Maandag 30/01/2023

Geniaal gezeur Dave Eggers en Donald Antrim: de jonge Amerikaanse literatuur is springlevend

Eggers' boek is de roman die Bart Simpson zou hebben geschreven als hij had leren spellenWie zoveel therapeuten bij elkaar zet als Donald Antrim doet, vraagt natuurlijk om problemen

door Geert Lernout

Dave Eggers

Simon & Schuster, New York, 23 $.

Donald Antrim

Alfred Knopf, New York, 21 $.

De Amerikaanse literatuur is springlevend, dat bewijzen twee recente romans. Dave Eggers schreef een debuut dat een vrij onbescheiden titel kreeg: ik ontdekte het in de speciale 'Campus Hits'-sectie van een boekhandel. Op een kitscherige achtergrond (zonsondergang met operavoorhang) stond A Heartbreaking Work of Staggering Genius, wat bij nader inzien geen citaat uit een recensie maar de titel van het boek bleek te zijn. Nog nooit was een titel zo goed gekozen.

Lang geleden heb ik in deze krant het onderscheid geïntroduceerd tussen schrijvers die emmeren (Handke, Hertmans, Brusselmans) en goede schrijvers die zeuren. In de laatste categorie hoort ook Dave Eggers thuis: het is sinds David Foster Wallace geleden dat ik nog zulk superieur gezeur gelezen heb. Het begint al op de copyrightpagina: daar lezen we bovenaan dat het boek gepubliceerd werd door Simon & Schuster, een afdeling van een grotere en machtigere firma die Viacom, Inc heet en die rijker is dan achttien van de vijftig staten van America en zo gaat het nog een tijdje door. Helemaal onderaan op dezelfde pagina lezen we dat alle gebeurtenissen in het boek echt gebeurd zijn, hoewel de auteur zich hier en daar enkele heel kleine vrijheden heeft gepermitteerd met de chronologie, "because that is his right as an American".

De ondertitel van het boek is dan ook Based on a True Story en of dat waar is weet ik niet, het kan me ook niet zoveel schelen. Dave Eggers maakt mee wat we als puber allemaal wel gehoopt zullen hebben: op jonge leeftijd verliest hij zowel zijn vader als zijn moeder. Samen met zijn jongere broertje Christoper gaat hij naar San Francisco, waar hij een leven leidt waar we allemaal voor hadden willen tekenen (als we ook zo tragisch wees hadden kunnen worden). Met vrienden stampt hij een alternatief en dus modieus verlieslijdend tijdschrift uit de grond en ondertussen probeert hij zijn broer zo goed als dat kan op te voeden.

Maar het verhaal is niet echt van belang. Wat er gebeurt is voorspelbaar en laat Eggers alleen maar gebeuren omdat het aanleiding is tot verder gezeur. Dave Eggers is Laurence Sterne op witbier: balsem voor de eind-twintigste-eeuwse ziel. Het boek is warm en koud, teder en cynisch en nog zo wat dingen die elkaars tegengestelde zijn. Eggers is een schrijver die alle registers lijkt te beheersen, van poëzie tot rap. Dit is een roman die net zo Amerikaans is als tv en McDonald's, de roman die Bart Simpson zou hebben geschreven als hij had leren spellen. Voortdurend moest ik denken aan die episode als Homer een seizoenlang wereldberoemd is door op popconcerten met zijn buik een kanonbal te stuiten. Zegt de ene dude in het publiek tegen de andere: "Die Homer is zo cool!" De andere vraagt: "Bedoel je dat nu sarcastisch?" En de ene weer: "Ik weet eigenlijk niet meer wat het verschil is." A Heartbreaking Work is literatuur voor het begin van de volgende eeuw. Het motto van dit boek is zo melig dat het niet mooi meer is, maar aan het einde van zijn voorwoord geeft Eggers, naast een aantal gecensureerde passages, ook een aantal motto's die het niet gehaald hebben, om dan te besluiten dat hij eigenlijk de soort persoon is die nooit motto's zou gebruiken. Ondertussen somt hij er een paar op die hij dus niet zal gebruiken. Naast Diepe Gedachten van Anne Sexton, Milan Kundera en John Barth vinden we hier ook: "Ooh, look at me, I'm Dave, I'm writing a book! With all my thoughts in it! La la la" (Christoper Eggers).

Ook Donald Antrim kent iets van zeuren, zoals hij eerder al bewees door een erg korte roman te schrijven over een familie met honderd broers, maar hij zeurt op een heel andere manier dan Eggers. Antrim zeurt op cafeïne en dat is des te gemakkelijker omdat hij het over de psychoanalyse heeft. De Amerikaanse vorm van therapie is gebaseerd op een erg Amerikaanse mythe. Iedere Amerikaan heeft recht op een rijk, gezond en gelukkig leven. Ras, geslacht en klasse zijn niet relevant: iedereen kan president worden. Maar natuurlijk is er altijd maar één president en dat wil zeggen dat de overgrote meerderheid van de bevolking permanent ongelukkig is. Als de dingen fout gaan, dan moet daar een externe oorzaak voor zijn, want het kan toch onmogelijk mijn schuld zijn: ik heb het godgegeven recht om gelukkig te zijn.

