Donderdag 22/08/2019

Gaatjes schieten in de oude 007-mythologie

'Een nieuwe Bondacteur introduceren houdt altijd een risico in', zegt de in Nieuw-Zeeland geboren regisseur Martin Campbell (°1940), ook bekend van de beide Zorrofilms met Antonio Banderas. En Campbell weet waarover hij praat, want na Pierce Brosnan in GoldenEye was het nu aan hem om Daniel Craig in Casino Royale aanvaardbaar te maken voor een wereldpubliek van 007-fans.

door Jan Temmerman

Een Bondfilm regisseren betekent de wereld rondreizen. Niet alleen tijdens de draaiperiode, maar ook en misschien nog meer tijdens de promotietournee. Martin Campbell kent het spel en respecteert de regels. Beleefd en geïnteresseerd, maar ook blij als een kind wanneer hij de eer voor een leuke vondst voor zichzelf mag opeisen.

Het vrouwelijke publiek zal het weten te waarderen dat het deze keer 007 zelf is die in zwembroek en met glimmende torso uit de golven opduikt, terwijl de Bondgirl op het strand staat. En niet eens in bikini. Welke scenarist heeft die switch bedacht?

Campbell: (met zichtbare trots) "Dat was mijn idee. Ik vond dat het tijd geworden was om de rollen eens om te keren. En Daniel ziet er in die scène trouwens fantastisch uit."

Was het ook uw idee om de product placement, eveneens een vast ingrediënt van de Bondfranchise, in een dialoogje te verwerken, zoals die vraag over het uurwerk dat 007 draagt?

"Neen, dat was een suggestie van coscenarist Paul Haggis (bekend als dubbele Oscar-winnaar voor 'Crash', JT). Dat was zijn manier om zo'n beetje de spot te drijven met die product placement en het tegelijk toch grappig te houden. Briljant gewoon."

De beroemde introductiezin 'The name is Bond. James Bond' komt hier helemaal op het einde. Dat is niet alleen grappig, maar het is ook een soort statement. We zijn als het ware getuige van de coming of age van het 007-personage.

"En juist dáárom hebben we die zin tot op het einde bewaard. Pas op dat moment is hij Bond geworden. Of althans de James Bond zoals wij die nu allemaal kennen. Het is een beetje zoals in het boek. Dat begint ook met zijn eerste missie, als hij nog de twee moorden moet plegen die hem zijn 007-status zullen opleveren. Bond is op dat moment nog een ruwe diamant. 'A blunt instrument', zoals M. hem neerbuigend noemt. En dat klopt. Hij denkt met zijn handen in plaats van met zijn hoofd. He's rough and tough. Omdat hij een zware fout begaat, veroorzaakt hij al meteen een diplomatieke rel. Hij is koppig en arrogant. En doorheen de film blijft hij fouten maken. Maar dan komen er ook momenten van introspectie, waarop hij zich ongemakkelijk voelt bij al dat geweld."

Maar hij is nog lang niet zo gedistingeerd en classy als de Bondincarnaties van Timothy Dalton of Pierce Brosnan, voor wie steevast het adjectief 'suave' gebruikt werd.

"Dat is iets voor de volgende film. (glimlacht) Maar als hij hier zijn smoking aantrekt om te gaan pokeren, weet hij ook wel hoe zich te gedragen. Hij ziet er dan toch al een beetje suave uit, al moet hij er wel een beetje moeite voor doen. Maar op het einde zijn die ruwe kantjes al wat weggewerkt."

Deze nieuwe Bond profileert zich vooral als een echte actieheld, die het niet zozeer van extravagante gadgets moet hebben.

"Met de vorige film ('Die Another Day' van Lee Tamahori uit 2002, JT) was men volgens mij in de gevarenzone terechtgekomen: onzichtbare auto's, ijspaleizen, laserkanonnen, van een ijsschots naar beneden surfen en wat weet ik nog allemaal. De producers beseften dat ze een andere weg moesten inslaan, want zo kon het niet meer verder. Het publiek was sceptisch geworden en begon zelfs een aantal zaken belachelijk te vinden.

