Vrijdag 04/12/2020

Genieten van Geniet

Het regende pijpenstelen op de tweede finaleavond van de Koningin Elisabethwedstrijd. De combinatie van regen en muziek werkt sterk op het gemoed; een gevoel van melancholie kan dan makkelijk beslag nemen van het publiek. Met geraffineerd spel verdrong de jonge Rémi Geniet evenwel alle onweerswolken.

Rémi Geniet, een 20-jarige Fransman en jongste finalist van deze editie, begon zijn avond met de Sonate in E opus 14 nr. 1 van Ludwig van Beethoven. We zouden zijn pianospel in één enkel woord kunnen samenvatten: integer. Het contrast met het circus van de eerste avond kon nauwelijks groter zijn.

Deze korte sonate kan bestempeld worden als een gemakkelijkere sonate, maar wat hij er mee deed, was geniaal. Zijn spel was uiterst geraffineerd, rijk aan subtiliteiten en had oog voor de harmonische structuur. Geniet combineerde grote spanningsbogen met een perfecte polyfonie waarbij er permanent aandacht was voor de binnenstemmen.

Hij straalde een eenvoud uit en - ondanks zijn jeugdige leeftijd - speelde hij met de kennis en maturiteit van een wijs man. Door zijn enorme sereniteit zat je als luisteraar gewoon te genieten en vergat je het wedstrijdgebeuren. Hij heeft zijn naam alvast niet gestolen!

In het opgelegde werk voelde je vanaf de eerste noot dat hij de muziek zowel qua sfeer als qua structuur begrijpt. Zijn sonoriteit was zo charismatisch dat het wel leek alsof hij dit werk reeds jaren kent. Zijn Franse touché was zeer geschikt voor deze kleurrijke muziek, die toch enigszins als impressionistisch te omschrijven valt.

Voor het eerst kreeg het werk plots een evidentie. Zijn ego was volledig uitgeschakeld; de muziek stond volledig op het voorplan. Hij beleefde zijn vertolking als een 'kamermuziek-gebeuren' en schatte perfect in wanneer hij in de begeleidingsrol moest kruipen. Hij kende de orkestpartituur, dat lijdt geen twijfel.

Geniet koos verder voor het Piano Concerto nr. 3 van Sergej Rachmaninov, welke hij met een enorme religiositeit speelde. Gek genoeg vonden er in de openingsminuten echter enkele onbegrijpelijke decalages plaats in het samenspel met het orkest. Het tempo lag wel erg hoog, was dit zo afgesproken? In principe kunnen zulke misverstanden niet gebeuren wanneer er duidelijke afspraken gemaakt zijn. Dit was bijzonder vreemd gezien zijn verder intelligente manier van communiceren met de dirigente.

Men zou kunnen stellen dat de algemene sfeer niet bepaald erg Russisch was: dat beetje waanzin - nodig om deze muziek overtuigend te brengen - ontbrak. Rachmaninov vraagt om een andere aanpak dan de Franse noblesse van Debussy en Ravel. Deze muziek kent niets elitair, is in feite gebaseerd op volkse melodieën en die miste ik soms. Op andere momenten kon hij dan weer zo ontroerend mooi toveren met stilte; een verademing om dit concerto ook eens op een dergelijke manier te horen.

Maar ook in het tweede deel leken orkest en pianist op twee verschillende eilanden te spelen. Opnieuw vonden er enkele totaal ontspoorde maten plaats qua samenspel. In het derde deel versnelde hij geregeld, wat niet helemaal strookt met het marskarakter. Deze wispelturigheid had ik niet van hem verwacht. Ik vrees dat de opeenstapeling van kleine accidentjes hem punten zal kosten.

Krampachtige mimiek

Ook de tweede kandidaat van de avond, de 23-jarige Finse pianist Roope Gröndahl, koos voor een sonate van Ludwig van Beethoven, meer bepaald de Sonate in Fis opus 78. Deze excentrieke pianist - met zijn overvloedig gebruik van mimiek - verschilde sterk van Geniet.

Zijn finale begon een beetje gespannen en nerveus, zoveel verried zijn krampachtige positie aan de piano. Op technische vlak waren er enkele slordigheden en je zag dat hij het podium eigenlijk het liefst zo snel als mogelijk verlaat om zich te herbronnen voor wat nog komen gaat.

Het opgelegd werk is ondertussen reeds aan zijn vierde uitvoering toe. De jury kent het werk beter, weet waar de uitdagingen liggen, en volgt niet langer streng met de partituur in de hand. Gröndahl maakte een goede indruk met een uiterst persoonlijke interpretatie. Hij leek zijn zenuwen nu meer onder controle te hebben. Zijn uitvoering was bijzonder verhalend en rijk aan retoriek.

Met het Concerto nr. 1 van Johannes Brahms speelde Gröndahl een thuiswedstrijd. Al sinds zijn 17de behoort dit werk tot zijn repertoire. Niettemin blijft het moeilijk om te overtuigen met een concerto van deze lengte. Je voelde dat hij vermoeid begon te spelen en dat de muziek niet altijd vloeiend was. Het orkest heeft een zeer belangrijke rol in dit werk en ik vrees dat één enkele repetitie wel eens onvoldoende zou kunnen zijn.

Zielskracht en een hart voor muziek kon Gröndahl niet ontzegd worden, maar voor een plaats in de top-6 van de Koningin Elisabethwedstrijd schoot zijn prestatie wellicht te kort.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234