Vrijdag 24/01/2020

'Gevaar voor onze veiligheid'

Van de ruim 600 personen die op de OCAD-lijst rond moslimradicalisme en -terreur prijken, wonen er 40 in een gemeente zonder integrale veiligheidscel, waarin politie en de sociale sector samen radicalisme detecteren. Voor Vlaanderen gaat het om zeven moslimextremisten. 'Dat risicopersonen niet op de voet worden gevolgd, is een gevaar', zegt Yasmine Kherbache (sp.a).

622 namen telt de OCAD-lijst rond moslimradicalisme en -terreur vandaag. 119 zijn teruggekeerde Syrië-strijders. Van 279 anderen is bekend dat ze naar het front zijn getrokken (een kleine helft van hen heeft het niet overleefd). Tachtig figuren deden een mislukte poging om naar Syrië te trekken. 144 namen worden bestempeld als "potentiële kandidaat-strijders". En twintig namen staan te boek als mensen die geen intentie hebben om naar het front te trekken, maar hier aanslagen zouden kunnen plegen. De federale regering gaat er prat op dat figuren die een risico vormen, goed worden opgevolgd.

Minister van Binnenlandse Zaken Jambon (N-VA) lanceerde daarvoor het concept van de lokale integrale veiligheidscel (LIVC).

Nogal ingewikkeld

In die cellen wordt per gemeente of politiezone info uitgewisseld tussen de bestuurlijke en gerechtelijke autoriteiten enerzijds en OCMW's, scholen, straathoekwerkers en verenigingen anderzijds. De bedoeling is dat deze cellen radicalisme detecteren en risicopersonen op de voet volgen. Maar volgens Vlaams Parlementslid Yasmine Kherbache (sp.a) loopt dat niet naar behoren. "In de helft van alle gemeenten is er geen LIVC. Het meest problematische is dat er gemeenten bij zitten waar figuren wonen die op de OCAD-lijst staan en dus als gevaarlijk kunnen bestempeld worden. Dit is een regelrecht gevaar voor onze veiligheid."

Kherbache focust op de zeven radicale elementen die in zeven Vlaamse gemeenten wonen. Maar voor het hele land gaat het over 40 individuen, verspreid over twintig gemeenten. Kherbache wijst op de verantwoordelijkheid van de bevoegde ministers, Jan Jambon (N-VA) op federaal niveau en Liesbeth Homans (N-VA) op Vlaams niveau. "Heel wat lokale besturen geven aan dat de richtlijnen rond de oprichting van de werking van een LIVC niet duidelijk zijn. Uiteraard spelen de gemeenten een belangrijke rol, maar zij moeten ook voldoende ondersteund worden. Maar op Vlaams niveau is er geen opvolging. Minister Homans verschuilt zich achter de lokale autonomie. Ondertussen kunnen gevaarlijke figuren opvolging ontlopen door van gemeente te verhuizen. Onverantwoord. Een werkzoekende wordt hier beter opgevolgd dan een Syrië-ganger", aldus Kherbache.

Minister Jambon nuanceert. "Wij zouden graag hebben dat er zo snel mogelijk in alle gemeenten een LIVC komt, maar kunnen dat niet opleggen. We bekijken of we het kunnen verplichten, maar dat is ingewikkeld. Juridisch zijn er nog belemmeringen rond het beroepsgeheim. Mensen uit de zorgsector of straathoekwerkers moet je kunnen garanderen dat wat ze zeggen binnen de LIVC blijft. We werken eraan. Dat teruggekeerde Syrië-gangers niet worden opgevolgd in die gemeenten, klopt absoluut niet. De taak van de LIVC's is eerder preventief. Voor de opvolging van gevaarlijke figuren zijn er lokale taskforces waarin parketten, politie en Staatsveiligheid samenwerken. Geloof me: ik denk echt niet dat mevrouw Kherbache graag zou hebben dat werklozen zo nauwlettend opgevolgd worden als Syrië-gangers", zegt de woordvoerder van Jambon.

Stoer doen

De gemeenten in kwestie zijn As, Deinze, Galmaarden, Geetbets, Ichtegem, Zelzate en Zutendaal. Burgemeester Jan Vermeulen (CD&V) van Deinze bevestigt de info, maar vindt niet dat zijn stad tekortschiet. "Wij volgen die ene persoon heel goed op. Ik ken zijn familie persoonlijk. Het gaat over een gast die heel vroeg in het Syrië-conflict is vertrokken om stoer te doen, maar hier snel weer terug stond. Intussen heeft hij werk en zijn er geen problemen. Niettemin zijn we van plan om een LIVC op te richten. In Deinze is er een kleine moslimgemeenschap die goed geïntegreerd is, maar ook zij geeft toe dat radicalisering een uitdaging is."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234