Zaterdag 05/12/2020

Gebroken optimisme

opera

regisseur christof loy over 'la bohème' van puccini

Op zoek naar een geschikte plaats om met elkaar te praten komen Christof Loy en ik ergens in het labyrint van de gangen van de Munt Antonio Pappano tegen. Hij kijkt van de een naar de ander, begrijpt de situatie en sist mij toe: 'Je gelooft toch geen woord van wat hij zegt?' Schaterlach, Pappano af. Het lijkt wel een korte dialoog uit het begin van La Bohème. Over dat stuk, dat Loy in de Munt regisseert en Pappano dirigeert, moeten we het hebben: een zwaar belast stuk, vaak tot smartlap gemaakt.

Brussel

Van onze medewerker

Stephan Moens

W at is voor Loy het wezenlijke aan dit stuk? "Als je de partituur nauwlettend bestudeert, zul je zien dat het een heel precieze psychologische studie is van zes verschillende persoonlijkheden die elkaar ontmoeten. In het eerste en tweede bedrijf is er een groot optimisme, dat in de tweede helft gebroken wordt. Als je probeert die levensvreugde diepgaand voor te stellen, kom je automatisch op de juiste weg voor de donkere kant van het stuk. Anderzijds heeft die hoop bij het begin van het stuk veel met een zekere oppervlakkigheid te maken. Vaak hoor je zeggen: in Mimí zie je hoe goed Puccini de vrouwen en hun fragiliteit begreep. Daar ben ik het niet mee eens. In de eerste plaats vertelt Puccini in dit stuk veel over mannen. Hij tekent hoeveel gevoel mannen in zich dragen en hoe slecht zij dat kunnen uiten. Vandaar het sarcasme van die studentikoze taal: achter sarcasme probeer je altijd iets te verbergen. De twee vrouwen zijn diegenen die de afgesloten gevoelswereld van de mannen openen."

Hoe is de verhouding tussen de mannen in het begin? "Dat zijn vier verschillende types die zonder elkaar goed te kennen, besloten hebben samen te gaan wonen. Gemeenschappelijk is dat ze alle vier heel ad rem zijn in hun denken en taal. Hun snelle, geestige conversatie is als een sportief duel. Anderzijds zijn hun binnenste en hun persoonlijke deficits als onderwerp taboe."

Welke rol speelt de armoede? "Aanvankelijk geen grote, op het einde wel. Bij het begin vinden die vier jongemannen een soort van inspiratie in hun armoede. Ze denken dat ze bijzonder zijn, want ze zijn - nog - geen bourgeois, maar ze weten niet dat ze goed op weg zijn het te worden. Ze zijn meer bezig met het cultiveren van een bepaalde levensstijl dan met hun kunst. La Bohème is geen kunstenaarsdrama. Door de armoede kunnen zij doen alsof ze 'arme kunstenaars' zijn maar ze zijn eigenlijk met hun carrière bezig. Na enkele maanden zullen die illusies vervluchtigd zijn. Het samenwonen, dat uit een gril is ontstaan, is nu een noodzaak geworden. De agressies kunnen nauwelijks nog verstopt worden en worden afgereageerd in puberale namaakgevechten. Blijkbaar zijn ze niet volwassener geworden door hun ervaringen. Hoewel ik het moeilijk vind om op het einde van het stuk prognoses te maken voor wat er daarna met die mensen gebeurt, geef ik hen sociaal nauwelijks nog kansen."

Een heel droevig stuk dus. "Ja, heel droevig. En hoe (schijnbaar) lichtvoetiger de eerste twee bedrijven zijn, hoe dichter je bij het geheim van het stuk komt."

De scène bij Momus is vaak een aanleiding om een grote show af te steken. "Ik heb altijd gedacht dat Café Momus zoiets als het legendarische Maxim's uit de jaren dertig was, een heel dure gelegenheid. Dramaturgisch gezien is Momus voor de vier bohémiens de aantrekkingskracht van de rijkdom, van de bourgeoisie. Eigenlijk willen zij rijk worden, willen zij zo snel mogelijk een levensstandaard bereiken waarmee ze niet meer bang hoeven te zijn voor de rekening. Dat is zoiets als de kerstshopping: mensen uit alle lagen van de bevolking willen één keer per jaar in de Grote Kerstverlichting staan."

