Zaterdag 04/12/2021

Georges Leekens

Georges Leekens verander je nooit. 'Twijfel? Dat is het slechtste wat je kunt hebben', zegt de man die in mei de Rode Duivels verliet om coach te worden van Club Brugge.

En daar zes maanden later ontslagen werd. Geen twijfel dus. Geen troost nodig. Je zou zelfs zeggen: geen rancune. 'Mij aanwerven was inderdaad een inschattingsfout.'

"Met mij weet je het nooit." Dat zinnetje. Je legt de telefoon neer en het blijft in je hoofd hangen. Dat heeft hij echt gezegd. "Met mij weet je nooit." De vraag was of hij de volgende dagen nog elders zou opduiken met een interview. En het antwoord: "Neen. Ik heb er toch geen gegeven. Maar met mij weet je nooit." Het is 19 december, twee dagen later is Georges Leekens te gast in het vtm-programma Stadion. Met hem weet je nooit. We zijn immers dik zes maanden - dat is een half jaar - na een eerste telefoontje met de vraag voor een gesprek. Het plan was mooi. Tijdens een zomerse 'Zeno'-reeks onder de titel 'Een barbecue met...' wilden we met de nu 63-jarige trainer praten. Als kersvers coach van Club Brugge. In onze dromen vlees bakken op de middenstip van het Jan Breydelstadion. Lukte nooit, er werd altijd opgeschoven. De laatste keer dat we moesten terugbellen zou 8 november zijn. Te laat voor een barbecue, te laat tout court: vier dagen eerder werd hij ontslagen.

"Ik heb zes maanden lang iedereen genegligeerd", zegt Leekens, zich bijna excuserend, op tweede kerstdag. Straks zal hij in de bar van het Van der Valkhotel in Oostkamp alle koffies willen betalen. Het geruite pak op de foto's is het pak dat hij draagt. Doet wat Nederlands aan, maar je kunt zeggen wat je wilt: hij straalt. Wanneer Stef Wils van Cercle Brugge, in groen-zwarte training met nummer 26 op de borst, toevallig door de bar slentert, is het Leekens die de speler opmontert: "Straks naar Lokeren? Geen druk jongen. Dat wordt 1-1. Of 1-2. Gij scoort vanuit een onmogelijke hoek. Het momentum is er. En doe de groeten aan Foeke!" Het zal toch 3-0 worden voor Lokeren.

Hij vraagt Canderel bij z'n koffie en zegt dan: "Je kunt niet zeggen dat ik een eentonig leven leid."

Dat klopt, op 13 mei liet Georges Leekens een bom ontploffen door aan te kondigen dat hij de Rode Duivels zou verlaten om coach te worden van Club Brugge. "Het is een understatement om te zeggen dat dat veel meer stof deed opwaaien dan ik zelf verwacht had", zegt hij vandaag. "Weggaan bij de Rode Duivels was op allerlei vlakken niet zo eenvoudig hoor. Het was mijn droomjob. Maar na vier dagen negatief te antwoorden op de vraag van Club, liet ik me toch overhalen. Waarom? Club was mijn ex-club waar voor mij alles was begonnen. Mentaal en emotioneel speelde dat mee. Natuurlijk wordt elk woord dat je dan uitspreekt gevoelig.

"Ik zal niet nog eens zeggen dat 90 procent van de job gedaan was. Maar bij de Bond zat ik in een luxepositie. We waren door de loopgraven gegaan, jonge gasten die als losers waren afgeschilderd waren uitgegroeid tot een heel volwassen spelersgroep, erkend in binnen- en buitenland. Dat was niet alleen mijn verdienste. Het team around the team was helemaal gevormd. Wat er na twee jaar stond, mocht gezien worden en ik ben blij dat Marc Wilmots voor de continuïteit zorgt. Dick Advocaat had dit ingezet, ik heb doorgezet en Marc gaat het afmaken."

Toch: die 90 procent, het is een vreemde uitleg als iemand weggaat van wat hij zelf een droomjob noemt. Waarom doet een mens dat? Leekens liet de nationale ploeg in de steek.

