Maandag 08/03/2021

Geschiedenis van de bedelwensbrief

De nieuwjaarsbrief is minstens vijf eeuwen oud

Plechtige nieuwjaarsbrief is typisch Belgisch

Velen hebben er 'trauma's' aan overgehouden, anderen weten nog deksels goed hoe ze het met dit ritueel klaarspeelden om aanzienlijke sommen geld in te zamelen. De nieuwjaarsbrief. De Canon-Cultuurcel ging op zoek naar de geschiedenis van het kleinood. 'Dankzij een vondst in het archief van een Antwerpse familie weten we dat de nieuwjaarsbrief minstens vijf eeuwen oud is.'

Brussel

Eigen berichtgeving

Barbara Debusschere

Op de radio loopt dezer dagen een spotje voor een bank waarin een kind de luisteraars welbespraakt en in rijm een gelukkig nieuwjaar wenst om direct daarna droogweg zijn rekeningnummer op te geven. "Dat vat perfect de functie van de nieuwjaarsbrief door de eeuwen heen samen. Het is een moderne versie van wat in de zestiende eeuw ook gebeurde. De kernboodschap is dezelfde gebleven", zegt Marc Jacobs van het Vlaams Centrum voor Volkscultuur (VCV). Hij werkte samen met de Canon-Cultuurcel aan het boekje Met mijn armpjes open, waarin de geschiedenis van de nieuwjaarsbrief wordt geschetst.

"De nieuwjaarsbrief is altijd een publieke 'performance' geweest waarbij een kind aan familieleden die 'hoger' staan een gelukkig nieuwjaar wenst en zo en passant duidelijk maakt dat het een gift verdient. Er zijn aanwijzingen dat de brief ook werd voorgelezen aan familieleden van buiten het kerngezin, omdat dat extra opbrengsten betekende", zegt Jacobs.

Meestal wordt aangenomen dat dat ritueel in de burgerlijke negentiende eeuw ontstaan is, maar de nieuwjaarsbrief is veel ouder. Een cruciale vondst in de archieven van de Antwerpse drukkersfamilie Plantijn & Moretus wijst ons daarop. Jacobs: "Het gaat om een 'bedelwensbrief' van een van de zonen van Jan Moretus, die hij op 1 januari 1589 voorlas voor zijn vader en grootvader Christoffel Plantijn. In die brief verwijst de zoon volgens de regels van de Latijnse redenaarskunst naar oude Romeinse tradities van geschenken geven op de eerste dag van het jaar als teken van vrede en verbindt hij daar zeer handig het idee aan dat grootvaders en vaders dat op nieuwjaar, net zoals de goden, ook zouden moeten doen. Het was niet toevallig dat die bijzondere nieuwjaarsbrief dateert uit de tweede helft van de zestiende eeuw toen in Europa 1 januari in de meeste landen ingevoerd werd als de officiële eerste dag van het jaar. Voordien kon dat verschillen naargelang van de heer of bisschop die baas was in het gebied waar je woonde."

De brief van de zoon van Moretus sluit perfect aan bij veel oudere geschenkrituelen. In het oude Rome moesten patroons op de eerste dag van het jaar geschenken aan hun cliënten geven en in de Middeleeuwen was het een wijdverspreid gebruik om in die periode geschenken uit te wisselen tussen wie laag en hoog op de sociale ladder stond. Jacobs: "Vaak gaf bijvoorbeeld dienstpersoneel een gedichtje aan de patroon in de hoop zo een grotere gift te krijgen. Daar ligt dus de basis van het idee dat iemand die 'kleiner' is een geschreven wens aanbiedt in de hoop een geschenk te krijgen.

Daarnaast was het ook al in de vijftiende eeuw de gewoonte dat verschillende beroepscategorieën hun nieuwjaarswensen gingen aanbieden aan klanten of bazen door hen aan de deur gedrukte nieuwjaarswensen te gaan aanbieden in ruil voor een gift. Dat gebruik, dat tussen de zeventiende eeuw en de Eerste Wereldoorlog hoogtij vierde, zie je vandaag nog weerspiegeld in de gewoonte van postbodes, vuilnismannen of wijkagenten die rond de jaarwisseling aanbellen en je een hand of een kaartje geven of proberen hun kalenders te verkopen."

De vondst in het archief van de familie Plantijn & Moretus is ook van belang omdat ze op de mogelijkheid wijst dat de formele nieuwjaarsbrief min of meer ontstaan is in het drukkersmilieu en alles te maken heeft met redenaarskunst inzetten om winst te maken. "Het is in ieder geval zo dat vanaf de zestiende eeuw de meeste boeken met een opdrachtbrief begonnen waarin de auteur, uitgever of drukker het boek plechtig aanbiedt in de hoop er geld of geschenken voor te krijgen. Onderzoek heeft uitgewezen dat erg veel van die brieven op 1 januari gedateerd waren. Dat was uiteraard enkel symbolisch, maar het zou zeer goed kunnen dat in de drukkersfamilie de zonen zich alvast oefenden in het schrijven van die opdrachtbrieven, die in feite ook bedelbrieven waren gericht aan een 'meerdere'", zegt Jacobs.

Of de nieuwjaarsbrief zoals we hem nu kennen echt voor het eerst voorgelezen werd door kinderen uit het Antwerpse drukkersmilieu is niet zeker, maar het ritueel lijkt vooral in België voor te komen, zo weet Jacobs. "Andere landen kennen het voorlezen van de nieuwjaarsbrief niet. In Nederland werden vroeger ook wel nieuwjaarsbrieven voorgelezen, maar daar is het gebruik uitgestorven sinds nieuwjaarskaartjes versturen populair geworden is. Hoewel het hier ook taant, bestaat het gebruik hier nog wel", aldus Jacobs.

Hoe dat komt is niet zomaar te zeggen, maar Jacobs verwijst naar de sterke invloed van het Belgische onderwijs in de negentiende eeuw. "In het onderwijs hier is de nieuwjaarsbrief massaal ingezet om het analfabetisme tegen te gaan en duidelijk te maken dat retorische vaardigheden op school werden aangeleerd. Kinderen leerden schoonschrijven en voor de ouders was de brief een interessante manier om de vorderingen van hun kind en de prestaties van de school te vernemen. De scholen zetten de brief dan weer strategisch in om de cultuur van lezen en schrijven en bepaalde opvoedingswaarden te propageren én bij de brief werd vaak ook een herinnering gestoken om het schoolgeld te betalen", zegt Jacobs.

De zeer formele en voorgekauwde tekstjes die ondertekend werden met 'uw toegenegen dochter' of 'uw verkleefd doopkind' zijn nu echter totaal passé. Jacobs: "Er is een hele resem nieuwe, creatievere en lossere manieren gekomen om het gebruik in ere te houden, zoals koekjes en T-shirts met wensen op of nieuwjaarspuzzels voor kleuters. Ook voor nieuw samengestelde gezinnen of allochtone kinderen bestaan er nieuwe variaties. En het zal van de inventiviteit van de scholen en leerkrachten afhangen of de nieuwjaarsbrief voortleeft."

Info: Op de website www.canoncultuurcel.be vind je tientallen originele voorbeelden van nieuwjaarsbrieven, ingezonden door leerkrachten.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234