Zondag 29/11/2020

Cannabis en muziekbeleving

‘Goeie muziek wordt er beter van. Slechte muziek wordt helemaal onuitstaanbaar’

Brent Vanneste (STAKE)Beeld Anton Coene

Het Belgische hiphopduo Caballero & JeanJass bracht onlangs een ode aan cannabis met hun mixtape ‘High et fines herbes’. Dat is op YouTube ook al drie seizoenen lang de titel van hun realityshow over cannabis, de eerste in Europa. Een keur aan bekende en minder bekende gasten wordt onderworpen aan wietproeven in de breedste zin van het woord. De winnaar wordt uitgeroepen tot Le Poumon d’Or, oftewel: De Gouden Long. 

Er is ook muziek, veel muziek, en er komen culinaire hoogstandjes op tafel, gekruid met, welja, cannabis. Voor Humo – occasionele geheelonthouders – reden genoeg om drie cannabisgebruikers en één ex-blower te vragen naar de effecten van het fijne kruid op hun muziekbeleving.

Zwangere Guy‘Natuurlijke high’

Zwangere Guy, alias Gorik van Oudheusden, had met de rest van de crew in Marokko moeten zitten om daar aan de nieuwe STIKSTOF-plaat te werken, maar de coronamaatregelen houden hem aan zijn nieuwe Brusselse woonst gekluisterd, waar hij de tijd doodt met zijn succulente platencollectie en af en toe een jointje erbij.

Gorik van Oudheusden: “Het zijn twee dingen die bij elkaar passen, hè: jointje roken, muziek luisteren. Dat is zoals een goeie fles wijn bij lekker eten: het versterkt elkaar. Als luisteraar is het voor mij geen must, maar het mag zeker. Mijn allereerste joint was op de trappen van de basiliek. Of beter: mijn allereerste halve joint. Een oudere skatecrew had die achtergelaten en we hebben hem met een paar maten opgerookt. Meteen verkocht, heel lekker.”

Is er muziek die je mijdt als je geblowd hebt?

Van Oudheusden: “Ik ben echt geen technoman, maar dat mijd ik dus ook als ik níét stoned ben. Er bestaat heus wel goeie techno, maar het is gewoon mijn ding niet. Ik heb ook nog nooit een joint gerookt op heavy metal, maar dat wil ik weleens proberen.”

Zwangere Guy 2019Beeld Thomas Sweertvaegher

Helpt wiet bij het componeren?

Van Oudheusden: “Vroeger wel. Nu schrijf ik nooit meer stoned, die tijd is voorbij. Drinken ook nog amper. Het kan gebeuren dat ik nog iets noteer als ik geblowd hebt, maar het helpt mij niet meer bij het creatieve proces. Mijn gedachten slaan dan op hol: ik denk te veel en doe niks meer. Ik ga liever op zoek naar een natuurlijke high in de muziek en de beats en de rhymes.”

Iemand zei eens: als je stoned bent, líjkt alles wat je maakt fantastisch.

Van Oudheusden: “Dat herken ik, ja. Met drank net hetzelfde. Ik heb weleens stomdronken iets geschreven dat ik op het moment zelf heel goed vond, maar waarvan ik de dag erna dacht: what the fuck is deze shit?”

Is er een ideaal moment om een joint op te steken?

Van Oudheusden: “Het moment dat je van het podium komt, het moment dat je Reggae Geel of Couleur Café binnenwandelt. Of nu, met dit weer, stel je godverdomme voor: bij een barbecue met de maten. Het moment dat het vuur in de kolen wordt geblazen, een lekker jazzke wordt opgezet, de eerste pint wordt opengetrokken, en dan... shhhhhhh (imiteert een diepe teug van de vuurvogel). Héérlijk.”

Jazz past het best bij de barbecue?

Van Oudheusden: “Jazz past bij alles, 's morgens, 's middags of 's avonds. Mag van mij gerust de hele dag opstaan. Reggae ook, dub, en black seventies music. Dub en wiet: bestaat er een betere combinatie?”

Heb je koosnaampjes voor joints?

Van Oudheusden: “Djonko, doobie, ne pet – komt van pétard. Of gewoon 'ene', zoals in 'We gaan ene fumen.' En aangezien we in het emoticontijdperk leven, wordt wiet hier ook vaak afgebeeld als broccoli. Broccoli of het esdoornblad uit de vlag van Canada.”

Heb je een favoriete mélange?

