Zondag 20/10/2019

Gevraagd: durvers

Drie jaar als zelfstandige productontwikkelaar resulteerde bij Peter Van Riet in een scala aan producten, zoals een mooie fauteuil voor Jongform, een vrolijk stoeltje voor Unic Design, een salontafel-zitbank voor Consino en verlichting voor Etap en Orlians. 'Ik wil niet een ontwerper zijn die enkel met styling, dus vorm, bezig is', zegt hij, 'ik wil graag vernieuwende producten ontwikkelen.' Gevraagd daarvoor zijn fabrikanten die durven de stap te zetten.

"Ik denk dat de emotionele factor bij producten steeds belangrijker wordt", opent Van Riet, " vroeger moest een designobject vooral doen wat het beloofde, namelijk werken; de functie was belangrijk. Het normenpakket ging volledig daarover: hoe zwaar het product mocht zijn en wat het mocht kosten."

" Nu moet een product iets zijn, een emotie oproepen, de gebruiker aanspreken, door de vorm én de functie. Volgens mij is het keerpunt gekomen door de mobiele telefoon: in een vrij korte tijd liepen veel mensen constant met zo'n ding in hun handen, werd een technologisch product een kompaan, een gezel van de mens. De mobiele telefoon heeft een tijdperk ingeluid waarin we ons op een andere manier gedragen ten opzichte van dode voorwerpen: we gaan ermee om zoals met mensen, we praten er zelfs tegen! Wie had vroeger ooit gedacht dat hij of zij tegen een computer zou praten? Dat emotioneel omgaan met een voorwerp heeft ook zijn gevolgen voor het uitzicht: als je bijvoorbeeld tegen een voorwerp moet praten, moet het er ook een beetje aanspreekbaar uitzien. Het uitzicht heb ik het 'wow'-effect van een product gedoopt."

"Een progressief Vlaams meubelbedrijf heeft me gevraagd om een stevige denkoefening te doen over kasten. De bedoeling is dat ik een kast maak die er op het eerste gezicht niet zo uitziet. Ik ben momenteel bezig met een brainstorming en heb al een vijftal voorstellen klaar. De eerste nieuwsoortige kast zal klaar zijn voor de meubelbeurs van Brussel, in november."

Dat klinkt allemaal veelbelovend. Alhoewel fabrikanten die niet alleen progressief durven denken maar ook collecties durven uitvoeren, in Vlaanderen nog steeds dun gezaaid zijn, aldus Van Riet. "Toch geloof ik dat er in de meubelsector dringend over nieuwe, en dan bedoel ik vernieuwende meubels, moet nagedacht worden. Fabrikanten houden nog veel te veel vast aan het traditionele beeld dat ze hebben van meubels. Ondertussen is het wonen, en het ontwerpen in het algemeen, een sector in beweging. Dat die beweging snel gaat, merk ik bijvoorbeeld aan de ontoereikendheid van mijn opleiding. Ik ben amper zes jaar afgestudeerd, maar toen ik na enkele gastcolleges op mijn school met de nieuwe generatie studenten praatte, merkte ik hoe ik in die luttele zes jaar geëvolueerd was in mijn denken over ontwerpen. Ik volg ook de hele tijd cursussen: dat gaat van leren tekenen op de computer tot leren hoe je een project dat je voor een bedrijf doet, zelf kunt managen. Je weet niet welke knowhow er in een bedrijf aanwezig zal zijn, als je er binnenkomt. Het kan dat er, zoals tijdens mijn opdracht voor de verlichtingsfirma Etap, binnen het bedrijf een team ingenieurs op je zitten te wachten. In zo'n geval verwacht men van een ontwerper dat hij een creatieve input geeft; de ingenieurs pakken de techniciteit wel aan. Maar je kunt evengoed in een familiebedrijf terechtkomen, zoals ik bij het bedrijf Consino. Voor hen moest ik een reeks meubelen ontwerpen in het materiaal waarmee zij vooral werken: metaal. In dat geval moest ik over de creatie discussiëren met de ene helft van een koppel zaakvoerders en over de uitvoering met de andere helft. Dat is een heel ander startpunt. Een derde voorbeeld: bij het bedrijf Sven (dat onder andere tafeltennistafels maakt, FOS) vroeg men me ooit eens om een go-kart te ontwerpen, met geen frank investering. Ik moest dus iets nieuws maken met gebruik van de machines en matrijzen die de fabriek al had. Je merkt wel hoe verschillend elke opdracht weer is, zowel wat het ontwerp betreft als de volledige aanpak. Afhankelijk van het uitgangspunt moet je als productontwikkelaar in staat zijn om een ontwerp meer of minder zelf te managen."

Naast emoties oproepen, vindt Peter Van Riet, moet een product ook aan bepaalde financiële voorwaarden blijven voldoen. Design hangt nog te veel vast aan snobisme. Binnen dat verband lijkt stilzwijgend aanvaard te worden dat een designproduct duur mag zijn.

"Ik vind dat helemaal geen logisch verband", zegt Van Riet. "Als productontwikkelaar ben ik net opgeleid om ervoor te zorgen dat een product voor een redelijke prijs in de markt gezet wordt. Dat is nu niet zo, wat goeddeels kan verklaard worden door de hoge winstmarge die de agent neemt: tussen fabrikant en consument wordt de prijs van een designproduct niet zelden vervier- of vervijfvoudigd. Zomaar, zonder reden, gewoon ten voordele van de winstmarge van de persoon die zich met de verkoop bezighoudt. Dat geeft een vertekend beeld van de waarde van zo'n designproduct, vind ik. Zo ben ik ooit zelf eens in de situatie geweest dat ik een product, dat ik notabene zelf ontworpen en ontwikkeld had, niet kon kopen omdat het te veel kostte in de winkel. Ideaal zou zijn als een designproduct rechtstreeks door de fabrikant aan de consument zou kunnen verkocht worden. En gelukkig bestaat daar nu het medium voor: het internet. Via dat kanaal zou een en ander toch rechtstreekser en dus kostenbesparender moeten kunnen verlopen. Die ongegrond hoge prijzen voor design zijn toch echt niet meer van deze tijd."

