Maandag 21/10/2019

'Gent is als een boksring. Nie neute, nie pleuje'

De Gentse Feesten zijn sinds gisteren een feit. En ook Junior Bauwens (26) zal zich in het gedruis wagen. Zij het één middag, zij het nuchter. Want ook nu hij Europees kampioen is, laat hij zich niet afleiden: hij blijft slaan en incasseren voor de familie. 'Tot ik hier ergens in mijn put lig', meldt hij stoer terwijl we door zijn stad stappen.

Twintig sms'jes op nog geen uur tijd. Als Jean-Pierre 'Junior' Bauwens in de Gentse binnenstad vertoeft, dan gaat dat niet onopgemerkt voorbij. Zijn Blackberry blijft maar envelopjes tonen. Allemaal afkomstig van mensen die hem ergens hebben gespot. Telkens wanneer hij een berichtje opent, krullen de lippen. Hij zal vaak lachen in de richting van het schermpje, vervolgens naar mij en dan weer naar rechts, waar om de zoveel minuten een voorbijganger zijn tred vertraagt om te groeten.

De mensenstroom negeren, doet Junior niet. Geen enkele fan, geen enkele kennis ontsnapt aan zijn helderblauwe ogen. "Het gaat automatisch," zegt hij bijna verontschuldigend. "Het is een reflex uit de ring. Daar wil ik niet verrast worden en kijk ik voortdurend om mij heen. Na een tijdje ben ik dat ook elders beginnen doen. Zot is het, hoe die werelden door mekaar lopen. Soms merk ik dat ik op straat zelfs op de tippen van mijn tenen sta, als in een kamp."

Normaal zou Junior nu vakantie hebben. Verdiende vakantie. Op 20 juni werd de Gentenaar in het Tolhuis Europees kampioen door de Hongaarse titelverdediger Gyorgy Mizsei in de vijfde ronde knock-out te slaan. Het was zijn 34ste zege in 36 kampen. Maar vakantie en Junior: dat matcht niet. Zelfs niet na maanden hard labeur. "Twee dagen na mijn overwinning zat ik al weer te trainen."

Waarom? Dat toont hij meteen nadat we elkaar aan de McDonald's op de Korenmarkt hebben ontmoet. Tussen twee trainingen zullen we door 'zijn' Gent wandelen: de stad die zijn thuis is, zijn vakantieoord, en straks nog maar eens zijn strijdtoneel. "Hier gaat het op 30 augustus allemaal gebeuren", zegt hij als hij halt houdt aan de stadshal. 'Het', dat is de gratis boksmeeting die Junior en zijn team als dank voor zijn fans organiseren. "Er zijn er veel die niet naar een kamp kunnen komen. Omdat het te duur is. Ik ken dat gevoel. Jezelf iets moeten ontzeggen." En dus trakteert hij, of beter zijn sponsorteam, op vier amateur- en twee elitekampen. Tegen wie hij het zal moeten opnemen, weet Junior nog niet. "Paul Truscott heeft net afgehaakt."

Zwarte periode

Maar voor Gent is zijn optreden onder de stadshal nog veraf. Voor er gebokst wordt, moet er gedanst. In en rond het houten gevaarte rijden piepende heftrucks, lopen mannen in werktenue: er worden tafels uitgeklapt, togen opgezet, biervaten gerold. Veel chaos is er in Gent, één dag voor de stad haar feestregime inzet. Niet alleen hier, ook op weg naar de Grasmarkt. Junior lijkt het bijna niet op te merken: de jongen in felblauw T-shirt en korte legerbroek loopt langs de nadarhekken, de vuilnisbakken, de terrassen in opbouw, alsof ze er altijd hebben gestaan. En hij praat, praat, praat: over de titel, over Mizsei, over zijn trainingen. "Ik functioneer beter als er leven in de brouwerij is. Hoe drukker, hoe beter. In een stille ruimte word ik ongemakkelijk, voel ik mij slecht."

Junior wil mij de foor op de Vrijdagmarkt laten zien, de plek waar hij jaarlijks met zijn maten tijdens de Gentse Feesten naartoe trekt. Samen met Polé Polé is dat zijn enige vaste afspraak. Een van de weinige ook op een jaar. "Ik ben niet iemand die veel uitgaat. Ik heb de tijd niet. Ik train. En als ik niet train, help ik thuis."

Het strikte schema dat zijn Belgisch-Georgische coach Giorgi Shakshuarian hem in de aanloop van 30 augustus heeft opgelegd, laat ook weinig anders toe. Zes tot acht uur per dag wordt er aan krachttraining gedaan, gejogd, gebasket, getafeltennist. "Om mijn reactiesnelheid te verbeteren."

Het zal eerder een namiddagje Gentse Feesten worden, zegt hij. Maar daar ligt de bokser niet wakker van. Hij is geen nachtbraker.

"Na het drama van mijn pa was dat anders. Toen ben ik hier vaak tot vijf, zes uur in de ochtend gebleven. Toen moest ik ook trainen, maar het interesseerde mij allemaal niet." De Vrijdagmarkt doet de bokser terugdenken aan de zomer van 2011, toen zijn vader thuis werd doodgeschoten. Aanvankelijk werd Junior verdacht, maar gerechtelijk onderzoek wees uit dat zijn jongere autistische broer Jean-Claude per ongeluk het schot afvuurde. De jongen werd, net als de rest van het gezin, buiten vervolging gesteld. "Ik heb daarna een zware periode gehad. Ik kon gewoon niet meer slapen. En dus bleef ik elke nacht weg. Dat nam de druk in mijn hoofd weg."