"Gelukkig hadden ze de rechten op Casino Royale, de eerste Bondroman van Ian Fleming, toen eindelijk toch te pakken. Zo is deze film dus een dubbel debuut geworden: één voor acteur Daniel Craig en één voor het personage."

Een dubbel debuut houdt ook een dubbel risico in. Het publiek kan zowel de nieuwe acteur als uw nieuwe aanpak afwijzen. Bent u niet bang?

"Natuurlijk! Of beter: ik was bang, maar ik voel mij nu al een stuk comfortabeler, want de eerste reacties zijn zeer positief. Een nieuwe Bondacteur introduceren houdt hoe dan ook altijd een risico in."

Maar deze keer was de controverse over Daniel Craig toch wel erg hevig.

"Ach, dat waren vooral leugens van de Britse tabloids. Voor Daniel moet het niet makkelijk geweest zijn. Je aanvaardt de rol en dan krijg je plots bakken kritiek over je. Leuk is anders. Maar we hebben ons niet laten intimideren, en nu moeten de mensen maar voor zichzelf beslissen. Ik heb alleszins al gemerkt dat er veel vrouwen zijn die van de film houden. Vrouwen zijn nochtans nooit het grootste publiek voor dit soort films geweest. Deze Bondfilm lijkt hen te bevallen, maar ik denk dat dat meer geluk is dan iets anders. Het zal natuurlijk wel met Daniel Craig te maken hebben en ook met de relatie die hij hier heeft met Eva Green."

Craig werd hier en daar vergeleken met Poetin, maar mij deed hij eerder aan een jonge Steve McQueen denken.

"Vind ik zelf ook. Vanuit bepaalde hoeken lijkt hij inderdaad op McQueen. Wij kennen die nog, maar er is een hele generatie die er geen idee van heeft wie Steve McQueen dan wel geweest mag zijn. (lacht)"

De scène waarin een man op een bijzonder arrogante manier zijn autosleutels naar Bond gooit, omdat hij denkt dat het om een parkeerwachter gaat, is hier geloofwaardig. Bij Pierce Brosnan zou dat niet gewerkt hebben.

"Het zijn die kleine, maar bewuste toetsen die in Casino Royale het verschil maken. Ook de reactie van Bond, 'Does it look like I give a damn?', op de vraag of hij zijn Martini shaken or stirred wil, past in die context. Wat deze film eigenlijk doet, is allemaal gaatjes schieten in de oude en traditionele Bondmythologie. Of het publiek daarvoor klaar is? Ik denk het wel. We geven in deze film trouwens ook het recept voor die dry Martini weg. Niet toevallig, want dat stond ook al in het boek. We zijn hoe dan ook dicht bij de roman gebleven. Ik denk dat Fleming heel tevreden geweest zou zijn met deze film."

Wat niet veranderd is, zijn de vele en vaak exotische locaties, van de Bahama's tot het Lago di Como. Hoe was het om in Venetië op de Piazza San Marco te draaien?

"Zeer moeilijk. Daar liepen minstens duizend toeristen rond. We hadden zelf vierhonderd figuranten voor die scènes. Dat lijkt misschien veel, maar dat aantal verdwijnt gewoon in die massa. We moesten dus heel voorzichtig te werk gaan en bidden dat er toch niemand van de voorbijgangers in de lens zou kijken. Ik heb daar veel takes gedraaid."

U hebt in 1995 ook Pierce Brosnan geregisseerd in zijn 007-debuut, GoldenEye, met in de eindgeneriek de voor de fans geruststellende mededeling: 'James Bond will return'. Heeft het moeite gekost om u ervan te overtuigen opnieuw in de regiestoel te gaan zitten?

"Wat mij interesseerde, was dat de producenten een film met een andere toon wilden. En dat deze film gebaseerd zou zijn op een echte roman van Fleming en niet een of ander afkooksel. Na GoldenEye had ik nochtans gezegd dat het afgelopen was, ik had geen zin om mezelf te herhalen. En kijk. Is het nu definitief gedaan? De volgende 007-film zal ik zeker niet draaien, want daar voel ik mij nu veel te uitgeput voor. Maar in de toekomst? Never say never!"

Natuurlijk ben ik bang! Of beter: ik was bang. Maar ik had geen zin om mezelf te herhalen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden