekomen en dat brengt meteen veel schoon volk op de been. Niet zozeer celebrities, eerder zwaargewichten uit de financiële wereld en verzamelaars. "Showbizzmensen kopen vlugger een nieuwe wagen", weet Pascal Rey, "en als ze al zo'n vintage car zouden willen, sturen ze hun mannetje om de aankoop te regelen, dat doen ze niet zelf."

De mensen die hier vanmiddag zijn samengestroomd, hebben twee dingen gemeen: ze zijn steenrijk en ze hebben een zwak voor Ferrari's. Ik voel me weinig verwant met hen, want deel geen van beide kwaliteiten, maar op het ritme van de veilingmeester word ik onwillekeurig meegesleept. Eerst gaan de horloges onder de hamer, Cartiers en Audemar-Piguets, Rolexen en Breitlings, Heuers en Longines. Het gaat snel en als je de veilingmeester moet geloven, doet men hier koopjes aan de lopende band. "All done? Your watch, sir, for only 16.000 francs." Dat is 'slechts' 9.200 euro. Achter me staan enkele Nederlanders, jonge mannen nog, in blazers en streepjeshemden. Een van hen woont in Genève, verneem ik, en had al een Maserati, maar die deed hij van de hand omdat z'n ski's er niet in pasten. Een andere potentiële koper is een Nederlandse luchtverkeersleider. Hij is een echte verzamelaar. Al drie Ferrari's heeft hij in zijn garage staan en hij wil vandaag een bod doen op een vierde. "De aantrekkingskracht van deze veiling", legt Rey ons uit, "is dat er inderdaad koopjes te doen zijn. Sommige wagens gaan heel hoog, omdat ze uniek zijn, maar van andere rijden er nog wel meerdere exemplaren rond, en die gaan voor een interessante prijs weg. Vandaag wordt hier niets ingehouden, ook als men onder het geschatte bedrag blijft, wordt het lot afgehamerd. Daardoor is deze veiling zo populair geworden."

Bijzonder dit jaar was niet dat een van de wagens had toebehoord aan prins Bernhard van Nederland, want dat is slechts een voetnoot in de catalogus, maar dat de volledige verzameling van Michel Lepeltier, bestaande uit 14 Ferrari's, werd geveild. Het is een triest verhaal. Lepeltier was een in 1933 geboren Fransman, een arme drommel die kort na de Tweede Wereldoorlog naar Zwitserland emigreerde, met een fiets als enig bezit. Hij begon te werken als slagershulpje en spaarde tot hij een klein benzinestation kon overnemen in Genève. Hij werkte als een paard, zeven dagen op zeven, van vijf uur 's ochtends tot middernacht, nam nooit vakantie, en droomde stilletjes van een oude Bugatti. Maar zie, een rode Ferrari kruiste zijn pad. Hij kon hem tweedehands kopen voor 20.000 Zwitserse frank. Het was het begin van een verzameling, waarvoor Michel en zijn vrouw Denise het brood uit hun mond spaarden. In 1990 reed hij op een avond met een van zijn pas aangeschafte wagens naar huis, waar hij opgewacht werd door twee jonge boefjes die hem dwongen zijn autosleutels af te geven. Michel verzette zich en werd neergeschoten, zijn vrouw Denise werd voor dood achtergelaten. Zij overleefde echter, probeerde de garage draaiende te houden, maar ging bankroet. De Ferrari's werden aangeslagen en jarenlang sleepten de onderhandelingen aan met advocaten, schuldeisers en familie. Pas enkele weken geleden viel de beslissing om de collectie te veilen in Gstaad. Wat overblijft na betaling van schuldeisers en juristen, zal eindelijk, meer dan tien jaar later, naar de nabestaanden gaan.