Wie denkt dat hij in de alcohol vloog, denkt verkeerd. Junior drinkt geen druppel. "Nooit gedaan. Natuurlijk heb ik wel genipt. Maar ik lust het niet, bier. Wijn ook niet. Waarom zou ik mij daar dan mee bezighouden? Het is slecht voor mijn prestaties, mijn gezondheid. Mijn vrienden vinden dat vreemd, ze begrijpen dat niet. Mij maakt het niet uit: ze drinken maar in mijn plaats."

Hij is over het drama, zegt hij dan. "Het hoofdstuk heb ik al even afgesloten. Mijn mama heeft het daar langer moeilijker mee gehad. Daar zie ik dan weer van af. Als zij lijdt, lijd ik ook. Maar het gaat goed met ons."

Koeien kijken

Drie meisjes willen een foto. Eentje stapt naar Junior toe. Als die toestemt, volgt een compliment. "Wij hebben veel respect voor u." Dat hij dat niet van al zijn buren in de Dapperheidsstraat in Malem krijgt, stoort hem. Junior woont er al sinds zijn veertiende, samen met zijn moeder en zijn zes broers en zussen, van wie er vier autisme hebben. "Het is niet de beste plek voor ons, voor de gasten. Niet alleen omdat het een klein huis is. Of omdat er burenruzies zijn. Ook omdat niet iedereen in de wijk ons respecteert, onze situatie snapt: ze kunnen er geen begrip voor opbrengen." Nochtans is het volgens hem de enige plek waar hij echt op zijn gemak is, waar hij ontspanning kan vinden. "Dat heeft niets met de locatie te maken, maar alles met mijn gezin. Als zij bij mij zijn, dan vind ik rust." "Ik denk dat ik over een jaar kan verhuizen", zegt hij langs de Leie. Niet dat hij een eigen appartementje op het oog heeft. Als Junior verhuist, dan is het met alle Bauwensens. "Ik heb altijd gezegd dat ik boks om mijn mama en haar kinderen een huis met een tuin te schenken. Ik ben er bijna. Dankzij Walter (Van Steenbrugge, zijn advocaat en mentor, red.) is veel in een stroomversnelling gekomen, is die droom bijna realiteit. We zijn al naar panden in Drongen en Merelbeke gaan kijken." Hij vindt ze goed. Ook al is ie meer een stadsmens, klinkt het, niet iemand van 'de boerenbuiten'. "Toen ik tijdens mijn stage in het Nederlandse Purmerend twee uur vrije tijd kreeg, werd ik gek. Wat moest ik doen? Koeien kijken?"

Uit Gent gaan ze sowieso nooit weg. De stad zit in Juniors hart en hij in dat van Gent. "Ik krijg hier ongelooflijk veel steun. Gent is een echte boksstad. Ik heb het niet alleen over de sport, maar ook over de mentaliteit van de mensen hier. Weet je wat hier een typische uitspraak is: nie neute, nie pleuje. Niet zagen, niet plooien maar doorwerken. Die kunstenaar die overleden is, Jan Hoet, heeft het zelf nog gezegd: boksen is een metafoor voor het leven. Ik zie dat ook zo: Gent is voor mij als een boksring: iedereen hier levert zijn eigen gevecht..."

Alles voor mama

Maar wat als de kansen in het buitenland groter zijn? Landen als Duitsland, Frankrijk of Engeland: dat zijn bokslanden. In 'zijn' Gent vindt Junior met moeite een club, een sparringpartner van zijn niveau. "Mensen denken dat ik alles hier in Gent voor mekaar heb, maar dat is niet zo. Ik ben eigenlijk nog altijd een zigeuner op sportvlak. Een training afwerken, dat betekent het hele land afrijden. "

"Ik kijk wat er zich voordoet. Mijn titel heeft al veel deuren geopend: er zou iemand in Mexico kampen willen organiseren. Mexico! Dat is in niets te vergelijken met waar ik nu sta: een bokser daar is wat een voetballer hier is. Ik zal alles doen wat nodig is. Maar heel lang hoeft het buitenland niet voor mij. Stages van maanden: ik zie daarvan af. Ik mis het hier dan snel. Ik mis thuis. Ik ben hier geboren en getogen, hé."

Nu de Europese titel binnen is, en het huis met de tuin, droomt Junior van een wereldtitel. "Ik ga het rustig aanpakken. Stappen in die richting zetten. Mijn toppunt moet nog komen, geloof ik. Ik ben een laatbloeier. Ik ga pieken op mijn achtentwintigste."

"Ik wil die titel voor mezelf. Ik wil tot het uiterste gaan, al mijn limieten aftasten. Maar achter 'ik' schuilt toch ook altijd de rest van mijn gezin. Ik kan dat niet uitschakelen. Ik heb beloofd dat ik hun leven beter zal maken. De 'All 4 Mom'-quote op mijn T-shirts zal altijd 'All 4 Mom' blijven. Ik geloof niet in 'All 4 me'. Daar word ik niet gelukkig van. Mensen vinden dat gek. Maar het is zo: het is de autist in mij, denk ik. Boksen kan ik niet zonder haar of zonder de gasten. Zij geven mij de energie."

En dan gaan de blikken van Junior steeds vaker en langer naar zijn gsm. Niet om de berichtjes. Eerder om het uur dat daarop te zien is. De tweede training van de dag komt dichterbij. Er moeten in het zwembad twee kilometer aan baantjes worden getrokken. De hoge temperaturen, de aantrekkelijke terrassen, de passerende vrienden: niets of niemand zal Junior van dat plan doen afwijken. "Nie neute, nie pleuje", klinkt het nog eens voor we afscheid nemen. En dan: "Tot de dertigste augustus, zeker?"

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234