Zondag 20/06/2021

Futuristisch én antiek

De architectuurserie van De Morgen: vijftien modernistische toparchitecten, vijftien prachtige boeken, vijftien zaterdagen lang. Op deze plek schrijft Didier Wijnants telkens een column over de architect van de week.

Le Corbusier (boek 3)

Om Le Corbusier te begrijpen moet je drie dingen doen. Eén: breng een bezoek aan de Fondation Le Corbusier op de Square Docteur-Blanche in Parijs. Het is een museum, maar je moet aanbellen en het lijkt even alsof je de intimiteit van een privéwoning betreedt. Een adembenemend mooie, modernistische en sobere woning. Twee: spoor met de tgv naar Marseille en laat je ontnuchteren in het wooncomplex Unité d'Habitation. Drie: onderneem een pelgrimstocht naar Ronchamp, aan de voet van het Juragebergte. Je kunt allicht liften tot Epinal of Belfort, misschien strand je uiteindelijk in het godvergeten kuuroord Plombières-les-Bains. Stap dan tot op de heuvel waar de kapel van Notre-Dame du Haut staat, een ervaring zonder weerga.

Bij de etappes op de reis schrijven we 1923 (Parijs), 1952 (Marseille) en 1955 (Ronchamp). De woning in Parijs is een parel van de Esprit Nouveau, de jonge, modernistische architectuur van het interbellum in Frankrijk. Door de complexe stedelijke ligging is deze woning misschien zelfs nog knapper dan de aristocratische Villa Savoye die Le Corbusier (echte naam: Charles-Edouard Jeanneret) enkele jaren later bouwde in Poissy. De kapel in Ronchamp is zijn poëtische meesterwerk, een groots beschermend omhulsel rond een altaar en negen banken. Het dak ligt als een schelp op het golvende bouwwerk dat (in de woorden van architect Kenneth Frampton) heel nauwkeurig is afgestemd op de 'visuele akoestiek' van de bult waarop het staat. Als er één gebouw tot diepe ontroering stemt, dan wel deze tegelijk futuristische en antieke parel.

Wat is er dan misgegaan in Marseille? Het ontbreekt er nochtans niet aan poëzie. Neem de lift tot de bovenste verdieping en loop door tot op het dak: een landschap zo mooi als het dak van de Casa Milà van Gaudí. Maar de Unité d'Habitation is ook en vooral versteende theorie, gegroeid uit de goedbedoelde gedachte dat de morsige stad vervangen moest worden door heldere bouwwerken midden in het groen, met alle voorzieningen erop en eraan.

Le Corbusier heeft zich samen met veel collega's gebogen over huisvestingsvraagstukken, stadsontwikkeling en planologische hygiëne. Hij heeft zelfs parels van steden ontworpen zoals Chandigarh in Punjab, maar die bleken heel slecht bestand tegen de dynamiek van de bewoners, rijk en vooral arm.

Als een architect een bezoek brengt aan de Unité d'Habitation past niet alleen bewondering, maar ook een beetje nederigheid. De mens accepteert niet altijd wat de ontwerper bedenkt, je kunt dat beter aanvaarden dan bestrijden. Met dat in het achterhoofd kun je ook met een geruster gemoed de onderhoudende boeken van Le Corbusier lezen. Op de treinreis naar Marseille kun je bijvoorbeeld Vers une architecture meenemen, dat leest als een boem-paukenslag voor bouwmeesters.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234