Vrijdag 28/01/2022

Gérard Oury (1919-2006)

De koning van de Franse komedie

Gérard Oury, wiens naam onlosmakelijk verbonden is met de carrières van de komieken Louis de Funès en André Bourvil, werd 87. Dankzij de beroemde komedie La grande vadrouille was Oury Frankrijks commercieel succesvolste filmmaker van de voorbije halve eeuw.

door tine terryn

Met de populaire oorlogskomedie La grande vadrouille (1966) deed Oury de Franse bioscoopkassa's kraken: 17 miljoen kijkers, een succes dat enkel dertig jaar later door Titanic zou worden verbeterd. De film, met Louis de Funès, André Bourvil en hun Britse collega Terry Thomas in de voornaamste rollen, gaat over een geallieerde piloot die het bezette Frankrijk probeert te ontvluchten tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de periode met enige lichtzinnigheid wordt benaderd kende de Joodse Oury, echte naam Max Gérard Houry Tannenbaum, de realiteit. Tijdens de Tweede Wereldoorlog moest hij als Jood op de vlucht slaan voor de nazi's.

De Parijzenaar, wiens moeder journaliste en wiens vader violist was, wou oorspronkelijk acteur worden. In Zwitserland waagde hij zijn eerste stappen op de theaterplanken. Na de bevrijding probeerde hij het ook in Frankrijk als theater- en filmacteur. In de jaren vijftig speelde hij rollen in Franse en Britse films. Een van zijn bekendste vertolkingen was die als Napoleon Bonaparte in The Sea Devils (1952) van Raoul Walsh en in Love of Three Queens (1954) van Marc Allegret.

Als filmacteur lukte het niet echt, aan de andere kant van de lens des te beter. Oury heeft zeventien films op zijn naam. Na drie drama's gooide hij het over een andere boeg. Tijdens de opnames van Crime Does Not Pay (1962) gaf De Funès hem de raad komedies te maken. "Ik realiseerde mij dat donkere films tegen mijn natuur indruisten", zei hij later. De Funès en Bourvil speelden mee in zijn eerste succeskomedie Le corniaud (1965), een absurde roadmovie waarin Bourvil de rol speelt van onnozele sul die door schurk De Funès wordt opgelicht. Het was meteen raak aan de kassa's. La grande vadrouille maakte van hem de koning van de Franse komedie.

In Oury's La folie des grandeurs (1971) en Les aventures de Rabbi Jacob (1973) zette De Funès twee van zijn beste vertolkingen neer. Die laatste film, die uitkwam ten tijde van de Jom Kipoeroorlog, leverde de regisseur enkele doodsbedreigingen op. De film vertelt het verhaal van een antisemitische Franse zakenman die op weg is naar het huwelijk van zijn dochter en zich moet vermommen in een rabbi om aan moordenaars te ontkomen. "Het was een risico om religie, racisme en xenofobie in een komedie te verwerken", zei Oury. Het was zijn persoonlijkste film, de enige met meer diepgang dan een zoektocht naar de slappe lach.

Met De Funès, Bourvil en producer Robert Dorfmann vormde Oury een kwartet kwajongens. "We vertelden elkaar constant moppen, 's avonds praatten we over niks anders dan de film en 's nachts belden we elkaar uit bed als we weer eens een gag bedacht hadden. Niets was ons te veel, er heerste een gevoel van volmaakte medeplichtigheid", zei De Funès ooit.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234