Donderdag 06/05/2021

Analyse

Gezakte studenten weigeren: niet zo asociaal

null Beeld Belga
Beeld Belga

Nu de KU Leuven de herinschrijving van slecht scorende eerstejaarsstudenten gaat weigeren, krijgt de universiteit het verwijt asociaal te zijn. Maar hoe sociaal is het om gezin en samenleving op kosten te jagen door de vrijheid om een foute studiekeuze te maken absoluut te vrijwaren? En hoe democratisch is het onderwijs geworden van die vrijheid?

Vanaf volgend academiejaar mogen studenten die in hun eerste jaar minder dan 30 procent van de opgenomen studiepunten behalen, zich niet meer inschrijven voor dezelfde opleiding aan de KU Leuven. Sommige universiteiten verwijten de KU Leuven een ondemocratische en asociale beslissing te nemen. Zij menen dat hierdoor de democratisering van het hoger onderwijs in het gedrang zal komen.

Is dat ook zo? De Leuvense maatregel is een slot op de deur naar een universitair diploma. Maar het is een kwalitatief slot, geen financieel. Kinderen uit de lagere klasses zal ontraden worden om het universitaire risico te nemen, zeggen de voorstanders van vrije toegang tot het hoger onderwijs. Je zou ook kunnen denken dat de stok achter de deur studenten aanzet om harder te studeren, en om wie fout gekozen heeft, sneller op een ander en beter spoor te zetten.

Hogere slaagpercentages zijn goede reclame voor de universiteit, maar ze zijn ook 'goedkoper' voor de overheid en de gezinnen. Wat is er sociaal aan om jongeren, uit alle klasses, stuurloos en tegen een hoge financiële en maatschappelijke prijs te laten aanmodderen, in de hoop dat er ooit wel een diploma van komt?

En uit de praktijk blijkt dat het nog zelden gebeurt dat dat diploma ook echt nog volgt. Aan de KU Leuven behaalden vorig jaar 1.545 studenten minder dan 30 procent in het eerste jaar. Van hen schreven er zich 345 opnieuw in in dezelfde richting, en zullen er statistisch gezien... 14 hun einddiploma halen - de meesten dan nog met de verzachtende omstandigheden van privé-belemmeringen in het eerste jaar.

Aan de kleinere Universiteit Hasselt komt men aan gelijkaardige minimale slaagpercentages voor deze specifieke groep, van de andere universiteiten ontbreken cijfers.

Zijn de enkele uitzonderingen de meerkost waard? Ja, zou je nog denken als de democratisering in het hoger onderwijs volkomen geslaagd was. Een blik op de universiteitsbanken vandaag leert dat dat niet het geval is: zij zijn nog altijd het bijna exclusieve domein van de blanke middenklasse. Kansengroepen, en dan met name jongeren van andere origine, vinden zelden hun weg naar de aula, ook omdat zij al in het secundair onderwijs sneller naar het bso of tso geleid worden.

Het mom van vrijheid

De oorzaak ligt niet alleen bij het hoger onderwijs zelf, maar het risico op mislukking na vrije toegang schrikt evengoed af. Amper één op de drie studenten haalt binnen de voorziene termijn van drie jaar zijn bachelordiploma, terwijl dat enkele jaren geleden nog vier op de tien was. Deze steeds groter wordende groep falende studenten kost de maatschappij in zijn geheel elk jaar tientallen miljoenen euro's. En ook gezinnen zelf voelen dat, want hoger onderwijs mag dan wel relatief goedkoop zijn, gratis is het niet.

Dat juist de KU Leuven daar nu vraagtekens bij plaatst, is niet toevallig. "De democratisering is gebaseerd op ideologie en niet op ratio", zei rector Rik Torfs, vorig jaar in deze krant. "De politici kunnen zeggen dat we niet op een formele manier aan uitsluiting doen en wassen zo hun handen in onschuld."

Wat Torfs bedoelt: ook nu wordt er genadeloos geselecteerd, zo blijkt uit de slaagcijfers, maar het gebeurt onder het mom van vrijheid van onderwijs. Met wat slechte wil kan je de democratisering van het hoger onderwijs een klein sociaal drama noemen. De hele samenleving betaalt immers mee aan de subsidiëring van een systeem dat veel mislukkingen oplevert en uiteindelijk een relatief beperkte elite ten goede komt.