De stoel die Peter Van Riet ontwierp voor het bedrijf Unic Design, de 2-Sit!, beantwoordt alleszins aan de budgetvriendelijke norm. "Bij elk ontwerp is het belangrijk te weten waarnaar je streeft", zegt Peter Van Riet. "Daarmee bedoel ik dat je prioriteiten moet stellen en dat je zonder meer compromissen zult moeten sluiten. Het werken in opdracht van een bedrijf schijnt dat laatste zonder meer in te houden. Omdat de 2-Sit! voldoet aan de budgetvriendelijke norm, is het niet echt een vernieuwend ontwerp. Vernieuwend houdt immers onvermijdelijk een hoge investering, want lange en diepgaande research in. Hoge investeringen zullen in het begin dan ook onvermijdelijk verbonden worden aan een hogere verkoopprijs: wat in het ontwerp ging, moet er ook weer uitgehaald worden."

Ondertussen is het nog altijd moeilijk voor Vlaamse firma's om te gaan werken met een ontwerper, zegt Van Riet. "Men heeft er bijvoorbeeld moeite mee omdat wij buitenstaanders zijn die met een aanwezig team moeten kunnen samenwerken. Voorts is er ook nog altijd twijfel omtrent hoeveel men juist in ons wil investeren. Ik denk wel dat men ons als een meerwaarde ziet, maar omdat men geen zicht heeft op het resultaat van de samenwerking, durft men er niet direct centen tegenaan smijten."

Meubelfabrikanten doen nog een tikje moeilijker: zij gaan enkel direct in zee met een ontwerper die al naam gemaakt heeft. Het is van minder belang wat je als ontwerpinhoud te bieden hebt, als je maar al naam gemaakt hebt. Naam, zo denkt de fabrikant, verzekert hem meteen van een markt. Jammer genoeg heeft geen fabrikant in Vlaanderen ooit al de juistheid van die veronderstelling uitgetest: verkoopt een product beter omdat het van de bekende Vlaamse ontwerper X is? Over hoeveel een product van een bekende hand dan wel méér verkoopt dan een product van een onbekende, laten bedrijven in elk geval zelden iets los. Maar goed, ondertussen krijgen relatief nieuwe meubelontwerpers in het veld nauwelijks een kans.

"Als productontwikkelaar - iemand die per definitie alles moet kunnen ontwerpen - kies ik er momenteel voor om ook in elke branche te ontwerpen. Dat doe ik niet alleen om den brode, maar ook gewoon omdat het interessant is om me door alle sectoren te laten beïnvloeden. In bepaalde sectoren is men immers bezig met hoogtechnologisch materiaal. Een goeie productontwikkelaar neemt wat hij in de ene sector leert mee naar een andere, een sector die misschien nog niet zo ver staat qua materiaalgebruik. Op die manier kun je misschien wel interessante vernieuwingen op gang helpen. Dat soort kruisbestuiving is vandaag een essentieel onderdeel van de industrie. Als productontwikkelaar kun je ook op dat terrein een surplus betekenen voor een opdrachtgever. Ik heb producten gemaakt, zoals meubels, verlichting, een tijdschrift, maar ook verpakkingen, displays, tentoonstellingen. Ik heb dus al een vrij grote knowhow vergaard."

Uiteindelijk zou Van Riet toch graag in enkele specifieke niches aan het werk gaan. Zo is hij een fervent snowboarder en is het sinds vier jaar zijn droom om een zelf ontworpen hoogtechnologisch bindelement tussen snowboard en skiboot geproduceerd te krijgen. Aan de andere kant houdt hij enorm veel van muziek en ontwikkelt hij producten voor dj's.

Het lijkt erop dat je als productontwikkelaar maar beter heel erg achter je eigen ontwerp kan staan. Zo is Van Riet vier jaar lang met het snowboardbindelement van beurs naar beurs getrokken, in de hoop een geïnteresseerde producent te vinden. Dupont de Nemours, ontwikkelaar van de beroemde lycra, heeft uiteindelijk interesse getoond, maar nu moet Van Riet wel zelf nog enkele investeerders zoeken.

De 2-Sit! is nog tot 26 augustus te bezichtigen op de tentoonstelling 'Vlaamse vormgevers bekennen kleur', in de Galerij van het VIZO (Vlaams Instituut voor Zelfstandig Ontwerpen), Kanselarijstraat 1 in Brussel, tel. 02/227.49.88.

Meer info en verkoopadressen: Peter Van Riet, tel. 0475/54.60.77, e-mail: peter@productprojects.com; Unic Design (stoel 2-Sit!): 051/48.92.61; Jongform (fauteuil Matrix): 089/30.16.70; Orlians (buitenverlichting): 03/491.92.52; Consino (metalen meubelcollectie): 013/35.11.11; Etap (kantoorverlichting 'Thalia'): 03/310.02.11.

'Een goeie productontwikkelaar neemt wat hij in de ene sector leert mee naar een andere, een sector die misschien nog niet zo ver staat qua materiaalgebruik'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234