Woensdag 26/06/2019

Column

Genk is ontregeld, Club en Standard hebben nu de wind in de zeilen

Hans Vandeweghe. Beeld Bob Van Mol

Hans Vandeweghe is sportjournalist bij De Morgen.

Het was zomaar een fase in een mooie tweede helft van de nummer één bij de nummer twee, maar ze sprak boekdelen en ze wierp vooral veel vragen op. In de 62ste minuut veroverde Alejandro Pozuelo – neen, we kunnen en mogen niet zwijgen over die jongen – in het eigen verdedigende derde van het veld de bal ten koste van Sofyan Amrabat. Dat was nadat hij een ziekenhuisbal had toegespeeld gekregen. 

Een beetje dirigent haalt daarvoor de schouders op en wacht op de volgende bal. Niet Pozuelo. Hij ging achter de speler aan en pakte de bal af zoals hij dat maar zelden eerder dit seizoen had gedaan. Je mag je dus afvragen waarom hij niet aan de wedstrijd begon. Natuurlijk, het ís een dilemma, maar als je Alejandro Pozuelo meeneemt (naar Praag en naar Brugge), als je hem op de bank zet, als je hem laat opwarmen en als je hem vervolgens bij 2-0 inbrengt, waarom hem niet laten starten? Genk met ‘Pozo’ en Genk zonder ‘Pozo’, dat scheelt niet de spreekwoordelijke slok op de borrel maar een heel vat jenever.

Als voetbal een spel is van passanten bij wie de liefde voor de portemonnee oneindig veel groter is dan voor de club, stel hem dan gewoon op zolang hij lid is van je club. Hij zegt dat hij vermoeid is en dat hij maar zeventig minuten meekan? Dan vervang je hem. Dat hij zich blesseert? Dan willen die Canadezen hem misschien niet meer en heb je hem fris terug tegen de play-offs.

Overcoaching

Ander vraagje: waarom in godsnaam met drie achterin bij Genk? Dat had veel weg van overcoaching. Typisch voor trainers. Meer dan één clubbestuurder zinkt bij dat soort autodestructieve stunts de moed in de schoenen. Soms valt er voor een systeemwissel wat te zeggen, maar de 3-5-2 was geen succes. Kan best dat je dat op training en in oefenpartijen al een paar keer hebt uitgeprobeerd, maar Gent kwam onlangs bijna op Club winnen met vier achterin. Als Gent dat kan – dit seizoen een klasse minder goed dan Genk en Club – dan moet de leider dat ook kunnen.

“Er was te weinig duelkracht”, zei Philippe Clement. Geen duelkracht? Nou ja, hij had wel vijf man in het middenveld en toch kwamen ze er daar twee tekort. En achterin ook nog eens een echte verdediger toen Clinton Mata in kwam zweven, waardoor het 1-0 werd.

Genk-draaischijf Alejandro Pozuelo zit Sofyan Amrabat van Club op de hielen. Beeld BELGA

Anderzijds moet je geen te verregaande conclusies trekken uit een nederlaag in Jan Breydel. De thuisploeg kan zelf goed voetballen en kan het elke tegenstander bijzonder lastig maken, als ze er zin in hebben. Dat overkwam Salzburg vorige donderdag en gisteren hadden ze er zowaar weer zin in. Bovendien speelt alles zich af op een rechthoek met groene sprieten die gras moeten voorstellen, maar waarvan je niet zou schrikken als er na een paar dagen vroeg lenteweer ook maïs opschiet. Wie het best kan bikkelen, en dat kan Club als geen ander in België, heeft op zo’n veld de grootste kans op winst.

Volgens Club-trainer Ivan Leko, die zijn cool een beetje kwijt is, gingen die van Brugge even tonen wie de beste club van het land was. Over die onzin kunnen we kort zijn: de beste Club van het land is Club Brugge, de beste club van het land is KRC Genk. KRC Genk zou de kampioen moeten zijn want ze hebben het mooiste, beste en effectiefste voetbal gebracht van de hele eerste klasse, ook al raken ze van nu tot half mei geen bal meer goed.

Of Genk dat de komende veertien speeldagen voor mekaar krijgt, of Genk half mei de titel mag vieren, dat alles wordt niet in Genk beslist, ook niet in Brugge, zelfs niet in Toronto of in het hoofd van Pozuelo, maar is geheel de discretionaire bevoegdheid van ene David Garcia. Niemand kende deze arrogante klojo die zich voordoet als makelaar tot vorige week, maar nu houdt hij in Genk en wijde omstreken 20.000 mannen, vrouwen en kinderen uit hun slaap door te ijveren voor het vertrek van hun geliefde spelmaker.

Achtpuntenkloof

Misschien is het kwaad al is geschied. Gisteren werd het geen gapend gat van veertien punten en het bleven ook geen elf punten; de kloof werd er een van acht punten die zoals bekend over vier speeldagen wordt gehalveerd.

Als Pozuelo blijft, is Genk nog steeds titelkandidaat nummer één, maar minder dan voorheen. Genk is ontregeld, de rustige vastigheid is weg, en Club en niet te vergeten Standard hebben nu de wind in de zeilen. Voor Club worden deze play-offs misschien extra aantrekkelijk. Aartsvijand AA Gent heeft het weer eens laten afweten en dreigt play-off 1 te missen, dat scheelt weer twee zwaarbevochten wedstrijden. Genk van zijn kant krijgt er behalve de Oost-Belgische derby tegen Standard ook nog een dubbele Limburgse hate game tegen STVV bovenop.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden