Dinsdag 13/04/2021

Open brief

Geachte heer B., ik ben één van de uwen, maar zondag zal het zonder mij zijn

null Beeld jelle vermeersch
Beeld jelle vermeersch

Geachte heer B.,

Ik wil beginnen met u te zeggen dat het inmiddels beter met mij gaat. Reeds jaren bekijk ik u hoofdschuddend vanaf de zijkant, maak ik mij kwaad op u, maar sinds kort is het over. Ik weet inmiddels: u kunt er niets aan doen. Het is sterker dan uzelf. Maar ik wil u helpen.

Vreest evenwel niet, ik ben één van de uwen. Vlaamscher dan Vlaams. Uit een familie die 'offers' gebracht heeft. Overgrootvader Maurice was gemeentesecretaris en VNV'er toen hij in '40 door de Belgische Staat weggevoerd werd en jarenlang in de bak zat. Toen pepe Vanoutryve uiteindelijk terugkeerde naar zijn dorp, was hij vooral blij dat hij nog leefde. Het lot van Joris van Severen was hem bespaard gebleven, maar echt erbovenop is hij nooit meer geraakt. Zeker niet toen de meubels op straat gekeild werden.

Een ander hevig Vlaams baasje was mijn - nog levende - grootvader, pepe André, zeg maar Dries. Gedreven, slim, een idealist pur sang. Was 16 in 1940 en klom via het Vlaamse Jongerenkorps op tot officier bij de Wehrmacht. Streng, maar eerlijk noemden zijn mannen hem bij de PaK. Deed de terugtocht van 'den Duits' aan de Rijn. Was eigenlijk kanonnenvlees (maar dat durf ik hem niet te zeggen), allemaal voor de Vlaamse zaak. Vluchtte na de capitulatie naar Oostenrijk, werd daar opgepakt, zat een jaar in Parijs gevangen en werd bijna verhangen.

Sindsdien is pepe bij momenten verbitterd, voelt zich bedrogen door de Duitsers, maar bleef altijd hevig flamingant, geen Vlaams Blokker. Geen gemakkelijke vent ook, maar ik zie hem graag.

Pepe effende dus het pad, B., net als in uw familie. Het hoeft u dan ook niet te verbazen dat bij mij thuis Cyriel Verschaeve in gipsen borstbeeld op de bibliotheekkast broederlijk naast een gigantisch Christusbeeld stond, met onder hem werken over de veel te vroeg gestorven martelaar Reimond Tollenaere en 'de prins der Neerlandsche Lett'ren' Filip De Pillecyn.

Niet mijn literatuur, ik las Paul Snoek en Hugo Claus, net als mijn vader overigens. Die andere boeken kreeg hij van mijn groottante die dik was met Mik Babylon. Op mijn linkermouw van KSA Torenwacht hing trouwens een Vlaamse Leeuw en op mijn 18de werd ik lid van de VU-jongeren. Ik rekende mij tot de linkervleugel, was progressief, had het wel voor Lionel Vandenberghe, uw conservatieve eerste baas Bourgeois kon mij minder bekoren. Maar soit, wat ik wil zeggen is: ik ken uw slag van volk. Ik ben één van hen.

Hoe vaak heb ik niet gehoord dat taal 'gansch het volk' is. Mijn grootouders zeiden me al van kleins af aan dat het Vlaamse volk gebukt ging onder de verfransing en dat de Walen bijwijlen niet echt de meest meegaande mensen waren. Ik begreep dat toen wel, het was vroeger ook zo. In de afgelopen decennia zijn dan ook broodnodige stappen gezet in de uitbouw van een evenwichtige federale staat. Vlaanderen kreeg de bevoegdheden die het nodig had en kon steeds meer eigen accenten leggen op vlak van onderwijs, cultuur, financiën. Alleman blij, alleman content. Het nationalisme had zijn doel bereikt en met de implosie van de VU zichzelf ook de facto opgegeven. Maar dat was blijkbaar zonder u en uw volgelingen gerekend.

Het punt is, B.: bij u gaat het niet langer om cultuurnationalisme. U gebruikt hebzucht als glijmiddel om uw einddoel, een onafhankelijk Vlaanderen, door ieders strot te rammen. Uw centennationalisme is het mijne niet. Uw recente rechts-economische cafédiscours al helemaal niet. U trekt solidariteit met wie dan ook in twijfel, omdat u de grootste wilt worden. Ik begrijp dat, maar het zal zonder mij zijn.

Weet u, bij u is het altijd de schuld van de anderen. Zijn het de Spanjaarden niet, dan zijn het de Walen, de werklozen of de linksgeoriënteerde bestuurders van bakfietsen. U doet mij met uw uitspraken vaak denken aan een kind dat met lucifers speelt, het bos in brand steekt en achteraf verbaasd is over de hevige vlammen en de verschroeide aarde.

U kent mij niet, B., ik u een beetje. Ik zag u bleek wegtrekken toen de kleinste in haar broek gedaan had, ik zag de wanhoop in uw ogen toen uw vrouw met de wagen vastzat in de sneeuw voor uw deur en ik haar uit de nood hielp. Ik zag u draaien met uw ogen toen ze op die zaterdagmorgen op de Antwerpse dokken maar geen plek vond om met de kinderen te ontbijten. Allemaal zeer menselijk, en ook al bent u soms wat onhandig, u ziet hen graag. Dat weet ik.

En echt, ik heb werkelijk het beste met u voor. Zo sprak ik gisteren met een dokter. We hadden het over u. Hij zei dat u niet lang zou leven als u zo voort doet. Mij hebt u zelf ook al meerdere keren gezegd dat uw levensstijl moordend is. Dat het een zottenkot is.

Daarom, beste B., doe het wat rustiger aan, laat niet langer twee stenen met elkaar vechten. Laat uw biefstukkennationalisme achter u. Sla brugggen, verbind mensen. Zoek contact met uw kinderen. Met uw vrouw. Doe het. En wees eindelijk gelukkig.

U genegen,
Jelle Vermeersch
Fotograaf die een paar keer op bezoek kwam

P.S.: Mijn meme zal zeker voor u en Geert stemmen zondag, mijn pepe wil zich sinds zijn 21ste niet meer voor de kar van de politiek laten spannen.

null Beeld jelle vermeersch
Beeld jelle vermeersch
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234