Zondag 31/05/2020

‘Gilbert is top, succes van de anderen moet je relativeren’

Het trio Francesco Moser-Bernard Hinault-Michael Boogerd is goed voor veertien topklassiekers en zo’n dertig podiumplaatsen. Elk waren ze in hun periode de beste klassieke renner van hun land. Over het Belgische succes klinken ze eensluidend. ‘Gilbert is wereldtop.’ Maar Nuyens en Vansummeren ‘konden profiteren van de wedstrijdomstandigheden’.

Dat Philippe Gilbert indruk heeft gemaakt, zal niemand verbazen. Vooral Francesco Moser windt er geen doekjes om. Met zeven topklassiekers (Sanremo, 3x Roubaix, 2x Lombardije en Parijs-Tours) en tien podiumplaatsen heeft hij het recht om klare taal te spreken. “Gilbert draagt dan wel de trui niet maar eigenlijk is hij de enige echte wereldkampioen. Op dit moment steekt hij ver boven iedereen uit. Verschillende periodes kun je niet met elkaar vergelijken maar ik zie in hem een nieuwe Roger De Vlaeminck.”

Ook Bernard Hinault (2x Luik-Bastenaken-Luik, 2x Lombardije, Roubaix en de Gold Race) haalt de loftrompet boven. “Gilbert is de voorbije twee seizoenen uitgegroeid tot de beste renner van het klassieke peloton. Zoals hij zich tegenwoordig profileert, is het geen verrassing dat hij elk jaar enkele klassiekers wint. Zondag verwacht ik hem al opnieuw.”

Het zou ook Michael Boogerd niet verbazen. De Nederlander won de Gold Race in 1999 en stond daarnaast nog dertien maal op een klassiek podium (6x Gold Race, 4x Luik en 3x Lombardije). “Gilbert is absolute wereldtop. Hij benadert het niveau van Museeuw, Bartoli en Bettini.”

Maar niet enkel de Gold Race ging naar België, ook de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix bleven in ‘ons’ land. “Als je drie van de vier grote klassiekers wint en met Gilbert in Sanremo ook nog eens op het podium staat, is het simpel: de Belgen hebben momenteel alles in handen”, zegt Boogerd.

“Anderzijds moet je dat succes relativeren. Nick Nuyens en Johan Vansummeren hebben niet hetzelfde niveau als Gilbert. De ene wint de Ronde van Vlaanderen, de andere Parijs-Roubaix maar puur als renner schat ik bijvoorbeeld ‘onze’ Robert Gesink hoger in. Ik gun Nuyens en vooral Vansummeren hun klassieke overwinning maar ze hebben beiden een beetje gemazzeld. Natuurlijk is het een verdienste als je in zulke wedstrijden in de finale vooraan rijdt. Maar Nuyens heeft zelf toegegeven dat hij zich die dag niet zo goed voelde en Vansummeren kon profiteren van Thor Hushovd die Fabian Cancellara lamlegde.”

Hinault deelt die mening en stelt dat ‘Vlaanderen’ en ‘Roubaix’ niet meteen uiting geven van een nieuwe Belgische hausse. “Nuyens en Vansummeren hebben minder in huis dan Gilbert. Niemand zal ontkennen dat Cancellara meer aanspraak kon maken op beide klassiekers. Maar de wedstrijdomstandigheden waren niet in zijn voordeel en Nuyens en Vansummeren hebben daarvan kunnen profiteren.”

Moser staat er niet echt van te kijken en hecht vooral niet te veel belang aan de ‘drie op vier’ van de Belgen. “Het is niet de eerste maal dat de Belgen boven iedereen uitsteken. Ik heb zoals u weet nog tegen Merckx, Maertens en De Vlaeminck gereden. Maar daarna is het ook een hele periode minder geweest. De Belgische successen komen zoals de meeste dingen: in cycli. U mag ook niet vergeten dat we tot nog toe vooral klassiekers gereden hebben die de Belgen liggen. In de ‘Klassiekers van het Noorden’ rijden ze voor hun eigen supporters: een extra troef.”

Over supporters gesproken... Voor wie kunnen de Italianen tegenwoordig nog juichen? “Voor niemand” zegt Moser zonder aarzelen. “Ze staan nergens. Misschien kan Cunego in de Ardennen iets forceren maar behalve hem zie ik niemand. Pozzato? Ballan? Met hen kunnen we niets meer aanvangen, vrees ik. De Italianen zullen moeten wachten op nieuwe namen maar momenteel zie ik er geen.”

Hinault klinkt al bijna even pessimistisch als hij het over het Franse, klassieke wielrennen heeft. “Ik heb me voorbije weken hardop afgevraagd waar wij waren. Behalve Sylvain Chavanel was er niemand die ook maar een seconde de indruk gaf een rol te kunnen spelen. Een verklaring? Ik heb er geen. Ik zie ook niet meteen een kentering plaatsvinden. Enkel Yoann Offredo, die nog maar 24 is, toonde de voorbije maanden dat hij potentieel heeft. Hij eindigde mooi zevende in Milaan-Sanremo nadat hij vorig seizoen ook al zevende was geworden in Parijs-Tours. Hij is een van de weinigen die ons de volgende seizoenen een beetje plezier kan bezorgen. Helaas zie ik ook bij de Franse jeugd niemand die de volgende jaren een vooraanstaande plaats kan opeisen in de klassiekers.”

Enkel Boogerd ziet het positief in voor zijn klassieke landgenoten. “Sebastian Langeveld heeft met zijn winst in de Omloop en zijn vijfde plek in de Ronde bewezen dat hij finales kan rijden én afmaken. Dat is hartstikke mooi voor zijn ontwikkeling. Gilbert was op zijn 26ste ook nog niet de renner die hij vandaag is. Gesink idem dito. Robert reed een schitterend voorjaar met winst in Oman, een tweede plek in Tirreno en een derde in Baskenland. Hij moet nog 25 worden en is al een topper. Op een dag zal hij ook in de klassiekers zijn mannetje staan. Net als Lars Boom.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234