Van Oudheusden: “Nee, ik rook alles. Buiten van die heel straffe, genetisch gemanipuleerde shit, daar heb ik het mee gehad. Dat was de reden waarom ik er een tijdje mee ben gestopt. Dat was iets te straf voor dikke Guy (lacht).”

Ooit zelf gekweekt?

Van Oudheusden: “Ja, zeker, ik vind dat tof. Ik heb hier momenteel twee plantjes staan, een beetje zelfkweek vind ik altijd lekkerder. Veel leuker om door de dag van te roken. Ik moet toegeven dat ik hasj ook heel lekker vind, ik heb altijd beide in huis. En altijd een voorraadje: ik kan niet naar Nederland gaan en níéts kopen, ook al heb ik nog in huis. 't Is een gewoonte.”

Hoe zit het met de bevoorrading in coronatijden?

Van Oudheusden: “We zitten in een stad, hè, en mensen zijn creatief. Er is een markt voor alles. Er zijn Uber Eats-chauffeurs die ook dealen, en er zijn nog genoeg kwekerijen. Maar zelf zit ik dus nog goed. Zoals andere mensen wc-papier hamsteren, heb ik wiet en hasj ingeslagen. Ik heb tien soorten hasj liggen en vier soorten wiet. Van elk twee, drie grammetjes. Laten rijpen, zoals een goeie fles wijn (lacht). En tegen september, oktober kan ik weer oogsten van mijn plantjes.”

Wordt er ten slotte iets gedronken bij de joint?

Van Oudheusden: “Doe maar een lekker frisse pint. Wat mis ik dat trouwens: getapte pintjes. Oohhh (droomt weg).”

Brent Vanneste (STAKE): ‘Ontspannend zelfkweekske’

Brent Vanneste heeft net onder het pseudoniem BRENNT de atmosferische lofi-ambientplaat 'Templation Islands' uitgebracht, dus hebben we het eerst even daarover.

Verklapt de titel dat je fan bent van ‘Temptation Island’?

Brent Vanneste: “Ik ben er nog maar net naar beginnen te kijken: amai, wat is dat, man? Crazy, bijna een kunstwerk. Echt zot. Door dat programma klinkt de titel van mijn plaat tegelijk exotisch en herkenbaar, maar ik vond het vooral een coole woordspeling.

“Template zit erin, omdat ik het volggedrag van de gemiddelde mens op de korrel neem, maar ook contemplation, dat verwijst naar het baarmoedergevoel dat ik heb bij de plaat. Een eclectische titel, doe ermee wat je wilt (lacht).”

Brent Vanneste.Beeld Anton Coene

Iets anders: wat doet marihuana met de muziekbeleving van de luisteraar?

Vanneste (lacht): “Oké, ter zake dus. Het is bewezen dat het iets doet met je hersenen en je gehoor. Als ik er eentje rook en ik luister naar muziek, kan ik me veel makkelijker ontspannen. Maar mijn voornaamste reden om af en toe een joint te roken is omdat ik sukkel met chronische hoofdpijn. Het is beter nu, ik heb het meer onder controle, maar ik heb meer dan een jaar dagelijks een drukkende spanningshoofdpijn gehad. De enige dingen die hielpen, waren acupunctuur, een massage, en een goed zelfkweekske roken. Ik ben nogal stressgevoelig en altijd bezig met van alles en nog wat, ik voel makkelijk prestatiedruk, of leg mezelf dat in ieder geval nogal snel op. Met een jointje kan ik makkelijker relaxen. En muziek komt nu eenmaal beter binnen als je ontspannen bent. Ik ben nooit een zware blower geweest, maar ik gebruik het af en toe als hulpmiddel. Iedereen heeft zijn eigen maniertjes: de ene mediteert, de andere gaat sporten, nog een ander rookt een zelfkweekske.”

Is er muziek die geschikter is dan andere bij het blowen?

Vanneste: “Dat is heel persoonlijk, denk ik, maar een chill muziekje zal wellicht beter binnenkomen dan iets van The Dillinger Escape Plan of een gabber-terrorcoreplaat. Nu, ík durf dat wel op te zetten als ik er eentje gerookt heb, omdat ik dan niet meer zo hard focus op die drukke, eclectische structuren.”

Het is een cliché, maar op de Graspop Metal Meeting is het wellicht langer zoeken naar wiet dan op Reggae Geel.

Vanneste: “Dat zal inderdaad wel zo zijn, ieder genre zal zijn gerelateerd verdovend middeltje wel hebben. Vandaar dat ik met zoveel verschillende genres bezig ben (lacht). Grapje, hè.”

Gebruik je het weleens als hulpmiddel bij het componeren?