"Je kunt op je lauweren blijven rusten", zegt hij. En herhaalt: "Bij Club Brugge was er een nood. Als die dan komen aankloppen, de club waar ik alles aan te danken heb, dan wil ik iets terugdoen. Zes maanden eerder was er ook een aanbieding geweest van een Russische club. Dat deed ik niet. Daarvoor waren de Rode Duivels me te veel op het lijf geschreven. Tegelijk was ik altijd avontuurlijk aangelegd. Ook dat heeft me naar Club Brugge geleid.

"Wat ik deed was zogezegd not done. Maar misschien was het voor mezelf te gemakkelijk geworden. De uitdaging was in ieder geval veel groter. Daar hou ik van. Maar mijn verblijf is uiteindelijk kortstondig geweest. De impact van mijn verhuizing was blijkbaar zeer groot. Het leek nog erger dan als er een atoombom was gevallen."

Brugge kampioen

Alles is volgens Georges Leekens te herleiden tot druk. Misschien begon het zelfs al op die persconferentie. Geflankeerd door Clubvoorzitter Bart Verhaeghe en manager Vincent Mannaert sprak hij de bewuste '90 procent van het werk is af'-woorden en vooral viel die dag de ambitie van Club Brugge: kampioen worden. Die woorden werden uitgesproken. Er was geen weg terug: Club Brugge moest en zou dit jaar kampioen worden.

"De wil om kampioen te spelen was zo groot dat de druk nog groter werd", zegt Leekens. "Goed was niet meer goed genoeg. Niet voor de club, niet voor de spelers. Mijn komst verzesdubbelde dat nog. Er werd daarrond een negatieve sfeer gecreëerd, maar ik wil niemand iets verwijten. Ook de media niet. Ik heb die keuze gemaakt, daar stond ik ook 300 procent achter.

"Ik blijf erbij: heb je voldoende geduld, dan kan alles goed komen. Alleen stapte ik wat te laat bij Club in, hadden we een zware voorbereiding en kregen we plots met veel gekwetsten te maken. Je hebt geen 26 spelers van hetzelfde niveau en als dan acht à negen basisspelers geblesseerd geraken, dan wordt het bijna onmogelijk. Voor sommige jongens waren drie matchen per week te veel. Anderlecht kon de hele tijd met een typeploeg spelen, Genk idem. Alleen wij moesten elke week veranderen."

Leekens is op dreef. Leekens heeft altijd een positief verhaal. Leekens wijst op de cijfers: "In oktober stonden we nog eerste met vier punten voorsprong op Anderlecht. De béste start van Club in zeven jaar."

Maar dan komt 20 oktober. Die avond wordt de leider verwacht in Den Dreef, het kleine stadion van Oud Heverlee-Leuven. In het vak waar de meest fanatieke Leuvense supporters staan, wordt een gigantisch spandoek ontrold met de kop van Leekens en een verwijzing naar die 90 procent.

"Het was bijna een persoonlijke aanval", zegt hij. Dat had hij ook op andere velden gemerkt: Georges Leekens was de gebeten hond van België. Moet hij niet verbaasd over zijn. Maar het begon zich tegen Club Brugge te keren. "Mijn aanwezigheid woog op Club." Alles kwam samen in Leuven. Al vroeg werd het 0-1, via Bacca. "Na twintig minuten had het 0-3 moeten zijn." Dat werd het niet. Het werd 1-1. En na de rust 4-1.

Maar eerst nog eens naar dat spandoek. "Ik heb me altijd een halve Leuvenaar gevoeld. Ik heb er vier jaar gestudeerd, er woont veel familie, mijn broer was er directeur van de Kamer van Koophandel en vorig jaar werd ik nog erelid van het 'sportkot'. Uitgerekend daar dat meemaken, dat deed pijn. Ik ben veel emotioneler dan veel mensen denken. Mijn keuze voor Club bewijst dat trouwens. Ook dat had veel met emoties te maken. En dat vind ik ook goed. De dag dat je geen emoties meer hebt, moet je iets anders doen."

