Maandag 06/04/2020

Geachte mevrouw Christoffels, beste Gerty,

Jules Hanot steekt elke week een schermgezicht een hart onder de riem (of een dolk in het hart)

Bij het vernemen van het heengaan van Gaston Berghmans werd ik, behalve door diepe treurnis, ook overvallen door een knagend schuldgevoel. In het bijna tienjarige bestaan van deze rubriek presteerde ik het immers om 's lands populairste komiek niet één brief waardig te achten. Vele malen nam ik me voor hem te schrijven, maar telkens opnieuw wandelde ik achteloos een geklasseerd tv-monument voorbij dat met volkse en herkenbare humor ruim een halve eeuw zijn volk deed schaterlachen.

Ik probeer mezelf wijs te maken dat Gaston misschien wel te vanzelfsprekend was geworden. Zoals die doorgezeten, maar toch zo comfortabele zetel die je pas gaat missen nadat hij naar het containerpark werd verbannen.

Een veel te makkelijk excuus voor een even onvergeeflijke als onherstelbare blunder. Want nu is het onherroepelijk te laat. De clown is dood. Vredig ingeslapen op gezegende leeftijd, maar zonder een vriendelijk woord van deze door wroeging verteerde stukjesschrijver die het verzuimde de 'koning van de lach' fatsoenlijk te bedanken voor Joske Vermeulen en de talloze typetjes waardoor hij eeuwig zal voortleven. Het zoveelste bewijs dat uitstel meestal tot afstel leidt en dat televisionele coryfeeën altijd voorrang moeten krijgen op de stoet ontluikende sterretjes die de kijkersharten nog moeten veroveren of er sneller dan hun schaduw weer uit verdwijnen.

Daarom deze brief, Gerty. Ik heb mijn lesje geleerd en wil een van de eersten zijn om je te feliciteren met je verrassende comeback(je). Want dat op zich mag al een huzarenstukje worden genoemd in een meedogenloze schijnwereld waar de concurrentie zo moordend is dat 'opgestaan' onvermijdelijk ook 'plaats vergaan' betekent.

Uitgerangeerde schermgezichten en zeker dames van middelbare leeftijd - de kreukvrije Luc Appermont daargelaten - komen immers zelden of nooit terug en kunnen hoogstens nog eens hun verhaal over vergane glorie kwijt in de 'Hoe zou het nog zijn met'-stukjes in de vakpers.

Dat precies jij tien jaar nadat je van het scherm werd gebannen weer opduikt, doet me dubbel plezier. Nu een door het leven gelouterde vrouw van 57, maar ruim dertig jaar geleden nog een onbespoten en goedlachs leraresje uit Eigenbilzen dat op een blauwe maandag besloot haar leerlingen voor kijkers in te ruilen. Door de toenmalige en nog almachtige BRT ingehuurd om een jaartje het land te doorkruisen in dienst van het toeristische magazine Boeketje Vlaanderen.

Het werden er uiteindelijk zes en ik zag je steeds liever bezig als de pittige, plezante en overduidelijk Limburgse gastvrouw die in haar eentje het pad effende voor de vele jongens en meisjes die het latere Vlaanderen vakantieland zouden kleuren. Gecharmeerd als ik werd door de ongekunstelde charme en ontwapenende naturel van een gezond blozend 'meisje van de buren' dat tussen zonderlinge dorpsfiguren, koeien, varkens, pluimvee en patatten haar uiterste best deed om de rijke wereld vlakbij te ontdekken. Geen gladgestreken en overdadig geplamuurde bekakte diva, maar een doodgewone vrolijke meid. Altijd bereid om met aanstekelijk optimisme en al dan niet gespeelde naïviteit de handen uit de mouwen te steken. Een vrouw naar mijn hart kortom, die als atypisch schermgezicht zo ontwapenend overkwam dat ze zelfs zonder te biechten de absolutie kon krijgen.