Dan helpt de therapeut: hij ontdekt de reden waarom je ongelukkig bent. De oorzaak ligt altijd in een ver verleden, toen je nog te klein was om al verantwoordelijk te zijn voor je daden, en de boosdoener is altijd een volwassene. In extreme gevallen raden de therapeuten zelfs aan om de schuldige een proces aan te doen. Niet alleen kun je zo een deel van de therapiekosten terugkrijgen, de rechtszaak vormt tegelijk een afsluiting en dus een deel van het hele therapeutische proces (dit kennen we uit Hollywood). Aangezien er tijdens de eerste jaren van je leven niet zoveel andere volwassenen zijn, zijn diegenen die voor jouw geestelijk leed verantwoordelijk zijn meestal je eigen ouders, en dat is dan weer goed nieuws voor alle door Freud geïnspireerde therapeuten.

Jonge Amerikaanse schrijvers spelen met de mythe van de psychoanalyse zoals hun voorgangers met verhalen uit de bijbel. Niemand gelooft nog in de basismythes, maar het blijven mooie dingen voor de mensen en je kan er lekker om lachen. In Infinite Jest had David Foster Wallace al een heel grappige psychoanalytische scène, en in A Heartbreaking Work geeft Eggers een handig lijstje met de betekenis van de freudiaanse symbolen in zijn roman (de zon is zijn moeder, de maan zijn vader, zijn moeder zelf is beurtelings onsterfelijkheid, liefde, woede en kanker). Donald Antrim heeft nu een hele roman geschreven over therapeuten. De held van The Verificationist is Tom, een therapeut in een klein stadje die al zijn collega's heeft uitgenodigd op een gezellig avondje in het plaatselijk pannekoekenrestaurant. Wie zoveel therapeuten bij elkaar zet, vraagt om problemen.

Wat zo raar is in de psychoanalytische mythe is dat we allemaal als kinderen worden behandeld. Enerzijds blijkt dat alle belangrijke dingen in ons leven gebeuren voor we zeven jaar oud zijn, en er zijn zelfs therapeuten die menen dat we al volledig gevormd (of misvormd) zijn op het ogenblik dat we geboren worden. Anderzijds kun je pas genezen en dus volwassen worden als je je eerst als een kind laat behandelen. De therapeut is papa en mama tegelijk: hij straft en troost. Hij ziet alles en weet alles, en alleen wie zich volledig aan hem overgeeft kan beter worden. Zoals alle vaders hoeft de therapeut daar zelfs niet veel voor te doen: veel therapeuten hebben van hun eigen vader de kracht geleerd van het betekenisvolle zwijgen en de Franse psychoanalyticus Lacan ontwikkelde zelfs het revolutionaire idee van de korte sessie, die net zo goed de gebruikelijke vijftig als vijftien of vijf minuten kon duren.

Tom is een therapeut met een probleem: eigenlijk is hij nooit volwassen geworden. Hij kan geen beslissingen nemen, zelfs in het restaurant heeft hij de grootste moeite om te kiezen tussen pannekoeken en eieren, maar dat hindert hem niet om de problemen van anderen op te lossen. Hij leidt zelfs een cursus voor Young Women of Strength. Zijn belangrijkste talent is wat therapeuten de analytische blik noemen: alles wat er in de wereld gebeurt wordt onmiddellijk geanalyseerd. Zoals alle psychoanalytici (en zoals de hele Amerikaanse cultuur) lijdt Tom aan een vergevorderde vorm van paranoia. Niets is zonder betekenis, elk detail kan belangrijk zijn en pas als je de onderliggende onbewuste drijfveren kunt blootleggen heb je iets echt helemaal begrepen.

Zijn collega's en de andere mensen in het restaurant worden genadeloos geanalyseerd. Tot op het bot, zoals ze dat bij ons zeggen. Zoals in Nabokovs Lolita zit de kracht van The Verificationist in het feit dat alleen de ik-verteller aan het woord is, maar dat de lezer meer ziet dan het personage zelf. In het geval van Antrims roman wordt het nog mooier, omdat analyse en zelfanalyse voor Tom nu eenmaal professionele bezigheden zijn. Daardoor word je meegezogen in de beste beschrijving van een psychose die ik in lange tijd gelezen heb. Dit boek is overigens een prachtige weerwraak van de waanzin op de psychoanalyse, die hier wordt teruggebracht tot wat ze geworden is: niet langer een manier om de moderne mens te genezen, maar een symptoom van wat er allemaal fout gaat.

Dave Eggers' Een hartverscheurend verhaal van duizelingwekkende genialiteit verschijnt op 1 november bij uitgeverij Vassallucci.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234