Geen vechtscheiding

Het werd de match van het keerpunt; 4-1 met de billen bloot, nadien volgden alleen nog nederlagen en op 4 november kon Georges Leekens vertrekken. "Een logische beslissing van Bart Verhaeghe", zegt hij dan. Horen we dat goed? Hij knikt: "Het zou van bijzonder weinig respect voor Club getuigen, mocht ik iets anders zeggen. Ook voor de voorzitter was het moeilijk. Hij wist op voorhand dat het geen ideaal huwelijk zou zijn, maar soms werkt het toch. Nu deed het dat niet. De druk was al groot en door mijn toedoen werd die nog vier keer groter. Het werd onmenselijk. Dan moet je afscheid van iemand nemen, maar dat kan ook zonder vechtscheiding."

Werd het dat? Er zijn twee dingen. Eén: Georges Leekens' opstapvergoeding zou 2,5 miljoen euro zijn. In de dagen na zijn ontslag werd dat publiekelijk aangevochten. "Het was helemaal niet zoveel en alles is correct afgehandeld", zegt hij nu. Twee: manager Vincent Mannaert noemde de aanstelling van Leekens een "inschattingsfout".

Hij knikt alweer: "Ik heb dat zelf ook gezegd. En ik sta 300 procent achter die uitspraak van Vincent."

Is spijt dan de enige conclusie? Zo zit Leekens niet in elkaar. Helemaal aan het einde van dit gesprek zal hij zelfs zeggen dat Club Brugge "een goeie ervaring" was. Nu zegt hij dat Club Brugge nog altijd "mijn club" is. "Zoals dat voor Johan Boskamp altijd Feyenoord zal zijn. Als ik vandaag in een interview met Carl Hoefkens lees dat hij blij is dat ze in woelige tijden recht gebleven zijn, dan ben ik daar ook blij mee."

Carl Hoefkens deed die uitspraak in de woensdagkrant, drie dagen nadat Club Brugge op het veld van Standard is gaan winnen. In de boventitel lees je over de "wederopstanding van blauw-zwart". Weg is het verhaal van de ruziënde kleedkamer, de boycot van spelers als Ryan Donk tegen Georges Leekens, weg zijn de ellendige blessures. Weg is de ergernis over de peptalk en marketingpraatjes van de trainer. Georges Leekens zou Georges Leekens niet zijn als hij dat "positief" vindt.

Over Donk: "Dat geloof ik niet. Ik ken hem, ik heb voor zijn contractverlenging gezorgd. Bovendien heb ik vroeger al in Nederland (bij Roda JC, RVP)gewerkt. Ik ken hun mentaliteit, dat gebeurt niet. De spelers hebben één grote fout gemaakt. Na de archislechte wedstrijd tegen Bordeaux en het 4-1-verlies tegen Cercle, is het logisch dat het publiek kritiek heeft. Maar Club heeft de meest fantastische aanhang van dit land. De spelers zijn na die match niet gaan groeten en zoiets doe je niet. Maar zelf ben ik niet het type coach dat na de match mee het veld opgaat, dus ik zag het niet. Ik stond een interview te geven en hoorde het nadien pas. Maar als je zogezegd een topclub in wording bent, dan moet je dit niet laten gebeuren."

De groep zou hem in de steek gelaten hebben. Neen, zegt Leekens. Er waren de blessures. "Eén à twee weken na mijn vertrek begonnen ze terug te keren." En op Standard gebeurde, wat op OHL niet gebeurde. "Dat noem ik het momentum. Ze kunnen op Standard ook een paar goals slikken, maar dat doen ze niet. Dan komt iemand als Vázquez binnen en ze winnen met 1-3. Het momentum is gedraaid. Anderlecht staat nu zo'n tien punten voor op Club, maar straks moeten die Mbokani missen door de Africa Cup en in de play-offs worden die punten gehalveerd. Laat Club dan au grand complet zijn en je kunt weer meespelen. Het kan raar klinken, maar ondanks mijn ego, hoop ik dat mijn ontslag de druk heeft weggenomen."

Hij zegt het niet, maar je ziet het hem denken: als Club Brugge nu wel draait, is het ook zijn verdienste. Net als bij de Rode Duivels had hij hier een driejarenproject. Hij is ervan overtuigd dat geduld gewerkt had. "Toen ik twintig jaar geleden al eens blij Club was, lagen we voor de winterstop vijf punten achter. We lagen eruit in Europa en in de Beker. Maar we werden wel kampioen." Dit zegt hij wel: "Ik ben er nog altijd van overtuigd dat Bart Verhaeghe zal slagen. Anders was ik er ook niet aan begonnen. Ik herken veel in hem. Hij denkt snel, wil en zal zijn Club naar de top brengen, op zijn manier. Eigenwijs. Hij zou al lang op zijn lauweren kunnen rusten, maar dat doet hij niet."

