Donderdag 20/02/2020

‘Gerecht maakte mijn leven kapot’

Het Gentse hof van beroep heeft Philippe Vermeulen nog maar net buiten vervolging gesteld, of hij is al een kruistocht tegen de Belgische justitie aan het beramen. Voor het geld, voor de eer, en om te vermijden dat het gerecht na hem nog meer slachtoffers maakt. Want, zegt hij: ‘Wat het parket mij heeft aangedaan, is ronduit misdadig.’

In de inkomhal van een bescheiden appartement met zeezicht in het mondaine Knokke staat de kartonnen kaften van vloer tot plafond gestapeld. “Het dossier”, zucht Philippe Vermeulen. “Of toch een deel ervan, de rest staat in de slaapkamer. Vermeulen, in hemdsmouwen en op sportschoenen, zet zich neer in een blauwe fauteuil. In niets het wonderkind van het durfkapitaal, dat de Gimv in de late jaren 80 bij Lernout & Hauspie binnenloodste, om haar er enkele jaren later weer uit te manoeuvreren en vervolgens weer binnen te loodsen - enkele jaren voor de Ieperse spraaktechnoloog het snoepje van technologiebeurs Nasdaq zou worden.

Een carrière lang heeft Vermeulen met Jo Lernout en Pol Hauspie te maken had - eerst bij de Gimv, later in de raad van bestuur van L&H, vervolgens als CEO van de durfkapitaaldochter van het Ieperse bedrijf, FLV Fund. Al die tijd was hij laaiend enthousiast over hun projecten. “Enthousiasme is geen misdrijf”, zegt hij afgemeten, “en het is de brandstof van de durfkapitalist (een investeerder die zijn geld vooral in risicovolle groeibedrijfjes steekt, fd).”

Vermeulen houdt vol dat hij Lernout en Hauspie nooit van wat dan ook verdacht had. “Toen ik op 8 augustus 2000 de Wall Street Journal opensloeg, dacht ik dat de Amerikaanse zakenkrant de bal mis sloeg. Maar het nieuws werd vervolgens keer op keer bevestigd.” Vermeulen hapt even naar adem. “Al die jaren”, zweert hij, “heb ik nooit een signaal gezien dat er bij L&H manifest gefraudeerd zou zijn. Wie zou er fraude vermoeden in een bedrijf dat zich in 1998 wekenlang door 20 auditors van Microsoft laat doorlichten, en dan 45 miljoen van Gates’ dollars op zijn rekening gestort krijgt?”

Over Jo Lernout en Pol Hauspie krijgt Vermeulen tot op vandaag geen kwaad woord over zijn lippen. Over het parket dat het onderzoek voerde des te meer. “Ik ben ziedend. Nog altijd. Waar halen die mensen het recht om mijn leven kapot te maken?” Vermeulen zegt het afgemeten, met gedempte stem zelfs. Maar zijn ogen schieten vuur. Vermeulen is in de loop van het onderzoek een tiental keer als getuige verhoord tussen 2001 en 2005.

“Tijdens een van die verhoren kreeg ik voor de voeten geworpen dat ik geld van het fonds zonder medeweten van mijn raad van bestuur versluisd had naar LDC’s (de taaltechnologiebedrijven waarmee L&H zijn omzet oppompte, fd)in Singapore. Mijn ontkenning werd weggelachen: ze stond nog wel genotuleerd in het samenvattende proces-verbaal, maar in de samenvattende pv’s werd ze stomweg weggelaten. En het was op die laatste dat het Openbaar Ministerie zijn inverdenkingstelling baseerde.”

Daardoor kwam Vermeulen op 5 april 2006 als verdachte in het strafdossier terecht. “Manifest te laat”, zei het hof van beroep gisteren. Hij knikt. En roept dan, kwaad: “Onderzoeksrechter Heimans had al drie brieven naar het Openbaar Ministerie gestuurd, met de vraag of ze me in verdenking wilden stellen. Er kwam geen antwoord, tot op de dag dat het onderzoek officieel afgesloten was. Toen stelden ze me in beschuldiging, op een ogenblik dat ik zelfs de kans niet meer kreeg om hun manifest verkeerde uitgangspunten met bewijzen te weerleggen. Daar ben ik het niet eens met het hof. Voor mij was die vertraging kwaadwillig. Of beter: ze was misdadig - schuldig verzuim.”

