Woensdag 20/10/2021

Geen geld voor het antirakettenschild

Aan een zaak hoeft men niet te twijfelen: president Bush is vastbesloten om een afweersysteem tegen ballistische raketten (National Missile Defense, NMD) te bouwen. Binnen zijn administratie zijn er intussen voldoende voorstanders van NMD benoemd. Zij gaan uit van de sprookjesachtige voorstelling dat het Amerikaanse grondgebied op termijn onkwetsbaar kan worden gemaakt.

Voor het geval dat een handvol risicostaten (Noord-Korea, Irak, Iran, Libië en Syrië) binnen vijf à tien jaar in staat zou zijn om de VS met langeafstandswapens te bestoken, moet er een schild van honderd onderscheppingsraketten worden opgetrokken, waar ook de bondgenoten onder zouden kunnen schuilgaan. Daarvoor zal dan wel moeten worden betaald en daarover wordt er met de Navo-partners gepraat. Laten we duidelijk zijn: het betreft een schimmig project, niet geschraagd door een duurzame opvatting over veiligheid en gedrenkt in confrontatiedenken.

Om te beginnen is de technische haalbaarheid van het project hoogst twijfelachtig. De onderscheppingstechnologie staat nog in zijn kinderschoenen, hoewel er sinds 1983 meer dan 60 miljard dollar aan werd besteed. Dat Bush vasthoudt aan het project, en er 50 miljard dollar aan wil spenderen, wil gewoon zeggen dat hij een gewillig oor leent aan het militair-industrieel complex en aan extreem conservatieve raadgevers, die een niet-acute bedreiging tot ongekende proporties hebben opgeblazen. Europeanen hoeven die bedreigingsanalyse niet te accepteren. Het gaat immers om een bedreiging die tot dusver door geen enkele feitelijke waarneming van de Amerikaanse inlichtingendiensten is gestaafd. De simpele gedachte dat het altijd goedkoper zal blijven om meer raketten te produceren dan in afweersystemen te investeren, is nog niet tot in Washington doorgedrongen.

Voor Europa is dat geen goed nieuws. Blair, Chirac en Schröder hebben vorig jaar vergeefs geprobeerd om de Amerikaanse Senaat te overtuigen het Kernstopverdrag (CTBT) te ratificeren. Dat Bush zich voorneemt om de kwestie niet opnieuw aan de Senaat voor te leggen, is allesbehalve een bewijs van geloof in de toekomst van het Verdrag en zorg voor de bondgenoten. Zoals het bombardement op Irak uitwijst, willen de VS niet gehinderd worden door te veel overleg bij het beteugelen van risicostaten. Noch minder lijkt men zich te bekommeren over goede betrekkingen met Rusland, wanneer Washington het ABM-Verdrag (1972) wil amenderen. Afweersystemen zoals NMD worden door dat verdrag verboden. Het vormt de basis van het afschrikkingsevenwicht, en de Russen houden er onverminderd aan vast uit vrees dat een uitgebreid NMD-systeem de geloofwaardigheid van hun kernwapenarsenaal zal aantasten. Wie aan het ABM-Verdrag raakt, verstoort dus niet alleen de afschrikkingsfilosofie maar ook de diepste gevoelens van veiligheid van de Russen. Het zou bijzonder onverstandig zijn om Europa een akkoord over NMD op te dringen. Hier wil de publieke opinie sowieso niet meer geld uitgeven aan defensie, als dat niet gemotiveerd wordt door een grotere bedreiging. Nu vraagt men ons te tekenen voor een peperduur project dat geen antwoord is op een acute bedreiging, niet leidt tot meer veiligheid (voor Europa) en op de koop toe misschien niet eens zal werken. Niemand kan dat van ons verwachten. Het zou daarom goed zijn als de Europese bondgenoten een paar zaken duidelijk maken.

Een. Het NMD-dossier vraagt om een publiek debat. Politici moeten de moed hebben om de nonsens van de Amerikaanse benadering inzake non-proliferatie aan de kaak te stellen. De SP-kamerfractie vraagt een ruim parlementair debat over die kwestie. Wellicht kan het Belgische voorzitterschap van de EU te baat worden genomen om die zaak aan te kaarten bij de nieuwe veiligheidsorganen van de EU.

Twee. Unilateralisme biedt geen antwoord op de nucleaire realiteit. Voor de problemen van non-proliferatie, ontwapening en wapenbeheersing is een gezamenlijke visie en aanpak onverminderd aangewezen. Het Non-Proliferatie Verdrag is wat telt, niet NMD. Het Kernstopverdrag en het ABM-Verdrag zijn belangrijk, niet de space war-sprookjes. De harde afspraken m.b.t. die verdragen mogen niet worden ondermijnd en moeten onverkort worden nagekomen. Indien er al sprake is van nieuwe rakettenbedreigingen, dan is dat een zaak van iedereen en moet de internationale gemeenschap optreden. Veiligheid is een kwestie van multilaterale oplossingen.

Drie. We moeten gezamenlijk formuleren welke acute problemen bij een veiligheidspolitiek antwoord vereisen. In de jaren negentig heeft Europa vier bloedige oorlogen gekend, op de Balkan. Aan de problemen daar proberen we het hoofd te bieden, met een interventiemacht, een stabiliteitspact, zorg voor civiele instellingen en conflictpreventie, kortom, een breed spectrum aan middelen om conflicten te ontmijnen. Datzelfde spectrum kan ook worden ontplooid om risicostaten weer in het gareel te krijgen. We hebben nood aan politieke strategieën t.o.v. die staten.

Vier. Geld telt. Geld voor NMD kan nooit goed worden besteed. Het is niet compatibel met andere projecten die aan meer reële behoeften beantwoorden, te weten de Europese defensiesamenwerking, de snelle interventiemacht, de civiele component van die macht en de modernisering van de (structuren van de) nationale legers. NMD hypothekeert de vooruitgang, die terzake al is geboekt.

Vijf. De SP-kamerfractie wil de veiligheidsrelatie met Rusland inhoud geven. Europa en Rusland moeten samenwerken om de verspreiding van massavernietigingswapens tegen te gaan en de strategische kernbewapening te verminderen. Niemand, zeker Europa niet, heeft belang bij het verzuren van de relaties met Moskou.

Politici moeten de moed hebben om de nonsens van de Amerikaanse benadering inzake non-proliferatie aan de kaak te stellen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234