Cowboyverhalen

Tijd voor een roddel: meteen na zijn ontslag werd Leekens met een depressie opgenomen in een instelling. Hij schudt het hoofd. "Integendeel. Ik was trouwens meer begaan met Club dan met mezelf. Natuurlijk raakte dat ontslag me. Ik ben daarnet al zeer open geweest: ik ben een emotionele mens. Verlies je graag? Neen. Ben je geraakt als je ontslagen wordt? Het zou maar erg zijn, mocht dat niet het geval zijn. Maar ben je daardoor geperturbeerd? Neen."

"Kijk: er is me verweten dat ik niet hard genoeg werkte. Wel integendeel: ik denk dat ik veel te hard en te passioneel ben bezig geweest. Ik heb me zes maanden genegligeerd. Hooguit zes dagen vrij genomen. Natuurlijk zijn er cowboyverhalen ontstaan, maar ik ben iemand die gelooft in wetenschappelijke begeleiding, iemand die werkt met gps en Polars, iemand die wel vindt dat iPads deel uitmaken van professioneel werk. Maar in nood moet wat moet en je mag niet denken dat je met een auto van 1.000 cc driehonderd per uur gaat rijden."

"Ik moet mijn vrouw bedanken", zegt hij plots. "Zij heeft me natuurlijk in eerste instantie gesteund. Maar ik heb ook een aantal goede vrienden voor het leven. Iemand als Jean-Pierre Heynderick, van een staalbedrijf in West-Vlaanderen heeft me opgevangen. Met hem was ik vorig jaar nog op handelsmissie in Chili, samen met prins Filip. Ook dat zijn dingen die ik doe. Of iemand als Paul Degroote, hem ken ik al jaren, hij is een hele grote Club-fan.

Heel veel sms'jes en telefoons heb ik gekregen. (lacht) Ik wist niet dat ik nog zo positief populair was."

Ook in Brugge? Waar de zoon van ex-trainer, ook zijn ex-trainer, Ernst Happel onlangs op de straat liep en door iedereen werd aangesproken. Hij woont in Brugge. Geen probleem, zegt hij. "Ik kom zelf uit een gewoon milieu en mensen weten dat. Elders zou het stadion afgebroken zijn. Toen ik in Turkije trainer was van Trabzonspor en we thuis met 3-4 van Fenerbahce verloren, moesten we twee dagen binnenblijven. Hier gebeurt dat niet.

"Meteen na mijn ontslag ben ik op vakantie getrokken naar Dubai. Ik ben daar graag. Maar 's anderendaags rinkelde de telefoon ook al. Vorige week was ik een paar dagen in Doha. Of ik daar aan de slag ga? Ik durf daar vandaag niks over te zeggen. In het voetbal van vandaag kan alles elke dag veranderen." Hij lacht zelf: niemand weet beter dan Georges Leekens dat dat klopt. Zeker met mensen als Georges Leekens. "Ik ga in ieder geval wat voor Telenet werken als analist."

Killersinstinct

Waarom is deze man wie hij is? Meer dan tien jaar geleden schreven Jan Wauters en Walter Pauli in hun 'Top 100 van het Belgisch voetbal' over Georges Leekens, die nog net de honderdste plaats mocht delen met Jean Plaskie: "Georges Leekens had twee specialiteiten. Eén: blufpoker. Hij lulde de spitsen uit hun concentratie, praatte tegenstanders tureluurs. Twee: zijn durf. Leekens ging tot het uiterste. Mac the Knifemaakte weinig overtredingen, hij speelde wel consequent op de rand. Georges Leekens had (en heeft) een killersinstinct. Hij kiltom te winnen."