Is het dan niet riskant om dit stuk met Kerstmis te spelen? "Ondanks het droevige karakter en het bittere einde is het, omdat alle personages wel enkele goede kanten hebben, een warm stuk. Dat is ook een gevaar. Vooral in de slotscène moet je opletten voor moralisme, zo van 'Mimí is dood, nu moeten we allemaal ons leven beteren'. Ik wil tonen welk een schok die dood is, hoe niemand weet hoe daarmee om te gaan."

Voor Puccini waren bohémiens een actueel of zelfs modieus gegeven. Nu kun je dat niet meer zeggen. "Dat weet ik nog niet zo zeker. Bij ons in Duitsland heb je wel degelijk nog jonge mensen die verschrikkelijk boven hun stand leven, die zichzelf een sociale status hebben aangemeten die economisch geen enkele basis heeft maar waardoor ze wel als parasieten op de fun-maatschappij kunnen leven, door vernissages en feestjes af te schuimen en zo."

Vindt u dat soort mensen sympathiek? "Eigenlijk wel. Anderzijds zijn zij heel gewoon. Maar als ik voel dat zij het niet uit de weg gaan om op een gecompliceerde wijze met elkaar om te gaan, als zij uiteindelijk hun angsten toegeven, zoals in La Bohème, dan vind ik ze wel oké."

Als regisseur lijkt u een verhalenverteller; u gaat meestal niet uit van een concept maar van de personages en het verhaal. "Dat hangt van het stuk af. Bij La Bohème denk ik dat het heel belangrijk is om dat verhaal nog eens duidelijk te vertellen. In Duitsland zijn er een paar ensceneringen geweest die probeerden eerst een bovenbouw te construeren maar die zijn allemaal mislukt. Er zijn nu eenmaal stukken die het nodig hebben om duidelijk verteld te worden en er zijn er - zoals Ariadne auf Naxos, dat ik net met Antonio Pappano voor Covent Garden heb gemaakt - waar je ook iets moet uitleggen. Ik voel mijzelf een uitvoerder, die bemiddelt tussen stukken die enkele honderden jaren oud kunnen zijn en een publiek van vandaag. Bohème heeft minder bemiddeling van doen dan Ariadne, dat vol raadsels zit. Maar zelfs bij zo'n stuk zou ik niet willen dat mijn bovenbouw, mijn 'uitleg', de zinnelijke ervaring beperkt. Je moet niet alles uitleggen; het publiek moet dagen later nog kunnen nadenken over de beelden die het heeft gezien en de gevoelens die het had terwijl het het stuk zag."

Draagt die 'eenvoudige vertelwijze' niet het gevaar van conformisme in zich? "Dat gevaar wordt veel meer door andere factoren bepaald: door bepaalde beslissingen over het decor, door slechte bezettingen met zangers die deze erg inspannende weg niet mee willen bewandelen. Als zoiets gebeurt, dan is het gedifferentieerde weefsel dat mij interesseert algauw niet meer transparant."

In dit land moet u opboksen tegen de bejubelde Carsen-enscenering van La Bohème uit de Vlaamse Opera. "Gelukkig heb ik die niet gezien. De foto's vond ik heel mooi. Carsen heeft een heel andere stijl dan ik. Voor hem is de esthetiek veel belangrijker. En daarenboven: ik vind echt dat er in een land als België plaats is voor vele Bohèmes. Tenslotte is La Bohème voor mij een stuk dat in de rij van de grote humane stukken van de operaliteratuur staat, die van Monteverdi over Mozart en de beste stukken van Verdi tot Jenufa van Janácek gaat."

La Bohème gaat vanavond in première in de Munt.

'Puccini vertelt in dit stuk veel over mannen. Hij tekent hoeveel gevoel mannen in zich dragen en hoe slecht zij dat kunnen uiten'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234