Af en toe zag ik je computerles geven in Personal Upgrade. Een merkwaardig staaltje schooltelevisie voor volwassenen waarvoor je zelfs de grote Bill Gates mocht interviewen. De start van een indrukwekkende media- carrière in toen nog onbekommerde tv-tijden waaraan ik in een nostalgische bui wel eens met heimwee terugdenk.

Met genoegen stelde ik vast dat je steeds wereldberoemder werd in Vlaanderen als vrouwelijke pispaal en kanonnenvoer voor grofgebekte macho's Jacques Vermeire en Walter Grootaers in De drie wijzen. Het verbaasde me dan ook niet dat de ontluikende grande dame door VTM met een exclusiviteitscontract naar Vilvoorde werd gelokt. Een logische overstap die je hopelijk geen windeieren heeft gelegd, maar die ook gevoelig je kansen op een welverdiend mediapensioen hypothekeerde. De houdbaarheidsdatum van vrouwelijk schermpersoneel ligt bij de commerciëlen nu eenmaal beduidend lager dan in overheidsdienst.

In het begin bleef ik je trouw volgen en zag ik hoe je als een goed betaalde meid voor alle werk werd ingezet. Eerst in tal van plezante spelletjes als Wie van de drie en De surprise show, later in pseudorealityvehikels als Rijker dan je denkt, Huiszoeking en het van de pot gerukte Trouw met mij. Bandwerk waar ik op den duur nog slechts mondjesmaat naar keek omdat ik - trop is te veel - stilaan een indigestie begon te krijgen van je overal opduikende zonnige persoonlijkheid.

Toen je met je eigen talkshow Gerty werd beloond, wist ik dat de fin de carrière nabij was en je net als andere leading lady's Marlène, Goedele, Lynn en de momenteel in hogere sferen vertoevende Ingeborg weldra voor bewezen diensten zou worden bedankt. Met lede ogen zag ik hoe je professioneel naar de uitgang werd begeleid als de tuinvrouw met zorgvuldig gemanicuurde nagels die in Groene vingers de verschrikkelijke Mark Demesmaeker mocht opvolgen.

Dat je na een half leven op het scherm wegens 'te oud' van de felle spotlights per direct de werkloze anonimiteit werd ingestuurd, stemde me bijzonder triest en ik moet bekennen - uit het oog is nu eenmaal ook uit het hart - dat ik je bijna vergeten was. Maar juist dat maakt het onverwachte weerzien met een lang vervlogen gewaand brokje jeugdsentiment des te prettiger.

Jij kent mij niet. Ik jou wel. Toen de dieren nog spraken, was ik er toevallig getuige van hoe je in een West-Vlaams café tegen je cameraman je nood klaagde nadat je in een varkensstal blijkbaar vruchteloos een onverstaanbaar brabbelende boer aan de praat had proberen te krijgen. Geamuseerd keek en luisterde ik hoe je luid gesticulerend de arme man op hilarische wijze imiteerde. "Ze is net als op de televisie", liet de cafébazin zich goedkeurend ontvallen toen je nog steeds gierend haar etablissement verliet op zoek naar een reportage-alternatief. Een compliment dat kon tellen.

Na je ontslag vernam ik via via dat je een tijdje diep hebt gezeten, maar ook dat je snel - "Elke tegenslag is een nieuwe kans" - begreep dat er naast het zaligmakende scherm ook nog een leven bestaat.

Ik ben oprecht blij dat het weer goed met je gaat, nu je als zelfstandig communicatiespecialiste je mediakennis tegen een hopelijk billijke vergoeding probeert te slijten aan politici en aankomende schermgezichten. Natuurlijk weet ik ook wel dat een wekelijks rubriekje in 1000 zonnen geen echte comeback is, maar eerder een tijdelijke acte de présence. Maar dat hindert niet. Ik zal er for old times' sake met genoegen naar kijken.

Oude liefde roest immers nooit, Gerty. Welkom terug.

Met hartelijke groeten

Je vriend Jules

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234