Van waar komt dat karakter? "Van mijn ouders en door mijn opvoeding", zegt hij. "Ik had een fantastische jeugd. Geen weelde, maar wel veel geluk en liefde. De weelde van geluk en liefde. Mijn moeder had een gouden hart, mijn vader was avontuurlijker. Hij was beroepsmilitair geweest, had een theatercafé gehad en was bakker geweest. Ze waren streng, maar ze wilden van klagen niet horen. Mijn broer werd directeur van de Kamer van Koophandel, maar hij is iemand die meer de rust zoekt. Ik ben niet de man van de rust. Natuurlijk heeft iedereen een beetje angst om te falen. Maar bij mij is die angst heel klein en de wil tot succes is groter.

"Ik was eigenlijk een beperkte voetballer, maar ik wilde wel testen wat ik kon en dat deed ik bij Crossing Schaarbeek. In mijn eerste licentie aan de universiteit kwam Anderlecht, maar ik weigerde. Eerst mijn diploma, vond ik. Dus is Hugo Broos in mijn plaats van Humbeek naar Anderlecht gegaan. Ondertussen ben ik 63 en sedert 1984 coach. Wel, ik durf te zeggen dat ik elke dag bijleer. Ik heb nog het dynamisme van de beginner en ik wil niet de gefrustreerde zijn die niet tegen kritiek kan."

Maar waarom? Waarom werkt iemand zich met zo veel ervaring in nesten door te breken met de Rode Duivels en naar Club Brugge te gaan? Of nu: waarom zou Leekens nog maar eens een ploeg ambiëren? Adem diep in en lees het lijstje van alle ploegen en teams waar de man sinds 1984 aan het roer stond: Cercle Brugge, Anderlecht, Kortrijk, Club Brugge, KV Mechelen, Trabzonspor, Cercle Brugge, Charleroi, Moeskroen, België, Lokeren, Roda JC, Algerije, Moeskroen, Gent, Lokeren, Al-Hilal, Kortrijk, België en Club Brugge. Moet daar nog geld bij?

"Ik heb in mijn leven nog maar twee keer voor het geld gekozen", zegt hij. "Eén keer bij Al-Hilal. Je denkt dat je de wereld kunt veranderen en je tekent daar. Achteraf bleek dat maar een interim-opdracht van twee maanden te zijn. De tweede keer was toen ik van Club Brugge naar KV Mechelen ging. Maar na drie maanden zei John Cordier: 'Ik ga spelers verkopen om mijn bedrijf te redden.'"

Verder? Geld? Nooit, blijft hij zeggen. Gestaafd met wat voorbeelden. "Na mijn periode bij Club Brugge ging ik bij Sint-Niklaas voetballen. Tot ik 35 was. Dat was in de periode voor het Bosman-arrest. Op 35 was ik een vrije speler en dan kon ik geld verdienen. Wel, ik ben trainer geworden van een kleine club als Cercle. Ik ben naar Lokeren gegaan om mijn vriend Roger Lambrecht te helpen. En zes maanden voor ik bij Club tekende, kon ik dus voor veel geld naar een Russische ploeg. Waarom zou ik dat gedaan hebben? Ik was niet de koning van België, maar ik zat wel op een gemakkelijke troon bij de Rode Duivels. Bondscoach is het hoogste wat je kunt bereiken toch?"

De vraag blijft: waarom. "Noem het pure passie", zegt Leekens. "Het graag doen. Kijk naar buiten. De zon schijnt." Troost had hij niet nodig, zegt hij. Ontspanning, hooguit. Twee keer per week gaan lopen, in de auto naar Q Music luisteren, dankzij zijn studerende dochter bij blijven. "Ik ken ze nog hoor. The Passenger en onze Koreaan. Al ga ik niet meedansen met de 'Gangnam Style'."

Maar troost? "Dat is een negatief woord. Je kunt beter vragen waar ik me aan opgetrokken heb. Wel: aan de waardering die ik zowel in het binnenland als in het buitenland kreeg. Men blijft in mij geloven.

"Vroeger was ik nogal reactief als ik vond dat me onrecht was aangedaan. Dat heb ik nu niet meer. Alleen als iemand nu zegt dat ik niet hard genoeg gewerkt heb bij Club, ga ik niet akkoord. Misschien ben ik er zelfs te passioneel mee bezig geweest."