Schadeclaim

Vermeulen moet slikken wanneer hij begint te vertellen hoe de beschuldiging zijn leven in elkaar deed stuiken. “Ik stond ermee op en ging ermee slapen. En ’s nachts werd ik er wakker van. Ik kon zelfs niet meer van Bach genieten, muziek waar ik al sinds mijn jeugd gepassioneerd naar geluisterd had. Ik moest de hulp van een psycholoog in roepen, en ik betrapte er mezelf herhaaldelijk op dat ik tijdens het autorijden hardop op dat duo van het Openbaar Ministerie zat te schelden.”

Ook professioneel stond het leven op een laag pitje. “Ik heb jaren op adrenaline gewerkt. Pure positieve energie. En vervolgens raakte ik vijf jaar lang alle gedrevenheid kwijt. En mijn reputatie. Vertrouwen is in de wereld van het durfkapitaal het hoogste goed. Een plek op het beklaagdenbankje is daar niet echt bevorderlijk voor. Ik moest herhaaldelijk brandjes blussen bij potentiële buitenlandse investeerders die op het internet over het proces gelezen hadden. En het vervelende is dat ik dat de komende jaren wellicht zal moeten blijven doen.”

Philippe Vermeulen laat er geen twijfel over bestaan: het L&H-onderzoek heeft zijn leven kapotgemaakt. En daar wil hij genoegdoening voor. Hoeveel wil hij nog niet gezegd hebben - “we zijn nog aan het cijferen” - maar hij weet nu al dat het “geen klein bier” zal zijn. “Maar het gaat me niet om het geld alleen. Het gaat ook om de eer. Ik wil de confrontatie met het Openbaar Ministerie aangaan. Ik wil Willem De Pauw en Ann De Braekeleer horen toegeven dat ze verkeerd zaten. Dat ze mij ten onrechte door het slijk hebben gehaald.”

En niet alleen die jonge parketmagistraten, trouwens. “Ik vind het wraakroepend hoe zo’n complex en omvangrijk dossier door twee onervaren magistraten gedraaid wordt. Ook het parket-generaal draagt hier een verpletterende verantwoordelijkheid.”

Droog zaad

En de Belgische justitie in het algemeen, gaat Vermeulen verder. “Weet u waarom al die financiële zaken in de soep draaien?”, vraagt hij zich retorisch af. “Omdat het Belgische gerecht zich niets aantrekt van de grondbeginselen van het gerechtelijk onderzoek. Uit de boeken van Conan Doyle herinner ik me hoe Sherlock Holmes elke keer op zoek ging naar de antwoorden op vijf kernvragen: wie, wat, waar, wanneer en hoe. Belgische parketmagistraten harken zoveel mogelijk papier bij elkaar, tot het allemaal volstrekt onbeheersbaar wordt.”

Hij heeft al een paar lotgenoten bij elkaar gezocht, zegt hij, want hij wil initiatieven nemen om te zorgen dat het niemand anders meer overkomt. “Als het moet, trek ik ervoor naar de minister van Justitie”, klinkt het strijdvaardig.

Of hij na de rechtszaak ook financieel aan de grond zit, vragen we bij het afscheid. Hij zucht. “Na vijf jaar zonder inkomsten heb ik in elk geval niet veel meer over”, klinkt het bedrukt. “En mijn spaarpotje, het pakket aandelenopties van FLV Fund waar ik bijna 200.000 euro belastingen op had betaald, is ook in rook opgegaan. Jammer, want ik blijft geloven dat het fonds had kunnen overleven. We investeerden in een vroeg stadium in Financial Architects, Transix, Shazam en Cegeka, die vandaag allemaal voortleven als robuuste ondernemingen. Maar door de gerechtelijke onderzoeken kwam alles in zo’n negatieve spiraal terecht dat we nergens nog aan de bak kwamen. Het had destijds geen zin om Don Quichot te blijven spelen zonder dat iemand in ons bleef geloven.

“Ik hoop dat ik nu de draad van vroeger weer op kan nemen. Op een andere manier, misschien, maar toch ook een paar dure ervaringen rijker.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234