Taalblog
Ann De Craemer

Geachte taalnazi's, deradicaliseer een beetje

Gezocht: deradicaliseringsambtenaar voor taalnazi's

1 Ann De Craemer. © Eric De Mildt

Schrijfster Ann De Craemer heeft een taalblog op deze site. Rode draad: haar fascinatie voor taal. Van spreekwoorden tot verspreking; van kromtaal tot heerlijk helder; van Middelnederlands tot smileys. Vandaag: taalnazi's.

Share

Taalnazi's zijn mensen die op Facebook de complete VRT uitschelden wanneer ze daar een presentator het woord 'dagdagelijks' horen gebruiken

Taalkundig nieuws haalt niet vaak de media, maar vorige week was het van dattum: uit Amerikaans onderzoek blijkt dat mensen die zich ergeren aan taalfouten introverter zijn en als minder vriendelijk worden beschouwd dan zij die dat niet doen.

Bij het onderzoek kregen (slechts) 83 personen e-mails te lezen van mensen die reageerden op een oproep voor een nieuwe huisgenoot. Sommige mails waren foutloos; in andere stonden typefouten en/of grammaticale fouten. Daarnaast moesten de deelnemers ook een persoonlijkheidstest invullen, waarna de onderzoekers met de zeer diepzinnige psychologische conclusie kwamen dat introverten zich meer ergeren aan slecht geschreven mails dan extroverten.

Taalverloedering

'Taalnazi's zijn onvriendelijke mensen': zo parafraseerden de meeste media die conclusie. Een beetje kort door de bocht, want niet iedereen die zich ergert aan taalfouten is daarom ook een taalnazi. Een taalnazi ben je voor mij pas als je - en daarvoor zijn de sociale media een gedroomd podium - anderen bij herhaling op taalfouten (of wat je er zelf een meent te vinden) wijst, en dat veeleer met de opgestoken vinger dan met enige humor en relativering doet.

Misschien zijn taalnazi's niet per se minder vriendelijk dan anderen, maar dat ze als minder sympathiek worden beschouwd, kan ik best begrijpen. Nu hoeft sympathiek bevonden worden geen ambitie te zijn in het leven, maar wat me aan taalnazi's vooral stoort, is dat ze geloven dat hun taalkundige razzia's een bewijs van liefde voor de taal zijn.

Iemand openlijk wijzen op grammaticale fouten: daar kan ik me nog iets bij voorstellen, want grammatica heeft niets met persoonlijke woordvoorkeur of met het arbitraire van spelling te maken. Maar taalnazi's richten hun pijlen niet enkel op grammatica.

Taalnazi's zijn mensen die op Facebook de complete VRT uitschelden wanneer ze daar een presentator het woord 'dagdagelijks' horen gebruiken. Het woord 'dagdagelijks' vinden ze om de een of andere reden lelijker dan 'dagelijks', en daarom ook meteen fout.

Taalnazi's zijn mensen die op Twitter een zestiger domheid verwijten omdat hij 'apoteek' in plaats van 'apotheek' schrijft, terwijl het voor die generatie een hele tijd 'apoteek' is geweest, tot een aantal taalkundigen besloten om volgens hun eigen 'inzichten' nog maar eens de spelling te herzien.

Taalnazi's zijn mensen die anderen ongeletterd noemen wanneer die 'groter als' in plaats van 'groter dan' zeggen, en vinden dat ikzelf taalverloedering propageer wanneer ik op dat moment Aaf Brandt Corstius citeer, die net als haar virtuoze vader Hugo niet in taalregels gelooft en zich daarom niet ergert aan (bijvoorbeeld) het toenemende gebruik van 'me' in plaats van 'mijn': 'Ik vermoed (...) dat de mensen die het stom vinden als je 'Ik ga me jas pakken' zegt of schrijft, heel erg níét-talige mensen zijn. Het zijn mensen die zo ontalig zijn dat ze hun taligheid willen tonen door van de daken te schreeuwen: 'Ik weet dat het fout is om 'me jas' te zeggen! Knap van mij, hè?' (Volkskrant, 9 december 2015)

Momentopname

Share

Als taalnazi's zo veel liefde voor taal hebben, waarom praten ze dan zo zelden over haar schoonheid?

Vergis u niet: ik pas ook de regels toe als ik schrijf, maar dat betekent niet dat de willekeur daarvan - vooral van spellingregels - aan mij voorbijgaat. Als taalnazi's zo veel liefde voor taal hebben, waarom praten ze dan zo zelden over haar schoonheid? Over haar grilligheid; haar wonderlijke absorptievermogen; haar anarchistische karakter?

Taalnazi's wurmen de taal in een harnas, waarna ze haar zweepslagen toedienen die de taal zelf niet eens voelt. Taalnazi's vergeten dat wij als gebruikers slechts tijdelijke toeschouwers zijn van de oceaan van woorden die we taal noemen, en dat onze regels voor haar niet eens een rimpeling in het oppervlak zijn. Wanneer steeds meer mensen 'het boek wat ik gelezen heb' zeggen, zal dát de nieuwe regel worden, en zal geen verzet daar iets aan kunnen veranderen. Multatuli schreef in een brief aan zijn verloofde Tine op 20 november 1845 nog: 'Wat heb je begonnen'. Toen was dat 'correct'; nu is het 'fout'.

Geachte taalnazi's, deradicaliseer een beetje. Luister met verwondering naar een kind dat pas kan praten en vrolijk alle regels overtreedt; neem de Van Dale ter hand en leer honderd prachtige woorden uit het hoofd; en vooral: besef dat jullie grote gelijk vaak gewoon een momentopname is.

nieuws

zine