Natuurlijk zijn er ook andere wegen om jongeren beter te oriënteren naar een vruchtbare studiekeuze dan een brutale weigering door één universiteit. Zo kan er in het lager onderwijs werk worden gemaakt van geijkte toetsen, zoals de interdiocesane proeven, die een beter idee geven van de competenties van de kinderen. In het secundair onderwijs kunnen tijdige oriënteringsproef leerlingen al in het vijfde jaar duidelijk maken waar hun kracht ligt en welke studierichtingen in het hoger onderwijs een goed vervolg bieden. En om dit proces af te sluiten zou er vlak voor de start in het hoger onderwijs een verplichte, maar niet-bindende toelatingsproef kunnen volgen die studenten moet vertellen of zij kans van slagen hebben.

Het zijn allemaal goede voornemens van de vorige en de huidige Vlaamse regering. Ze staan verwerkt in de hervorming van het secundair onderwijs en worden ook aangehaald in de beleidsnota van minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V). Daarmee lijkt een gedegen oriënteringstraject nog slechts een zaak van enkele jaren, maar daar plaatst de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen in een advies nu de nodige twijfels bij.

"De Vlaamse sociale partners stellen vast dat de Vlaamse regering fors bespaart op onderwijs", klinkt het. "De raad stelt zich de vraag hoe deze besparingen zich verhouden tot de middelen die nodig zijn voor de vele uitdagingen voor het onderwijs, zoals de hervorming van het secundair onderwijs. Die zou de grootste prioriteit moeten zijn, maar krijgt in de beleidsnota niet meer dan één pagina aandacht. Welke de verdere stappen zullen zijn, blijft daardoor bijzonder vaag."

Die twijfels zorgen ervoor dat de Leuvense beslissing een tweede betekenis krijgt. Het extra slot op de deur, dat de laatste stap in het oriënterings- en begeleidingstraject van onze jongeren zou moeten zijn, groeit uit tot het enige slot en wordt daardoor nog belangrijker om studenten sneller duidelijk te maken dat een bepaalde studie, toch op dat moment in hun leven, niet voor hen is weggelegd. Doordat voordien enige vorm van duidelijkheid ontbreekt, kan zelfs worden gezegd dat de KU Leuven haar verantwoordelijkheid tenminste niet ontloopt en studenten niet ongebreideld laat verder studeren.

Droom doorgeprikt

Luc Soete, Vlaams onderwijsexpert en rector van de Universiteit Maastricht, stelt dat de droom van de democratisering door de economische realiteit is doorgeprikt. Het hoger onderwijs en de maatschappij in zijn geheel worden wakker in een nieuwe realiteit. "En die werkelijkheid houdt een vernederlandsing van het Vlaams beleid in. In Nederland moeten kandidaat-studenten een toets of een intake-gesprek afleggen voordat ze aan de studie mogen beginnen. En als ze bij ons na drie maanden voor te weinig vakken slagen, worden ze doorverwezen naar een andere universiteit."

De Universiteit Maastricht heeft dan ook een resultaatsverbintenis met de overheid. Van alle ingeschreven studenten moet 85 procent binnen vier jaar het bachelordiploma behalen. Ter vergelijking: in Vlaanderen slaagt slechts 40 tot 45 procent daarin. "De gemiddelde Vlaming die niet studeert, betaalt mee voor de gebuisde student. Een student die, als hij ooit zijn diploma behaalt, ook nog eens meer gaat verdienen dan de gemiddelde burger. Die weeffout zorgt ervoor dat de democratisering uitgehold is."

Volgens Soete zijn alle Vlaamse universiteiten het aan zichzelf verplicht om studenten sneller op het juiste pad te zetten. "De KU Leuven heeft gelijk, want we kunnen niet verder in het huidige systeem. Als critici geen corrigerende maatregelen wensen, is er maar één andere oplossing. Namelijk de hogere inkomens meer inschrijvingsgeld laten betalen, zodat de overheid minder moet subsidiëren. Als zulke jongeren dan langer willen studeren, dan treffen zij alleen hun eigen portemonnee."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234