Van deze droeve historie is hoe dan ook weinig te merken in het hotel, ware het niet dat die ene koper naar zijn vriend Michel verwees. Voor de rest hangt hier een ongedwongen eindejaarsstemming. In elke zaal staat een hoog opgetuigde kerstboom. De Italiaanse kelners fladderen als nijvere zwaluwen rond, de bellboys zorgen ervoor dat koffers geruisloos naar de kamers gebracht worden, families zien elkaar na een jaar terug. Mocht je niet beter weten, je zou denken dat je in een gemoedelijk Zwitsers pension was beland. Maar wij weten dus beter.

Wij weten bijvoorbeeld dat het Palace Hotel een van de zeldzame vijfsterrenhotels is dat al drie generaties lang in handen van dezelfde familie is. En we weten dat er een wachtlijst van vijf jaar bestaat om hier de kerstvakantie door te brengen. Er zijn weinig hotels die het zich kunnen veroorloven, maar als je voor de jaarwisseling in het Gstaad Palace wil zijn, moet je tenminste veertien nachten boeken en het volle bedrag zes maanden van tevoren storten. Heb je nooit tevoren in het hotel gelogeerd, dan beland je automatisch op de wachtlijst en mag je er alleen in als er gaten vallen. Ik kan me voorstellen dat tal van hoteluitbaters groen van jaloezie worden als ze dat vernemen. "We maken het de mensen zo lastig mogelijk om te reserveren", zegt Rey. Tja, als je je dat kunt permitteren.

"Natuurlijk is er al verscheidene keren veel geld geboden voor dit hotel", vertelt directeur-eigenaar Ernst Scherz ons de volgende dag. "Maar wat zouden wij ermee? We zijn zo vergroeid met het Palace, we zijn de derde generatie eigenaars, met drie generaties klanten en soms zelfs drie generaties personeel." Zijn ouders slaagden er na de Tweede Wereldoorlog in om met leningen van vrienden en trouwe klanten het hotel te verwerven. Gasten als Maurice Chevalier, Louis Armstrong, Ella Fitzgerald en Josephine Baker maakten er een mondaine plek van. In 1968 lieten ze de leiding over aan hun zoon Ernst, die vandaag op zijn beurt een stap opzij heeft gezet voor zijn zoon Andrea. "Zwitserse precisie", grapt Pascal Rey als we informeren naar de leeftijd van de eigenaars. "Ernst Scherz is 65, zoon Andrea 35 en diens zoon Alexandre wordt 5. Het zou verkeerd zijn hieruit te concluderen dat Zwitsers maar om de dertig jaar seks hebben, ze zijn gewoon heel erg precies."

Gstaad was ooit een boerendorp met een handvol houten chalets en een kaasmakerij. Vandaag heeft het nog wel dat uitzicht behouden, maar in de chalets liggen kleren van Dolce e Gabbana, Cavalli en Gucci. Een appartement in Gstaad kost vandaag even veel als een flat op 5th Avenue in New York, de grondprijs ligt op om en bij 30.000 euro per vierkante meter en er staat niets te koop. Roger Moore en de Italiaanse couturier Valentino hebben hier een chalet, maar het zijn vooral zeer rijke zakenmensen die zorgen dat de met diamanten bezette polshorloges en bontjassen uit de boetieks vliegen en dat er bij Hermès een file staat. "Vorig jaar logeerde Robbie Williams hier en ook een van de Spice Girls", vertelt meneer Scherz. "Dan laten we één keer de fotografen toe in de hall om hun plaatje te schieten, maar daarna moeten ze weg. De gasten moeten absoluut op hun gemak kunnen zijn." Hij ziet zijn luxehotel, waar koning Hoessein van Jordanië heeft gelogeerd, waar Dassault zijn vliegtuigen verkocht en Pinault Gucci verwierf, nog altijd graag als een "groot Zwitsers familiepension". De stelregel van het huis luidt "Elke klant is een koning en elke koning is slechts een klant". "In de jaren tachtig werd er reclame gemaakt met celebrities", zegt Pascal Rey, "maar in de nineties werd dat ineens vulgair gevonden. We zijn toen een andere politiek gaan volgen. Het heeft veel overredingskracht gevergd van mijnentwege, maar we zijn ook met bedrijven gaan werken en we hebben activiteiten die ook jongeren aantrekken, zoals helikoptervluchten, of verrassingsontbijten op de gletsjer.