Vanneste: “Dat is weer hetzelfde gegeven: ik vind het gewoon zot hoe we soms moeten leven – wij allemaal, bedoel ik – en om creatief te kunnen zijn, moet je eerst in een bepaalde gemoedstoestand belanden. En nu spreek ik voor mezelf: rustig zijn, niet meer bezig zijn met je paperassen, minder aan je hoofd hebben. Dan kan een jointje een duwtje in de rug zijn. Of, weer in mijn geval: om van die pijn in mijn kop af te komen. Ik wil er ook wel bij zeggen dat het heel belangrijk is welk soort wiet het is.”

Het is altijd zelfkweek bij jou?

Vanneste: “Ja, zelfkweek die ik krijg van andere mensen, welteverstaan. Van die zware Hollandse stuff blijf ik liever af, dat staat voor mij soms gelijk aan harddrugs.”

Heb je weleens stoned op het podium gestaan?

Vanneste: “Nog nooit. We spelen met STAKE al vijftien jaar samen, en de gouden regel is altijd geweest: niet drinken voor de show, niet blowen. Gewoon: nuchter zijn. En daar hebben we ons altijd aan gehouden. Denk ik (lacht).”

Brent Vanneste.Beeld Anton Coene

Mag er naast het podium iets bij gedronken worden?

Vanneste: “Ik denk dat het verstandiger is om dat niet te doen. Zelf ben ik daar redelijk strikt in. Als ik dronken thuiskom, ga ik geen joint meer roken. Dat is kotsmateriaal.”

Heb je bijnamen voor wiet?

Vanneste: “Cannabisdrugs, of marihuanawiet. Dat zijn mijn favorieten. En toen ik jonger was: kluchtige sigarette.”

Tot slot: hoe geraak je eraan?

Vanneste: “Iedereen kent wel iemand op de hoek van de straat die iets in huis heeft, niet? Tegenwoordig kun je volgens mij zelfs een bazooka laten toekomen met de post.”

Wel goed afwassen voor je hem gebruikt!

Henny Vrienten‘Inzoomen op één ding’

Henny Vrienten, met Doe Maar verantwoordelijk voor de plaat 'Skunk' (met daarop 'Nederwiet', een compositie van Joost Belinfante), is in de tuin aan het werken als we hem bellen.

Henny Vrienten: “Normaal woon ik in Amsterdam, maar nu zit ik in mijn huis op de buiten. Hier zijn geen mensen, en buren heb ik ook niet. Het gaat heel goed. Ik heb helemaal niks te doen behalve tuintutten.”

Was je je wietplanten aan het verzorgen?

Vrienten (lacht): “Het is veertig jaar geleden dat ik dat nog gerookt heb, als het niet langer is.”

In ons laatste gesprek zei je dat je er nog weleens eentje opstak toen je net was begonnen met soundtracks te schrijven.

Vrienten: “En dat ik dan iemand aan de lijn kreeg en dacht: over welke film gaat dit? Nee, blowen en een accuraat beroep waarin je snel moet schakelen en contact hebben met mensen, dat gaat niet samen. Maar ik weet nog precies wat dat spul deed. Als ik alleen was en naar een film keek, of een boek of een poëziebundel las, dan kon ik zó inzoomen, me zo concentreren op één ding. Maar dus niet op een heleboel dingen tegelijk. En dat werkt niet in het grotemensenleven.”

Henny VrientenBeeld Andreas Terlaak

Herinner je je nog je eerste joint?

Vrienten: “Jazeker. Ik woonde nog bij mijn vader en moeder – ik moet vijftien of zestien geweest zijn – en ik had een beatnikachtige vriend die naar Marokko en Afrika was geweest. Hij kwam terug met een buisje met daarin kief – gemalen wietblad is dat – en zei: 'Dit moet je roken.' Ik rookte één joint en was drie dagen zo stoned als een aap. Ik werd ineens een ander persoon. Het was de tijd dat de zonen nog de prinsen in huis waren, ik had thuis nog nooit een kopje opgetild. Maar toen zag ik mijn moeder aan de afwas staan en dacht ik: 'Wat belachelijk dat ze alles in haar eentje moet doen.' Dus nam ik een handdoek en begon ik haar te helpen. Mijn moeder viel bijna flauw van verbazing: 'Wat is er met jou aan de hand?' (lacht).

“Ik ben er vervolgens niet meer mee gestopt tot na Doe Maar, en later heb ik er zelfs nog eentje gerookt met mijn vader. Ik had een oudere vader, een boerenzoon en niet erg cultureel geïnteresseerd of flexibel van gedachten. Ik weet nog dat hij giechelend zei: 'Ik merk er niks van.' Maar hij giechelde wel, en hij is die avond erg vroeg gaan slapen (lacht).”