Of het toch niet eenzaam is? Er volgt een verhaal over teams, over een blok van supporters, de media, de werking. Of hoe hij een dag eerder Matthias Sammer van Bayern München op tv een verhaal hoorde vertellen over het uit de wind zetten van de coach, het succes door vertrouwen, het niet tegen mekaar zijn, het 'breed denken'.

Eenzaam? "Je bent zo eenzaam als je zelf wilt. En je moet zowel succes als tegenslag relativeren. Maar het belangrijkste is om de passie te behouden. Veel jonge mensen zijn oud, ik ben een oude mens die jong wil blijven. Ik heb lef en durf, dat heb je zelf al gezegd. Maar als jonge snaak wil je dat misschien iets te veel laten zien. Dat heb ik niet altijd meer nodig. Wij zijn echt niet op de wereld gezet om alleen te zijn. En als je een winnaar bent en je verliest, dan weegt dat natuurlijk op je humeur. Maar ook dan is mijn vrouw belangrijk. Zij zei: 'Neem je tijd'. En dat doe ik nu. Ik ben niet gehaast. Maar wel nog ambitieus.

"Het was mijn droom om met Club Brugge naar de Champions League te gaan. Maar als dat niet lukt, moet je dan minder werken? Ik vind van niet. Je kunt je daar wel laten door overdonderen, of je kunt proberen erover te geraken. Ik kies voor het laatste. Maar als mens heeft wat dit jaar gebeurd is mij niet veranderd. Twijfel is het slechtste wat je kunt hebben. Ik twijfelde niet. Niet bij de Rode Duivels en niet bij Club Brugge. Nog eens: wat Carl Hoefkens zei, klopt. Wat telt is dat ze doorgebeten hebben. Als je twijfelt, ben je weg."

Belangrijk jaar

We moeten toch nog eens terug naar de Rode Duivels. Nadat hij ze van '97 tot '99 al eens had geleid en naar het WK in Frankrijk had gebracht, mocht Leekens in 2010 Dick Advocaat opvolgen. Twee uur terug heeft hij het al eens zijn droomjob genoemd. Toch duurde het zeer lang voor de resultaten kwamen. Misschien toch vooral nu, onder Marc Wilmots. "Succes krijg je alleen door heel hard te werken. Maar voor de een is succes een palmares, voor mij is succes vooral een goed gevoel."

Dat legt hij uit door de supporters die de Rode Duivels in twee jaar "niet één keer uitgefloten" hebben. Hij legt zelfs een bruggetje met Club. "Ook bij de Rode Duivels moesten we eerst door de loopgraven, dat was bij Club nu ook het geval."

Hoe dan ook wordt 2013 voor de Duivels, onder Marc Wilmots, een bijzonder belangrijk jaar. Het jaar van de kwalificatie voor het WK in Brazilië, waar hij zelf nog de terreinverkenning deed, waar hij hoopt dat de Belgen in 2014 het strand van Copacabana zullen ontdekken.

Hij twijfelt niet. "Dit is een generatie voetballers met meer talent dan de Rode Duivels die in Mexico speelden. Vergeet trouwens niet dat Guy Thys daar op de wip zat, vlak voor de match tegen Rusland. Dat werd echt een verhaal from nowhere to somewhere. Als dit slaagt, dan is het niet belangrijk of ik er wel of niet ben. Ik heb de graafwerken gedaan, Marc Wilmots gaat het dak leggen. Maar je moet altijd twee passen vooruit zetten. Ze zijn goed gestart in de kwalificatiewedstrijden en, gelukkig, hebben ze dan verloren van Roemenië. Dan zet hen meteen met de twee voetjes op de grond. En nu moet het weer vooruit. Morgen is belangrijker dan gisteren. Servië en Kroatië gaan elkaar nog punten afpakken en dat is goed voor ons."

Twee keer heeft zijn gsm gerinkeld, één keer kreeg hij een waarschuwing van z'n Coyote-app. Die hij ten zeerste aanbeveelt. De journalist van Het Laatste Nieuwsdie binnenkomt, krijgt een omhelzing en wordt met 'Hé gringo' begroet. De primeur van waar hij zal tekenen, zal ongetwijfeld voor hem zijn. Voor ons zal het gissen blijven. Zelfs met die kleinste tipjes van de sluier: met hem weet je nooit.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234