Een van de dingen waar Pascal Rey prat op gaat, is zijn Rent a Palace-project. Het hotel sluit namelijk verschillende malen per jaar, wanneer ook in het dorp alles dicht is en er dus bitter weinig te beleven valt. In die tussenperiodes kun je - op voorwaarde dat je honderd vrienden, familieleden of zakenrelaties hebt die minimum drie nachten blijven slapen - het hele hotel voor jezelf afhuren voor een zacht prijsje, natuurlijk met alle personeel erop en eraan. "We zijn het enige hotel ter wereld om dat te doen en het is erg populair", zegt Rey.

Er wilde eens een Arabische prins "als een arme mens" reizen, vertelt Rey. Hij moest regelen dat de prins voor het eerst eens een trein kon nemen, maar dan wel een trein voor hem alleen, dat spreekt. Tot Montreux. Met de privé-maatschappij gaf dat nog niet te veel problemen. "His majesty had another idea", kondigde zijn secretaris echter aan, "hij zou graag tot Genève sporen." Dezekeer moesten alle middelen ingezet worden bij de Chemins de Fer Suisses. De prins begon er kennelijk schik in te krijgen, want zijn volgende verzoek was om tot Parijs door te rijden. Op het negatieve antwoord reageerde hij verbaasd met: "Kun je dan niet even Chirac bellen?" "Uiteindelijk", vertelt Rey, "heb ik het kunnen regelen dat hij genoegen nam met twee voor hem afgehuurde wagons van de tgv."

Voor de meest veeleisende klanten bouwde het Palace Hotel in 2000 een penthouse suite op het dak, bestaande uit een salon, drie slaapkamers, een keukentje (je kunt je hun eigen kok meebrengen of, bij wijze van avontuur, eens zelf koken), een panoramisch terras met een jacuzzi in de open lucht en een sauna in het torentje van het kasteel. Prijs per nacht: 13.500 Zwitserse franken of 7.760 euro.

Ach, natuurlijk is het uitzicht spectaculair, maar ik vind de inrichting veel te druk. Ik zou al lang blij zijn met een 'deluxe'-kamer, met uitzicht op de besneeuwde bergen en een eigen balkonnetje. Dan zou ik 's ochtends gaan zwemmen in het overdekte zwembad, ook al met uitzicht op de bergen, me daarna onder handen laten nemen door de schoonheidsspecialistes, en 's middags te gaan wandelen met sneeuwschoenen, onder leiding van een van de jonge blonde monitoren. Alvorens te dineren in het uitstekende restaurant, zou ik naar het nieuws kijken op een van de vijftig zenders die mijn televisie biedt en later op de avond zou ik een afzakkertje nemen in de GreenGo bar, die geheel in de oorspronkelijke sixties-stijl is gerenoveerd, met oranje luchters en bruin tapijt. Ik zou kijken naar de langbenige blonde meisjes die er binnenkomen aan de arm van iets oudere heren, en denken dat ik ten onrechte meende dat 'trophy wives' iets van de jaren tachtig was. Ik zou kijken naar al die opgespoten lippen, en tellen hoeveel ervan mislukt zijn en me afvragen: gaan al die vrouwen bij dezelfde (slechte) plastisch chirurg? En ik zou vroeg gaan slapen, omdat het zulke hemelse bedden zijn, maar eerst zou ik mijn tanden poetsen met de gouden tandenborstel die staat te wachten in de badkamer. Dan zou ik onder het donsdeken kruipen en ervan dromen om morgen, als een gewone, arme mens, met de panoramische trein terug naar Montreux te rijden.

Wij vlogen naar Genève met Virgin Express, en namen daar de trein via Lausanne en Montreux tot Gstaad. Gstaad Palace is lid van de Leading Hotels of the World.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234