Bij Doe Maar was wiet een constante?

Vrienten: “Ja. Joost Belinfante, die 'Nederwiet' heeft geschreven en een soort vijfde groepslid was, had zelf planten waar hij ernstig mee bezig was, dus we hadden altijd eersteklas spul. Zolang iedereen in de band blowde, was er geen enkel probleem: we speelden tenslotte reggae. Je moest alleen zien dat je je teksten niet vergat, maar zelfs dan kon je nog altijd aan het improviseren slaan tot het je weer te binnen viel. Dat vond iedereen prachtig. Maar begin jaren 80 maakte de cocaïne zijn opwachting, en het werkt gewoon niet als de helft van de groep aan de coke zit en de andere helft geblowd heeft. Dus hebben we een tijdje de heilige afspraak gehad: maakt niet uit wat we pakken, maar wel allemaal hetzelfde.”

Van welke strekking was jij?

Vrienten: “Ik vond cocaïne een tijdje heel erg interessant, tot ik erachter kwam dat het meer van je wegnam dan het je gaf. Dat het geleende energie was, geleend libido, geleend noem maar op. Het vervreemde je van de echte wereld en je werd een soort hol karkas, op zoek naar dat witte poeder.”

Heb jij ooit zelf gekweekt?

Vrienten: “Nee, ik was een luie roker, het moest gebracht worden. Nooit in mijn leven ben ik in een coffeeshop geweest. Toen de coffeeshops begonnen op te komen, was ik er allang klaar mee. Behalve af en toe een glas wijn doe ik al vele jaren helemaal niets meer. Maar voor alle duidelijkheid: ik ben er niet tegen, ik ben niet plots een ouwe rechtse bal geworden. Het past gewoon niet meer in mijn leven. En tegen mijn kinderen – ik heb er vijf – zeg ik: het is niet meer hetzelfde spul als wat wij vroeger rookten, en het is gewoon niet productief. Ik herinner me dat ik midden in de nacht eens zo stoned als een aap wakker werd en dacht het idee der ideeën te hebben. En dat ik 's morgens uit bed stapte en in mijn notitieboekje las: 'schroevendraaier' (lacht). Daar zal ik ongetwijfeld een wereldomvattende visie bij hebben gehad, maar een song is het nooit geworden.”

Had je favoriete blowplaten?

Vrienten: “Alles waar ik van hield. Je zoomt gewoon overal meer op in, maar je onderscheidingsvermogen is ook weg, je hebt geen kritische handleiding meer. Heel lang geleden zat ik eens met een ex op oudejaarsavond naar een film te kijken, 'Captain Nemo'. Zij vond het helemaal niet leuk, maar ik vond het prachtig, want ik was zo stoned als een aap. Op een bepaald moment ging ik naar het toilet, en toen ik terugkwam had ze een andere film opgezet. Het heeft minstens een kwartier geduurd voor ik dat in de gaten had. Ik dacht: waar is die kapitein Nemo nu naartoe (lacht)?”

Had je tot slot een favoriete wietsoort of mélange?

Vrienten: “Ik hield van combi’s (lacht). En de mooiste combi die ik mij herinner, was weer op een oudejaarsavond, 1982 of '83 moet het geweest zijn. Er kwamen allemaal mensen naar mijn huis: de ene had een fles whisky bij, een ander skunk en paddo's, nog een ander een bommetje met speed erin... En maar nemen en bijnemen. 's Nachts gingen we naar een club en ik dacht: ik ben nog kiplekker, ik rij gewoon met de auto. Tot er ineens een agent naast me kwam wandelen: 'Meneer Vrienten, u rijdt wel heel erg langzaam, niet?' (lacht hard) Ik zat in die auto van 'Wauw, wauw, wat een mooie stad!' Tilburg was dat. Nou, dan ben je dus echt wel van de kaart, als je Tilburg een mooie stad vindt (lacht). Uiteindelijk liepen we die club in waar ik al zes jaar kwam – zo’n donker hol waar altijd een bandje speelde – en pas daar begon het me te dagen dat ik een stap te ver was gegaan. Ik zag alles wit, compleet verbijsterd stond ik om me heen te kijken. Tot de eigenaar op een bepaald moment naast me kwam staan: 'Mooi geworden, hè?' Had-ie net die week geschilderd (lacht).” 

