Woensdag 20/11/2019

fukushima

Gebied rond Fukushima overspoeld met radioactieve wilde zwijnen

Archiefbeeld. Beeld thinkstock

Het noorden van Japan worstelt met een explosief groeiende populatie van radioactieve wilde zwijnen, die zich tegoed doen aan besmet voedsel rondom het rampgebied van Fukushima. Volgens de Times is de Japanse populatie sinds 2014 uitgedijd van 3.000 naar 13.000 zwijnen, die in rap tempo boerenbedrijven buiten het rampgebied vernielen. De schade zou inmiddels bijna 770.000 euro bedragen.

Het rampgebied rondom Fukushima wordt vanwege het gevaarlijke stralingsniveau niet meer bewoond door mensen, waardoor de zwijnen zich snel vermenigvuldigen en de zogeheten uitsluitingszone overnemen. Maar ook buiten de rampzone laten de beesten zich steeds vaker zien. De zwijnen lijken geen last te hebben van hun radioactiviteit, maar zorgen voor aanzienlijke schade en overlast.

Lokale jagers proberen zoveel mogelijk exemplaren af te schieten, maar dat brengt weer nieuwe problemen met zich mee. In de stad Nihonmatsu, zo'n 56 kilometer van de kernreactor, kunnen inwoners het begraven van de afgeschoten beesten niet meer bijbenen. Drie massagraven met karkassen zitten tjokvol, maar voor nieuwe graven is geen gemeenschappelijke grond beschikbaar.

Uit wanhoop gooien de autoriteiten veel dode zwijnen in de verbrandingsoven, zo schrijft de Times. Maar ook dat heeft nadelen, omdat de beesten vanwege hun omvang en gewicht - ze wegen al gauw zo'n honderd kilo - eerst in stukken moeten worden gehakt. Omdat dit te veel gedoe met zich meebrengt, zouden jagers de zwijnen vaak maar in hun eigen tuin begraven.

Cesium in bosgrond

Tsjernobyl liet eerder zien hoe flora en fauna van een kernramp kunnen profiteren, omdat mensen het gebied niet in durven. In de beruchte vierduizend vierkante kilometer op de grens van Oekraïne, Wit-Rusland en Rusland, dat inmiddels veel weg heeft van een natuurreservaat, floreren elanden, herten, wilde zwijnen en wolven.

In 2014 bleek dat afgeschoten wilde zwijnen zelfs in Duitsland nog altijd te radioactief voor menselijke consumptie waren, 28 jaar na Tsjernobyl. Hun vlees moest worden vernietigd. Wilde zwijnen leven vooral in het bos, waar ze in de grond smakelijke wortels, knollen en paddenstoelen loswoelen. In de Duitse bosgrond zit nog steeds radioactief cesium opgeslagen, dat bij de kernramp in 1986 naar Midden-Europa is gewaaid. Wild zwijn, zowel in Japan als in Duitsland gezien als een delicatesse, blijft dus nog even van het menu.

Bij de ramp in Fukushima lekte Cesium-137 uit de kernreactor, een stof waarbij het minstens dertig jaar duurt voor de radioactieve straling met de helft afneemt. Op dit moment ligt het stralingsniveau in de rampzone nog zo'n 300 keer boven de limiet die voor mensen veilig is. De komende decennia hebben de Japanse flora en fauna, waaronder de radioactieve zwijnen, in het rampgebied in ieder geval nog vrij spel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234