JeanJass (Caballero & JeanJass): ‘Alles komt harder binnen’

Seizoen drie van High et fines herbes werd in september 2019 ingeblikt in Barcelona, maar als we JeanJass aan de lijn krijgen, zit hij met zijn vriendin in lockdown in Charleroi.

Mocht ik roken wat jullie alleen nog maar in de eerste aflevering roken, ik zou wellicht drie weken mijn bed niet meer uitkomen.

JeanJass: “Het is ook niet de bedoeling dat je dat thuis gaat doen. 't Is een show, we overdrijven om te entertainen. 'High et fines herbes' is een soort wietorgie. Thuis ben ik eerder een gematigd gebruiker.”

JeanJassBeeld JeanJass

Ik moet zeggen dat ik er ook aardig honger van kreeg.

JeanJass (lacht): “Wij ook! In elke aflevering staan we zelf aan het fornuis, maar de recepten worden samengesteld door Jean-Baptiste Bonhomme, een gerenommeerde chef uit Dijon die al in een aantal luxerestaurants heeft gewerkt. De recepten van seizoen twee en drie staan allemaal in het boek dat je bij de cd kunt kopen, vanaf 8 mei in de winkels. Veertig recepten in totaal: tien voorgerechten, twintig hoofdgerechten, tien desserts.”

De cannabis die in de recepten wordt verwerkt, dient die ook voor de smaak of voornamelijk voor het effect?

JeanJass: “Allebei. Vergelijk het met een beetje rum in patisserie: het smaakt beter mét, maar je kunt het net zo goed weglaten. Het probleem met cannabis in voedsel is dat het moeilijk te doseren is, en veel mensen verdragen het niet goed. Ik ook niet, ik rook het liever. In de recepten kun je het trouwens vaak vervangen door, bijvoorbeeld, oregano.”

Wat doet wiet met jouw muziekbeleving?

JeanJass: “Ik rook thuis niet binnen, en blowen is voor mij geen noodzaak om naar muziek te luisteren. Maar als ik het doe, merk ik dat mijn focus veel groter is. Of je nu een film kijkt, aan het schrijven bent of naar muziek luistert: alles komt veel harder binnen. Goeie muziek wordt beter, slechte muziek wordt helemaal onuitstaanbaar. Het is een cliché, maar als je stoned bent, gaat er weinig boven een goeie dubplaat. Maar jazz mag voor mij zeker ook. 'Blue in Green' van Miles Davis met een joint: c'est super agréable. Het heeft natuurlijk met smaak te maken: iemand die graag Céline Dion hoort, zal dat wellicht nog liever horen als-ie geblowd heeft.”

Heb je een favoriete mélange?

JeanJass: “Ik heb veel gereisd, over heel de wereld verschillende soorten geproefd, en mijn favoriet is Zushi. Een mengeling van twee variëteiten met een compleet tegenovergestelde smaak. Met verbluffend resultaat.”

Heb je het in huis?

JeanJass: “Nog een beetje (lacht).”

Rook je tijdens de arbeid?

JeanJass: “Ik probeer overdag niet te roken, en het gebeurt dus weleens dat ik compleet nuchter werk, of op een festival nuchter op het podium sta. Als ik moet performen, probeer ik sowieso niet te overdrijven, maar een paar trekjes vooraf kan geen kwaad.”

En de combinatie met alcohol?

JeanJass: “Een joint en een pint is een combinatie waar ik dol op ben. Maar ook daarin probeer ik niet te overdrijven, want je weet dat je 's anderendaags de prijs betaalt. Het zal gek klinken uit de mond van één van de presentatoren van 'High et fines herbes', maar ik ben een zeer gematigd mens. Ik blijf graag de kapitein van mijn lichaam en geest.”

In elk seizoen van ‘High et fines herbes’ zitten een aantal bekende gasten. Voor het derde hebben jullie Roméo Elvis gestrikt, en de Canadese rapper Roi Heenok. Van wie droom je nog?

JeanJass (onmiddellijk): “Jean-Claude Van Damme!”

Blowt die?

JeanJass: “Ik heb mijn bronnen, en ik ben er bijna zeker van. Ik weet dat hij in het verleden aan de cocaïne heeft gezeten, en veel ex-cocaïnegebruikers nemen later hun toevlucht tot cannabis. Van de Franse acteur en regisseur Alain Chabat weet ik dat hij af en toe een joint rookt. Die zou ik er ook graag bij hebben. De show wordt steeds bekender, wat onze kansen aanzienlijk vergroot. Dus wie weet, volgend seizoen misschien.”

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234